Go back

Waarom je liever in de buurt werkt

0m 0s

Waarom je liever in de buurt werkt

Deze podcastaflevering bespreekt de uitdagingen en kansen van het mengen van wonen en werken in Nederlandse steden, met focus op de maakindustrie. Door het woningtekort en schaarse ruimte wordt de historische functiescheiding uit het modernisme heroverwogen. Bernadine Bora benadrukt dat dit niet alleen technische en juridische uitdagingen met zich meebrengt, maar ook een cultuuromslag vereist: ondernemers voelen zich bedreigd door nabijgelegen woningen, terwijl bewoners overlast ervaren. Arjan Klok voegt toe dat een ideale stad variatie moet bieden op verschillende schaalniveaus, van de hele stad tot de buurt. In Havenstad Amsterdam worden 70.000 woningen en 58.000 arbeidsplaatsen gemengd, wat kansen biedt voor synergie, zoals warmte-uitwisseling en circulaire initiatieven. Rick Visser van Micro-lap laat met een praktijkvoorbeeld zien dat gestapelde werkplaatsen en kantoren leiden tot samenwerking, maar ook tot frictie door geluidsoverlast. De conclusie is dat meer experimenten en organische ontwikkeling nodig zijn, waarbij diversiteit wordt gevierd, zowel op pandniveau als op stadsniveau. Dit vraagt om flexibiliteit in regelgeving en een nieuwe manier van samenleven.

