Go back

Zelfvertrouwen bij kinderen

67m 12s

Zelfvertrouwen bij kinderen

In deze aflevering van Radio mama bespreekt gast Steve, oprichter van de online community Zita-Soul en expert in orthopedagogie, hoe ouders kunnen bouwen aan het zelfvertrouwen van hun kinderen. Hij legt uit dat zelfvertrouwen sterk samenhangt met de druk en verwachtingen van de maatschappij, zoals prestatiedrang op school en sociale vergelijking. Kinderen ervaren hierdoor vaak keuzestress en een gevoel van moeten. Steve benadrukt het belang van positief ouderschap, waarbij ouders geloof tonen in hun kind en een ondersteunend kader bieden zonder grenzeloos te zijn. Hij wijst ook op de valkuilen van een overvolle agenda en de invloed van sociale media, die een vertekend beeld van de realiteit kunnen geven. Tot slot pleit hij voor voldoende momenten van rust en ontspanning, zodat kinderen kunnen herstellen en zich op een gezonde manier kunnen ontwikkelen, los van constante prestatiedruk.

Transcription

12829 Words, 68697 Characters

Dutch
De druk van de maatschappij staat een rechtstreeksverband met de eisen die kinderen voelen en dus ook met de maten van hoe er een zelfvertrouwen kan groeien. Radio mama, ik ben Christine. Ik heb twee kleine kindjes, Leon en Ella, en dit is Radio mama, een podcast over oudersij van kleine kindjes en alles wat erbij komt kijken. Dit seizoen wordt mede mogelijk gemaakt door kinderen bij slagvond in Fino. In deze aflevering heb ik stevig gielistegast. Hij is oprichter van sita zo, dat is een online community die opvoert ondersteuning biedt aan onder andere ouders en leerkrachten. Hij vertelt ons hoe we kunnen bouwen aan hetzelfvertrouwen van onze kinderen. Dag, Steve. - Dag, Christine. - Welkom bij Radio mama. - Dankjewel. Je bent lectorochtopetagogie. - Dat klopt. Je bent lector bij de abhoogeschool. - Ja, dat is een moeilijk woord. Als je het in de sector ziet, wat is dat opvoet kunnen? Ja, ochtopetagogie betekent eigenlijk de pedagogie, wanneer het niet gaat, zoals het helemaal zo moet je gaan. Wanneer er probleemen optuiken in de opvoeding, dus doorgroepen zijn bijvoorbeeld jongeren die het moeilijk hebben, ouders die het duist lastig hebben in de opvoeding, maar ook mensen met een beperking, mensen in de psychiatrie en oudersorg zijn moeilijke doorgroepen van de ochtopetagogische begeleiders die anders lag gaan. Ja, dat is toch zo'n woord waar iedereen bij aan voeten denkt. Je zou niet zeggen, ja, je zou iets met de voeten. - Ja, en dan zei ik dat zo'n ochtopet. Ah, ja, en je hebt ook nog podologie. Dat is nog aan het uitleggen. - Ja, dat is nog aan het uitleggen. Je bent ook de oprichter van Zita-Soul. Wat is dat precies geen de korte uitleggen? - Zon zes jaar geleden hebben we eigenlijk vastgesteld dat er in het landschap van de opvoeding zonder steuning nog maar heel weinig initiatieve echt heel laagdrempelig waren. Je hebt wel opvoeding zwinkens, die had je vroeger ook, maar het is wel een heel laagdrempel voor mensen om daar binnen te stappen, om met je vraag die je hebt. Want je kind dat niet luistert of moeilijk slaapt meteen aan een beeldvreden dat er gaan toevertrouwen en ook alle zek-concept wel uitrempelig gemaakt. Toch gingen mensen vooral zoeken op internet. - Ja, Dr. Gogel. - Ja, Dr. Gogel, en zes jaar geleden was het internet ook nog niet wat het vandaag is. En we vergeten dan dat dat zo snel evalueren, maar toen hebben we eigenlijk gezegd we willen iets online gaan creëren en een community waar we tips gaan geven waar we ook vooral gaan luisteren. Naar ouders waar we naar het onderdriemen gaan steken op momenten dat moeilijk gaat ook wel kunnen lachen. Met elkaar tof een moment of je larre zomente in opvoeding om zo een gemeenschap te creëren eigenlijk. En dat is dan organisier om ploft op een bepaal moment. - Ja, het is heel goed, ja. Hoeveel vogers heb je op Instagram veren? - Daar weet ik niet eigenlijk niet van wat. Maar je kunt het eens check in. - Ja, check het eens. Meer dan 12.000. - 16.000 achter al 100. Ja, ja. - En heel veel lieve mama's en papa's natuurlijk. Ja. - Het is fijn ook dat ze zoveel vragen stellen en soms is dat natuurlijk moeilijk om. - Ja, omdat het wel zeren. Ja, dat het wel zeren. Dat er bij te neem ik probeer iedereen te antwoorden, maar dat kan natuurlijk niet altijd een uitgebreid antwoord zijn waar ik in ja op hele kaas, maar dan proberen mensen wel gericht door te verwijzen ook buiten onze organisatie, want waar we niet doen is 1 op 1. Want zotaties werken wel ingroepen met kinderen, we doen lezingen, we werken aan boeken, opvoedingsboeken, kinderen boeken, maar echt 1 op 1 werken doen we niet. Nee, jullie geven wel treiningen voor kinderen, om de wereldbaarheid te vergrotten bijvoorbeeld. En je geeft ook heel veel lezingen over verschillende onderwerpen. Mij hoeveel zijn jullie ongeveer in de team? - Ik denk dat er momenteel meer dan 40 freelens, mensen werken voor zitaal zo. Ja. - Dat doen ze natuurlijk niet alleen maar voor onze organisatie, maar ze werken. - Ze zijn verbonden aan jullie. Ze zijn ook verbonden aan ons. Ze zijn bijvoorbeeld treiner van een aantal assessies met kinderen met ouders, of ze geven een aantal lezingen, of ze werken samen met lanoen aan een nieuw boek bijvoorbeeld. Dat is wel heel fijn om met zoveel mensen die daar elk hun specifiek expertise hebben, de mogels samen werken. Dat ben ik echt zo dankbaar voor. Ja, ik kan mijn voorstellen, ja, fijn. Waar ben jij zelf het grootste deel van je tijd mee bezig? Ja, ben ik degene die meest bezig is natuurlijk met coordinatie met oude mijn coordinatie. En als er een tema is waar ik echt het meeste mee bezig ben, is het wel zelf vertrouwen en weerbaarheid bij kinderen. Ik heb daarin gespecialiseerd in het ontwerpen mee van de activiteitstrijdingen, hoe gaan we met de kinderen op een korte perioden, zodat de instap zo laagdrempelig mogelijk is aan de slag. Hoe kunnen we ouders ondersteunen om heel bestaambaar ook taas te kunnen gaan werken met de kinderen die zich wel onzeker voelen of die daar een verminderdzelfde beeld hebben bijvoorbeeld. Dat is jouw expertise. Je hebt zelf ook kinderen? Ja, ik heb twee meisjes. De jongste is onderweg naar de vijf jaar en de oudste is net zeer geworden. Ik probeer ze een beetje af te schermen van een publieke domijn, door niet te vaak over en namen te hebben, of een foto's. En gezichtjes zijn ook niet een beeld heb ik al een opgement. Nee, want ik weet niet hoe zij daar later gaan willen. Allere respect voor mensen die daar wel doen, want dat vind ik wel een stukje ook de echtheid hier dan te volgen. Ja, het is een beetje de keuze die je als gezien maakt. We hebben een rat die keuze ook gemaakt, dus iedereen voorziet je, met alle respect voor de andere meningen. Ja, maar dus echt een meisje spappen waar ik eigenlijk eerst had gehoopt op een zoon. Ja? Ja, toen we wisten dat we zwangen waar ik denk dat dat was, dat is gewoon een jongen en dat kan ik dan mee gaan voetballen. En toen bleek dat dat de meisje was en toen heb ik daar even gehad. Kan je ook mee voetballen, hè? Ja, dat is waar. En toen dacht ik van nee, dat zie je mooi goed. En toen is ze gekomen en toen dacht ik van ik wel alleen maar meisjes. Echt? Ja. Dus geen derde meer. Komt geen derde meer. Is dat zo een soort van master naar master, het ouderschap zelf? Heb je veel bijgeleerd, sinds je papa bent, doe je anders, dingen anders? Paparbeeld? Absoluut. Ja, absoluut. Er is heel veel teorie, er is heel veel te lezen, er zijn veel dingen die heel anemelijk klinken. Totdat je het dan moet gaan toepassen in de praktijk en dat je kinderen je voor bepaalde dilemmas stellen. Dus het ouderschap heeft mij enorm verrijkt in hoe dat je kijkt naar opvoeding, maar het heeft mij ook wel bevestigd in een aantal zaken. Positiviteit in het ouderschap, dat vind ik een van de belangrijkste zaken die er zijn, want we horen heel vaak negatieve zaken of heel harde zaken ook. We moeten kinderen wapen voor de maatschapij en zo maakten ze pas wereldbaar. Ik hoorde een artikel van een oefzoottopman die zegt van de klasse, met de kinderen moeten nog groter, terwijl ik nergens zeg van de klasse moeten kleiner. En er moeten meer aandacht zijn, ook niet alleen of het overbrengen van de leest of maar voor hoe voelde kinderen zich, maar positiefiteit op een positief manier omga met kinderen, dat vind ik heel belangrijk in opvoeding. Dat betekent niet grenzellos opvoer, of dat betekent niet geen kader aanbieden, maar wel hoe je een geloof hebt in je kind, dat is eigenlijk de samenvatting van alles wat ik kan vertellen over een zelfvertrouwen. Ja, oké, wala, dan kunnen we afronden. Je hebt een boek geschreven over zelfvertrouwen. Hoe ben je daar eigenlijk in eerste instantie opgekomen om dat boek te schrijven? Omdat er zoveel vragen naar was dan? We zijn eigenlijk eerst bevonden met asgetiviteitstrijningen aanbieden, omdat we altijd goed luisteren naar de community, wat willen zij, waar vinden zij belangrijk, waar is een nood aan. En dan was het die treining effectief wel een ander top te vragen die veel mensen hadden. Dat lieb direct goed, wat de inditeit aan een aantal jaren dan ook een boek rond hoog sensitiviteit uitgebrecht met Melissa Mertes, een hoog sensitief opvoeden. En toen vroeg de uitgever Lannol, zie je dat dat om ook een boek over zelfvertrouwen te schrijven. En ik ga daar ook al lezingen over, dus dan heb ik niet gearzeld tot dat ik dan hoorde dat er eigenlijk moest af zijn binnen de drie maanden. Stresjes gaat ook van, ja, ik ga daar wel kunnen, mijn eigen zelfvertrouwen is daar wel iets voor mij, wie ben ik om te vertellen om de auto's hoe dat ze dan moeten doen en de twijfel. En dat heeft mij gesterkd om het zeker wel te doen. Ja, de angst over winnen. Ja, de angst over winnen, maar dan kan je er zelf ook over praten en over het ervaren hoe dat dat is. En dan is de proces heel vlot vergaan, eigenlijk, toch, want er was al heel veel materiaal. We wisten hoe dat met die