De podcastaflevering onderzoekt de positie van de ANIOS (Arts Niet In Opleiding tot Specialist) in het Nederlandse zorgsysteem. Deze jonge artsen zijn onmisbaar als eerste aanspreekpunt, maar worden geconfronteerd met een toenemend tekort aan collega's. De term 'ANIOS' zelf wordt bekritiseerd omdat deze deficiënt is en geen recht doet aan hun belangrijke werk. ANIOS-artsen ervaren hoge werkdruk, veel administratie, onzekerheid over hun carrièrepad en een gebrek aan erkenning. De gemiddelde duur van het ANIOS-schap is opgelopen tot 3,5 jaar, en veel basisartsen twijfelen over of willen helemaal geen vervolgopleiding. In gesprekken met experts zoals Marcel Levy en Natalie Roes worden internationale systemen vergeleken, waarbij vaak een directere doorstroom naar een specialisatie bestaat. De roep klinkt voor een betere naam (zoals 'junior doctor'), meer begeleiding, erkenning van hun artsentitel en structurele verbeteringen om deze cruciale groep voor de zorg te behouden en hun positie te versterken.
Welkom bij de podcast Aaniels Gezucht. De Aaniels, de arts, niet in opleiding tot specialist. Een titel die vooral zegt wat ze niet zijn. Maar in de praktijk zijn ze juist van alles wel. Het eerste aanspreekpunt op de afteling, de behandelent arts op de spoot en de doktor die snags als eerst aan het bed staat. Deze jonge artsen zijn om missbaar voor de zorg. En toch zijn ze steeds moeilijker te vinden. In deze serie duiken wij, doors van Rijden en Hester Elsingga in de zoek toch naar de Aaniels. Wie zijn onze collega's waar zijn ze en wat bewegt hen? We gaan in gesprek met konsistente, basis arts en opleiders en eskundigen om misschien zelfs een voorzichtige weg naar een oplossing te ontdekken. Vinden wij de Aaniels terug? Aflevering 1. Zoekt en gij zoet vinden. Ten eerste, welkom allemaal en heel leuk dat je luister naar onze podcast. Daar zitten we dan, maar ja, wie zijn wij eigenlijk? En waarom maken wij deze podcast? Nou, de stem die nu hoort is de stem van Hester en dit is de stem van Door is. En ja, vertel eens, waar kennen wij elkaar van en waarom maken wij deze podcast? Ja, wij kennen elkaar als collega's uit het ziekenhuis. In 2023 werkt wij samen als Aaniels. En in die periode merkte we dat het steeds moeilijker was om nieuwe collega's te vinden. De gelijkertijd verschijnen er toen artikelen in medische vakbladen over zorgwerkende tekorten aan jonge doekters. Ja, we merkte dat we er heel vaak overhalden in lunchpouzes bijvoorbeeld. In de later uurtjes tijdens een wisseling van het dienst noemen op. En toen verschijen ook nog is het volgende fragment van een van dag. Ja, het aantal de twijflaars en afhakers onder jonge artsen is nog nooit zo hoge geweest. Meer dan de helft van de basisartse is nog niet begonnen met de vervolgelblijding of stap definitief uit de zorg. En dat is voor ons rustend, want daarmee lopt het artse tekort alleen maar verder op. Tot verkoort liep Dr. Max van der Zijp nog in een witte jas en werkte hij op een operatiekamer van een ziekenhuis. Al dus, één vandaag. Zoals gezegd, het onderwerp raakte ons. We zaten er zelfs midden in en we wilden er wat mee. Als generatiegenoten en podcastmakers besloten wij. Dit onderwerp voor niet een stem. Dus hier zitten we dan in het heden. Maar nu wordt het op eens toch een beetje spannend, want met de maken van deze podcast balanceren we soms op een dunne lijn tussen de status quo bevragen en beschuldigend klinken. Dat gezegd hebben we nu echt beginnen. Hes, vertel, wat gaan we doen? In deze eerste aflevering beginnen we onze zoektocht naar de al de niet verdwenen aaneels. Wie zijn ze? Wat houten op precies in? En waarom zijn ze zo belangrijk voor een zorgsysteem? Naast dat we wisselende gasten gaan interviewen, hoe jullie ook de stemmen van ons aaneelspennel. Wat is dat nou eigenlijk? Nou, dat is ten eerste en zelf bedacht het term. Het aaneelspennel zijn acht aaneels van verschillende werkplekken. Die ook aflevering terugkomen om anonym hun ervaringen, twijfels en draaivieren met ons te delen. Best wel bijzonder dus. Ja, echt heel veel respect en dapper dat ze dit willen doen. En daar gaan we dan ook meteen mee beginnen. Dus de stemmen van die aaneels, die horen jullie nu. Hoe zou jij het aaneelschap om schrijven in drie woorden? En drie woorden, jeetje. De drie woorden. Drie losse woorden? Het aaneelschap in drie woorden. Ik zou dat toch wel willen noemen met overwerken, administratie, de derde. Ik probeer daar iets positief zanten maken. Als derder zou ik dan zeggen, zelfverzekertheid. En met name de groei daarin tijdens jaan eelschap. Wat er dan naar boven komt is een eindrige perfectionistische doktor. Drie twee woorden, en ja, wacht dat ook? Nou, leuk uit dagend. En nou, de konsolend alcohol, een beetje stress bijkijken, natuurlijk. Ja. Leuk uit dagend en stressvol. Ja. Als er gelijk tijd gebeurt, als je in de nacht bent en dat er vijf buik op de spoed liggen, en zbellen van of de afdeling dat er iemand van de zoteraadsliefend 80% en het is nog anderhalveerd tot de overdrag. En je moet ook nog langs de IC om naar de visie te doen. En je weet, dit gaat benitelijk. En straks heb je dat overdragsmoment. En dan moet het allemaal kloppen. En wauw over elk woordje, waar jij er een verschrik wilt wordt. Ja, een chicaticales. Het voerde nog hand als een woord. En wacht, wacht. Naif, intense. Nou, ik denk heel leerzaam, spannend en onzeker. Je weet nog niet zo goed wat je wel in niet weet en kan. Dus