Transcription

9253 Words, 51513 Characters

Dutch
We hebben te weinig woningen, dus we bouwen als de Wiedewerga bij. Maar de ruimte in de stad is schaars. Een kantorpand zorgt voor onwonende. waarschijnlijk niet voor te veel overlast, maar een maakbetrijf of fabriek is lastiger. In onze toekomstige wijken zien we in een enorme menging van woningen, werkplaatsen, fabriekken, kantoren, scholen en parken. En dat allemaal op een klein stuk grond. Momenteel spelen er veel juridische financiele en ontwerp uitdagingen die de werken de wonenwijk in de weg zitten. In aflevering twee van deze podcast gaan Bernadine Bora, Arjan Klok en Rick Visser. dieper in op het belang van de maakindustrie in de stad. Wat maak de maakindustrie in de stad zo complex? En wat levert het behouder van op voor onze toekomstige buurten? Mijn naam is het niet voorinsom en dit is de werken de wonenwijk. Van haar te welkom, Bernadine, Arjan en Rick. Dankjewel, dankjewel. - Goedemorgen. Allereers Bernadine, je bent docentonderzoeker bij de hoogeschool Amsterdam. Oprichter van het Denk-Think, de Spontaneous City en medeoprichter van de multidisplineren coalitie ruimte voor werk. En je werkt al langer aan het behouden van werk en specifiek de maakindustrie in Nederlandse steden. Vanuit wat wordt traditie, kom we eigenlijk wat betreft het schijden van werk en wonen? Goedemorgen, hoe lang ga je er meer terug? Je kan het op Europese nu wel, westerelijk weer, of dan niet wel. Gaan kijken terug naar de industrialisatie-tijden. Dat is dit de plotseling. Hij had een demografische groeima ook een technische sprong met vervuilende industrie, etc. En men bezeft er daar dat je moest met leefbaarheid, maar ook met igenische regelen, etc. Beter omgaan. Dan hebben we de modernisies hetheid en de naorlogs-overhooppaal die Nederland heel sterk is geweest met heel veel siddbalken, een teorie-kultuur-hampassingen en toepassingen, wat werd in de modernisme gezegd? En die heeft ons gebracht tot zonering, functieschijding. En dus het industrie werd vaak bestempel als vervuilend, om mensenlijk om het op een laag drempelig manier te zeggen. En dus gescheiden door het wonen. De woonspeer moest om aarmd en beschermd worden. Die ging steeds meer apart. Maar nu zijn we op een moment zo aan het groeien in de steden dat het apart wordt te veel apart van elkaar. Dus afstande groeien, complexiteit, groeit. We zijn nu juist met de schaarsten van ruimte in gebiedsontrekling weer op zoek naar meng mogelijkheden. Dat heeft ontzettend willen nu aan het zes in over wat kan je mengen, waar is het zo voor het? Wat zijn dan de voordelen van als je in een gebied gaat wonen waar economisch ook dit veriteit gemengd wordt? Waarom zou je daar willen wonen? Een heel goede vraag. Dat is ook iets dat je kan niet zo makkelijk generaliseren. Het gaat over de doelgroep. Het gaat over welke woongebied, is het een bestandenwoongebied, het transformatiegebied die van industien naar woonwerk gaat. Of juist een nieuwe ontwikkeling. Welke doelgroepen heb je, welke ondernemers heb je. Daar speelt ook dat wordt in de laatste tijd niet zo veel benadruk. Niet alleen maar technisch, nu instrumentarium, juridisch instrument en financiële. Maar ook een nieuwe cultuur van gegaan. Van hoe woon je en hoe ben je samen? Dus aan de ondernemers kan het vaak een soort van gevoel van bedrijging, want woonen jacht je op verder op in de regen, verder van jouw eigen woning of verder van je klanten. En als bewoner zie je dat als overlast. Dus we moeten daarmee aan de zomgaan. Hoe kan het dat bij een beerbouwerij kan je de overlast tot vier uur van de geluid lekker vinden? Leuk, gezellig. Terwijl de rol luik van een kleine kabeer lastig is om zes uur zachtig. Dus daar moeten we ook leren om gaan. Waarom moet je het willen als bewoner om in zo'n gebied te wonen? We zijn allemaal mensen. We wonen, we werken. Als je woont in een kantor, ga je minder wat ondernemend doen, maar je hebt wel de ondernemend nodig. Dus je kan het op macro-niveau gaan kijken op regionaal in niveau, de hebbenlkeer nodig voor de economie. We draaien allemaal met zijn aalen. Maar aan die andere kant kan je ook zeggen, ja, het draaimt is schaars. Dus we moeten leren, stoppen, we moeten leren weer en opnieuw, want het is een nieuwe ram voorwaarde, dus de complexiteit is als ik noemde. We moeten leren met elkaar omgaan en het gaat niet over een schatige foto van een bakker of iemand dat het met een hobby-tafel voor je stoop staat. Het gaat over echte makers die stanklavond logistieke uitdaging hebben. Daar moeten we beter elkaar begrijpen, dus de kennis aan bij de kanten moeten ja opener en moet groeien. Het is in beweging, maar ja, het valt nog veel werk. De bufenswoording is groter dan inkele jaren geleden, bijvoorbeeld bij te vakgenoten. Daarmee noem ik antikkelaars, antenaren, adviseurs, dat groeit. Maar ook bij de echte directe gebruikers, omdat de neemers dan steeds meer proactief daarmee aan de slag niet alles. Maar aan de bewonerskant daar moet ook nog een kwartje vallen. Arjan, herken je in deze uitdagingen? Ja, zeker, zeker. Maar wat ik. Ja, goed, ik werk voor gemeent Amsterdam en als stedenbokkundige. Ja, moet je gewoon zo goed mogelijk nadenken over de stad in dit geval Amsterdam. En wat de ideale stad is, he? Want de vragen die jij stelt, die zijn vanuit een bepaald persptief en persoonlijk persptief, maar de stad is een geheel iets iets. Wat de samenhang zou moeten hebben. En als je er van overtuig bent dat je een sociale stad wil zijn, dan moet je eigenlijk zeggen samen alles. En dan zou dat de uitdagingen conscrisis zijn. Als je een ideale stad wil zijn, dan moet je alles aan kunnen om het hout te zeggen. Dan moet je ook variatie hebben. Dus ik denk dat voor de noordzend gespect heel belangrijk is op welke schaal je spreekt. Spreekt je over een hele stad? Nou ja, dan moet je variëtijd hebben en voor alles in iedereen wat te kunnen bieden. Want ja, niks is mooi als je als stad heel veel bewoners, ondernemers, werknemers of verwerkenden. Dat wordt werknemers een beetje dubio's tegenwoordig, maar werkend doen. Wil je gelukkig maken. En dan moet je daar nog wel een stapje lagen gaan in de buurt en de wijk. En op welke plek is het dan logisch of aantrekkelijk om combinaties te maken. En dan zoek je weer uit en dan kijk je naar je hele stad. En dan kijk je naar, heb ik voor alles in iedereen wat in de aanbieding. Dus die nu aan is heel belangrijk op die schaal. Nou als Amsterdam willen we een gevarierde, een complete stad zijn en een stad die zo wel een economische stad is als een woontstad als een stad voor vrijheid tijd, voor gasten, voor toeristen enzovoorts. Ja, en dan is eigenlijk het meeste logische nu, ik vind het een mooie inleiding van Bernadine. Dat je die evaluatie van steden de volgende stap in gaat. Ik ben ook heel positief over het zoveelheid. Het is een fantastische uitdaging. Om weer terug te gaan naar die bijna ook de romantiek van op je vitje naar het werk of ik en de directeur of ik hou rekening met woont, we zijn allemaal met elkaar verbonden. En je vond je de straat daarna, ze gaat om elkaar weer luren, kan niet als wij handen of ervremden. Ja, en ze hebben eigenlijk een vervremd, die we vet. Ja, we hebben vijftig jaar eigenlijk een vervremd in gewerkt en daardoor ontstaan er allemaal misverstanden. Ja, want je benoemde ook al in de vraag die ik stelde van een bewoner is vaak ook iemand die werkt. Dus het is het heel erg een denken vanuit elke keer die specifieke invalshoek dat zorgt ook voor dingen die jammerlijk kunnen zijn. En we doen nog een ding, we hebben best wel veel vrij tijd in Nederland. Dus je woont, je werkt en je hoogvines van vrijheid. En daar zijn ook heel interessante komis te maken tussen wat vrijheid, kwalit de kolletietarmen, en werken, werkgebieden. Ligt heel dichtbij elkaar, zas ik leuk tegenwoordig. Het is een heel veel bedrijf van waar werken niet meer werken is, maar gewoon passie. En dan ligt het heel dicht bij vrijheid. En ook die combinaties moeten we doordenken. En ja goed, het is ook een beetje een de vraag wat verhaardiging wil je gewoon aanemen. Wil je het problematiseren of wil je aan werken op los ik. Nou, ik denk dat we dat gewoon in dit soort gezelschappen moeten doen. En dan, nou ja, nou, ik wil het ook lorien, dan zien we we in de hove 50 jaar. Ik word in ieder geval een enthousiasme. Ja, zeker. Je bent hoofdstederbouwkundige van Havestadt in Amsterdam. Het opter van een heel nieuw Stadsdeel eigenlijk. Het gaat om 70.000 woningen en 58.000 arbeidsplassen. En alle voorzieningen zijn in de buurt, het wordt een