In the podcast "Moetelo's leven en werken," Linda Spamhoek and her friends delve into simplifying various aspects of life, particularly focusing on experiences with burnout. They emphasize the significance of examining one's thoughts and how this can impact mental well-being. Reflecting on one's thinking patterns can offer insights into managing stress and avoiding burnout. By understanding the nature of thoughts and learning to observe them without getting caught up in them, individuals can cultivate a sense of calm and resilience. The hosts share personal anecdotes and discuss the importance of stepping back from negative thought patterns to maintain a healthy mindset. Their discussions highlight the power of self-awareness in navigating challenges and promoting mental wellness.
Transcription
6574 Words, 34158 Characters
MUZIEK. Welkom bij Moetelo's leven en werken. Je wekelijks een shift naar verenvoudiging. Linda Spamhoek en friends bespreken elke week en aspect van het bestaan. dat makkelijker mag. Welkom luisteraars. Ik ben Linda en last mij. Op? Rotterdam en Eindruk. Eindruk, Eindruk. Eindruk, yes, yes. Ik ben al een jaar aangropsen bijna jaar. Er hopse kopantseur of dienkje mee doet. En jij hebt de facilletheed oplein gehad. In het coronajar 2020? 2020, ja. Dus laten we met scherpjes tussels in. Mochten we niet hoesteproestepen. En wij willen het vandaag over buurnaut hebben. omdat we daar allebei ervaring mee hebben. Zeker, ik ook niet op mijn werk krijg we nu mee luisteren. Voor mij is die buurnaut al weer langer geleden. En dat is natuurlijk als je alle podcast hebt luisterd uit deze serie. dan ben je buurnaut en stres natuurlijk al een vaker tegengekomen. Toch vond het heel leuk om er nog een keer naar te kijken. Omdat het zo'n onderwerp is wat het lijkt te blijven leven in de media. Je hoort, ik hoor nog steeds veel praten over buurnaut. En ik vind het ook heel koeel dat ik dingen terugkrijgen. Bijvoorbeeld een tatarts die met een buurnaut thuis had. Een hele serie podcast heeft geluisterd. Een twee weken later was de buurnaut gewoon weg. En mensen geloofden niet eens dat de buurnaut weg was. Maar het was voor haar heel duidelijk dat dat zo was. Dus dat inzicht in die drie principes waren. Die drie principes waren die aan de basis liggen van waar wij hier praten. Kans er op een hoepzaam zijn bij dan zo'n ding ja. Maar dan is het even de vraag hoe gaan we beginnen? Hoe steek we het in? Nou ja, ik kan even meenemen naar mijn allereerde. Maar heb je het trouwens een beetje voids? Hierzo? -Oh ja. Ja, dat gaat goed, toch? Als ik kijkt naar mijn allereerste heftig gebeurde oud, dat is er 2.000, nou ik weet niet, geweest. Als ik daar nu naar terugkrijg, dan kijk ik zeg maar met de driepebreel op was dat een groot gedachte storm. Een gigantische gedachte storm. Het was niet die stapel schriften die op mijn bureau lag. Het was niet een lastige directeur. Het was niet een de lastige klast die ik voor maalt of de gesprekken waar ik tegenover. Dat was altijd het denken over de dossierstie op mijn bureau lagen. Of, oh, het zou ik komen al die rapport gesprek. Hoe ga ik dat regelen? Hoe ga ik dat mannetje? Hoe ga ik dat over? Daar werd zoveel overnaartigd. En opgeven het is dat nadenken dat het lijkt bijna als dat soort eigen leven krijgt. Je bent bij de hele dag mee bezig, dus niet tijd voor iets anders. En bij mij sloeg dat opgeven met op mijn lijf. Dus als ontzettend slechtswapen, ik weet dat een van de bedrijfsartse de typgaf ja gaan wandelen. Ik kwam een stoel niet eens uit, want die kop die bleef maar maal en maal. Slapen, ik heb slaappillens, slaapmedikatie gehad, dan werd ik wakker. En begon die