in het begin doe je het niet goed, bijna per definitie, want jij komt net aanlopen. Dus het is heel raar, als je meteen al alles weet. En dat maakt het wel onzeker. Even denken hoor. Ervaring. Ja, collega's toch wel. Samenwerken. Manager, je has speel in het web. Spel in het web. Vier. Dat zou ik niet worden. Ik denk dat je echt een speel in het web bent. Je hebt een management-functie want je moet een afdeling leiden vaak. Dingen regelen. Je bent een regelteef, daar komen we eigenlijk ook neer. Overzicht bevare is ook belangrijk, maar dat komt ook bij het management vaak kijken. Ja, samenwerken is misschien wel een goede samenwerken. Dus ik zou zeggen, als het mag, speel in het web, manager en samenwerken. Dit was de Zit Anijls-Pennel. Zoals gezegd, zullen jullie deze stemmen in de volgende afleveringen weer terughoren. Om meer te weten te komen over het probleem en over de rol van de Anijls in het Nederland-Sorg-Systeem. Hoelijt was het? Halvacht zocht het aan bij Marcel Levy in het Amsterdam-Mumme-C. Ik ben vast een hele magemediaatreend, maar dit is een microfoon. Ja, je moet er dicht boven zitten. Marcel Levy is een vooraanstaan Nederlandse internist en bestuurder bekend om zijn leiderschap in een gezondheid-sorg en zijn helderen visie op medische en organisatorieze vraagstukken. We vroegen hem naar zijn eigen aanijlschap. Ja, ik ben aanijls geweest. Agnio heten dat toen nog. Waar staat die geedan voor? Als die ten geneeskundigen niet in opleiding en de mensen die wel in opleinbaarheid agio die geest verdwenen op in de vandaar. Ja, maar er niet zitten nog wel in. Ja, dat heeft het zo maar even over hebben. Dus het was een half jaarje warm lopen. Ik heb echt een super leuke tijd gehad. Het was wel hardwerk. Vond ik een lange dagen soms. En er wordt dan met heel veel romantiek overteeld. Nou, het was helemaal niet leuk. Die hele lange dagen en die hele lange weekenden. Dus dat is nu echt veel beter. Maar ik vond het werk wel heel erg leuk. En dan terug naar die term? Ja, stomme term. Want je moet mensen niet benoemen bij iets wat ze niet zijn. Dus ja, dat vind ik al zo verheemd. Het is als het enthrede niet in opleiding. Nee, het is gewoon een assistent geneeskundige punt. Ja, we gebruiken in de medische wild natuurlijk wel vaker noemtermen van non-hotje-kinder. Ja, niet klein, sellig, noempartie. Ja, wat is het nou wel? Ja, misschien past het een beetje bij de medische terminology. Maar heeft hun suggestie voor een beter return? Nou, ik zat er over na te denken. In Engeland, ik zeg niet dat dat nou de opleossing is, maar ik vond wel een oplezinrichting. Heet iedereen die doctor is, maar nog niet specialist. Die noemen ze junior doctor. Dat is op zich wel elegant. Je bent gewoon doctor. Dat is gewoon beschermd, titel, zit een diploma aan vast. En je bent junior in de fase van je loba. Ik vind het wel iets sympathiek, het was niet denigerend bedoeld. Ja, nu vertelden het wat dat aanneoschap inhoud, wat die rol eigenlijk inhoud. Maar als u het wat breder trekt, wat voor rol heeft de aanneos in Nederland-sorg-systeem? Nou, een heel grote rol. Ze moeten heel veel van frontlijn genees konden. Dus of het nou is om patiënten op de zaal te behandelen of of het nou dienst te zijn. Of een heleboel plekken zoals intensive care over de jarders die daar lopen allemaal als centrum. Dus ze doen voor een heel belangrijk dill. Ja, het werk, ik denk dat als de plotseling zouden gezagen, vond er allemaal mee op te houden dat de Nederlandse zorg-systeem althans in de ziekenhuis in mijn carclap. Ja, het is ook bezig, voor ons land. Dat is een soort van aanneoschap betaald. Het is heligland er anders, ik heb ook in Italië gewerkt. En daar wordt eigenlijk al het werk door specialist gedaan. Er zijn er dan ook meer van dan in Nederland. Dus ja, ook land doet het weer een beetje anders. Elkland doet het net weer een beetje anders. Ja, ik weet dat het sindvrenigde staten eigenlijk heel simpel is. Elke afgecedeerde arts strand direct door naar een vervolgenpleiding. En volgens mij is dat in meer landen zo. Hoe zit dat dan bijvoorbeeld bij onze zuiderburen? Via LinkedIn invond er iemand die ons hier meer over kan vertellen. Ja, goed in midden. We bellen met Natalie Roes. Zij is plassischerur geen Belgia, opgeleidt in Nederland en professor aan de Universiteit van Gend. We vroegen haar hoe het Belgische systemen opgaan zit. Dus het system is in Belgie zo dat mensen studie geneest kunnen doen. En dan eigenlijk altijd is een studie tijdens de laatste jaar eigenlijk een keuzer kooschap. Daar gaan we doen op de afdeling van het geen wat ze gaan willen doen. En dan solliciteren we op die afdelingen om dan te kijken of dat ze een opleiding kunnen komen. Dus ze kunnen dan naantel voorkeur opgeven. De zozoijksysteem in Belgie geregeld, maar de meeste mensen komen het opleidingenplaats te rechten. Ook vrij snel, zonder eerst jarenloten moeten we ons werven, zoals in Nederland het geval is. Ik kijk natuurlijk ook wel een keer van mensen die dan al een aantal jaren anniëls zijn. En ja, dus het is natuurlijk frustrerend. Ik ben in Nederland opgeleid, dus u kent het Nederlandse systemen u heeft zelf ook als anniëls gewerkt. Ik denk maar welk systeem is nou beter. Ja, dus het is bij de voornadelling natuurlijk. Ik denk dat het onniedelste system. Op zich niet slecht is, is het een keer prima om een jaar te werken als je klaar bent met je studiege neuskunde om wat meer varing op te doen, maar