duurzaam Stadsdeel en de functies worden vermengd. Het klinkt heel mooi, maar waar lopen je in de praktijk tegenaan. Nou ja, gewoon die hoogzaadaging natuurlijk weer. Wat ik houdstadt is. Ik zal niet zeggen dat het al is. laatste grote ontwikkeling van Amsterdam maar een enorme gebied. Wat vergelijkbaar is met de andere eerder grote ontwikkeling als plan Zuid of plan West, Vijburg. En in dit geval geen uitbreiding, maar een inbreiding of twee stedelijk verhalen over elkaar heen die we met de kamer te verweven. Het verhaal van de werkonderstad, wat het nu al is, wat we als N is. De reden waarom het is zoals het is heen, de vorm heeft veel water, we paal de infrastuur en de woonstad die zich ontwikkeld. En de uitdaging is alle eerst eigenlijk acceptatie om het symbot te zeggen dat we dat we accepteren dat het over elkaar met elkaar gemengd moet gaan worden. Volgens mij gaat het vrij goed. Want ja, de kracht van de beperking, we kunnen dus dat niet uitbreiden er zijn geen andere gebieden die zelf de kenmerk of kwaliteit hebben. Dus hier moet het allemaal gebeuren. En alle andere thema's zijn ook echt toch anders dan 30 jaar geleden. Toen was het vak iets simpler. Theem is als alle halijen duurzaamheid, klimaatbestendigeheid, circulariteit, energie bewust zijn en minimaalisering. Maakt het eene zei het een stuk ingewikkelder, maar er biedt ook wel weer kansen. Want elk project wat je aan moet vangen, dan kan je een ander project aan koppelen. Dus op het moment dat de verduurzaam moet worden, kan je ook een tot een nieuwe ingerichting komen van een straat of kan je komen tot nieuwe gebouwen. En die nieuwe gebouwen, die zouden dan die ideale gebouwen kunnen zijn, die wonen, werken, vrij tijd, van sleutheer. En ook daar zit er misschien wel een optimistie, maar heel veel kanser juist in het licht die meeden van het mengen. Dus wat is een rest voor de maakbedrijf of wat is een rest van een wonen kan grondstof of iets meedoen in de circulaire transitie voor een gemengde wijk voor iedereen. Dus je creëert een soort van cinegie die ook binnen dan een karrie zijn voorbeelden ook in een buitenlanden over. Minder gekoppeld aan maak in de syrinder kleinere en kabetiepen, maar bijvoorbeeld in de de autodok-engent hebben een duwkoop, dus een cooperatiewe, waar en een gelochten bedrijf die daarnaast zit, die is echt een ogenmieuwek, het eeuw die bedrijf. En deze nieuwe co-housing en andere type woningen, die warmte met elkaar uitwisselen, maar ook GFT, dus het is de hele auto's, de hele alles. En dus als wij richting dat gaan, dan krijgen ook een soort van gevoel van deelen tussen wonen en werken. Dus de gemeenen, we moeten een nieuwe gemeen ja, deeler met elkaar vinden. Ja precies heb het over cinegie, maar iets wat ook waarover overhoordgeprat is meer vuidig ruimte gebruik en wat je ook op een noemde is. Werken kan ook passie zijn en vrijheidheid en werken en wonen kunnen doorkaar heen bestaan, maar kan je een concrete voorbeeld geven van hoe dat er in de praktijk uit ziet, bijvoorbeeld in de haafesteld. Ik ben een beetje iemand van die proberen in wat structuur en systemen te denken en dan kan je dat in drie manieren benaderen. Een is najaar fysieke, kan je dat soort gebouwen maken, waar je het in voor kan stellen dat je daarin woont en dat je daarin werkt in zelfs vrij tijdsactivity te ontpleuid. We hebben best al gebouwen in Amsterdam waar dat gebeurt. Al er niet voor meelen of waar je gewoon als je ogen een beetje dichtknijpt kunt voorstellen dat je daar ook op een vloer werkt. In Haafstad op dit moment zijn het vooral nog bedrijven terrein, de woningen zijn nog maar alleen rondom stationa-wezig, maar binnenkort is in het stedelijkboek eenig termen binnen een aantal jaren. Gaan we woningen in Mengen, maar bepaalde gebouwen in het centrale project gebied meer en ervaar voor die zin er al uit als een mongepal. Dus heel grappig, mensen denken dat van mij woon er bollend zijn. En soms is hier ook wel als avonds een gezellig lampje aangaan in plaats van het blauwel kantorlicht en ik denk dat ik er ook eer gebeurt wat anders inmiddels. Het tweede niveau is eigenlijk het functioneer heet, hoe functioneert het, hoe het gebruikt gebruikers. En Mengen is vindt in sommigen, ik wil niet veel in name, het reden of of of of plekken, waar een bedrijf gewoon een goede werkgever is voor de jeugd uit de naastgeleegbeurt. Waar hij ook zeggen ja ik wil in deze beurt zitten, ik kom uit deze beurt, om deze reden ga ik ook aan de rand van de beurt zitten, idealiter dus op het vitie naar het werk en ik ken ook de jongens en meiden van de beurt die mij helpen in mijn zaak of het opleiding sinds het tut, van ik weet dat ik aan goede mensen van de aankrijging. En het derde niveau is hoe we het dingen organiseren, ook gewoon in stedenbouwen en in de regelgeving. In de plannenmaken rijden, wij proberen nu ook best kunnen onder kinderen, maar er is ook een meer bedrijfestratie te maken met ook wat we precies bedoelen met juiste bedrijven op die juiste plekken, dat gaat ook heel veel over, het gaat niet over bedrijven in algemeen zin, maar de synergie combinatie juist het bedrijven op juist plekken. We moeten dat de algemeen zin voor mij daarna, dus we moeten bezigd worden. Als ondernemer dan op magaken dat het lastig is, we dat we hier gewoon echt een versnellingsproblem hebben, dan hadden we het een te voorgesprek kort over dat een ambtonaar die moet over 40-50 jaar horen, zons kijken. Die stellen daar doulen en ambities met de beste doulen en ambities voor de wereld, maar vijf jaar geleden moest iedereen nog zonder panelen en een warmte pomp. En nu hebben we geen elektrisch tijdsnet en gaan we hard om. De welmer in eerste instantie was door iedereen werd dat gezien als een geweldig idee. En ik lytteen al een jaar later moest de torens meer halen omdat het toch niet zo niet heen was. En ik denk dat wij nu niet we weten meer dan 50 jaar geleden, maar ik denk niet dat we nu bijzonder veel intelligenter zijn en niet dezelfde type fouten kunnen gaan maken. En ik denk dat het als ondernemer is het lastig als je met die alles of niets gigantisch omvattende planen moet werken, waar in eens heel de stad links op moet. En dan gaan we weer allemaal rechts af en dan moeten we naar boven of naar beneden. En juist in een stad zo groot in divers of Amsterdam, maar dat geldt voor iedere stad. Ineen dat we echt die diversiteit moeten vieren. Dus we moeten sommige gebieden de diversiteit op de kleinste korrolf vieren dat je hem hebt binnen panden, binnenwijken. Maar je moet ook als stad op grotere korrolf die diversiteit vieren dat sommige gebieden heel erg niet divers zijn. Dat sommige gebieden gewone tussen aanhalingstekens devenwonwijks zijn. En andere gebieden, een keihardindustrie. En dat heeft allemaal bestaans recht. En dan goed daar ben ik ondernemer voor. Ik geloof dat er dan ruimte moet zijn voor echt veel meer nog voor het organische. Dat de ideeën iemand moet ze gaan uitvoeren en iedere keer als een antenaar verzint dat er een specifiek gebied en speciale richting je moet. Dan zou iemand zorgt een zwakke moeten worden omdat werkelijkheid te gaan maken. Iemand zou er ook geld in moeten steken om het te gaan realiseren. En dan zullen we daar ook vanuit antelijke apparaten en ook vanuit. eigenlijk al die structuren moeten hier in daar ruimte laten voor echt nog veel meer vrije forming. Hoe moeilijk dat ook is omdat je altijd die verdringing krijgt en de rekening houden met elkaar. Maar wat meer experimenten kunnen misschien nog meer wijzheid brengen. Leuk want Rickje bent oprichter van micro-lap een concept van gestapelde werkdoren in Rotterdam en eindhoven. En voor dat we het over micro-lap gaan hebben gaan we hier zo'n fragment luisteren wat mijn collega bonusiebeling heeft gemaakt. Ik ga echt just een bloed hoefje aanzetten. Om te begrijpen hoe verschillende soorten bedrijven naar zokarkende werken ging naar micro-lap in eindhoven. Een gestapelde werkvlet waar werkplaats en cultoren samen in de gebouw zitten. In 2006 zijn we hier gekomen en mensen hier hier dus een studio op een werkbank. En ik maak dus gebruik van alle werplaats die we hier hebben. Dus we houden het werkplaats, meta, al, ceramiek, paintroom. En ja, zijn allemaal dingen die je dan tijdens nieuws aan schaffen. En ja, dat is een handig her, dan staat er allemaal heerlijk. Je gebruikt je altijd eigenlijk vooral voor opslag. En de werkplijnen dit stuk en de werkplijnen dacen bracht je echt om. om ja aan je project te werken eigenlijk. En dat hebben natuurlijk ook hier alweer de werkplaats, maar we hebben