kinderen aan de slacking, we wisten ook wel werkt bij die kinderen. En dan is ze aangevuld met onderzoek en we weten we nu eigenlijk. En dat is een heel interessante zoek, toch, geweest. Ja. Hoe komt dat eigenlijk dat er zoveel kinderen zijn die kampen met weinig zelfvertrouwen over laag zelfbeeld, fallingsstok? Eigenlijk is het de maten van zelfvertrouwen altijd gelingt gekoreleerd met de maatschappij waarin je opgroeit. Ja. Die maatschappij heeft verwachtingen. En als je maatschappij bent, zonder verwachtingen, dan gaat eigenlijk iedereen daarin kunnen zijn, zoals hij of zij wilt. En dan is er eigenlijk ook geen probleem met hetzelfvertrouwen, want iedereen kan alle taken of om te gemoed aan de eisen van de maatschappij. Maar het leven is soms echt een wedstrijd, er moet heel veel. Heel druk. Er is heel veel druk, ik heb er ook al heel vaak columns over geschreven, artikel over geschreven. Ik ga al die boodschap ook. We moeten heel veel, je moet maar eens, je moet maar eens niet. Waar ik dat je zeg tegen je kind, we moeten. Ja. Kom maar, we moeten vertrekken. Ja. Dat is heel duwingend. Er moet heel veel, je moet naar een feestje, je moet huiswerk maken, je moet dit, je moet dat. In een place van mogen bijvoorbeeld. Ja. Een klein verschil in de taizo. Ja. De wedstrijd ras, door, loopt je kind al, is die al droog, snaks dat begint heel vroeg. Ja, dat begint van dat geboren alle. Ja. En slaap zal door. Ja. Was de mediaan, was die gemiddelden op rapport, staan nog altijd mediaan en gemiddels op rapporten. Ja. Het is eigenlijk geen enkel onderzoek dat zich dat daar goed is. En want elk kind heeft na part, grue process, ook op school, ontwikkelingsprocess. En dan gaan ze even vergelijkd, maar mijn ander is eigenlijk nonsense. Ja. Maar er is heel veel drukteur, moet heel veel, moeten dan die twee hobby's erbij, nog of die drie hobby's. Ja. Vier hobby's misschien soms. Er moet heel veel. Ja en dat is ook iets waar wij zelf ook hebben als volwassen, is zo, Keeping Up with the Jones. Zo van die drukvoelen van wat doen andere mensen en ja, dan moet kiekt dat toch ook doen. Ja. Of dan moet kiekt dat toch ook kunnen. Ja. Dat is waar we als volwassen ook heel erg doen en we overbrengen op onze kinderen. Ja. En daar moeten we gewoon al licht voor zijn en bewust voor zijn. Ja. En die camping is het blijkbare bedoeling. Dat als er een kinderfeestje is, dat je op het einde van dat feestje als je kinderen hebt uitgenodigd om te komen spelen. Dat je ook nog iets meegeeft. Terwijl een vrouwzij al wat gaan we dan daarvoor voorzien. Ja. Voor de gasten eigenlijk. Ja. Voor de gasten die komen spelen. En die gasten die komen aan, die hebben ook waarschijnlijk een klein cadeautje bij. Ik vraag me af moet daar, want het feit dat ze komen, dat vind ik de cadeaut. Ja. Als ze samen spelen, dat kinderen plezier hebben, dat vind ik daar, dat is de essentie. Ja. En dan op tijnen moet je een klein zakje meegeven, met iets en ik zeg ga ik wel dan niet doen. Ik vind dat niet de essentie. En dan voel je. Ja. Ja maar de andere doen dat toch ook. En dat is dan zo iets en zo iets en dan ga met je een of slijm of weet ik veel wat. Ja. Dat is allemaal wel fijn, maar moet dat. En ja, we niet voorbij aan de essentie van kinderen die kinderen zijn, die samen spelen. En ja, want gebeld dat ze om te ouden van hoe was het? Ja. Ja. Ik heb snoepjes mee gekregen, bijvoorbeeld. Ja. En vorige week was het feitje en dan moesten uitwijken naar een binnen speelten. En dan vind ik de hel. Ja, binnen speel ik. Het is echt meer wie het dan niet de hel. Dat is gewoon. Dat is gewoon, maar vregen we of het ging regenen en wat dat dan geregeld. Maar het jaar ervoor hadden we ook gezegd van kom. We moeten gewoon een pelle tocht. We gaan gewoon iets leuk doen met de kinderen. En ja, die waren heel enthousiast daarover natuurlijk. Er moet heel veel de samenleving rastoren en ik zeg soms ook wel even in een realtime samenleving. Ja. Hier en nu. Ik wil nu iets en ik ga dat dan krijgen. Ja, moet direct komen, mensen hebben geen geduld meer. Nee. Die voelde daar ook in die realtime samenleving. Er moest en er kan heel veel. Ja. En dat zijn heel veel voordeel aan. Maar dat is ook een grote valker. Ja. Dat is dat de drukte hoog wordt. Dat de drukte hoog wordt. Sociale media maakt alles heel toegankelijk. Het internet maakt alles toegankelijk. Maar ik noem daar soms ook de vind ik leuk, dik datuur. Mensen gaan in Twikent een leuk activiteit doen. Ze gaan heel veel vottels daarvan trekken. En dan gaan ze de mooiste selecteren. Daarna misschien ook een filter op een mooi tekst. Daarbij en dat posten ze op internet. En andere zeggen, "Wauw, dat is mooi." En je weet wel dat je dat zelf doet. Maar je vergeet de andere daar ook doen. Want je ziet "Wauw, een die heeft tag gedaan, een die heeft tag gedaan." Maar dat is eigenlijk een verknipte soms realiteit. En dat is iets wat wij als verwasn het dan moeilijk mee hebben. Ja. Wat moet dat dan niet voor onze kinderen zijn? Ja. En dus de druk van de maatschappij of goede maatschappij werkt. Staat een rexteksverband met de eisen die kinderen voelen. En het gevoel waren moeten ze aan voldoen. En dus ook in rexteksverband met de maten van hoe dat een zelfvertrouwen kan groeien. Er is heel veel mogelijk. Ja. En dat zorgt ook voor keuze stress. Ja. Vroeger was dat heel duidelijk, een zon van een boer. Dan werd hij in een boer. Ja. Heel vaak. Een zon van een leer krijgt. Dan werd hij in een meester. Ja. En zo was dat. En dat is misschien niet zo goed, want hij hebt niet zo veel keuze mogelijkheden. Maar vandaag is het moeilijk. Ik denk in over die stellen nu. Ja. Kinderen krijgen stress. Is aangetorond ook bijvoorbeeld door heel de vele dan educatieve programma's, educatieve boeken, educatieve spellen die heel goed zijn, natuurlijk. Maar die daar soms kinderen ook door gaan. Exploren voor putertjes die al leren Engels spreken. Zorg ervoor dat kinderen meer stress ontwikkelen. In de herstenen bevestigen mensen die daar onderzoeken in het hoofd. Effective dus geen psychologen. Maar echt mensen die daar die hersten verbindingen gaan onderzoeken. Kenderen, er komt heel veel op kinderen af. Dat zijn er veel prikels dan ofzo. Dus ook kunnen zeggen dat zijn er veel prikels. Dat zijn er veel keuze. Er moet heel veel. Ja. En dat is. Ik moet hier kiezen. Ja. Dat schrappen van Teleonde gaat dus nu anderhalve week naar school. En die klas is geweldig. Jeter is dat een pallenbad. En je hebt dan poppen noek, je hebt een keukenje. Je hebt een auto stukje waarmee veel auto's zijn zo. En elke dag zegt je, als ik vraag wat ik ben. Met auto's gespeeld. Dus die heeft eigenlijk maar 1 ding nodig. Want ze hebben zoveel keuze in de rat. Maar soms hebben die eigenlijk niet zo alleen maar 1 ding nodig. Ja. Ja, dat is waar. We zijn tevreden met misschien soms ook een kertone doos. Ja. En we hebben wel heel veel speelgoed. Veel aanbod. Ja. En we creëren dan een stukje als consumcie maatschappij. Dus je mag het nooit zelf vertrouwen. Want ik kan heel veel andere tips geven waar je hoe kan je dat niet meer aan het slag gaan. Maar je mag dat nooit los bekijken van de maatschappij en samenleving hoe dat die er uitziet. Dus als we daarin niet zullen gaan veranderen, dan zullen we ook moeten gaan veranderen. Hoe was het rapport? En hoe verhouden jouw kind zich, dat andere kinderen. Daar zit heel wat moeten op, ook in de klote klas en er aan moetjes en magjes. En ik zeg dan, kinderen, kloters moeten helemaal niks, die moeten gewoon speel. Ja. En het huiswerk, wat daar heel vaak stress geeft in gezinnen. toont onderzoek ons bevrijging, toont ook elke keer weer aan. De ouders zeggen "ah, de huiswerk komt er ook nog eens bij." Ik heb geen tijd meer om gewoon in verbinding te gaan met mijn kind. Gewoon in contact te staan met kinderbied. Het is weer een moetje erbij. Ja, dat is een fase waar ik nog niet in zit en ik kijk daar hinder uit. Ik weet dat mijn niksje niks hier teuskomen met mijn huiswerk als ik bij mijn mama was. En die zat niet eerst leerjaar en er was viskunde. En ik begreep gewoon de opdracht niet. Ja, dat komt wel wat voor gisteren. Heel geneld. Ik zeg ja, ik kan nu niet helpen, ik snap het niet. Ja, ik kan met dat. Wel voorstel dat ik met haar hart in ga erger in de huiswerk komt. Er zijn al een heel een dag aan het leren en dat is heel intensief voor die kinderen. En dat komt er daar huiswerk nog eens bij? Ja. Dat is zo. En dat wordt je confronteerd met je eigen beperking van die kinderbied. Ik ben niet zo goed in rekenen bijvoorbeeld of een taal. De huiswerk zal vooral voor mij goed zijn om teruggezwaar bij te leren. Maar het zou goed zijn als kinderen kunnen ontspannen. En dat is ook een van de 20 tips in het boek van Maak. Zorg voor momenten, dat kinderen tot rust kunnen komen. En ontspannen. Ik zeg ook wel eens of de term die daarbij hoort, de jomo, de joy of missing out in plaats van de voomo. Alles te willen. De vorig missing out. Ik wil je hand andere doen, het ook zo. Trijken ze een striep in uw agenda in het weekend. En ga dan kijken of je wilt toe met je gezin op dat moment. En laat niet meer in die redress of plan een beetje verder dan het volgende contact. En toch spreek je met vrienden of familie. Maar ja, kom ook tot rust. En ik heb ook een voorbeeld van een juf. En die gaf kindertake is op bingel. En bingel is een platform waar kinderen oefeningen thuis kunnen maken. Een online leert dat voor hem eigenlijk voor de laagere schoolhaal. En een mama vertelde na een lezing dat zij ook twee kinderen had in dezelfde klascentweeling. En de ene was eigenlijk sterke leerling of kon goed leren. En de ander had heel veel moeite om bij te benen. En ze vertelde dat duurvatgezichten. We gaan met heel klassame duizend oefeningen. Of 2000 kweten, het waren heel veel. Toen op bingel en na de vakantie ga ik in dolgouden. Wie dat er de meeste oefeningen heeft gedaan. En die jev had natuurlijk juist intensies. Ze wilden kinderen