kop weer, ging maar dag en dag door. En dat maakte me mo, maar het was niet schol. Ik denk dat die stapel schriften die op je tafel ligt, het is maar papier, dat kan niks doen. Die oude die tegenover je ziet. Ja, die kan wel ervoor zorgen dat ik dit een hele vervelend gesprek vind. Maar het blijft gewoon heel neutral een gesprek me naar oude. Ja, dat doet me wel denken aan de beurenhoud die ik altijd had. Ook tafelstukend onderwijs zat, maar het heeft niks met onderwijs te maken. Dat wil ik er wel eens voorbij zeggen. Het heeft eigenlijk niks te maken met het werk dat je doet. Kom me voorstellen dat je zelfs beurenhoud krijgt als je niet eens werkt doet. Bij mij was het zo dat ik in er daar net wat jij zegt, ik had heel veel gedachte over van alles en nog wat. Om te beginnen vond ik dat ik gaf les in een noodgebouw waar het heel gehoorige was. Dus als iemand een penliet vallen dan handen dan. Als ik kinderen om te vluisteren, dan gaf dat ook gewoon. Dan ging ze proberen ze over elkaar, onbewust over elkaar heen te praten. Dus ik zat verdurend in een omgeving met heel veel geluid, waar ik. Wat ik heel vervelend vond. Maar daar zat ook zo'n sportje bij. Ja, ik zit in een noodgebouw terwijl het grofst van de lesse, het grofst van mijn collega zit gewoon in het hoofdgebouw. Waar je een normale ontstandigheden hebt. Dus dat bij mij ook zo'n dingetje onder van, ik word ook niet goed behandeld. En ik deed het zelf een. Ik studeerde toen pedagologie, misschien twee avond in de week naar collega. Ik had jonge kinderen thuis en ik werk dan ook weer vier dagen in de week op school. En toen zou ik. Ik was gevraagd of ik een bepaalde training wilde doen, dat wilde ik wel. Maar ik dacht dat het een training was voor mijn eigen ontwikkeling. En dat het een twee dagen op drie dagen de training was, toen bleek dat ze me al opgegeven voor een. training de trainer-opleiding. Stap je verder. Heel veel jaren later is het best handig dat ik die. die opleiding toen gedaan heb. Maar de kreeg ik er dus nog een training de trainer-opleiding bovenop. Dat vond ik zelf wel heel spannend met en die universitairstudent en de kinderen en dat werk. Dus daar begon al van hoe het is wel veel. En ook daar weer van, ik ben daar ingeluist. Ik had ook mee kunnen zeggen, ik had ook daar mijn directeur kunnen gaan en zeggen, nee, nee, nee. Dat gaat niet door, dat wordt er veel. Maar toegeven dat iets de veel was. Daar had ik ook heel veel gedacht over, dat kon eigenlijk ook niet. Dus ik ging maar door en ik ging maar door. als maar denkend. -Dekend. -As maar denkend. Hoe zwaar ik het had? En hoe? Ik had, ik moet zeggen, ik deed wel als lachtoverschap. Ik weet niet of dat bij jou ook mee speelde of dat dat een punige dingje bij mij is. En er eigenlijk is dat de slachtoverrol natuurlijk altijd niet erin zit. Ik ben niet goed genoeg om deze klas aan te kunnen. Wat als zometeen de directeur loos komt en die ziet dat de kinderen dat doen ze niet. Maar bov op de tafel staan of wat als er toevallig iemand binnenkomt en ik. maar zeggen de verkeerde dingen tegen de leven. Dat is ook zo'n onostroompje. Wat er komt dus de eerste, ik ben niet goed genoeg om dit vak te doen. Terwijl dat wel bent. Maar het zit erg, het is ook heel. Nou, bij een latent treift dat mee. En wat mij betreft ook veel denken over dat je het wel zou moeten kunnen. En het valt uiteindelijk. Ik heb iedereen kan gewoon voor zo'n klas staan of iedereen kan. een studie doen, terwijl die kinderen heeft aan die klas. Dat was niet de enige universiteit in die situatie. Dus ik moet het gewoon kunnen. Terwijl het klopt. Het moet kunnen en dat dat blijft dan. Ja, ik ga het in de opleiding