ook. contorenamstens boven. En dan vind ik wel heel erg uniek aan micro-lap. Het is echt een mix hept van die creativiteit en dan de contorenamst boven. Bijvoorbeeld hier zit Braat, die maakt accoustische panelen voor aan de muur. En hij is wansopcontor, hier op de werkplaats vooral is er gemaakt. En bijna ieder contor heeft hij van hem hangen. Lopen ook even hier, want dit is echt een turtisch uit. Hier mag alles vooral wel als de honderd maken, zoals ik zo'n maakt. Ik sprak daar ook met verschillende makers over hun ervaringen. Iedereen gaf aan dat nieuwe samenwerking ontstonden. Bijvoorbeeld werkplaats opzichter Chris. Hé, ja, wat je er zijn ook best wel wat bedrijf hierboven die meubels nodig hebben. En dan komen ze hier naar beneden. En dan zie je iemand in voor die meubels. Er zitten ook partijen in die exterren dingen bouwen. En die dan hier gewoon hun werk mensen vinden, want die zijn hier toch. Maar ook de kantoren. We werken heel graag samen met te maken. Ja, de maakensvrimendons, de ontschrijgsweer ondragten. We kunnen ondragte complementeren door hun. kunde de zaststijke leuk, vooral omdat zij je op interieurgebied veel kunnen waarmaken. En dan hier werken we ons voor in. En of er wel is frikzij onstaat? Ja, een beetje aftoewel. Want je krijgt natuurlijk houdwerkshub en maak er veel waar. Ik zit die dan in een schone ruimte, maar aftoewel ik ook gewoon iets van houdwerken. En dan merk je dat dat als ik dat overdag doe, dan wordt dat minder gewaardeerd. Want er zijn er ook mensen aan het werk die zit hier voor rust. Maar je ziet ook dat dat afhankelijk van het vakgebied zijn. zijn sommige mensen meer op zichzelf dan gezamen. Dus je ziet zitten hier met goede en indicht gewoopt. En dat is jammer. Ik weet dat als ik in een kator ga zitten met IT-berrijven. dan weet ik altijd wie ik tegenkom. Dat gaat gewoon niet tegen als zijn. Het is even wel ook ook doen, maar nu weet je niet wie die tegenkom of wat je doet. En als het maken, wordt er ook geleerd. Hier is een stutterstchool. En deze studenten in de laatste jaar hebben dus binnen drie jaar een ambiode ploma. en een eigwondere inbinden. Ze hebben ook echt heel erg bewust op een loek uit als je wel dit. Omdat ze een juiste, die ondernemers komen deze kant op om te vertellen. van "Hen, hier ben ik te egen aangelopen, hier zou ik opletten". En de studenten komen weer hun kant op om hun inzicht te geven. met stages of projecten. En dit is ook echt een plek. En als je tijdens de lunch zie je de ondernemers. zien je echt met de studenten aan het aafvoort zitten. En dat is gewoon echt wel heel leuk die mix. Miquel Laplazine dat een diversiteit aan soorten bedrijven. zorgt voor nieuwe verbindingen waarbij bedrijven elkaar ondersteunen. Maar naast de bedrijven zelf kun je met het ontwerp ook een hoop bereiken. "Poffie staat echt een gezellame zoon, zodat mensen prachtig maken bij de koffie." "Als ze heel erg open, dan mag ik ook van een binnenkijken. omdat er contact op die manier wel veel makkelijker gelecht wordt." "De bellhoekje zijn prijs, dat je niet te lang jezelf op slaakt, maar weer om die open maal plekken." "En naar binnenkijden." "Oeek ging ik naar de nieuw farm." "Vertigale fabriek in Den Haag waar veertig verschillende sociale maakbetrijven gevestigd zijn." "Dar zit de makers met veel lawijen geur en ik onderzocht hoe dat in een gebouw goed zame gaat." "Beokom bij de nieuw farm, we zijn vertigale fabriek. We zijn al een aantal jaar met een transformatie bezigd op de teken dat per afdeling. de afdeling verbouwen voor makers. En de makers hebben te maken met je collectiteit, doors aan huis of met zo'n vrouw. In de nieuw farm staan zware machine's in grote werkplaatsen. Daar tussen vind je nog wat verdwaalde kantorruimtes. De zesde verdieping heeft hoogplafonds en enorme biervaten. De tweede verdieping is een systeemplafond uit de jaren 80. De sfeer is er gemoodelijk. "Nou, hier vind je de volkskeuigstreun. Deze kantorruimtes, deze een brood, hier wordt gebraald. Is de kantorverwerking? -Ik heb een kantorverwerking. En het maakt zo'n verveen. "Hou ze net over mij nou?" -Ja. Stover de duidelijk. Alle makers die ik er sprak waren tevreden over een werkplek. Zelfs wanneer zijn geur en geluid van een buur opvingen. Ik wam er achter dat met de schaarserruimte in de stad, makers al lang blij zijn met een vaste werkplek. Toch ligt deze zeeftruker uit dat zijn een bezigheid in het gebouw ook kansbied. "Zen ze wel deze bovenste verliepingen, echt als een soort makers, of meer industrie achtergruffen die er niet geven. En toen hebben ze eigenlijk op ons verzoek, het zo ingedeelte hoe wij het ook een beetje wilden hebben. Ik kan er ook kaarsrepoorten van in de hodigen gaan. Dus ik zin hem op vrijdag om een bier te drinken en over haar jammer om een bier te gaan. En als hij snel een burkje nodig heeft voor een event dat hij heeft, dan doe ik dat. En ook de sockenmaker leert van zijn buuren. Wij maken soppen voor de voetbal en hokke industrie. Daarna staan we nu met partipulieren ook veel bezig om soppen te maken. En we proberen zoveel nog gebruik te maken van gerissijker maatwijl. Ik zie natuurlijk hierom aan de andere doen op duurse maat. En daar kan ik gewoon een leshijd halen. Van je gebruik wordt je bij je eigen bedrijf. Daarom kan je haar gebruik ook. Dus als een bedrijf heel erg bezig is met rezijkering. En op een manier die wij ook niet toepassen. Kijk ook van je ooit misschien ongelofelijk wel iets om te doen. Natuurlijk bedrijf voor een groter. Natuurlijk kan je er al hinder van elkaar hebben. Maar als je dat dan op? Nou, maar elkaar is bek. Dat is als pronamst natuurlijk. Probeer geen overlast natuurlijk. Iedereen moet werken. Maar proberen wel dan met elkaar op zo'n manier te kunnen werken. Dat is je slimmer met elkaar werkt. Naast de kansen voor de maatbedrijf jezelf vindt er ook een uitdusteling met de omliggende buurtplaats. Kijk, ja. De wijken wordt hier omdat er heel veel mensen afstand hebben om te arbeit smaak. En als je dan hier zit is het zo makkelijk om deze mensen te bereiken. Dan haar werk zit hier aan de overkant. Dus dat is de organisatie die met die bedrijf samen werkt. En dat proces oolzet om die mensen hier in het gebouwd te laten werken. En al deze mensen, die sociale ondernemingen, de mensen die hier werken, die komen echt uit de buurt, die hier lopend aan. Of het is misschien een stukje fietsen. Maar dat maakt het voor die mensen veel makkelijk om hier te werken, omdat het dichtbij is. En of er ook nog wonen aan deze flat toegevoegd kan worden? Ik denk dat het lastig is wel met maatbedrijven. Daar ga ik eerlijk zeggen om dat de overlast, ja. Daar gaan mensen denk ik lastig aan krijgen. Ik denk dat je ook heel logisch die ik moet nadenken als je in een wijk zit. Je kan niet zo met een vrachtwagen, een woonwijk in waar kinderen spelen, smalestraat, de ouders die de gepekeerd zijn. Dus daar moet van te voeren. Als ik het hier zie, wat de kennis die hier nu op doe, daar moet wel echt overnageder worden. En nog de goudetip. Onthwerp vanuit de gebruiker. Dus ik denk wel voordat je de sobrekind ga soms met mensen traten die de kennismen hebben die in echt in zo'n gebouw ook werken. Dat merkt ik echt. De gebouwen niet gelijk de eerste stripte en dan gaan en dan klaar gaan maken en dan passen uur de stoel laten. En ik denk dat je van te voordat je een beetje moet weten wat voor uur de spoon moet eten. Ik heb je een eerste reakse op deze reportage. De eerste shout-out van mijn collega Lotten. Die heeft het top gedaan. Het is wel goed wat daar ook wel. Het is brak dat ik kwam wat dit er mee raakt. Het samen smelten van de functies niet. Het parallel naar z'n kaart. En dan heb je ook nog gewoon die silos. Maar dan staan ze toch wel heel dicht bij elkaar. Maar wat ik denk, Lotten wel goed krijgen uitgelegd is de samen smelting van de functies. Dus een maker heeft een aantal jeven van 12 of 15 vierkantemeter. Maar hij maakt zijn keuken of tafel, zover obold, maakt hij op het werkplein. Dat werkplein deelt hem met alle andere makers. Dat betekent dat die nu een keuk aan het bouwen is een 60 vierkantemeter nodig heeft. Gewoon ik die 60 vierkantemeter. Twee weken later is hij die keuk aan de plaats in de van de refila. En dan doen we iemand anders op diezelfde plek 12 etavels aan het maken. En die samen smelten van functies van de makers. Maar ook van de gemeenschappelijke werk, gemeenschappelijke faciliteiten. Dus als een skybar en de Playground, de sportsschool. Ja, al die functies, al die ruimtes. Die worden door iedereen gebruikt, maar iedereen gebruikt ze wel net op een