stimuleren in een leerprocess. Maar ze had namens essentieel af. En dat is die rust. Kinder moeten in de vakantie ontspannen. Niet met school bezig zijn. En dat je gevoel hebt dat ze gecontroleerd worden? Ja, betekent dat niet aan de bubkei gaan. Of naar een planetarium als kinderen interesseen en sterren. Of ergens naar een museum. Of iets kunnen leren, maar zeker ook in de vakanties. Maar die school heeft al heel veel plaats in het leven aan kinderen. En laten, maar zijn, laten kinderen ook maar ontspannen. Ja, heel belangrijk. En misschien ook geen drie hobby's op een week tijd. Maandag naar de piano is, en dingen zagen naar de ballet. Ja, vrijdagavond. Naast school staat er iets zonder. Jeugbeweging misschien. En dan ploffen kinderen in de zetel. Om 6 uur of al of 7 zonder gaan. En dan begint die maandagal. Die staat al weer voor de door. Ja. Dus als een realiteit moet dat echt. Moet je je zelf afvragen. Is dit goed voor mijn kind? Wil mijn kind dit graag? Maar is het niet soms moeilijk als ouder om te de balans te zoeken. Dus wat het kind zelf vraagt. Dus sommige kinderen willen graagveeldingen doen. En kunnen niet zo goed dat rust komen of zo. Maar dan is het natuurlijk als ouder moeilijk om te zeggen van, oké, dit is nu te veel. En dit wil ik je wel kunnen bijvoorbeeld. Als ouder kan je kind het beste. Ja. Dus jij ziet aan je kind in zijn getrag. En wat dat die zegt. En hoe dat die zich voelt. Dat dat eigenlijk te drukken wie kent zijn. Of dat die woens echt na middag best gewoon vrij is. Ook al vraagt er maar iets anders. Ja dan denk ik dat je als ouder bepaalde bestesingen moet nemen. En daar waren terugschroeven. Want het belangrijkste je bent als ouder. Ja als waren een tuinman die de boom van uw kind laat groeien. En je hebt op zich wel wat impact op die groeien. Want je kunt voedingstoffen geven. En of je kunt als er een storm is geweest. Kunde hier hem daar is een tekstje. Afknippen als een nodig op de schade opmeten. Dus ik denk wel dat je verantwoordelijk is om te zeggen dat we niet doen. Ja. We gaan daar rust houden en misschien komt dat wel weerstand. Maar je hebt dat met een hoger doel in gedachten. En waar wil je uiteindelijk naar toe met je opvoeding. En hoe wil je dat je kind. Ja. Uiteindelijk gaat er even op de wereld. En dat je kind ook met die rustmomenten kan krijgen als die daar behoefte na neefd. En alle kinderen hebben behoefte uit rust. Ze moeten het misschien nog leren gewoon. Hoe ze kunnen rusten. Misschien dat niet alle kinderen het van zichzelf kan. Ja. Als we wachten, vinden we dat soms ook moeilijk, hè? En daar is ook niet voor alle kinderen verwassen hetzelfde. Nee. Ik vond de meditasties vroeger iets heel zweverig. Maar ik doe Samsung een body scan en daar ga ik gewoon liggen. En dan denk ik aan mijn voeten en dan probeer ik niet te voelen. En ik vind dat nu helemaal niet meer zweverig. Want ik merk dat mijn hart rippen daarvan vertraagt en dat ik minder stress heb. Joga is niet voor alle kinderen weetje licht. Aardemalingstechnie, je moet voelen wat ze er nodig zijn. Ja. Niks in planen. Maar de Joy of Missing uit. Havent-toen de remmer op. Is een keer gewoon calme doen. Ja, heel blij. Ja. Oké, dat is wel niet direct aan. Zelf vertrouwen zou linken. Dus dat vind ik al wel een goede nummer te nemen. Ja. Zijn er zo nog specifiek die je kan geven want het is wel inderdaad zoals dat gezegd. Het ligt ook grote niets aan de maatschappij. Die heel prestatie gericht is en heel snel. Ja, die is er hè. Jullie kunnen moeilijk allemaal in een bos gaan wonen. Om ons ervan te distancieren. Die is er dus ook wel een beetje kinderen daarin leren floreren. Ja, dat klopt. En daarom zijn er ook heel veel concrete tips en praktische tips. Weerbaarheid is eigenlijk een beter hoort dan zelf vertrouwen. Ja. Om daar weerbaarheid iets echt over hoe kom je weerrecht als het eff geslastig was. Ja. Dat zijn die bomen in een bos die dan aan de storm terug rechts sweepen. En dat zijn niet altijd de bomen met de dikste stem. Nee. Dat zijn soms ook bomen met een lange superreestam wat er gewoon denkt die je aan het direct aan als er een storm is. Ja. Maar weerbaarheid is hoe kan een kind weer verder? Na dat het iets heeft meegemaakt wat er eigenlijk niet zo fijn was. Ja. Dat is altijd een vaardigeheid. Je kunt vaardigeheid gaan prijnen en je kunt een attitude gaan prijnen bij kinderen. En vaardigeheid, je kan echt letterlijk gaan prijnen. Hoe kan jij jezelf een houding geven? We weten daar kinderen die recht opstaande houding hebben die daar goed oogkontakt maken. Duidelijk articuleren. Lichaam staan er gewoon. Prijken ondersteunen met gebaren. Die een goede lichaam staan er nog daarvoor zorgen. Dat zijn hoger zelf vertrouwen hebben. Ja. En weerbare kinderen zijn dan kinderen die daar in negen kroppen over straatlopen. Ja. In Amsterdam. Geloof ik, is er een ander zoek geweest van mensen die daar overvallen worden op straat. Mensen die daar eigenlijk recht voor zich kijken worden minder vaak overvallen. Daan mensen die daar blik naar beneden. Dus de lichaamstaal is heel belangrijk over hoe de andere ontspecipier als iemand die daar stevig in zijn schoenen staat. Zonder arrogant te zijn. Of als iemand die daar misschien wel die grenzen van kan gaan opzoeken. Ja. En dat zit in gebakken. Ook want ze hebben onderzoek gedaan bij blinden mensen. Hoe dat ze eigenlijk als zij een wedstrijd lopen, hoe dat zij over de mid komen. Als blijkt dat zij de winnaar zijn. Want ze hebben dat dan niet gezien. En want we weten allemaal hoe dat dat eruit zien. Je doet daar handen omhoog en je zegt ja een kind omhoog. Dat is ook zo bij blinden mensen die daar nooit hebben gezien bij anderen. Dus die lichaamstaal zit in gebakken in de natuur. Natuur vertelt daar iets mee aan de andere. Ja. En daar kan je een kindere leren. Zelf vertrouwen, betekent ze omhoog kijken. En ja, het open lichaamstaal eigenlijk. Ja. Een open lichaamstaal, een zelfssecre uitstraling, ook zonder, agressief te gaan worden. Ja. Dus dat balans vinden tussen passief niet agressief niet. Maar een assertief behouding is wel een gepaste houding. Wanneer je opkomt voor jezelf en rekenen je altijd met de ander. En dat is eigenlijk die houding die we de kinderen aanleeren. Omdat ze daar te weinig vaak van hebben. Ja, en dat is wel iets. Want je zou kunnen zeggen van gelijk bijvoorbeeld introvert zijn, is een eigenschap die je gewoon hebt. Misschien, al die, ik weet niet zeker of dat zo is. Maar sommige dingen heb de gewoon meer vanavond geboorten. Maar assertiefiteit is wel iets wat je kunt treinen. Dus door eigenlijk tools te geven om hetzelfvertrouwen te versterken. Dus het is niet zo iets van, ik ben gewoon een onzeker persoon. Dus ik zal dat altijd zo zijn. Ja, nee, dat klopt. Dus daar gaat ook over die mindset. Daar wil ik zeker ook nog iets over zeggen. Dus die vaardigheid is belangrijk, die mindset is belangrijk. Je kan met kinderen, je kan kinderen leren om hoe dat ze op een goede manier kunnen instappen in een spel. Ja, bijvoorbeeld. Je kan kinderen leren, als je ook contact maakt en je vraagt. Ik vind het een leuk spel, ik zou graag meedoen. Dan verhoogt meteen dat, door dat je kind op een goede manier doet de kans. Dat het andere jaar gaan zeggen. Dat weet ik me. Ja, oké. Dus als er bepaalde vaardigheid zijn. Als je op een bepaalde manier presenteert naar andere gijen, waker, aansluiten vinden. Als je naar beneden kijkt of gedurfnix zeggen of of gemompeld of gassen te vrimelen, dan ga de botschap geven en aan anderen. Maar nu moet ik eigenlijk niet zoveel rekening houden. Dus je kunt kinderen daar echt leren, maar dan moet al de hand een hand gaan mee. Hoe dat je aan een mindset gaat werken. En hoe dat zij ook gaan meer geloven in zichzelf. In voorbeeldje misschien over dat stevig staan. Als kinderen bij ons in de treining komen en ze hebben de eerste session, dan willen we lopen zo'n rond en we geven zo'n duurtje en klein duurtje. Dat zijn allemaal kinderen die heel wankel staan. Die dan meteen uit evenwicht zijn. En als je dan zegt van kijkt, beeld we nu eens in dat er onder uw schoenen een heel stevige pinset. Excuseur, eh beeld we eens in dat er onder uw schoenen een stevige pinset. En zet hij nu maar een stevig in de grond. En er is eigenlijk niks veranderd. Alleen maar een kind dat stevig gaat staan. Lichaam staan al, ja. Ja, ze dan rond lopen. En je doet diezelfde kinderen tegen hun schouder. Die krijgt je niet weg. Die staan stevig. Dat is ook een noefeling in de stemtherapie. Ja. De houding, dat is wat de ademhaling ook goed zit. En als je dan aan kinderen vraagt hoeveel je beschrijven is gevoelens die je eerst voelde toen ik jou duwde. En je gaat dan vragen naar kinderen en waar je gevoel zijn gedacht te achteraf. Dan zie je dat er door die houding die veranderd ook in de shift in mindset zit. Ja. De kinderen zeggen, ik voel me sterker, ik durf er precies meer. En oké, op welke manier zou je dit nu in de speelplaats kunnen gaan toepassen. Ze moeten daar niet met binnen sterker gaan staan, maar die beeld spraak. Ja, ik zou nu wel eens door of iemand aan spreken die ik niet ken. En waar ik dan wel samen iets meer wil gaan doen, bijvoorbeeld. En ook misschien het idee van, ik kan er hier, ik heb hier controlen over. Ja. Ik heb een kinderen bloed op uit hoefenen. Dat doen we misschien ook wel veel. Ja. Ook contactmaak is heel belangrijk om verbinding te zoeken met iemand anders. Er komt ook hormon vrij. Als je contactmaakt met iemand anders die verbinding nog gaat stimuleren. Als je dan niet doet, dan je kijkt niet. Kindjes die soms stout zijn. En ik zeg niet stout de kinderen, maar kinderen met stout je draag. Die doen dat ook. Die gaan nu contactvermijden. Van ouders en valieraren. Want als je contactmaakt met iemand, denk je zegt iets van. Dit vind ik eigenlijk echt niet fijn. Dan is dat veel moeilijker omdat je die betrokkenheid voelt. Dus voor kinderen die eerder onzeker zijn, stimuleren het ook contactmaak. En