over die tickertapen. Dat is wat de hele dag. maar rond draait dat. Moet je denken, volgens een alaaksraage? Ja, de tickertapen is gewoon een strookje. Ik ben niet goed genoeg, ik kan het niet, ik kan het wel. Ik moet het doen. Eindelijk zijn dat word je, die continu de hele dag. gehaald worden en maar gehaald worden. Ja, zoals je bijvoorbeeld bij RTL's heeft, waar je de RTL's heeft kijkt, dan heb je een presentaat. waar die iets had vertellen is en dan lopen twee van die tickertapes onder langs. Waarvan één de nieuwsveitjes geeft en de ander die geeft de koersen. En ik denk wel eens van, we hebben vaak ook zo'n tickertap, zeker als je in de. zeg maar, in aloon naar een burnaal. Want dan leef je gewoon het leven, dat is als het waren de presentatuur, die daarst het verhaal doet. Je leeft het leven, maar hij hebt je ook een tickertapje waar met nieuwtjes. angstige nieuwtjes over de toekomsten. Het zijn eigenlijk niet echt nieuwtjes, maar gedachten over wat er mis zou kunnen gaan, wat er nog moet gebeuren, wat je niet mag vergeten. Wat er misschien als extra gedaan moet worden, ook al, is dat niet eigen vraag, maar het zou wel beter zijn. En dan is er ook nog een tickertap met ook een soort van de koers, maar dan de koers hoe je je voelt. Ben ik moe. Hij is het hoofdwoord van elke tickertapjes. Ik, als ik maar me goed voel, als ik me niet goed voel. Het enkeje is dan heel belangrijk, ja. Maar goed, daar zeg je iets, dat ik je heel belangrijk. Ik weet niet, maar jou is, ik heb hem nog niet kunnen uitschakelen. Die tickertap, dat ik je hoor. Wat doe je gewoon? Ja, dat doe ik maar denken aan. Ja, weet je je, je zorgt ook wel zo'n speeltwele kringen. Je moet je eeuw gewoon droppen. Ja, dank je, de koekhoek. Wat droppen we dan? Ja, gewoon wat ik nu steeds vaak is, dan droppen we een verhaal. Een verhaal van, ik ben erop, ik ben de meester, en ik moet het goed doen in deze groep. Ik werk weer net drie jaar op deze school, dus ik moet daar laten zien wat ik in huis heb. Ik ben zeven en vijftig jaar, dus ik mag niet, de oude meester zijn met z'n oude. Ik doe het al 3, 30 jaar, dus ik doe het al 3, 30 jaar goed. Dat zijn allemaal van die ik verhaal, het is die meest peelen, dan. Met dat vind ik wel een hele coole om echt even mijn stil te staan als een leermomentje. We zitten hier als een voormalige juf en een huidige meester. Een leermomentje voor onze luisterhuis, dat we zo veel verhalen over ons. Dat is zelf hebben, die we geloven denken in stand te moeten houden, denken te moeten verdedigen. En dat lijkt voor mij een combinatie die vrijkilling is, die erg vanmuurd is ook. Ja, vooral omdat de hele dag voorbij komt, en het opgeeft ook het in je lijf gaat doen. Dat heeft de volgens mij zegt dat er die gedachten die putten je opgeven, het letterlijk uit. Dan ga je aan de slaapmedicatie, dan ga je die wandelen die niet met maken. De bedrijfshuis, je blieft, je smitt op zet op je koptelefon. Wat hoor je, je eigen wand won ik zelf dat, dat ik nu allemaal niet dan. Dat gaat maar door, het stopt niet. Ik weet niet eens of ik gereestreerd dat dat ik niet goed sliep, ik weet niet of dat was gevallen, maar ik ben gewoon op een avond een soort van ingestort. Ik kan thuis van de avondcolletje en ik voel me zo rond en ik ben in de woonkamer op het kleed gaan liggen. Het is echt zo plattig om me rug op het kleed in de woonkamer. Ik weet niet wat er me aan de hand is, maar ik kan geen pak muziekken. En uiteindelijk na een tijdje ben ik toch boven naar bedgegaan en de volgende dag was het licht gewoon uit. Ik werd wakker en ik kon eigenlijk nauwelijks meer met zijd. Ik had nulconcentratie, ik kon niet, ik kon niet eens meer