ander moment. Dezelfde kantine tussen aanhalingstekens. Die wordt om negerzochtends gebruikt door de makers. Die om zeven jezochtends in de werkplaats bezig waren. Twee later zitten de studenten. Deur twee later zitten iedereen te lunchen. En die manier is diezelfde ruimte is echt doorlopend in gebruik. En dat ze ook met het peker te rein strijpen. Strijp S waar we zitten, is natuurlijk een multifunctienel wijk. Maar zelfs daar zie je dat de kantor gebouwen. Er zijn de pekerplaatsen vol van 8 tot 6. En leeg in die andere tijden. En in woonwijk is het precies andersom. Alleen dat al als we die schaarsen mee, is gewoon niet naast elkaar kunnen gebruiken, maar op elkaar kunnen gebruiken. En ja hoe dat dan moet, dat zei de dame van de farm. Ik denk wel heel te recht dat volgere echt alleen uit door te doen met de mensen die het moeten doen. Want dat is zo fijn maasig. Daar kan je van tevoren denken dat je weet hoe het moet. Maar dat gaat gewoon niet. Je kan zo goed bedenken dat je. We hebben altijd een ambachtelijke schoenmaker willen hebben. We zijn nu 12 jaar bezig en het is nog steeds niet gelukt. En dat is wat we die ruimte, al die tijd vrijhoudig houden, omdat we er nodig in ons ambitieplan en ambachtelijke schoenmaker. Er wilden of we het portem 9 getrokken en een wachtelijke schoenmaker trekken. Dan was het allemaal wel vrij nepp geweest. En de farm en microlapen, het is wel vrij. Ja, het is echt van de ground up organisch ontstaan. En dat zijn dan heel sterke netwerken met. En dat is dan de laatste wat ik net opschreef. Die gemeenschap. Dat komt bij de farm terug en dat zien we ook bij microlap heel sterk. Iedereen die bij ons binnenkomt, die vanuit een overheid of een groot bedrijf komt. Ja maar hoe doe je dat dan met de delen van de werkplaats? Zit zo kan niet in de weg, moet je dan boeken hoe zit het met geluidsoverlast. En allemaal dat soort in de praktijk is dat eigenlijk nauwelijks een issue. Mensen kennen elkaar, ze werken daar met elkaar, ze houden rekenen. met elkaar het zijn gemeenschap en in een gemeenschap zijn mensen bereid om hierin daar wat te laten voor de ander of de ander te helpen en door die gemeenschap te creëren. Wij doen dat binnengebouw, maar je kan het ook op wijken. Ben je en veel weerbaarde, je bent flexibular en ben je bent ook veel geduldeger en liever en dat alles maakt wel voor een betere panden en een betere verwijken en een betere stap denk ik. Het is interessant, want je benoemd dat je dus vraagt over hoe je dat een goede banenleid, maar gaat het dan ook wel een beetje over wat voor soort mensen geschikt zijn om in zo'n plek te wonen. Want je hebt natuurlijk ook karakter, dus die heel gaan willen weten van precies dit tijd op tot dat stijp, dus heb ik hier ruimte en dan wil ik ook weten wat jij aan het doen bent en je hebt ook wat meer mensen die gewoon een beetje met de vloge aan om het maar zo te zeggen en die denk het komt allemaal wel goed. Wat is jij zegt in de praktijk ook zo is, maar ja. Nee, dat is zo en dat selekteert zichzelf een beetje, dus ook daarvoor wordt dan vraagt, heb je jullie een heel streng op aluchtage commissie of duurlieselectie aan de port, maar dat doen we niet, maar we hebben wel duidelijke spelregels over hoe we met elkaar omgaan, dus alle adriees en alle contoren hebben grote ramen en niemand mag die ramen bedekken met gordijnen of blendering of wat en ook. Tenzijen bijvoorbeeld een tattooaasje schreefst in een team weer gebieden dan willen we daarna uit zonder ink van maken, maar er zijn gewoon spelregels, maar in principe mag je geen eigen sprekamer hebben want die delen hebben eigen koffiezetapperaaten, doen we niet, eigen printers doen we niet. Dus er zijn spelregels en door die spelregels die we in ieder gemäensche op hebben trekkje mensen aan die vinden dat die daarbij willen horen, maar er zijn ook heel veel mensen die binnen komen, dus ja, maar ik wil mijn gesprekamer, ik wil mijn eigen whatever en dat is een aprima, dan zijn er twee straatige verder, staan er echt wel plekken te huuren en een wijk verder op is er ook, maar dan werkt het bij ons gewoon niet en dan moet je ook wel eerlijk zijn, maar dat dat zelfde geld foosje in namsel, dan of welke stad dan ook als je sommige mensen willen in het uitgaansgebied wonen, die willen in de ruring zitten en een ander die woont heel graag in leidzerrein en dat even goed je vriend dat allemaal goed en dat moet je faciliteren en wij faciliteren dat zelfs binnen de gebouwen wij hebben gewoon gebieden binnen microflapp die grenzen direct aan de pleinen en de barren ja dat zijn drukke gebieden, we hebben ook gebieden achterop de etage waar eigenlijk niemand voorbij komt, ze zijn nog steeds veel drukker dan als je binnen van een kantoor toegorig zit er open in de strijderein, maar je hebt wel die zonens en mensen vinden wel waar ze op een plek zijn en dan is het de truc is een heel breed aanbod creëren aan soort te plekken, zodat mensen zich zelf eigenlijk kunnen indelen en hoe geen vanuit een ontwerper splik mee om, want zoals joko zij van een ambachtelijke schoemaker in het ontwerp was een wens, maar daar moet je dan ook niet te veel vast staren en wat ik ook een beetje terughoor is het mooie van van deze nieuwe form van ontwerpen is dat er juist van alles ontstaat wat je niet van tevoeren kan plannen en dat er ook om gaat dat juist die meng vormen zich wel een weg vinden hoe ga je daar dan als ontwerper mee om? Nou dat, ik denk dat ons werk wat dat betreft een beetje lijkt dat dat van een gebied van het wikkelaar wij bestemmen zonens wel met een bestemming en daar horen dingen wel over niet bij en sommige dingen zijn een grijsgebied en dan hebben wij de mazel dat wij ja niet in een van de colletje hebben wat mee kijkt of een gemeenteraat of whatever dan wij kunnen afwijken als wij denken dat het afwijken toch het ja het groter geheel dient maar in principe richten wij het in met wijken waar we een idee hebben dus wat ja de deur die zoiets wat lotten noemden ja we hebben nooit een betere naam verzonnen maar dat is wij stof en erimag aan de andere kant van de playground zit er wat de clean site noemen ja daarmee zijn ook altijd je eens met daar werken mensen met tekstieel en robotica en ja die functies wil je niet door elkaar dus daar maken we onderscheid in en dan sommige bedrijven zit op de scheidslaat en die ja die kunnen in beide kanten dan dus een beetje maar net waar ze fallen of waar ze zichzelf meer op een plek voelen maar dat tegelijk dat er wordt heel veel wel heel strak ontworpen dus je altijd heeft een vast format die werkenpleinen hebben vast gemien dat de kantoren geldt hetzelfde dus kuibaar mag niemand iets aan veranderen maar daar binnen de vaste caders is er dan weer heel verruimd om mensen te laten doen wat ze willen doen en hoe maak je een concept als dit financiëel hal waar ja dat is dat mijn geheim van de chef nee je moet hier wel een ondernemende blik op hebben en wat wij wel doen we zien dat het allemaal een groter geheel dient dus als we kijken onze kostenallocatie dan zijn sommige van de dure dingen worden eigenlijk niet toepedeeld aan de werkplaatsen die worden een soort van gesponserd door de kantoren om te zorgen dat toch iedereen de zelfde functie niveau heeft maar tegen mij gelijkertijd eigenlijk bijna verdien zo een concept zichzelf al terug als het helemaal aan staat want die zelf de kantine een gewoon kantoren een gewone kantor gebruiker die in zijn eentje een etagehuurd moet op die etage 100 van zijn meters die die het hele jaar rond huurt het hele jaar aan het verwarmen is het hele jaar het schoonmaak is gebruikt die 5 dagen in de week vertriekwertier tijdens de lunch en dat is het enige waarde die meters ooit voor gebruikt en bij ons worden diezelfde meters worden tegenkeer gebruikt dus wij pak eigenlijk al die functieelen overlapp of eigenlijk alles wat we vermeer kunnen inzetten die printer die we op een etage hebben die dient 150 bedrijven dan kunnen wij een honderd keer betere printen neerzetten maar dan nog is het goed koper voor iedereen en een ja een deel van die winst daar financieren het geheel mee maar ja bedekend wel dat je 80-90 op zijn vol moet zitten natuurlijk om om het te draaien en dan bedekend ook dat je wel commissiele prijzen moet vragen dus het is geen antikraak concept het is geen legstand want als je geen geld verdient dan is je duurzemheid direct enth gedrag de meeronen en een gewoon een plezemaker plezemaker zijn heel belangrijk maar dan als je alleen een plezemaker bent dan is eigenlijk zo draazog een community goed en wel draait wordt je alweer afgebroken