gaan natuurlijk in een veilig omgeving starten. Gaan dat dien vragen op keren. Hoe kan je dit nu op school gaan toepassen? Of waar het moeilijk loopt? Of op feest waar kinderen ineen gedoken aankomen. En misschien heel feest te blijven. Dat is ook vaak een probleem. Hoe kan je daar nu gaan oefenen? Ook in echte situatie. Maar altijd betrekken van het veilige basis bij u thuis. Om zo te groeien om die waarde geden echt te trainen. Ja. En kan je ook de veel vertrouwen hebben? Kun je kinderen ook de veel vertrouwen hebben? Om ze daarmee oppassen? Ja, absoluut de kinderen die daar de veel vertrouwen hebben. Troos ook de veel. Die gaan vaker riscovol getrag. Vertonen. Die vaker in de gevangenis te echt komen. Als jong volwassenen. Die vaker geen minneel activiteit te doen. Vaker experimenteren. En dat dat uit de hand gaat op met drugs en alkol bijvoorbeeld. Dus de veel is niet goed. Die kinderen krijgen geen ingrens. En die gaan het gevoelen. De voelen hebben dat alles rond hem. Dat rond hem draait. Ja. En dat is zo in de wereld niet. Nee. Want niks eruit rond u. En die je moet altijd rekenen houden. Terrest ook. Ja. En is dat iets dat we dan zelf kunnen kunnen voorkomen ook mee? Is dat betekent dat bijvoorbeeld dat we moeten opletten met complimentjes geven? Of hoe kunnen we dat vermijden dat ze te veel vertrouwen krijgen? Ik denk dat je moet opletten met op welke manier je complimenten. Je hebt op welke manier je praat. Ja. Als je altijd zegt je bent fantastisch. Je bent zo slim. Je bent zo knap. Dat klopt niet. Dit is niet in Nederland is perfect. Ja. Een kind dat de mooie tekening maakt. Je gaat zeggen, waarsen mooie tekening. Maar je vindt eigenlijk je mooie tekening. Je bent niet echt. Je bent niet eerlijk. Ja. Ik zie daar heel veel energiën hebt gestoken. Er is iets anders. Een kinderen ook leren op welke manier ze in sociale waardigheeden met ander goed kunnen omgaan. Ook ingrijpen als je merkt dat je kind die het zoetwaar niet ok is. Naar andere kinderen toe en ook wel zeggen, dat is niet ok. En ik zeg niet dat je moet straf. Want ik ben er absoluut geen voorstander van. Grinsen stellen. Grinsen stellen. Grinsen stellen aangeerd van. Dit is echt niet fijn. En zo gaan we in het leven niet met elkaar om. Daar moeten we kinderen echt wel aanleeren en pati. Zou onvak moeten zijn. Lass ik onlangs ergens in mijn schikl? Ja. Leren respect hebben voor elkaar. Er zijn wel meer kinderen die moeten hebben. Dus we kijken meer onzekere kinderen over de vloer. Dan kinderen die dat te zeker zijn. Ik denk nu ook bijvoorbeeld aan pestje draag. Hoe ziet het daarmee zelf vertrouw? Is het zo dat de gene die pesten vaak veel zelf vertrouwen hebben? En dat slachtoffers weinig zelf vertrouwen hebben? Of is dat niet per se het geval? Nee. Pesten is zo'n bijzonder vanaf meer. Dat is eigenlijk niet zo. Ja. Ja. Ja. Is het zo dat dat de gene die pesten vaak veel zelf vertrouwen hebben? Dat is eigenlijk negatief is voor alle partijen. Alle betrokken partijen, natuurlijk het slachtoffer, heeft daar heel veel moralisch gade door zijn kinderen die later moeilijke mensen kunnen vertrouwen als al lang aanhouden die daar heel veel negatieve emotioneel sociale effecten daarvan gaan ondervinden. Maar ook weten we het onderzoek dat best daders vaak kinderen zijn met lager zelf vertrouwen. En dus kinderen die op een ander manier gaan proberen een pootje te vullen. Zeg je dat altijd. Dus we moeten de verzorgen dat alle kinderen een pootje gewoon gevuld is. Ja. We hebben kinderen het gevoel hebben. Ik moet daar niet ergens anders gaan halen door iemand onrecht aan te doen. En een systemteher in om dat ook destructief recht te betekent eigenlijk als je zelf onrecht is aangegaan. Je voelt je zelf niet goed, je hebt niet zelf niet verwerkt. Dan ga je daar eigenlijk projekteren op iemand anders door te proberen dan iets af te nemen. En om dat in de hoop dat die balance dan er waarin even komen. Maar dat is nooit een goed idee. Dus je kan beter ervoor zorgen de alle pootjes van alle kinderen gevoel. Je voelt zijn ja. We moeten een kleine voetje voetje. Mooie, hè? Mooie. Ja? Maar je moet je, maar je moet je, maar je moet je, maar. Spreek jij deze taal ook? Mama zijn papas kennen zelfs geen ander. En kinderen bij slagvons in Fino. Want in Fino wil jouw kind en jouw gezin een handje helpen zodat jullie samen in het leven kunnen groeien. En je kind zijn eigen plek in de samenleving kan vinden. En daarvoor moeten we natuurlijk dezelfde taas breken. In Fino.BE. In Fino. Samengroeien. Ik denk jij dat dat ziet, zoals ik mij al langs heb afgebracht. Als we in de maatschappij zouden leven, waarin dat er niet wordt gestraft, bijvoorbeeld. Maar waar dat we eigenlijk dus zo een beetje afkomen van die macht van de autoriteir opvoeden, van iemand die de machtigheid en de andere niet, dat er dan ook minder gepesten worden? Absoluut. Ja, dat is zo iets waar ik mij ook onlangs af vroeg van misschien dat kinderen op school zo iets hebben van, ik voel mij niet zo heel zeker. En ik moet hier zien, ik de macht krijg. Want anders ben ik de gene die niet de macht heeft en word ik misschien gepest. En als dat daarom ook gaan pesten, is dat zo? Ja, het gaat er over hoe dat begrip macht invuld. Ik denk als je gaat straffen vanuit een maxpositie, een kinderen die dan uit angst, het neem er gaan doen, die daar je dan trijnt een stukje. Er gaat niet werken om de lange termijn. Dat zijn kinderen met kwetsuren. Er zijn heel veel kinderen met kwetsuren. Bij de Amerika's ter wereld is de zelf doodings ratio onder jong volwassen, zo hoog als bij ons. Bij de Amerika's ter wereld zijn er zove op zich eens problemen. En de landen waar we mee in competitie gaan, zijn echt niet de landen, waar je wilt mee in competitie gaan, dat zijn landen waar de prestatie er nog hoger ligt. Dus we hebben al heel veel jongeren die moeten hebben met dezelf en hoe dat ze in de wereld staan. Dus als je blieft, laat ons niet te veel uit die macht aanwaarde macht. Hij is wel een aanwaard gezag van iemand die mij de gits. Mijn gits is die mij de weg. Je zag hier een beter woord eigenlijk. Ja, dan mag het. Veel beter. Ik denk dat het belangrijk is om soms wel meer grenzen te gaan stellen, maar de manier waarop je dat doet. Daar zit het fundamental. Of de communiceren eerder dan door te straffen? Ja, door gewoon uw kind als een kind te gaan zien. Als een volwadig persoon die dat je niet straffen uit mag te loosheid, maar die dat je mee gaat nemen in hoe dat je kijkt naar wat je belangrijk vindt. Dat vind ik heel, heel waardevol. Dat ziet wel in onze maatschappij zo een kind te pest. Ik weet nog dat als ik toen ik geen kind ernaat, heb ik de uitzvraak gedaan. Ik was gisteren de volkast aan het voorbereiden en ik moest er ineens aan denken. Als mijn kind ooit een ander kind pest, dan steg je me in de kelder. Ik heb dat effectief ooit gezegd. Ik ben dat uiteraard die en ik zal nooit in kind in de kelder zeggen. Ik heb ook geen kelder. Maar ik kom maar zeggen, de eerste wat in de opkomt, als een kind een ander kind pest is om die te straffen te zeggen. Kijk, dit mag je echt niet doen, dus ik ga je straffen. Maar misschien is het dan de visieose cirkel waar we in terecht komen. Wat maak dat kind straft? Dat zou dan de vraag moeten zijn. Er gebeurt niet zomaar nooit. Het is ook niet met de vingerwijs. Je hebt geen goede opvoeding, je hebt de zjuk kind strafter. Dan kan je altijd dingen zijn waar je geen vat hebt. Of de contacten met andere kinderen. Je kan altijd dingen niet alles voorzien. Je kan wel proberen daar op de antecipere door te proberen te weten waar je z'n kind mee bezig is. En dat is ook een van de dingen die trouwens heel erg belangrijk zijn voor hetzelfde trouw van kinderen. Het is stimuleren is luisteren. Maar je kunt maar echt luisteren. Het is natuurlijk om echter luisteren. Je kent al tussen de regels door te lezen. Ja, dat staat er eigenlijk niet in de tekst. Wat er niet zwaagt op pitstaan, maar wat voelde wel. Dat moet je eigenlijk ook met kinderen doen. De regels door luisteren. Echt luister, actief luisteren. Welke botschap geeft mijn kind? Ja, papa, vandaag in de klas en de meester. En die liep mij niet aan de beurt. En die is effer, die mag altijd aan de beurten. Die feiten zijn belangrijk. Maar wat veel belangrijker is was het erachtig. Ja, ik zie dat je boos, ik ben niet boos, papa. Wat ben je nou wel? Ja, ik vind dat eigenlijk echt uneerlijk. Ik voel mij onrechtvaardig behandeld. Dus je vind dat niet fijn. En dat de meester jouw dan niet zo vaak ziet. En de andere wel is dat dan nog op ander door mij. En je begin met kinderen te spreken, geeft hen een taal. En je luistert en je zegt eigenlijk uw verhaal is belangrijk. Ja. U kind, een kind daar voelt mijn verhaal is belangrijk. Ik ben belangrijk voor mijn ouder. Ja, het zie je belangrijk uit voelen ook. Ja, zonder, zonder, natuurlijk. De belangrijk, ja. Zonder koning, nee, nee. De balans. De balans. Ja. Om meer dingen te vertellen. Ja. En ook om naar u te komen aan staan de pube wordt. En zegt van, ja, hoe werkt dat met die voorboetsmiddelen bijvoorbeeld. Want ouder is zeker, maar ze spreken niet met mij. Ja. Ja, ze spreken met uw kind. En luistert naar uw kind. Als u patate op staan en u kind zegt iets. En dat is belangrijk. Dan zit u patate aan af. Ja. En die vijf minuten. Die zoon het niet maken. Want dat is denk ik in er dat het grootste probleem, denk ik, ja. Als mensen zeggen van, ja, misschien dat we niet altijd zo goed luisteren. Omdat daar zo weinig tijd is. Omdat we weer in die maatschappij zitten want alles moet snel gaan. En dat gaat ze van school halen. En dan moet ze zien dat ze het krijgen. En dat ze op tijd in een bed liggen. Als u naast wat ik nog maken. En het is allemaal zo, tak, tak, tak, tak, ik moet allemaal gebeuren. Je hebt tijd. Je geeft er iets prioriteit aan. Ja. En ik zeg dat ook altijd. Er is ook een bepaalde mentaliteit. Ja. Of u kunt ook tijd maken. Ja. En ouder