om dan eindeloos blijven ontdolen, als het punt voor plastische zoon wordt, om wat de aangeraad aan mensen dat ze dan eerst maar eens een of twee jaar anionse surgie moeten doen en dan nog een keer een of twee jaar anionse plastische en dan maar ze keer voor een opleinsplaats moeten soliditeren. Ja, dat zijn mensen inmiddels tegen de 30 en moeten dan om een opleiding te beginnen. Ja, ik denk dat dat gewoon niet goed is, want als je na andere studenten kijkt die een studie rechten of nou ja, economie-oplaiding die met 24 begint en gewoon een goede banen en goed verdienen, dan als jij maar moet rond, het waal in Nederland als anionse en niet weet waar je aan toebeelheet, een goede beetje misschien wel festigen en misschien een gezin wil of met een partner wil samen wonen en gewoon wordt van hond naar hergesleurd, ja dat lijkt me gewoon niet zo wenselijk. Dus dat vind ik gewoon heel groot na deel van en dat je ook geen zekerheid hebt en dat je maar een beetje aan het lijkt, dat is ook gewoon niet prettig denk ik. En dat je ook een beetje op tijd op een normale lift het klaar bent, dat je opleiding en dat je nog een beetje ervan kan genieten en niet zoals op je 45 graden met een opleiding. En dan om op begin als specialist. Het is natuurlijk een hele onzeker periode als anionseinde, maar anderzijds is het ook een periode waar in je ding ik het uitprobeer en waarin je kunt zien hoe het dat werkelijk is om een vak uit te oefenen, waar Belgische studenten eigenlijk al heel vroeg in hun genees kunnen carrieren en een keuze moeten maken. Het is wel zo dat ze nou de snelige keuze moeten maken, kan ik merken ook? Ik heb niet met mensen van een studenten gop en dan voel ik wel, ik had vanmorgen om een session met de stress. Vanaf ja ik weet eigenlijk niet wat ik wil en ik moet toch wel al dat maar daar gaan profeleren, als wordt het niet aangenomen. Dus de stress hier is het in Belgie ook. Ja, wij op onze eigen opdeling-igrenten hebben een systeem dat we sowieso een kooschap van 6 week hebben, dat is ook een vanwegeijster om een opleim te komen, dus bij ons staat de soliditatie eigenlijk uit drie onderdelen, dus in onderdelen is het kooschap, dan steden we een technische proef, dat bestond voorgegen in Nederland ook, dus dat kan ik nog erin, dat dat was. Waarbij dus ja, ja, een beetje lapiscopie technieken, dus dat kan wel op een model en hechten en dat verzaken, dus een beetje proeven bij je inzicht krijgt of iemand handig is of niet, want iemand we linken hand heeft, dus kan je wij de niet voor surgie aannemen. En dan het derde onderdeel is eigenlijk het interview, dus de soliditatie gesprek. En dan is er een paar de weging, dus dus die drie onderdelen tellen altijd mee en dan kan iets objectiefs te hebben als mensen solidisteren wat je ook kunt voerleggen naar kijk, iemand is niet aangenomen, want dat en dat, of iemand is wel aangenomen, want dat en dat waren de punten. En ik vind het op zich wel, het is wel meer objectieveerbaar en dat wordt ons er ook door de universiteit opgelegd. We moeten een zo systeem handware, want ze ook denk ik wel eerlijk gewoon en zover gaat het in heel veel bedrijven natuurlijk. Oh, het klinkt pijn het een goed omwaard te zijn. Zijn er ook dingen slecht geregeld in België? Voor het assistent in België het zeer slegg geregeld is, kwaast het laar is, ze hebben reenpensjoonobuil, of al zes jaar is van wat je werkt, als je vol te heen is opleiding zwanger wordt. Nou, de van je gewoon terug op een soort uitkering van de staat, je wordt niet door het ziekenhuis door betalen, dat is allemaal niet geregeld, dus dat is dan de keerzijden van meerdad, dat dat gewoon heel ver geregeld is in België en dat is ook niet goed. Een verdacht ik dat we met ze al naar België moesten verhuizen, maar geloof toch dat ik dat niet zo maar zou doen. Trug naar Nederland, maar we praten verder met Heijn Brackel. Ik moet dicht bij die te mee gevolgen. Ja, Vuis slankte afstand ongeveer. Ik er kan de neging hebben om veel te lang te praten, dat weet ik van mezelf. Hij is voormalig kinderart, opleider en bestuurslid van de federatie medischpecialisten. Vanuit die rol heeft natuurlijk heel veel aaneel's voorbijzing komen en op dit moment is hij ook bezig met de indeling en optimalisatie van de opleidingen. Bevroeg aan hij en hoe hij de aaneel ziet. Wat voor type mens is dat eigenlijk? Ja, als ik zou er ook kort moeten characteriseren, enorm bevlogen mensen, gemotiveerd om dit te doen, maar het zijn ook in mijn ogen zoekende mensen die nog op zoek zijn van wat heeft het leven, wat heeft het beru pas arts mee te bieden. En ze zijn en dat vergeet we nog wel eens arts. En dat laatste, dat sneeuwt nog wel eens onder. Waarom? Waarom gebeurt dat? Ik geloof niet in assistent, niet in opleiding of arts, niet in opleiding. Je komt net uit een basisoppleiding. Je bent trots dat je naar zes 7 jaar studie arts bent. En dan bij je neens, als het ware niet in opleiding, dan begint eigenlijk alles pas. En je krijgt onoropelijk van iemand feedback. Je bent dus ook in opleiding. Dat je toevallig niet RGS geregistreerd in een bepaald specialisme oplein, dat maakt voor mij niks uit. En ik vind dat daarmee het feit dat je op arts bent met de bevoegdheden die daarbij hoort en feit even ook de bequamheden waarvan we uitgaan. Dat sneeuwt dan onder. En dat vind ik heel jammer. Dus ik zou veel liever hebben dat er op jullie naambochtjes staat. Witte ik het 8-KNO-8 interne, maar dat ook voor de