omdat er een woontoor een andere ontwikkeling moet komen dus om dit draaiend te krijgen en houden moet je ook geld verdienen moet je ook die waarde toevoegen zodat je mensen een factuur kan sturen en je moet ook de zekerheid hebben voor lang het termijn dat is ook belangrijk voor jullie wat ik wil even twee puntsjes doen ten eerste heel erg en waar wat je zegt en een jullie formulie is één van de mogelijken oplossingen om de neemers bij elkaar te brengen in punt is dat ik wil wel benadrukken hier hebben we het over een bepaalde type productiebedrijfigheid dus er zijn heel veel bedrijven die wel op een andere schaal niet woon net zo al het arian zijn plek in de regio moeten vinden die minder meng maar met wonen zijn maar wel meng maar met andere dingen dus het is een vastzetten van het hele verhaal die wij nu antakelen en wat is wel een mooie afgeling dat ik vind heel leuk aan jullie microlappen is dat in het ons zoek zijn we wel nu juist over collectiefen van ondernemers aan het intoemen en we zien juist dat er is een grote kans als goed georganiseren zijn en de bestaanzekerheid hebben om op de plek te blijven dus een interne basis van niet apel mijn peer te werken lijkt maar juist een vruisgaal met elkaar te zijn en zeker weten dat ze kunnen blijven je ziet dat dat kan duider impact hebben als een soort van holieflek vanuit het gebouw nou het gebied toe en dus het feit dat jij met de gemeente goede afspraken hebben met het pand eigenaar of alle stakeholders goed de situatie kan bewessigen en een op lang het er mijn of de juist het er mijn eigenlijk want hangt van of de type ondernemer kan afspraken dan kan de ondernemers juist die type samenwerken de ondernemers beter omheen gaan kijken en de begin van jouw zaak dan werken je alle die ander ondernemer en dan plots en er zijn één kalu in het hele soort van ekrosysteem die gaan ook ook hebben voor wat is onze betekenis voor de buurt of voor de transformatie van deze gebied waar ze dan zijn en daar gaan ze vei de banden zoeken en begin met opleiding bijvoorbeeld dus jullie zijn indizien een hele leuke voorbeeld maar het kan ook met betrokkenheid van de beschillende groepen in de buurt en het gaat van de liefdaderheid tot een met hele werkelijk concrete dingen dus de schalen is daar ook een set een breed tot een met hopelijk de circulaire dan zit zich bijvoorbeeld nou het is een ontwerp op zich maar wat ik leuk vind aan het filmpje is aateintensiaast met natuurlijk dat is dat is wel duidelijk dat die dat die zong we beginnen te krijgen maar dat wordt verteld dat logisch is rik verteld er ook net over dat het nou fijn kan dat mensen zich fijn volen maar ook dat het spannend is en interessant en hij daar ont en ook daar komen mensen op af nou wat ik eerder ook beschreef over wat de stad eigenlijk zou moeten bieden is is ook dat ergens nou een gebied als afstad komt dat denk ik voor in aanmerking ik hoor ook wat anders in het in het filmpje en dat is dat toch ook het probleem denken want ja de vracht wagen en het kindje hoe vaak ik die niet gehoord heb of het de bewoner nou die zou wel als last kunnen hebben van en dat zijn mensen al ik want we proberen natuurlijk een ontveilige situaties te voorkomen. Maar dan is eigenlijk mijn voorstel, omdat ik metrecht zegg dat het op gebouw makkelijk gedaan is dan in de stedenbouwen geregeld. Dat ik het in de zand zou vinden om het experimenten ik gebruik het woord experiment net, experiment fort te zetten, maar bij een experiment hoort ook leren en analyseren en leren. In het experiment dat woonen we nu toe te gaan voegen. Dus ja wel, die ondernemers van jou en in deel van jou gebouw wel daar laten woonen. 24/7 of ook is even een aantal toeristen in de zomaf vakantie rond laten hangen of de buurtbewoners daar te laten logeren. En schoon ook eens een bevrouw dat is er eigenlijk gebeurd afgelopen drie dagen en hoe problematisch was het ja. Ik is er altijd wat, maar als het op te los is, is het gewoon op te los. Dus dan hoef je het geen probleem meer te noemen. Het zijn allemaal teoretische voor onderstellingen dat het probleem nou ja over de top gaat. Maar dat is angst denken. En dat vind ik, dat verlamd en de leren we dan niet van. Dus ik zou het experiment zou eigenlijk nog wel een stapje uit willen breiden op vrijwillige basis natuurlijk, want we in het veruit de stedenbouw kunnen wij mensen niet voor oordelen tot iets waar ze niet uit kunnen snappen. Maar om die wonen. Nee, nou dat is best wel een probleem, want dan worden wij gewoon ook precondischeerd als stad als er woning nood is. Ja, dan zeg mensen niet van ja, ik accepteer het wel en ik zoe er niet, want er is woning nood en dat is het eerste. En daarna kom je er achter dat er gewoon dingen bij komen kijken en heb je misschien wel last van en dan ga je toch in die klagmodus er komen. Maar het experiment uitbreidet zou ik heel leuk vinden. En ja wij moeten dan wel blijven mogen niet worden, want fouten voorkomen kan ze verzilveren, is het in die organische steder waar niks is organisch, het is altijd een beetje ketchen, steer en begeleid een van de maten bij. Ja, en else ludkijkdivunctiefersmelding we hebben er altijd op ingezet, we hebben ook. wij hebben er meer maar als wel voorstellen voor gedaan. De laat we zo zeggen, ik denk niet dat het probleemdenke doorgaans bij de ondernemer begint. Maar er zijn gewoon heel veel systemen die het daadwerkelijk, ondanks mooie ambities, gewoon echt heel erg moeilijk maken. Even van heel praktisch naar wat meer hay over dat verzekerijs moet hier in een hoekje kunnen dienen. Om het moment dat je niet meer in een hoekje past, dan ben je een bijzondere polis en dat bedekend dat je premium gewoon twee keer zo hoog is en dat je 20 inspecties per jaar krijgt voor echt van alles. En dat bedengen ook dat inspecties die normaal alleen in een maakbedrijf zouden plaatsvinden, die moeten nu ook in een de woningen plaatsvinden en andersom, want hetzelfde gebouw. Eigenlijk wordt het dus rond aarelijk krijgen op regelgeving niveau dat je aan iedereen's regels moet voldoen in al je functies. Wat is lastig als er gaat om de financierbaarheid en normaal, ik denk niet deze is het probleem, maar ik wil ze toch even noemen want ze zijn wel echt daar. In financierbaarheid is het ook dat zelfs bij pensioenfonsten, waar die de miljarden te verdelen hebben, daar is iemand vanwoordelijk voor de beleggingen in zakelijk vastschroeteres, iemand vanwoordelijk voor retail, dus winkels dus iemand vanwoordelijk voor woningen. En die mens is prijk ook k aan wel op het cash-vest. En misschien af en toe bij een interdepentementaal voordat overleg hoe ze dat noemen. Maar die silos, die overal zijn ook bij de gemeente, dat voor micro-stad wat we in eind over geopend zijn, het locat voor zakelijke huisvestningen is een ander locat dan voor retail, is ook daar een ander locat zelfs weer dan voor horeca en events. Dus om hen dat je al die functies wil blenden, dan moet je je financiers, je verzekeraar, je regelgeving, dat moet je allemaal op elkaar afgestemd krijgen en dan ook nog op dezelfde versnelling, want als jij de kort van je gebouw, waar je kuntoren kunnen meestal vrij snel, als je dat af hebt, maar je horeca kompast twee jaar later, of je wonen kompast zes jaar later, dat zijn echt wel opstakels die gewoon echt pittig zijn en die wat dat wie dat kunnen doorbreken, zijn innovatiele, ik denk toch echt bedrijven waar mensen het geld hebben en de deur en waar je enkele beslissingsmakers hebben die zo'n heel ding kunnen forceren, want als dat vanuit een portfolio moet komen, dan denk ik dat een klein beetje huiver over collectief, omdat die belangen op termijn nogal als uit elkaar begin het te loopt, als een of twee in het collectief veel sterker, succesvoller worden, dan zie je dat zo'n collectief wordt of vrij grauw eencentraal club met een paarder omheen. Maar collectiefen kunnen heel dynamisch zijn, dus daar moet je ook dat bevaken, dat ze blijven niet dat zelf daarom. Ja, dus daarom. Zijn ondernemers die komen, ondernemers die gaan, dus het gaat meer over de regels, dus veer en de neiging, maar ik wil iets afvullen, want het is helemaal rekentbaar wat je zegt, dat het is altijd supervaar de woot een ondernemer dat te horen, want jullie staan daar echt ter plek om met dat soort werkelijkheid aan mee te doen. En het klopt helemaal wat je zegt en het is overall rekentbaar. Een andere nieuwe figuur die volgens mij komt de bij te kijken en het hoort bij het debat over matscaplijke investeringsmodellen zijn impactinvesteerders. Dus zijn nieuwe type investeringen mogelijkheden die komen te bij