zeg, ja, we hebben er geen tijd voor. Ook een hele korte, unieke momentjes van kwalte. In de auto bijvoorbeeld. Ja. In de auto of zelf. Ja. Het is heel waard als zijn heel waardevol om het contact met uw kind te hebben. En het contact met uw kind is een basis voor waarde. Dus dat kinderen durven, waar ze mee zitten. We hebben een inderlijke belevings wereld te tornen. Ja. En dan komen we vlak van emoties bijvoorbeeld. Gaan we ook heel vaak verhaal afgrenzen. Wanneer kinderen emoties tornen die eigenlijk we niet zo goed vinden. Dus kinderen bang zijn. Als kinderen droevig zijn. Dus kinderen omploffen. Maar ze zijn heel bos zijn. Gaan we heel vaak dat proberen om op de mat te vegen. Ja. We moeten toch niet zo bang zijn. We moeten toch niet halen. Maar dat we het al heel vaak over gaat. Dat heb ik al heel vaak over gesproken. Terwijl we wel weten dat een crucial element om gelukkig te worden in het leven. Is dat je als je een diversiteit van emotioneel ervaringen mag hebben. Ja. Dus als mensen het gevoel hebben, ik mag bol zijn. Ik mag het droevig zijn. Ik mag bang zijn. Het hoort bed leven. Het hoort bed leven. En dan komt er wel weer goed. Ja. En toch hebben de nijing om als een kindje valt van zijn fiets om aan het toe te gaan. Als ik gekomst, dan staan we er snel recht. Je moet toch niet wenen. Zeg je bedan. Ja. En als je als stevig is dat zo vaak hebt. Wat moet we dan wel doen? Ik zeg je. We gaan gewoon naast die kind zitten in een gezicht van. Het is lastig. Ik zie dat het lastig is. Dat is niet tof. Ja, dat is niet tof. En als je kind een beenbruik heeft. Dan moeten we mee naast. Maar. Niet gewoon zeg je dat lastig in terug naar huis. Dat lastig in wachten. En die gaat niet lang moeten wachten. Of je kind gaat iets doen. Ja. En daar is essentieel. Je kind gaat recht staan. En je kind heeft zelf recht gestaan. En terug energie gevonden. Je kind is webar. Je kind is was enelastiek. Wat uitgerokken en komt terug. Tot z'n originele vorm. En jij hebt een extra tool als ouder. En jij bent gevallen. En jij had zoals die daarnet. En jij had zoveel pijn. En jij had het trame. En ik ben gewoon even. Kom maar kijken hoe jij daar eigenlijk mee omraat. En nu staat hij recht. Dat wordt dit eigenlijk gedaan. En daar is de krecht die kinderen op. Dat is weerbaar recht. En je hebt zelf recht. Je hebt zelf recht. Je heeft dat kans om zelf recht te staan. Die emotie blijft ook niet duren. Pijn blijft niet duren. Banks zijn blijft niet duren. Wees aanwezig. En erken dat die angster dan is. Snags bijvoorbeeld ook. En laat kinderen dan daarna. Zelf eruit komen. Je weest naar bij. Ja. Maar dat is iemand. Ja, we nemen dat rap uit handen. Ja, en ik denk dat als ouder is het. Ik spreek voor mezelf maar ik denk dat ik voor veel mensen spreek. Zo soms moeilijk om de grens te zoeken tussen. over beschermend zijn. En gewoon voor de leven gooien. Ja. En zo, in hoeveel moeten dan die een boom afschermen van de storm. Want de storm kun die wel even toe tegenhouden misschien. Maar ook niet altijd. Nee. Je hebt ouders die die in een speeltuin. En ik heb het daar gaan zitten. Doe maar. Je hebt ouders die de onder het klimwerk gaan staan. En als het kind valt, dan hebben ze het zeker. Ja. Ik zeg altijd proberen een ouder te zijn die zich daar tussen bevindt. Ja, maar dat is moeilijk. Want waarlijkt die grens. Ja, maar kinderen kunnen heel goed zelf autonomen beslissen. Wat dat er gevaarlijk is voor hen. Je moet het in doog houden. Maar speeltuinen. Want er heb je de laatste keer in de krant iets in staan. Dat er een dollijk ongeval in de speeltuin is gebeurd niet. Nee. Natuurlijk krijg je kinderen wel eens een gebroken peen. Of er gebeurt er wel iets in de speeltuin. Maar heel waar kunnen zij zelf ook inschatten. En Vancouver in Canada is er een gevaarligste speeltuin ter wereld. En ze zeggen ook dat de beste speeltuin is ter wereld. Want kinderen moeten daar inschattingen maken. Kan ik dit? Hoe vaarlijk is dat? En zij zijn genicht om het niet te doen. Als het eigenlijk motoren is nog niet klaar voor zijn. Natuurlijk als ze als het gevroren heeft. En er is eis en feiver. En nu beurt erover klutteren. Op daarna moet je nog gaan. Dan moet je naar vijzen. En je moet monitoren. Voor wat het echt misdereig te lopen. Maar kinderen kunnen daar eigenlijk heel goed en daar loslaten. Dat is ook moeilijk. En van de elementen. De elementen om mezelf het er al van kinderen te gaan. Dat is eigenlijk zelf leren om. Ja, autonomie en zelfsturing. Zelf ook probleemen, oplossen. En we kunnen hier echt uren oppraten. Dat zijn heel veel dingen. Als kinderen het zelf mogen doen. Ja. Je hebt mij gewoon die ruiten, ruimden en tijd om het zelf te doen. En we nemen het dat handen. De kinderen hebben ruzie op de speelplaats. De juf komt erbij en zegt van alle. Vertelde jij eens. Wat is er? Jij moet twijgen. En nu moet hij grijven. Zo gaat dat. Alle geeft elkaar een hand. Het is opgelost. Dat is niks. Maar veel wassen los dat voor me helpen. Hoe zouden ze het aanpakken als ze echt gewoon. zelf mogen beslissen van hoe de de ruzie hebben? Ja, die ruzie hebben dat niet fijn. Hij heeft dus rustig worden, dus ook heel grijg willen. Dat lukt dat samen. Hoe gaan we dat op laten? Moeten hij op straf altijd. Ik vraag mij dan af. Moeten de kinderen op een stoken gaan. Ze moeten reflecteren over wat ze werken. Ja. Moeten. Ik vraag altijd een kinderen. We hebben nu eifjes nodig om rust te vinden. En kun je eifjes tegen een ding in elkaar rast terug gaan. En we zijn er zo'n oplossing en help met er is bij een stopgelost. De kinderen kunnen daar kijk hoe. En die komen met de beste oplossingen met. ja, genial idee, kinderen zitten zomaar creativiteit in kinderen die we eigenlijk. de montsnoeren of de kans om dat laten ontwikkelen om zelf probleemen op te lossen. En dat is heel belangrijk ook in broepsleven later. Dus onze taak om kinderen laat ze maar. sociale waardigen de soft skills. En we gaan onze maatschappij wordt overgenomen door robots. Dus wat zijn de belangrijke waardigen die gaan overblijven? Ja, het is de emotionele intelligentie. Ja. Maar ik denk nu ook dat het als je dat zij van kinderen kunnen zelf wel. maar goed inschatten denk ik direct aan mijn dochter van tien maanden. Dat is echt. Als je die alleen laten dan gaat die sterven denk ik. Ja. Want die krept overal op en die valt er af en die stikt alles in de remonte. Ja. Maar baby ze hebben daar besevd nog niet. Dus nu moeten we. Dus ze zijn vanavond een bepaalde leefte. Ja. Een ander soort van ouderschap. en niet alle kind zorgt hetzelfde. Er zijn ook goed lozen kind. - Nee want Leelma's zo helemaal niet. - Nee. Die was eigenlijk vanaf het begin zo van "oh, die zeteler moet kierveropassen, waar elle hoofd die stort rijden te pletten." - De tweede, heel vaak hoor ik dat bij vrienden ook de tweede. Die gaat helemaal ons, dat is een hooligan eigenlijk. Maar geen enkel kind is hetzelfde. En dus denk je dat je goed moet kijken. Maar wat kan een baby ja, moord en niet alleen in de ruimte laten. Nee, maar dat ook meestal is, bijvoorbeeld. Dat is vormig. Maar kinderen speelt dan, kunnen we vaak heel goed inschatten waar kan, wel waar kan niet. En als ze zand gaan eten, ja. Dan eten ze zand, dan kunnen ze het ook bij doen, maar het is eigenlijk niet zo heel erg dat ze zand eten. - Nee, ik heb al langs geleden zelfs de aarde, maar zand is nu misschien niet echt aarde. Maar alweer, fijn, zwarte los daarvan, de aarde eten zelfs heel gezond is voor kinderen. En niet te veel, maar af en toe, zo is het niet kier. Dat doen we denken aan een verhaal van mijn bomba, mijn grootvader, dat is nu in de 94 en 90, die woont in Hasselt. En dan gingen we vroeger op vakantie in de zomer, dan weet je logeren en dan een ander vakantie. En die namels altijd meen een bokrijk. En die had ook aardiggeed met me een paar moment, want er was een regenacht hier en daar en ze zegt, nee, ik heb een vliegere vroeger gekocht. En we gaan die op laten in bokrijk op een grootveld. Maar dat was een wel wat met molsoppen. En hij was aan het lopen met die vliegen dat er nu met hem daan. Op een gegeven moment die vliegere had er lukt er niet, want dat was niet zo'n goeie wind of hè. En hij strakelt over een molsop met een gezicht in een andere molsop, dus hij was echt aardigd aan het heet, zodat hij nu zegt. En ik vind er ook een mooi verhaal, omdat de aansluit bij een van de elementen die we weten dat er ook invoeteerd op zelf vertrouwen is samen dingen doen. Samen herinneringen maken. Als je zelf terugkijkt naar je kindertijd, dan heb je vast mooie herinneringen. En dat zijn heel vaak ervaringen. En niet de moment dat je iets krijgt. Want dat is heel moeilijk om nogal als speelhoed dat je hebt gekregen en dat is een op een lijst te gaan zitten. Dat zullen wel dingen bij zijn, maar waar je wel onthoud is, en toen ging ik samen met mijn mama koken of toen ging ik samen met mijn onkel naar een park. Dat is waar, die geen geld koste. Die hadden heel vaak onthouden. Soms ook die je niet in de hand hebt. Ik heb bijvoorbeeld zo'n herinnering dat er zo'n grote zwarte vogel in onze twins had. En dat je echt ook bij ons bleef en dat je in die weg ging. En dat we die dan aan aangaven en zo. Dat is zo inderdaad. Je vindt er mij inderdaad ook niet zo heel veel materieelen dingen. En als kindertijd, die herinneringen nu, dat zijn waar mijn herinneringen? Jouw kinderen zijn nu ook die waar mijn herinneringen aan het beleven en als volwassenen, beleven we die situatie, dat we een park gaan, we bos gaan, helemaal anders. Of naar een pretpark met hoeft je een geld te kosten. Voor kinderen is dat allemaal veel magisch. En veel groter. En dat ziet er allemaal heel goed uit. Zij beleven nu de realiteit die je samen hebt beleefd, anders en veel puurder. En ik zou willen dat ik terug kom. Maar daar vergeten we soms dat er herinneringen die je later en je kinderen wil dat je kinderen laten hebben. Dat is dat we die nu aan het maken zijn. Ik zeg soms