patiënten die je ziet, dat ze gewoon weten, daar staat een 8. Dus dat is heel suggeste, gewoon arts met het specialisme daar 8. Dat zou mijn suggeste zijn. En ik zou bijna jullie roep op tot een soort prijsvraag van wat is nou een goede echte term voor aanjolschap, zodat gewoon de patiënten en medewerksten iedereen weten wat dat zijn. De los van dat het verwarent is voor patiënten, denk duur dat het ook dat werkelijk consequenties heeft voor de aanjols om deze term te dragen. Voor mij is elke aanjos, omdat die term toch maar even te handhaving is een prij aajos. Ze zijn allemaal zoekende naar een manier van de vervalligingen. Je kunt ongeveer geen beru pas aardse uitdoe van de zonne dat je een vervalligal blijding hebt. Ik denk dat heel veel, want het is een soort systeem geworden inmiddels. Daarom worden inmiddels ook op het tekort teruggesproken. Dat we nog onvuldoende deze mensen begeleiden, feedback geven, een portfolio geven, professionaliseren als arts, helpen in hun richting die ze willen zoeken. En ja, dat zijn voor een deel ingeschaakeld worden en dat is niet negatief bedoeld, maar voor productie, voor diensten, om het voor de aajos mogelijk te maken om bepaalde dingen en die balans zou wat mij betreft veel beter kunnen. Hoe belangrijk zijn de aaniels voor het ziekenhuis? Kun je daar iets over zeggen? Ik denk inmiddels heel belangrijk omdat ik daar nummer ik het ook een systeem. Het zijn essentielemedenwerkers om de hele bedrijfsvoering, zo welkeaar productie als diensten het kunnen terugvallen bij uitvallen en dergelijke zeg maar als olieende machine vooruit te helpen. Dus in die ze in zijn essentieel geworden en zodra er minder aanbod is, dan gaat het dus ook vringen. Is er iets bekend over hoe lang de gemiddelde aaniels tijd is? De duur van het aanielschap is inmiddels al opgelopen tot bijna 3,5 jaar. Dat is de tijd tussen dat je klaar met als arts en een vervolgenoblening. Dat is natuurlijk extreem lang. Dat was in 2009 volgens mij zat dat op iets op tweeën een kwartjaar en we zitten nu op 3,5 jaar. Dat is al ingetal. We hebben in Nederland op dit mens zo'n ruim 26.000 geregistreerde basisartsen, dat zijn er dus heel veel. Die hebben allemaal een bekregistratie. Daarvan zijn er ongeveer zo'n 10,000-11,41% zijn in opleiding tot een bepaaldsp specialisme, maar 49% zijn niet in opleiding. Van die groep die niet in opleiding zijn is er zo'n 48% die wel graag een vervolgen opleiding heeft, maar zo'n 52% wil eigenlijk geen vervolgen opleiding, dat vind ik verontrustend. En wat willen ze dan? Dan loopt nu een heel groot onderzoek, stuur door dat capaciteit zorg aan. Het is heel moeilijk om te zeggen hoeveelden precies waarom we inmiddels zijn resultaten van het onderzoek waar hij het overal het bekend. Eerst even het uitleg, wat is dat capaciteit zorg aan nou? Ik had er eerlijk zegt voor deze podcast nog nooit van gehoord, maar het capaciteit zorg aan geeft advies over de hoeveelheid benodigte medische vervolgen opleidingen om te zorgen voor een balans te zijn vraag en aanbod van de zorgprofessionals in Nederland. Best wel heel erg belangrijk voor onze banen dus. In 2023 stuur de dat capaciteit zorg aan een enquette naar een deel van de basisart in ons land. Ik heb dat toen ook zelf gekregen, jij door? Ik heb me ingevuld, ja. In 2024 verschil niet over dus een rapport met als titel wat beweegt de basisart. We hebben dat rapport voor ons en wat valt er dan op? Nou zoals hij en als hij, basisart z'n twijfle langer of z'n vervolgen opleiding wil je doen en blijft dus langer als aan jeuswerken, maar misschien nog wel het allerbelangrijkste uit dit onderzoek lijken geen aanieels verloren te gaan of een ander broep te kiezen, maar de geluiden op de werkvloer zijn toch echt anders. Dus we hebben nog eens kritisch nagedacht over deze enquette en we vroeg ons af hoe representatief de resultaten eigenlijk zijn. Ja, als we kijken naar het onderzoek heeft maar een kwart van alle basisartje enquette ingevuld en weten we eigenlijk niks over de samenstelling van de overige treakwart. Daarnaast zijn alleen basisart die nog in het Bigger gister staan meegenomen in het onderzoek. Dus wat ons betreft de reden genoeg om onze zoekdacht voor te zetten en door te praten over dit onderwerp. Via linkt in, gooien we weer wat leintjes uit. We willen namelijk ook het ailesperspectief op dit probleem horen. We vinden twee ailes die met ons ingesprek willen gaan. Iemand van een surgie en iemand van de interne. En. En, ik denk wel, een record geklikt? Zij ik zoije. Ja, als je te veel afdraven, kun je je zeggen, kun je het een beetje met die inderdaad aan, dan moet je gewoon maar zeggen. Tegenover ons zit Marlene Ankersmidt. Zij is bijna klaar met de opleiding surgie in regionijmegen. Zij is verder bestuurdslit bij de vaga, ook wel de vreeniging voor assistent geneeskundigen in de heelkunde. En daar komt ze op voor de belangen van de ailes surgie in heel Nederland. Alle eerst vragen we haar naar eigen ervaring als aaneel's. Ik heb dat als een hele leuke leurzame baan ervaren. Als je goed een goede aaneel's bent, die hebt daar veel ervaringen op gedaan, het helpt je echt als aaneel's. Dat schild echt enorm. Ik heb er voorbeeld van de noemen. Nou, ik was goed in het beoordelen van klinische patienten. Dus als er een zieke patient was, dan vond ik dat niet eng of eeg wikkelt om daar naar toelopen. En ik denk dat het altijd voor wat je ook doet nuttig is, want je leert heel veel ballen.