koken, want die vier pitten. Dat zelfs als ik een eitje kookte, dan moest ik blijven staan. En dan moest ik naar die pan blijven kijken, want als ik dan alweer vergeten. Ik weet dat ik opgeve met een boodschappenmoezoon, ik hoef de alleen maar kipfilete halen. En ik denk dat de winkel 700 meter 50, 750 meter verder was. En dat ik uit eindig jaar bestom het eek om mijn part naar thuis, dan moet ik die kipfilet om wel gehaald. Dus ik ben. Ja, ja, ja, zeg maar, op de nul 5 naar de winkel gaan, dat is dat ik bij Albert Heist om neem. Dat kan wel niet doen. - Dat kan wel niet doen. Maar gewoon niet weten meer wat je dit is, echt volledig de weg kwijt zijn. Dat je weer op een rote tondelijk kwam en dacht op geven met. Als ik nu links te rote tond, dan neem ik voor alles af. Ja. - Dat echt wel verhaal wordt dan ineens weer. Je doet het niet. Maar het is wel verhaal waarvan je schrikt. - Ja. Nou, en ik heb dat soort gedachte ook gehad, en ik heb het ook niet gedaan, zoals je merkt. Groet. - Maar, wat jij en ik dan blijkt waar allebei. Blijkbaar zijn wij niet dermaten van die gedachte geschrokken. Dat daar weer een verhaal ontstond, want er zijn natuurlijk ook zat mensen die. waar die gedachte opkond. En die dan zeggen, ik ben dus depressieve, en misschien is dat ook wel de correcte term dat weet ik niet. Maar dan, maar dan zo schrikken van die gedachte dat dat weer een ding opzicht geworden. En dat er, dat er angst ontstaat voor suicidale gedachte en. Ja, als je ergens angst voor hebt, dan denk je er veel aan. En hoe meer je er aan denkt, hoe vaker die dat diepe gedachte hierbij komt. Hey, en daar hebben we zo in ons vrouw, zet een paar dingen die onze luisteraars gehoord kunnen hebben. waarvan ze misschien denken, oh ja, dat doe ik ook. Dat kan ik misschien wel stoppen of hoe heet het is verheldend. Maar als je nu terugkijkt en je zou een soort van, ja, les, je moet geven over. Lessens durnt, zeg maar, van toen de ervaring met de burn-out. En nu inzicht in de 3-principles. Nou, eh, dat was net zijn, de 2020 kelles gemaakt met jullie als slagesdokters. wat ik over het eerst helemaal niks vond. Dat je ervaring veel te vronen komt op de heide dat je in de helft verhaalt is. Dat je je zo serieus onderwerp kan je niet overgiebbelen gegeten. Maar je blijkt dat je doorgezet hebt. Je zit het nu zelfs. Je zit zelfs onderwerp. Nou, ja, maar voor mensen die is een burn-outzitter, is het ook voor, he? Ze zijn heel serieus onderwerp. Alleen wat ik nu in de lof van de jaren ben gaan zien. dat ik zit naar mijn eigen dachten te kijken. Ik heb uiteindelijk een blokje geschreven van het gedachte te jaten. Je kunt of in het toenelstuk zit, he? Dus je beleeft al die gedachte, je voelt alle spalingen, je voelt de vrolijkheid ervan. Of je ziet wat er gebeurt. En dat is heel lastig omdat dat te pakken. Maar binnen no-time zit je weer in het toenelstuk. Maar soms lukt het, he, maar wat gebeurt hier nou? Welk verhaal komt hier nu voorbij? En dat zei van die hele kleine momentjes, die geven mij heel veel rust. Oh, ik zit dus naar mijn eigen dachten te kijken. En voor het wedstrijd zit ik hier weer in. En ik ben ook weer even uit. En dat is wat ik meehem met het paradicht maa dit deden zienswijzen. Ja, dat heeft mij heel veel inzicht gegeven. En nog steeds. Ja. Ja, want als ik jou heel hoor zeggen van je zit zo snel in het toenelstuk. In plaats van dat je er naar kijkt, dat is vandaan het de reproducipes gezien ook logisch. En dat is een wetmatigheid, zou je kunnen zeggen, als het is niet iets waar je inhoeftig lopen. Je hoeft de reproducipes ook niet te doen. Het is een wetmatigheid zoals de zwaartekracht. En die wetmatigheid zegt in