van 'maak zo'ers elke week, twee foto's van dingen die je hebt gedaan met je kinderen die geen geld kosten. En stuur dan naar een e-meladres. Dat is speciaal hoe je kind aan maakt. En als je kind aan 16 of 18 wordt, dan je hebt er pas wordt van een e-meladres. En om te laten zien hoeveel leuke dingen je elke samen hebt je daar niet er aan pombaarheid, maar gewoon als een goede herinneringen die eigenlijk bestist om om te maken. En als het kinderen het overladen met cadeaus en zo. En zoals bijvoorbeeld bij verjaardagen zijn ervaring cadeaus eigenlijk leuker. En ik ga bijvoorbeeld met mijn metekintje naar de like-my-show. Die was heel enthousiastig. Ja, alle kinderen bijna zijn heel enthousiast daarover en die samen dingen doen, iets doen met je metekint of met je zoon of met je dochter. En daar kost geen geld om te zeggen van "alle, doe dat maar even een kus mee met de panighoek en of met de waafels pakken". Volk al is dat dan een zoep in die keuken. Ja. En betrek kinderen, dus de partipasie van kinderen en zo'n paar weten we van het onderzoek dat kinderen die partipasie krijgen in het huis houden of die daarmee keuzes mogen maken, die daarmee worden betrokken in het gezinsleven. Dat zijn een beetje zelf vertrouwen ontwikkelda. En ik zeg bijvoorbeeld altijd dat is om te lachen. Het voorbeeld toen ik de eerste keer mijn eigen potje moest koken op kot. Toen ging ik een spaghetti in de pot doen, water in de pot doen, de saus in de pot doen, een teksel erop. En dan had ik de acht minuten op maximum gezet om de kus te neerdijen. Spaghetti moest maken. En natuurlijk na twee minuten kwam ik kotgenoot, maar ze was eigenlijk aan het doen. En waarom zit ik je op een bureau en niet bij een pot? Dat is hier één zoep in die keuken. En ik zeg ja, moeten spaghetti eerst koken en ik wist dat niet. Want als ik vroeger in de keuken bij mijn vader moest helpen, dan moest ik beneden in de kelder een pak melk gaan halen. Of dan mocht ik misschien ergens in roeren. Maar zeker niet snijden of zeker geen dingen aan het vuur, want dat zou natuurlijk, dat is voorvaarlijk. En dit is nu een grappig voorbeeld, maar stel er maar eens voor, dat ga je al er niet mee geeft. En dit is nu competentie koken, want de vader je het iets kunt een potje maken. Maar als het gaat over vader je het op emotioneel vlak, of sociale vader je het. Dan zit het helemaal als je 18 jaar bent en je hebt nooit geleerd om te praten over uw voel. Je hebt nooit geleerd om te luisteren naar de ander. Ja. Dan zit het er echt met een handicap. Dus ik zeg altijd, laat je kind participeren, praten met je kind, en betrek die bij beslissingen. Uiteindelijk zeg jij natuurlijk de volwassenen die daar de beslissingen maakt, maar die participatie is zo belangen. En ook die deweerbaarheid inderdaad, als kind, vooral is vooral het afgegen, geschermt eigenlijk. Dan ga ze ook niet leren om terug rechts te staan en dan ga ze ook volwassenen worden die het moeilijk vinden om rechts te staan. Ja, dat klopt. Dieweerbaarheid is belangrijk in het leven, want we gaan altijd klapen krijgen langs bepaalde kanten. Dat is nu helemaal het leven. Klappen komen we zo zo aan, dus je kunt je kind er best op voorbereiden. En ik noem dat dan een stukje door niet te veel te helikopteren, door een stuk dinget te laten zijn, ook te laten. Zoals Nina moet ons echt niet, daar gaat niet perfect zijn, door daar ook toe te laten. Geef je, als het ware een vaccinatie, mijn klein beetje ongeluk of een klein beetje, dir ik door wachten heeft er ook heel mooie boeken of vertellingen over, of toe laten van het lijden. Ja, dat is om te duren van valen. Ja, duren van valen. En ook omdat je dan door die emotie ook weer heen, doorheen geraakt. En als je een beetje kinderen wat inend mij wat negatieve prikkelst die daar je eigenlijk ook laat gebeuren. Ja, dus niet dat je ze toe dient, maar dat zal je laatste gebeuren, ja, ik begrijp het. Ja, dan gaan kinderen natuurlijk, daarom een anti, hoe zegt je dat? Ja, het was een vaccinatie. Dat was een laatste toffe ja. Sterker staan, want ze weten al hoe ze probleemen kunnen overbinnen en ze weten ook dat dat stopt. Ze hebben geleerd, dat gaat over. Ja. Dat is heel lastig op dit moment, maar op een gegeven moment is dat voorbij. Ja. Ik moet denken aan de netvlieksstokumentaire van Brenney Brown. Ja. Daar vertelt ze, dat is al een video-kier of zo, ik ben echt onder de inruik van die documentaire. Ja, dat is geweldig, dat is wel een toffe, dat is een uur, dat denk ik, dat je je bedoelt. Ik weet niet, dus echt een netvlieksstokumentaire van andere alvuur of zo. Ah ja. Waar ze eigenlijk gewoon vertelt. Of wat ik wetsbaarheid. Over ik wetsbaarheid. En op het einde van die documentaire, het is echt een haarader. Daar vertelt ze over haar dochter die ons web met strijd moet zwemmen. En die daar heel angstig voor is, dus echt vaal angstiefd. En die zegt van, ik ga dan nooit winnen. Ik wil eigenlijk liever niet meedoen. En dus die zoekt manieren om er eigenlijk onderuit te komen. En ze vertelt ze als moeder het voelt van, ik wil echt u beschermen. En ik zou echt liever willen zeggen, blijft jij maar gewoon thuis en doe het niet. Maar ze heeft het niet gedaan, ze zegt van ja, kijk, soms die ze winnen ook gewoon meedoen. En het proberen. Ja. Omprachtig verhaal ze vertelten dat ze effectief meedoen en dat ze laatste zis. Dus dat het ook echt een heel verveelde ervaring is dat het ook winend uit zwemmat komt. Maar dat ze dan zegt van, ik was dapper, ik heb gewonnen want ik heb het geprobeerd. Ja. Prachtig. Ja, dat ze. Ja, ik heb er wel van. Ja, echt. Ik heb een gister voor een tweede keer bekeken. Ja. En ik heb twee keer ook echt zo trainen geladen want dat is zo'n verhaal. Ik denk ook dat Taren Bryne Brown er dochter heeft toegelaat om van een fixed mindset. Ik kan het niet, ik ga dan niet, waar je het vertelt, naar een groot mindset ergaan. En zo, een keralde weg zegt van, je moet een groei mindset proberen te installeren bij kinderen. Wat als ze eigenlijk geen ogen hebben voor want niet zou kunnen. Je weet ook niet of je iets zou kunnen. Maar je weet wel, dat je iets kan proberen. Ja. En dat is zoals Pipi Langkaus, ik heb nog nooit gedaan. Dus ik denk dat ik het wel kan. Ja. Dat is een groei mindset. Ja. Dat is geloof op de toekomst. En wat heeft de keralde weg gedaan in school in Amerika? Ik weet niet wie dat weet. Ze heeft eigenlijk daar die woorden op rapporten gaan vervangen. Je kan het niet stond ervroeger. En nu staat daar, je kan het nog niet. Ja, dat is niet. En dan heeft je het woordje "jet", daar aan toe gevoegd "notjet". Ja. En dan maakt eigenlijk dat je van een "end" halte. Het is niet in orde. Naar een proces gegeven gaat, het is nog niet en je bent nog. En dat is ook iets wat daar in de rondzelfde trouwelijk heel veel rondwerken. Het veranderen gedragte en gedrag. Want kinderen met een die onzeker zijn, die hebben heel vaak negatieve beeld over zichzelf. We hebben negatieve gedachten. Ik kan dat niet kunnen. Of ik durf die andere kinderen aan spreken want die gaan mij belachelijk vinden. Hele studenten die begeleid in de hoogere onderwijs, zeggen, ja, ik doe mijn mond niet open op een tienbregaardering want die gaan mij dan belachelijk vinden. Dus die gaan eigenlijk een idee was er meldenwaard vinden voor de klienten die ze daar begeleid niet brengen. Omdat ze zelfs schrik hebben van de meningen van anderen. En dan zei ik ook van jou, we zijn het eerst lekker aan gebeuren. Dat die mij echt belachelijk vinden, maar dan zegt dat eigenlijk meer zei ik altijd over die mensen. Die hebben ook hier een sociale sector over werken. Dus we zitten heel vaak vast in een fixte mindset hinderlijke gedragte. Ja, ik ga dat niet kunnen. Maar ik denk dat dan ook wel een valkijl is van ouders of op hoeders bijvoorbeeld om dan niet te zeggen van, ja, we gaan dat supergoed doen. Want dat is ook niet de realiteit, want als het dan niet goed doen, dan gaan ze denken, ja, maar eerder die lichtigen mij en gaat hem daar volgende keer niet meer gelopen. Jij moet luk de wullen of zegt er over. Spreekt over het talenten heel vaak, heeft daar boeken over geschreven, ook zegt er over. Jij moet gaan nadenken, welk talent van je kind kan in action worden gezet. Wat is een intrinsiek talent? En daar moet je natuurlijk je kind in eengaans stimuleren. Je moet niet als je echt ziet dat je kind superhouderig is. Dat moet je niet gaan stimuleren om bepaalde atletiek of of tornen te gaan doen. Maar zelfs als je kind daar plezieren neeft wat dan nog. Als je kind vast het in je weet dat de 3G is, dus gevoel en gedachten, hebben een impact op ons gedrag. Als je denkt dat je de laatste gaat komen, dan gaan ze snel rijden met een auto. Dan gaan ze misschien door te rijden. Dan gaan ze misschien kwaderen tegen de intractoren. Is dat de wit van Murphy? Is dat dat? Allemaal alleen maar omdat je denkt dat je de laatste gaat komen, want je kunt er bijvoorbeeld niet checken. Je werkt het in de hand. Ja. Als je dan ga er vangen door, ik vind verkeersveiligheid heel belangrijk. Het volgende keer ga ik gewoon op tijd vertrekken. Het is een solicitatie, pech, ik heb hier uitgeleerd. Het zal me niet meer overkomen. Dat zijn behulpzame gedacht. Dat zijn positieve gedragte die je meer aan sturen in. En in een positieve gedrag. En als je dag gaat vertalen bij kinderen op situaties, wat tacht je? Wat voelde je? Wat deed je ja niks? En dan, oké, wat zou je kunnen denken? Wat zou je dan voelen waarschijnlijk als je dat denkt? En wat zou je dan doen? En dan zie je dat er heel veel verandering in mogelijk is. En dat is die verandering in de mindset. En dat de volk is op het positieve. Ja. En er staat minder denken van gewoon zelfvertrouwen creëren door te denken. Ik kan het of ik kan het op zo'n mist proberen. In plaats van, dat gaat niet heel, want dat gaat nooit kunnen. Ja, voorbeeld. Ik kan het, dat kan je niet weten, maar ik ga een poging doen. Ja. Daar wel. Dat kan je er iedereen kan zijn, ik