dat ze gelijk in de lucht houden, dat ze misschien ook wel wat sommige mensen ook tegenspreekt. Je leert veel beslissingen maken, je leert samenwerk, je leert heel veel ziektebeeldenken. Ik krijg er normaal veel op mensen kennen. Je leert de koeid in een ziekenhuis werkt. Ja, aanjouwse zijn ook gewoon ontzettend nodig. Ik denk dat dat nog wel eens onderschat wordt, maar zo'n ziekenhuis kan eigenlijk zonder aanjouwse niet draaien. En dat zie je ook nu wel ontstaan, nu dat die aanjouwse terminer zijn, dat er echt probleemen ontstaan om een ziekenhuis te kunnen goed op een gezonde manier te kunnen laten functioneren. Kun je dat uitleggen? Ja, daar kan ik uitleggen. Het is de eerste als ik bij die寒ere gie is het zelf zo dat eigenlijk officieel is de aayos boven tallig. Dus moet die uit de productie worden gehaald. Nou, dat lukt bijna nooit en dat is ook misschien helemaal niet pershevat nodig is. Maar dan is het altijd andere werk met genaamerd door of een aanjouwse of de staff zelf of een p-e-roef-me-fezer. Maar die aanjouwse is gewoon de speel van een ziekenhuis. Die kent zo'n ziekenhuis veel beter omdat die er continu doorheen loopt, dan een aayos. En van sommige staff ook, want de staff zit al heel erg op zijn eigen eiland, die aanjouwse niet, die doet het allemaal. En wij als aayos, wij zijn toch heel erg bezig met dat wat wij op een dag moeten doen aan elkaar, zon, supervisie geven, polien, dat soort dingen allemaal meer. Toen ik aanjouwse was, ik ken hem het hele huis. Ik wist precies op welke afdelingen waar de ziekenpecenten lagen. Nou, als ik een week al zult er had gehad, wist ik precies wie ik waarvoor moest hebben en dat soort dingen allemaal meer logisch stik gezien, weten zij vaak veel meer omdat ze dat veel meer doen. Goed aanjouwse zeg goudwaard. Er heb je echt zo veel aan. En zo ziekenhuis is er ook op ingesteld. Het is ook niet helemaal goed, want een ziekenhuis belt ook een aanjouwse iedereen in de zieken teresse, de beveiliging, de ketering, iedereen die belt een dient zijn van de aanjouwse als ze iets van je moeten, omdat ze zo bereikbaar zijn. Dat is een kracht, maar dat is ook natuurlijk de valkaal. Wat vond je niet leuk als aanjouwse? Ik denk dat het altijd op de loer ligt en ik zie dat nu ook bij mijn jongere collega's dat je toch. Je zoms wat ongezien voelt, dat je heel hard moet werken, heel veel dingen moet doen, die soms helemaal niet of soms met. Regen maar denk ik niet altijd bijdragen aan direct je ontwikkeling om een betere dokter te worden, veel administratie last, veel overleggen, zoms ook niet goed kunnen vinden met wie je moet overleggen en een beetje van het kastje en een muur gestuurd worden. En dat dat dan niet altijd helemaal gezien wordt en op waarde wordt geschad en denk dat dat heb ik wel als vervelend af en toe ervaren. Voor deze podcast zorgden we een passende sponsor en die hebben we gevonden, namelijk BKV. Voor artsen die verder willen goede is BKV de plek, vergaat is en onafhankelijk lopen aan advies. Al bijna 30 jaar heeft BKV hier ervaring mee. Kijk voor meer informatie en vakitures op bkv.jobs. En dan gaan we nu terug naar de podcast. We schakelen naar de Tweede Ayos, Evin. Zij zijn opleing tot internist en tentijden van de opname van deze podcast, was ze bestuurdslit bij de jongenspecialist, waar ze zich vooral bezig hield met de portafuimen opleiding. Ik ben zeker aan jouwes geweest en hoe vond ik het? Ik vond het echt super super leuk, heel leerzaam. Maar ik zou ook eerlijk zijn, ik vond het echt hard werken. Heel veel diensten opgeven met dat ik een periode dat ik continu in de dienst zat. Maar ja, het kent twee kanten, denk ik. Enerzijds, leerje, eerste stap als doktor. Je leert z'n standige werken, je leert verantwoordelijkheid hebben voor patiënten. En je leert ook wel je eigen grenzen kennen en je eigen onzekerde, denk ik. Voor mij toen ik zelf aan jouwse was, vond ik mezelf als aan jouwse best wel belangrijk voor het ziekenhuis. Ik kreeg er echt heel vaak gedacht, want ik weer in het dienst zat dat ik naad. Die bestuurde ze als alle aanjos in dag zouden staken en niet zouden komen, dan valt het ziekenhuis om. Dat is er gewoon niemand meer. Want de aanjos doen de basis in het ziekenhuis, de specialisten doen de polis, de aanjos doen de stages en de polis. Voor de aanjos doen ze al werk, de consulten, de diensten, zonder aanjos ben je valt een ziekenhuis om. Dat is meese mijn definitie. Oké, dan is de aanjos heel belangrijk. Extrae. Ja, vaak werken aanjos fulltime. Ze zijn een enige continuve factor. Veel specialisten, aanjos, werken parttime. Er zijn ook niet veel parttime-contracten voor aanjos. En ja, ze zijn toch wel een soort van het aansprekpunt voor de patiënt met name op de verpleegafdelingen. Maar als ik voor mezelf zo spreken zou ik mijn aanjosvervader niet gemist willen hebben, omdat je zo'n enorme leerkere vermaakt. En om dingen later te kunnen supervisieeren, bijvoorbeeld moet je het zelf ook gedaan hebben. En het helpt je ook gewoon enorm in begrijpen wat het vak een beetje inhoudt. En wat het ziekenhuis leven is. Trug naar Marlene. Ze lecht