feite dat je leeft en je beleeft het denken. Anders gezegd, er is altijd denken, dat kan je ook zo toetsen. Zijn de hele dag doorkomen er gedachten op. Die gedachten die komen als het waren als blauwe hinein. Het is niet en zoveel jij een gedachten van een rikje hoofd hebt. Zo voelt het soms wel, maar dat is niet het geval. Die gedachten komen op, niemand weet waarvan gaan. Het is komen op en ons bewust zijn geeft er als het waren kleurgeur en smaak aan. En dat is waardoor denken zo echt voelt. Als je een gedachten zou kunnen hebben zonder gevoel, zonder sensaties, dan doet hij niet zo veel. Maar veel van wat er in ons opkomt aan denken. Kom wordt geanimeerd en dat leif gaat meedoen en als het leif mee gaat doen. Dan zit je als het waren in het tonilstuk. Maar en als je weet dat dat is wat er gebeurt, dat het denken geanimeerd wordt. En omdat dat leif mee gaat doen, dat het zo echt maakt. Als je dat weet, en je weet dat het een wetmatigheid is, maar dat het niks zegt over de waardewaarheid gehaald van je denken, dan kan er wel losse gainkomen. Ik moet ook een eens denken aan zo'n bekend voorbeeld. Ik zit hier met een chocolatje. Nou, vind ik chocolat, of al een giel erg lekker. Dus als. Nee, dus eigenlijk niet goed voorbeeld ik zit hier met dat chocolatje. Maar wat daar kan gebeuren als ik nu tegen je zou zeggen, denk eens aan je lievelingsethe. Het eten met je echt het allerlekkers vindt. En wil je het even voorstellen hoe het er uitziet, hoe het ruikt. En als je er een hapje van neemt, als je een hapje van neemt, hoe dat dan voelt in je mond. Hij is echt het werk van het hart, wat gebeurt dat? Nee, ik ben altijd een meezam met apeltaart in de klas. Dus ik zie gelijk stuk apeltaart en begint je altijd een werkje. Ja, dus dan krijg je speksel in je mond. Dat is invijt, zo dat is hoe het werkt, want dan is er alleen maar een gedachte. Je lievelingsethe is er nu niet. Rob, zo'n apeltaart is er nu, helaas. helaas, helaas, helaas. En je had wel net lekker nog. Ja, ja, dat was een hele klekkertje. Maar die apeltaart is er niet, je denkt er alleen maar aan en je lijf reageert. En dat is altijd zo. Dus op het moment dat je denkt aan een stapel door Shees, of je denkt aan. Dat je voldoende gesprek. -Houdig gesprek, ja. Ja, daar potten die ingevuld moeten worden. Je lijf doet mee, terwijl het het het het probleem is er eigenlijk niet. De apeltaart is er niet, het oude gesprek is er niet. Nou, ik had misschien wel een grappel voorbeeld, dat ik vorige week was, ik thuis bezig in de huis en de meest. We was rekje valt om. En ik voelde echt een grote cramp in mijn lijf. En toen je het laatst was, ik heb hem even een wasrekje bij te staan. Waar komt het vandaag? Maar dat lijf was direct, reageert direct. Dat ziet er veel vaak ook, ook ondelingen op school, dat je de gebeurd is. Er is gelijk een soort paniekrejaad, een reactie. En als je dat nog kijkert, dat is niks aan hand. -Ja. En het lijkt wel, als of we dat vaak niet. het snel genoeld door hebben. En bij dit soort hele overduidelijke dingen zoals een denk aan een wasrekje, want hij was heel grappig. Dat is heel zeer hoor. Maar dat kijkken we nog wel herken bij herkennen, maar als je bijvoorbeeld denkt aan de oude gesprekken voor volgende week. En je voeltje dan z'nwachtig worden of je voeltje bij vol, maar het prozoek worden omdat je die. je weet gewoon dat je niet ontzettend vervelende oude weer voor je neus krijgt. Echt kan er nu ook wat er worden. Op dat moment hebben we vaak niet in de gaten dat we alleen maar tegen denk aan zitten te kijken. In dat moment lijkt het, ja, maar dat is toch echt. Dat oude gesprek gaat toch komen. Maar het is denken over dat oude