ga het proberen. Misschien kan ik het wel in plaats van, ik ga het waarschijnlijk kunnen. Ik moet het testen of ik het kan, of ik ga het gewoon doen. En als ik hem blouwslop, ja, dan is het zo. En die iedereen kan je, zal je er graag hebben in te leven. En dat is ook oké. Ja. En dat positieve in de opvoeding vind ik dan eit daarbij aanzeld dat het ook heel belangrijk is soms heel gemakkelijk om in de drukte en in negatieve ervaringen ook te blijven hangen. Ja. Als ouder. En omdat er gaan focusen op gedraagd aan die gewendst is, drie kindjes zitten op een stultje naast elkaar. De middelsen is met zijn bewegen en eigenlijk de afspraken zijn de klas van we zitten stul. Lass van de discussie op dat dat een goede afspraken is of niet. Zijn leraren gefocust om te gaan zeggen tegen de middels te kind aan. Zit nu stul. Maar hoe vaak moet ik het nog zeggen? Ja, we kunnen eigenlijk ook die andere kinderen die daar zijn en gaan aanspreken. Maar je dat is goed dat je zo rustig naar jeuf kijkt. Knaap die je zo stil zit. En dan gaan we in 2/3 van een gevallen zien dat de middels de kind minder de bepen bewegen gaan doen. En dan gaan we met een 1/3 compliment. Dus ik zeg, complimenten zijn soms wel een goed idee als je ze in een situatie positieve kan in. Zet die je 3 complimenten kunnen geven of 3 positieve bol schappen. Terwijl de anders die handig 2/3 niet had gezien. Ik heb die ook in de gehet want die doen we gewoon wat ervan en verwacht wordt. We had dat wel een opgave is. En de middels de kind krijgt nog maar eens te horen wat het niet moet doen. Het is de focus op het gewenste of je wel verwacht die shift maakt. Dat is voor ouders heel belangrijk. We gaan van negatief weg van het diest op zitten. Eet problemen, slaapproblemen, heel veel mensen. Dat gaat er niet goed. Ja, focusen en je moet eten. En jij zoelt en jij en dan krijg je kinderen. Ja, het probleemen natuurlijk nog meer. Het stormen is soms wel slapen. Je kunt kinderen niet dwingen om te eten. Je kunt kinderen niet dwingen om te slapen. Nee. Je kunt een kind opstooten op zijn kamer. Dat is een goede idee. Nee. Zoals in de kelders het is ook kinder idee. Maar je kunt niet zeggen slap. Nee, je kunt niet zeggen slik. Nee. Daar gaat niet. Dus blijf weg van strijd en probeer dan op een positieve manier. Bij ons thuis is de afspraak dat kinderen. We hebben een koude vloeg in de hersten in de winter een slufe aan. Ja. En dat was strijd. Toen de slufe naam en vrouw die kleensen, die konden dan wel van aan. En dan hebben we bedacht, waar gaan we? We zijn altijd gewoon positief zijn tegen ouders. En ook gaan we dan nu omdraaien. En dan hebben we een slufe aan de ruimte installeerd. Dat is eigenlijk gewoon. Daar op bepaalde momenten. Ikzelf of mijn vrouw, maar mijn vrouw doet niet graag daar geloud. Dat is nog niet graag. Toen terug gelet is, we gaan een beetje naar achter dan. En dan komen de kinderen later als hij naast een slufe naam hebben. En dan? Dus in de ouders het blouw doe je die zetering. Ja. En soms op 10 minuten twee keer. En soms twee dagen niet. En de paparanie gaat er nog een slufe naam. Onverwachtig doen we gewoon altijd een slufe naam. En dat zit uit de stress. En het is toch wel in de belangrijke vinden. Ja, dat vind je wel belangrijk. Daar staan we dat belangrijke slufe naam doen. Ja, ik laat het straffen als een opmerking te maken. Als hij geen slufe naam doet. Ja. En ik kom ook uit de bijzonder jeugd zorg. Waar ik als begeleider heb gewerkt in crisis situaties. En daar was op een gegeven moment ging je op huisbezoek op een intekje sprek. En er was een setting waar ik denk, oh, wat is dit? Ik ben in Amerika terecht gekomen. Daar lag een mattress in die buurt. O, de fietsen. En ik was echt aan dat denken. Ik moet hier goed oppassen waar ik stappen in een drukspuit. Ik was dat echt effectief aan denken. En op welm mensen zeg mijn collega, oh, maar kijk daar eens. En je denkt, valag, daar is het uit. Dat is niet de spuit. Maar dat was niet. Ze zegt kijk eens wel een mooi bloemenke. En die had een mooi bloemenke opgemerkt. In die grauwe omgeving. En die zegt als dat bloemenke neer waar meer plaats ook krijgen. Dan zou dat hier toch wel direct een verschil betekenen. En als ik het vertel, kijk nou wel, dat ik er op in mijn keel. Want dat is zo mooi, omdat die ook zo pinniging in de gezin. Met diezelfde mindset. Dat is een mooi verhaal. Maar dat is ook heel beeldend. Die zegt altijd positieve puntsjes waar lopt er nog wel goed. En hoe kunnen we dan van haar terug, terug, terug verder gaan? Dat is ook iets waar je er een beter zegt. Waar ik heel erg teppen om te houden van zijn bezgoeding. Hoe je naar iets kijkt, bepaalt, hoe gereageerd. Ja. En dat is echt eigenlijk de basis van alles, hè. Ik krijg geen stress door een situatie, maar hoe dat je in de situatie interpreteert. La binnenkomen. En mama zegt, m'n kind komt thuis. Die heeft smets aan de rukzijdacht tegen de muur. En mocht ik nog vriendelijk zijn. Dan is een avond nog maar net begonnen. Ik heb stres van met een bass. En ik kom kijk thuis en ik moet koken. En als smet is een rukzijk. Ik zeg van ja, ik kan ook niet thuis komen. En een tram pakken naar aan de randwerpen. Het is een rukzijk voor kopen. Ik experimenteren met wat terug van de geld. Dus ik blijf slapen onder de brug. Dus mag ik eens misschien zien of ik hem terugkomen? Dat was zetig jij nu allemaal, hè. Ik zeg, ik kom thuis. En ik geef het aan. Het is druk geweest, maar. Het was een drukke prikkel volle dag op school. En ik heb het even gehad. En ja, die moet werken. In andere manier ben ik op een rukzijk. En wat moet ik dan wel doen? Ik zeg, ik ben blij dag thuis. En jongens, ik ben blij dag thuis. Heel vaak zit het in kleine dingen. Die daar onder de noemen vallen. Positie verkijken. En proberen de spuren naar. Was het er achterdag gedrag? Oké, superinteressant. Zijn er zelf nog dingen waar gaan denken? Die je zeker wil zeggen? Die hebben al heel veel besproken. Er zijn ook al even gespezerd. Misschien nog het laatste. Kinder leren heel veel van hoe dat jij in het leven staat. Imitatie. En niet alleen maar door hun zintag. Door hun ogen, maar bijvoorbeeld ook kleine kindjes die daar in de wicht liggen. Na een paar dagen oud die eigenlijk nog niet goed kunnen zien. Die kunnen al door spiegelen wonen. Het verschil opmerken. Dus verwassenen die aan de wicht staan en naar hen kijken. En verwassenen die aan de wicht staan en niet naar hen kijken. Ook al zien ze niet met hun ogen dat die verwassen aan het kijken zijn. De spiel neuronen maken dat kinderen meenemen. En ik probeer dat spiel neuronen als heel moeilijk om uitlingen. Ik begrijp het zelf ook niet volledig. Ik probeer dat te vertalen als in de voelspritten die alle kinderen hebben. Die dat je niet ziet. En kinderen voelen als er iets los is. En je denkt 'ma, ik heb juist ruzie gemaakt met mijn vrouw. En die hebben dat niet gehoord of daar was van de voren en die kinderen die voelen. En als je daar dan onder de mat gaat schrijven? Dat is oké, dat is niks, maar maar eens blij. Ja, of als u buurvrouw komt aan deel en je denkt 'nee, perchter, ik heb er echt geen zin in.' En je zegt dat bijvoorbeeld 'nee, en je doet het deur op en dan kan je binnen?' Ja. Dan thond je aan de kind en je zegt 'nee, ik heb geen zin in perchter en je doet deur op en je zegt 'nee, perchter, het komt echt niet uit.' Het is echt tot maak, maar ik passeer morgen wel eens of van de week, volgende week. Dan gaat het aan de kinderen ook thonen. Wat je vertelt. En dat ze 'nee' mogen zeggen en soms moeten zeggen om zichzelf te beschermen. En kinderen leren zoveel van wat wij doen, wat wij niet doen. Alles eigenlijk, ja. Ja, maak Rusie, mijn pachtnig. Kende ouders proberen daar weg te stoppen heel vaak. Kender er voelen als Rusie hebt. Ja. Maak Rusie maak het weer goed. Ja. We kinderen kunnen zien hoe doe je dat, hoe los je dat op? Ja. Als je leelijke dingen hebt gezegd en je moet natuurlijk niet met boorde gaan gooien. En als kinderen daarbij zijn, ja, daar zijn ik niet. Nee, nee, maar wat worden in Rusie niet verstoppen? Ja. En als ze dan inderdaad zien hoe het wordt opgelost opnieuw, dan leren ze van, ja, dat gebeurt soms. Mensen maken soms Rusie niet leven. En dat komt ook altijd weer goed. Ja, en wat jij doet en hoe jij in het leven staat, heeft een heel grote effect op wat kinderen gaan overnemen. Ja. Proberen u eigenlijk geschiedenis ook niet daarin mee te dragen, als je zegt van, ik heb nooit palette mogen doen. Ja. En jij iets projekteer dat mijn kind of mijn kind of tijd deed, ik dat, dus mijn kind moet dat dan ook gaan doen. Ja. Dat zijn dingen die daar, als je daarvan bewust bent, die daar jou wel gaan helpen. Oké, als mensen meer nog meer informatie willen, dan kunnen ze uiteraarten het boek bestellen. Hoe heet het precies? Opvoeden het het zelf vertrouwen. En naaier komt er een kinderboek uit. Over een schatig ottertje. Je lief aan hove maakt die tekening en ik vind het echt. ik ben wel verliefd op de piloter. En die zijn een voortleesboek dan? Ja. Het is een voortleesboek, achteraan staan offeningen. En tips om als uiteren met die kinder gaan doen je onszelf vertrouwen. Ja, kiets. Ja, en piloten zegt altijd ja dat zijn probleem. Dat is eigenlijk heel goed. Dat je veel jazigt en veel veranderen wilt doen. Ja. En de kloe is een stukje, dat je altijd een beetje een miljard tegen zichzelf moet zeggen. En dat dat soms ook betekent. Nee, zeggen tegen de andere. Nee, anders. Oké, toch. En wanneer komt het uit? In Oktober. Oktober, ja, bijna. En mensen kunnen gewoon op in Instagram. We volgen en dan blijven ze wel op de hoogte van wat er verschijnt of op de website van ze dat zo op een BE. Ja, wat is jouw Instagram naam? Steven, gielis en een ander schoog. Op de ene, ja. En zie je dat zo opunt BE. Ja. Oké, top. Dan rest er mij nog om u heel erg te bedanken om van zover het Verliemburg. Wat is het ik wel? De Kempel, de Kempel. Ja, de Kempel, oké. Dat is heel goed, ja.