te kijken, mids wij ook de maakbedrijfighet op een ander manier gaan waarderen. Dus het is, zijn zo veel toegvoegde waarde die onder de radar vallen over matscaplijke invloedwerk, gelegenheid, indirekte, economische verbamde met de rest van de stad, die we moeten beter leren in beeld brengen om juist tot andere businessmodellen en betaalbaarheid van deze type ondernemers zodat het in de stad kunnen blijven. En dat eigenlijk kenne de oude type inviteren en we zeker als niet, maar er zijn wel impactinvesteerders, ja, ik wil niet namen maken van bedrijven, maar die kennen, die kunnen dat beter meten, want er is nieuwe instrumentarium die groeid, de kennis hierover groeid en die ook bereid staan op andere termijnen te investeren, want dat is ook het punt. Normale investerers investeren met een aantal jaren om het geld terug te krijgen, terwijl je op zo'n type gebied wil investeren moet je met een andere langere aantal jaren gaan bedenken. Juist want het route is zo complex dat de minimale horeca die niet komt om een business van heel rond te krijgen moet je daarmee leren flexiebe omgaan, dus het is een andere mentaliteit in het investeringse wereld. Ja ik zou er weer even van het woord stad, dus dat ook op wil reflecteren, want op voor dat je het weet wordt, het weer een economisch gesprek, maar als we niet het erover eens zijn met elkaar en ook de termologie gebruiken die erbij past dat het allemaal gericht moet zijn op de stad, dan hebben het verkeerde gesprek, want dan zou het ook op de maastvlakte plaats kunnen vinden, al die dingen die we benoen. En wat daar bijvoorbeeld aan een woord in is, maak bedrijven, ik kom uit een familie van bouwvakkers en meubanmakers, dus ik heb twee rechteranden en ben prognelijks tijdenbokken dan geworden. Maar dus niks mooie is dan maken, maar het gaat om het woord stads voor zorgen, een relatie met dat stelig systeem, want anders ben je en hem misschien een heel mooi maak bedrijven wat misschien tussen drie steden in moet gaan zitten. Dus die wederkeerigheid, dat is ook zo'n woord wat ik graag introduceren tussen economie en de stad in algemeen zin of het collective of publiek, die termen moet geen introduceren worden, was nou de wederkeerigheid van jou, wanneer bij je nou de juiste ondernemer op die juiste plek kan je dat naar de stad verantwoorden en de stad gebruikers en de stad bewoners en de stroemen in de stad en alles wat een stad nodig heeft om een beetje te functioneren feind zijn. Dus ik dat is ook mijn plaidoi, het gaat niet over maak bedrijven, tof, ik hoef fan maar maak bedrijven die dan kunnen aantonen dat ze van waarde zijn voor die plek en die verhouding kunnen vinden daarin in anders, dan moeten we weer door. Dat is wat mij bedreft het organische van het programmeren. Daar wil ik toch een beetje kritisch op zijn. De maakbedrijf heeft een bedrijf om te maken en maak is moeilijk genoeg alleen al vanuit zikkele tijd, alle wettenregelgeving en geloof me als maakbedrijf, je bent aan het maken maar je bent ook een bedrijf aan het voeren en elke enjel waren in 1 uur die weet je dat de regels weer veranderen. Ik denk dat naast wederkeerigheid die belangrijk is dat we ook echt meer vanuit een tolerantie moeten doen. Het kan niet zijn dat ik alleen dat bij buurman deelt omdat jij wat oplevert voor mij. Ik moet je ook als mijn buurman deelde of accepteren omdat jij ook gewoon een mens bent of een bedrijf bent en dingen doet ook onder deel bent van de samenleving. We kunnen echt niet allemaal in een pak in een toren, consultancy, dienst te verkopen aan elkaar in cirkels. De zijn mensen die daadwerkelijk dingen moeten kunnen maken in de wereld, dan ze zullen jij als jouw maakbedrijf niet lunchen zorgd in de wijk of kinderen opvankt of wat dan ook dan is jouw maakbedrijf moet eigenlijk maar buiten de stad zodat jouw werknemer eigenlijk daar alleen met een auto kan komen. En Amsterdam hebben we goed openbaar voeren maar voor je niet dat in de rest van Nederland dat niet Amsterdam. Dan moet op maakbedrijven naar een industrie te rijden. die werk nemen, die moeten een auto, die werk nemen kan dus niet meer een stap blijven woorden, want de kanische auto die hebben, die werk nemen, die woont dus een leid z'n rein. En dan komen we in de situatie dat we het maak bedrijf niet in de stad willen, want ze leveren niks op. We willen het de maak her, dus vervolgens als gevolgen niet meer in de stad. En we kennen als we oorsalene maar we oors. Ik kan dit heel positief dus keren. Het kan ook bij die werk neemers leggen. Ik heb mooie verhaal in Londen gehoord waarbij ik me begon bij de werk neem is de wensen, en de werk nemen zijn belangrijkste kapitaal en daarom zijn bedrijf om een paar de plekken gekomen. Ik ben nou heel maaiens met Tric, en ik wil om beetje ik snap wat Arjen zeg. Maar weer niet alle makers en hetzelfde, niet alle makers en oog beschaften kunnen zich verantwoorden. En vragen zijn ze zo gewoon bezig met hun zaak. Daarom maak ik een plek door ik voor het collectief van makers, want binnen die vruitscheld, staat altijd een aantal makers die je voor het voortaalken nemen van binnenin, maar ook van buitenaf. Ik maak een voorbeeld die nog makkelijker is om te snappen. Waakom de neemers vooral de beginen er in deze kleine makers, Landskap, zijn ook niet goed in hun businessmodel goed gezond te houden. Daar ook moet je ze begeleiden en ziet die de ving Brussel de ontwikkelaar maatschappij. De stad bijvoorbeeld doet dat ze selecteren de makers, maar ze maken jarlijks gesprekken met hen. En daarmee zou je ook kunnen aankoppelen een bevusswarding, wat geeft het terug aan de stad? Wat ligt je niet meer het geoppositie hier in de stad? Het zijn allemaal mindset een beleid nieuwe maatregelen die wij met elkaar moeten gaan voeren. Dat gaat juist overweer er zei het heel kaarsoeken, elkaar vinden, hopen, eten hebben, niet meer in je hok blijven. Toch tolereren, want de maak is een maken. Een ramelapper is een ramelapper, dus zonder discrimineren, maar die wil er gewoon zocht en zo'n even uur op een plek in de klant blij maken en ze abond van vijf uur een kind opalen. Dus we moeten elkaar leren vinden. Dankjewel, Rick. Ik kan daar alleen maar bij aansluiten. Ik heb natuurlijk veel van de rikisikos en de volkijlen en de moeilijke dingen benoen. Maar tegelijkertijd zie ik het wel heel optimistisch. Er is zoveel innovatiekrag. Uiteindelijk ondernemers en makers, dus net als water, het vinsen weg wel. Ik ben blij dat er nu vanuit ook uitamtelijk niveau en politiek niveau dat er heel veel meer begrip voor is. Het komt steeds meer op de radar, heel veel van die dingen die er al lang waren worden nu geadapteerd en misschien ook hier een daar wel gekleemd als het succes van. Maar dat is alleen maar mooi. Ik denk dat er echt heel veel mensen met hetzelfde doel werken en dat er ze een meer en verschil samenleving en niet een gezielode moderne verzuiling. Ik denk dat we daar met ze alle echt al wel grote stappen gezet hebben en nog kunnen zetten. Super dankjewel, Arjan. Ik word ook wel een schast natuurlijk overal wat hij besproken is. Aans ook niet een tafel was schijlijk. Ik hoop dat al die ideeën kreeg dat die groepen die combinatie van mensen of het ondernemers zijn of werken of mensen die in toevallig bij elkaar zijn. Dat die op mijn plangebied afkomen en dat we al leer om daar ben ik wel kritie op er moeten gaan leren. We kunnen verweeg het ruimtegebrek. We kunnen ons niet meer voorlopen om vrij te experimenteren en alles maar los te gaan je, maar leren. Dat we daar een periode van nemen. Als stedenbouwer heb ik moeten leren dat geduld moet hebben en een beetje tijd daarvoor moet nemen. Dus misschien moeten we ook het gesprek over vijf en over 10 jaar nog eens keren op diezelfde wijze herhalen. En dan kijken of we het uitgevonden hebben wat het dan is op al die verschillende niveaus. Van hoe zien die gebouwen eruit of die straat of die plijnen en hoe is dat gebruik dan en wat zijn heeft er ooit gespeeld. En wat moeten we daarvoor regelgeving of voor principe voor bedenken omdat een succes te laten zijn of te faciliteren zodat iedereen alles als kans er even gezien in plaats van als probleem. Ik denk dat we nu de moeilijke tijd door moeten die tipping point, die op structies die opgeworpen zijn tot nu toe. Dat moeten we even doorheen zien te komen. Ik mag nog een tijdje jullie ook volgens mij moeten we vooral blijven doorgaan met deze ideeën en welkom in afstad. Dus dat is goed in goede aarde en in ieder geval in onze denkwereld als planty. Heer erg bedankt alle drie voor jullie koest. Dank je wel. Dank je wel.