ons uit waarom zij als aijos het ook zo belangrijk vindt, om er voor de aanjos te zijn. Nou, een oud-colleg van mij, die nu zelfs jururgisch, die zij altijd tegen mij zal dat nooit vergeten. Je moet de aanjosers en je vrienden als aijos. Dat bedoelde ze mee dat wij kunnen niet onze opleiding doen als de aanjosers er niet zijn. Want dat werk moet allemaal gedaan worden, die afdeling moet gedaan worden, die spoed moet voordgaan worden, die kozulto moeten gelopen worden. En als de aanjos dat niet doet of dat die er niet zijn, dan moet er iemand anders doen. En dat zijn toch vaak dan de aijos die als eerste daar terechtkomen. En dat gaat gewoon van mijn opleiding, ze uren en sleidtijd af. Weet ziekenhuis, waar de aanjosers er de kort zijn. En dan moeten de aijos veel nachtdiensten doen, ja, aan nachtdiensten moet je compenseren. Dat gaat gewoon af weer van die elkaar tijd en het is niet erg als je afdoerzeker nachtdienst hebt. Maar als dat ja, ineens in één kwartal drie keer een week wordt, dan mis je toch wel heel erg veel. Ik merk ook dat. Wij visiteeren vanuit de vangen ook opleidingen vanuit te heel kunnen. En die vraag wordt ook altijd heel actief gesteld hoe dat is geregeld. Met diensbelasting ook voor de aijos en of een aanjos de kort is omdat we weten dat dat bekaarsnijdt. Je bent er dus vanuit je rol bij de vangen ook echt mee bezig met het aanjos de kort. Hoe groot is dat de kort in de heel kunnen? Nou, ik heb geprobeerd om het cijfers voor je te achterhalen. Ik weet dat niet precies. Het is meer dan een beetje iets gevoel smaattig. Toen ik solliciteren voor een aanjosbaan, toen moest ik het echt voor solliciteren en ik weet je ook wel eens af gewezen. Als je nu solliciteren dat ze aanjos voor een aanjos, waarom je eigenlijk altijd wil aangenomen, omdat er gewoon heel weinig aaniem over is. En je ziet dat er aanjos plekken open staan en dat er ziekenhuis zijn met echt de kort aan FTE, VQAanjos. En dat is iets wat ik niet kende van de tijd dat ik zelf aanjos was of van een paar jaar geleden. Dat is wel echt iets nieuws. Je zit in een landelijke vereniging met asistente heel kunnen uit het hele land. Je hebt je een zicht op waar dat kort binnen de heel kunnen dan zich het meest bevindt. Door het hele land wel, maar je merkt dat toch wat meer, zoals jij wat meer de randstad uit gaat. Dat is erg geworden. Bij ons in de regio speelt het ook wel, maar het is het de randstad lijkt het minder te zijn, omdat dat toch meer bevolkt is. Mensen er toch wat meer billen blijven hangen. Ja, maar ook. Daar is het niet afwezig. Trug naar E-fing. Ook Cijfertel, ons wel om het aanjosprobleem haar zo aan het hart gaat. Het is jomer als je merkt dat de jonge generatie vaak minder interessant vindt, want het is het leukste vak er meer rond, wat mij betreft. Ik ben niet voor niets in het ziekenhuis gaan werken, het is zo leuk. Het doet een beetje pijn als die jonge het ook te zeggen. Het doet pijn als een kost, dat is ik heb laatst kost, en het gaf die tegen mij zijden. Ik ga echt niet in het ziekenhuiswerkje, die werken je kapot en je hebt niet eens een baan laten, en dat is een jaar opleiding, en toen dacht ik ja, het hoef je dat wel waar. Dat is wel pijn, hè. Het is jomer, dat mensen je vaak niet zo leuk vindt als je zelf je vaak leuk vindt. En twee, ik vind gewoon jomer dat mensen blijkt waar afknappen op de organisatie van de zorg. Want dat is een beetje waar het op dreid gaat niet om neenhoud. Het gaat om hoe is het vak georganiseerd. Krijg jij je over uren betaalt, heb jij een goede balans, word jij gewaardeerd, word jij gekoopt, krijg je interviesie, krijg je hebben gelijding en je ook jouw persoonlijke ontwikkeling. Want daadweerlijk zijn meeste mensen tussen de 24-25 klaarzijen met een opleiding, misschien variatie daarbij. Maar je maakt zo veel persoonlijke ontwikkeling mee, gewoon over helpen als mens in die levensjaren. Daar hort ook gewoon vanuit de werkvloer bij een vak wat zo intensief is als ontsvak. Goede begeleiding bij omdat je ook gewoon heftige dingen mee maakt op je werk. Als jij als 24-jarige in 1 nacht in 3 mensen moet schouwen, wil je daar begeleiding bij. De aanjols is nog eigenlijk niet in jongenspecialist, die is niet, dat wordt je niet in opleiding. Hoe is de jongenspecialister voor de aanjols of zijn je eigenlijk wel voor de aanjols? We zijn zeker voor de aanjols. Onze achterband is eigenlijk de PhD student, de aanjols en de aanjols. Wij zijn er voor iedereen. Ik vond oud-sjaar was jongenspecialist alleen voor de aanjols. De afgelopen jaren hebben we dat breder getrokken omdat we het gewoon echt als een continuwum zien. We proberen op verschillende manieren, dus op verschillende thema's, de aanjols te helpen. Inpoet daaruit halen we onder andere uit ons angettens, waar we heel erg vragen naar wat maakt jouw werkbezier, hoe je werk privé belands en dat ook proberen terug te koppelen aan ziekenhuis. Wij hebben voor de privé gestuurd naar alle raad van besturen. We hebben geprobeerd om de contracten van de aanjols te verbeteren. Vroeger had hij de 38 plus 10 contracten, dus je werd 8-48 uur in de aanjol.