Podcast Summary

Key Points:

  1. Maatschappelijke druk en hoge verwachtingen beïnvloeden het zelfvertrouwen van kinderen negatief.
  2. Positief ouderschap, geloof in het kind en het bieden van een kader zijn essentieel voor de ontwikkeling van zelfvertrouwen.
  3. Keuzestress, een overvloed aan prikkels en de "realtime-samenleving" dragen bij aan onzekerheid bij kinderen.
  4. Momenten van rust en ontspanning zijn cruciaal; vermijden van overvolle agenda's is belangrijk.

Summary:

In deze aflevering van Radio mama bespreekt gast Steve, oprichter van de online community Zita-Soul en expert in orthopedagogie, hoe ouders kunnen bouwen aan het zelfvertrouwen van hun kinderen. Hij legt uit dat zelfvertrouwen sterk samenhangt met de druk en verwachtingen van de maatschappij, zoals prestatiedrang op school en sociale vergelijking. Kinderen ervaren hierdoor vaak keuzestress en een gevoel van moeten.

Steve benadrukt het belang van positief ouderschap, waarbij ouders geloof tonen in hun kind en een ondersteunend kader bieden zonder grenzeloos te zijn. Hij wijst ook op de valkuilen van een overvolle agenda en de invloed van sociale media, die een vertekend beeld van de realiteit kunnen geven. Tot slot pleit hij voor voldoende momenten van rust en ontspanning, zodat kinderen kunnen herstellen en zich op een gezonde manier kunnen ontwikkelen, los van constante prestatiedruk.

FAQs

Orthopedagogie richt zich op pedagogische ondersteuning wanneer opvoeding niet vanzelf gaat, bijvoorbeeld bij gezinnen met problemen, jongeren met moeilijkheden of mensen met een beperking.

Zita Zo is een online community die laagdrempelige opvoedingsondersteuning biedt via tips, luistermomenten en een gemeenschap voor ouders, zonder 1-op-1 begeleiding.

Bouw aan zelfvertrouwen door positief op te voeden, grenzen te stellen met geloof in je kind, en de druk van maatschappelijke verwachtingen te verminderen.

De maatschappij legt veel druk en verwachtingen op, zoals prestatiedrang en sociale vergelijking, wat het zelfvertrouwen van kinderen kan ondermijnen.

Beperk het aanbod van activiteiten en speelgoed, zorg voor rustmomenten en focus op wat het kind echt wil, in plaats van te veel 'moeten'.

Huiswerk kan stress veroorzaken; het is belangrijk om balans te vinden en kinderen voldoende tijd te geven om te ontspannen en te spelen.

Chat with AI

Loading...

Pro features

Go deeper with this episode

Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.