Podcast Summary

Key Points:

  1. Er is een groot tekort aan woningen in Nederlandse steden, wat leidt tot een noodzaak om wonen en werken te mengen in schaarse stedelijke ruimte.
  2. De historische scheiding van functies (zonering) uit het modernisme wordt nu heroverwogen vanwege ruimtegebrek en de behoefte aan levendige, gemengde wijken.
  3. Het mengen van wonen met maakindustrie brengt juridische, financiële en ontwerpuitdagingen met zich mee, evenals culturele aanpassingen bij zowel bewoners als ondernemers.
  4. Voordelen van gemengde wijken zijn onder meer synergie tussen bedrijven, korte afstanden, en mogelijkheden voor circulaire economie en sociale cohesie.
  5. Praktijkvoorbeelden zoals Micro-lap in Eindhoven tonen aan dat gestapelde werkplaatsen en kantoren leiden tot nieuwe samenwerkingen, maar ook tot frictie door geluidsoverlast.
  6. Er is behoefte aan meer experimenten en organische ontwikkeling, waarbij diversiteit op verschillende schaalniveaus wordt omarmd.

Summary:

Deze podcastaflevering bespreekt de uitdagingen en kansen van het mengen van wonen en werken in Nederlandse steden, met focus op de maakindustrie. Door het woningtekort en schaarse ruimte wordt de historische functiescheiding uit het modernisme heroverwogen. Bernadine Bora benadrukt dat dit niet alleen technische en juridische uitdagingen met zich meebrengt, maar ook een cultuuromslag vereist: ondernemers voelen zich bedreigd door nabijgelegen woningen, terwijl bewoners overlast ervaren.

Arjan Klok voegt toe dat een ideale stad variatie moet bieden op verschillende schaalniveaus, van de hele stad tot de buurt. 000 arbeidsplaatsen gemengd, wat kansen biedt voor synergie, zoals warmte-uitwisseling en circulaire initiatieven. Rick Visser van Micro-lap laat met een praktijkvoorbeeld zien dat gestapelde werkplaatsen en kantoren leiden tot samenwerking, maar ook tot frictie door geluidsoverlast.

De conclusie is dat meer experimenten en organische ontwikkeling nodig zijn, waarbij diversiteit wordt gevierd, zowel op pandniveau als op stadsniveau. Dit vraagt om flexibiliteit in regelgeving en een nieuwe manier van samenleven.

FAQs

Vanwege ruimteschaarste en groei in steden is het scheiden van wonen en werken niet langer houdbaar. Menging biedt kansen voor efficiënter ruimtegebruik en levendige wijken.

Bewoners profiteren van nabijheid van werk, voorzieningen en een levendige omgeving. Het kan ook leiden tot nieuwe samenwerkingen en een gevoel van gemeenschap.

Er zijn juridische, financiële en ontwerpuitdagingen, zoals geluidsoverlast en stank. Ook is er een cultuurverandering nodig bij zowel bewoners als ondernemers om elkaar te begrijpen.

Door goede ruimtelijke planning, zoals het stapelen van werkplaatsen in gebouwen, en door duidelijke afspraken over geluid en tijden. Ook bewustwording en dialoog tussen partijen helpen.

Micro-lap in Eindhoven is een gestapelde werkvloer met werkplaatsen en kantoren, waar makers en creatieven samenwerken. Dit leidt tot nieuwe samenwerkingen en kennisdeling.

De maakindustrie biedt banen, draagt bij aan de economie en kan circulaire processen ondersteunen. Het behoud ervan in de stad voorkomt lange reistijden en versterkt de lokale gemeenschap.

Chat with AI

Loading...

Pro features

Go deeper with this episode

Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.