grootsteur het 1,38 beteld en dat was niet oké want dat was in origine voor aajos. En nu is dat allemaal veranderd en daar zijn we hartstikke blij mee. Oké, goed om te weten dat deze aajos en instantie zoals de jongenspecialist wel degelijk bezig zijn met ons, de aanjos. Later in de podcast gaan we Evie en Marielijn terughoren. Tot slot spreekt we nog een derde aajos, namelijk cordialoog in sp. Arnaud. Ik ken hem nog van een koschap jaren geleden waar hij een presentatie gaf met die tol, ode aan de aanjos. Ja, en dit kwam natuurlijk weer bij mijn boventreven bij het maken van deze podcast. We spreken af in het ziekenhuiscafé tussen het geringko en geruuse moes van kopjes koffie en mensen. En Arnaud deelt een vak gereleterd met daarvoor om de aanjos te beschrijven. De artustent is een soort van Frank Stalinger. Het zit best wel veel reken in, maar als je er teveelde van vraagt, dan valt je om. Dat spectrum kan twee kanten. De ene kant zit het spectrum waarbij iemand echt op zijn tanden loopt. Echte wat er veel van gevraagd wordt. Wat dan die daar te weinig voelig mee heeft, zegt Goroetje, zet je tanden op elkaar, pak nog even door. Het is maar een jaarje en daar daarna komen in oplading. Daar maak je geen gezonde dokters mee. Anderkant van spectrum is die gene die eigenlijk veel te laag terempelig voor kieist om een dag vrij te nemen. Sonder dat ze gelezenerd dat ze een collega's daarvoor harder moeten werken. Die zegt Goroetje misschien is het omvierig wel klaar. Wel even bespreken dat het aan de einde van de dag zijn. En die gene zou je een beetje moeten prikkelijnen inspireren, om wel kijkstering te krijgen, zeg maar, om uiteindelijk ook te bespreken. Maar als je dat hele spectrum als één aaniën is, ben je aan het zeggen, die iedereen zegt gewoon het tanden op elkaar, dat breken je mensen af. Ik denk dat je je heel goed, die bewusts heran het feit dat er zongen mensen aan de linken kant van spectrum zitten. Die net een beetje meer prikeling wel kunnen gebruiken. Die heel erg goed kunnen gebruiken, om zich te tanden elkaar. Maar ook heel goed bewust moet zijn dat de mensen aan de uitestekant van spectrum zitten, die moeten beschermen, omdat het soms heel erg intense kan zijn. En op een emotional niveau en ook op visitniveau, met gewoon zware dag kunnen zijn. En dat moet je gewoon gevolgen krijgen. Dat is nou juist wat ons werken is. Mensen werken, dus of het nou een patient technofie zit, of een artsacistend, dan moet je wel iemand kunnen lezen en begrijpen. Met dit meter voor van Arnhoud kunnen we denk ik wel onze eerste aflevering afsluiten. Ja, als ik één ding moet zeggen over deze alle eerste aflevering, dan is het eigenlijk dat ik alleen maar meer vraag heb gekregen. Ik ben zo blij dat we hier een podcast overmaken. Ja, dat is goed dat we zeggen start. En wat mij heel erg opvalt, is dat iedereen zo begaan is met zijn of haar vak. Ja, en dus ook met de aanhiels, met ons. Er wordt echt wel over ons nagedacht. In de volgende aflevering gaan we het hebben over de oorzaken van het aanhiels gekort. Ligt het aan de werkdruk, de culture, of misschien juist de aanhemener waarop we opleiden. En daarom gaan we in aflevering twee, onder andere ingesprek met opleiders. En ja, die komen misschien wel met wat pijnlijke waarheden. Om deze aflevering echt af te ronden, vocht hier nog het aanhielspannel. Je weet wel, die achterstemmen van in het begin. En we vragen u wat ze nou eigenlijk vinden van hun aanhielsbaan. Bedankt voor het luisteren naar deze aflevering tot de volgende keer. Nou, ik vind mij werk als aanhiels leuk, als je echt het gevoel hebt dat je ook op medisch gebied, misschien ook al maken voor dat patient en dat gevoel hebt dat je zelf waar iets aan bijdraagt. Witte ernaast leuk als je een dag echt iets geleerd hebt, als bijvoorbeeld een specialistentij neemt om jou iets uit te leggen. Het is ook leuk als een specialist in de rukkreef dat je gezien wordt door, bijvoorbeeld een compliment te geven, of een netige goede feedback over hoe je gevipuusioneerd hebt op die dag of in die week. Wat doe je een compliment van een specialist met jou? Ik ben hem even wel veel en heb je toch het gevoel dat je het goed doet. Ik vind het algemeen dat je als aanhiels best weinig feedback krijgt. Het is heel erg te fabriek draaien de houden en al dat taak er zo snel zo goed mogelijk doen. En als dat allemaal goed gaat, dan hoor je meestal niet zo heel veel daarvan. Maar als het dekertje net niet goed gaat of het eerst geval fout gaat, dan krijg je soms wel de wind van voren. En ja, dat voelt natuurlijk niet leuk. Van mezelf, ik merk heel erg dat ik het fijn vind als een specialist die superviseer geeft, zoals die een compliment geeft, dat vind ik een calamal heel fijn. En dat zou een dag dat kunnen maken of als je een leuke kaas is hebt, of een gekke patiënt en je kan hiergens in vastbijt en iets lukt van de zetleek. Als ik een keer een compliment krijg, dan zweef ik drie dagen over de afdeling. Omdat je er niet heel vaak en gek krijgt, is dat natuurlijk dat je je door op minis giet omhoog. En je is een bevestiging van dat je wat je aan het doen bent, waar je dus heel veel tijd in stond, dat dat goed gaat. En dat je dat op een goede manier doet en dat daar waar deering voor is. Ik ben wel iemand die het heel fijn vind om feedback te krijgen en ook juist bezig te zijn met je eigen groei. En dat merk ik wel heel erg dat daar heel veel ruimte voor is. En ik heb bijvoorbeeld elke week ook lang gesprek met een van de verslaafingsartsen om ook te kijken naar persoonlijke groei. Dus die zit er wel heel erg. - Elke week? Ja, want er zou het dag echt gemaakt. Dan denk ik dat het met name dus ligt aan het stukje connectie wat je voelt. Dus we hebben een indienverband naar je emprestatie leverd.
Podcast Summary
Key Points:
De term "ANIOS" (Arts Niet In Opleiding tot Specialist) wordt als problematisch ervaren omdat deze benadrukt wat deze artsen niet zijn, in plaats van hun cruciale rol in de zorg.
ANIOS-artsen vervullen essentiële frontliniefuncties in ziekenhuizen, maar kampen met onzekerheid, lange werkdagen, administratieve lasten en een gebrek aan erkenning.
De duur van het ANIOS-schap is opgelopen tot gemiddeld 3,5 jaar, en een aanzienlijk deel van de basisartsen wil geen vervolgopleiding, wat bijdraagt aan het tekort aan artsen.
Er worden internationale vergelijkingen gemaakt (o.a. België, VK, VS) waar het systeem anders is, vaak met meer directe doorstroom naar een specialisatie.
Er is behoefte aan een betere naam, meer erkenning, begeleiding en een structurele oplossing voor de onzekere positie en werkdruk van deze artsen.
Summary:
De podcastaflevering onderzoekt de positie van de ANIOS (Arts Niet In Opleiding tot Specialist) in het Nederlandse zorgsysteem. Deze jonge artsen zijn onmisbaar als eerste aanspreekpunt, maar worden geconfronteerd met een toenemend tekort aan collega's. De term 'ANIOS' zelf wordt bekritiseerd omdat deze deficiënt is en geen recht doet aan hun belangrijke werk.
ANIOS-artsen ervaren hoge werkdruk, veel administratie, onzekerheid over hun carrièrepad en een gebrek aan erkenning. De gemiddelde duur van het ANIOS-schap is opgelopen tot 3,5 jaar, en veel basisartsen twijfelen over of willen helemaal geen vervolgopleiding. In gesprekken met experts zoals Marcel Levy en Natalie Roes worden internationale systemen vergeleken, waarbij vaak een directere doorstroom naar een specialisatie bestaat.
De roep klinkt voor een betere naam (zoals 'junior doctor'), meer begeleiding, erkenning van hun artsentitel en structurele verbeteringen om deze cruciale groep voor de zorg te behouden en hun positie te versterken.
FAQs
Een ANIOS (Arts Niet In Opleiding tot Specialist) is een basisarts die werkt in een ziekenhuis zonder een vervolgopleiding te volgen. Zij fungeren als eerste aanspreekpunt op afdelingen, behandelen patiënten op de spoedeisende hulp en voeren nachtdiensten uit.
Het tekort ontstaat doordat jonge artsen langer als ANIOS werken voordat ze een vervolgopleiding starten, en omdat een aanzienlijk deel helemaal geen verdere specialisatie meer ambieert. Dit wordt mede veroorzaakt door onzekerheid over carrièreperspectieven en zware werkomstandigheden.
De gemiddelde duur van een ANIOS-schap is opgelopen tot ongeveer 3,5 jaar. Dit is de periode tussen het afronden van de basisopleiding geneeskunde en het starten van een vervolgopleiding tot medisch specialist.
ANIOS-artsen ervaren vaak hoge werkdruk, veel administratie en onzekerheid over hun carrièrepad. Daarnaast voelen ze zich soms ondergewaardeerd omdat de focus ligt op wat ze niet zijn (specialist in opleiding) in plaats van op hun rol als volwaardig arts.
In België stromen artsen meestal direct door naar een vervolgopleiding, terwijl in Nederland veel artsen eerst jaren als ANIOS werken. Het Belgische systeem biedt meer zekerheid, maar kent ook nadelen, zoals slechtere regelingen rond zwangerschapsverlof en pensioen.
Het ANIOS-panel bestaat uit acht ANIOS-artsen van verschillende werkplekken die anoniem hun ervaringen, twijfels en drijfveren delen in elke aflevering. Dit biedt een authentiek inkijkje in hun dagelijkse praktijk en uitdagingen.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.