gesprekken, maar wat stel je voor dat? Ik heb volgende week wel veel oude gesprekken gehad. En dan kijk je naar de lijst, denk ik, die oude, die oude kijkt op het schopen en nooit zo aardig daarbij. En dan zie ik die daar zo meteen en dit is het gelijk als wordt paniekreaktie. Dat kan je zeggen, er is dus niets aan de hand, maar alleen het wordt genoeg, door het alleen het regereel is er een paniekreaktie. En de achteraf niet om te zeggen, maar het valt wel mee, want dan ga je weer in hout van die gedachten, nee, alleen maar, oh, dat was niet. Ja, dat is wel heel mooi dat je dat zegt, want dat zijn we wel geneegd, he? Om het dan de soort van goed te gaan zien te praten, of weg te proberen te praten. En eigenlijk krijgt zo'n gedachten dan meer aandacht, dat niet. Dat geeft een vorm of geeft me in hout dan. En precies, wat je zegt, kost een realiseren, dat is dat aan de hand is. Dat maakt heel veel verschil. Voor mij geeft dat heel veel. Tuurlijk, het is lastig dat ze voorbij komen, liever zou je ze niet willen hebben, maar het gebeurt gewoon dan. Dus het is alleen maar het vijt, oh, daar is die. Lekker laten gaan, meer hoeven je niet te doen dan. En soms duik je erin en dan wordt het vanal geadimert hier en dan denk je, dan rijden we het niet. Jongen, waar wordt er een contract omgemaakt? Ja, dat ben je er even, eerst trapt us zo. Of dan zit je in het tunnelstuk. Ja, en volgens mij is het niet eens erg om in het tunnelstuk te zitten, he? Als je maar ook regelmatig hebt, toch even die afstand of die rust of die. Ook kan voelen, want als je alleen maar in het tunnelstuk zit, alleen maar geloofd wat je denkt. Ja, wat ik merk is dat je, hoe lang in deze richting kijkt, hoe vaak je uit dat tunnelstukje stapt en dan ontzettend om te lachen. En even laten we weer in zitten, maar dat in en uitstappen. Zo niet iets wat je beust doet, dat is ook wat hier gebeurt. Dat is wel van steeds vaker. Dat is geeft voor mij in het onderwijs, maar ook privé geeft dat zo veel relaxheid. Ik wil een beetje alleen op vakantie, ik heb er geloofd twee maanden verhaal over gehad. Dat geeft we dat je je houdt even open, laat maar. Dus dan ben je neens zit je op een avond op 11 uur bij een boeken. Om blijp al was er op dat moment geen waalt. -Ja. -Ja, grappig om te op te merken. -Ja, leuk hè, ja. En is er nog een ander aspect, waar we er nog niet over gehad hebben, waarvoor je zegt dat dat is ook wel. Als je in een burnauit zit, of je dreigde burnauit te krijgen. Ook bedenken je zelf trouwens, we hebben het nou over het burnauit als of het iets is. Nee, het is niks. -Nee, maar. -Nee, maar dat is. Nu denken mensen via jou als jij vroeger van maandjaar bent. -Ja, ja, ja, toch. Dat is het wel heel makkelijk te doen, maar doodt er net geen gezegd dat ik een burnauit zit. Ik heb me psycholog bevestigd. -Ja. Nee, wat misschien, als je zo'n traject zit van het langs om gewoon in een burnauit of je zit te midden in. Het is gewoon eens kijken, maar waar. Wat is het nou? Zit ik nou in de daad tegen de hele dag tegen dat verdachtevrouw aan te kijken of is het iets anders aan de hand? Maar mij was het echt alleen maar het gedachtevrouw. Het onderwijs kan je niet echt over spannen raken door zwaar werk. Dat. Nee, het is mij wel niet gelukt. -Nee. Nee, dat is. Ja, voor mij zitten wij bij burnauit ook iets dat het een. mijn ogen een concept is. We doen, als of burnauit, vast staan dinges. Ja, als of het zo als je een marmere grafsteem kan hebben. Dat is zo'n lieden, dat heeft een bepaalde afmeting. Het is een bepaald materiaal gemaakt. Daar staat hij die steem. -Ja. Rok zal het. -Ja. En als we het hebben over burnauit, praten we er vaak over als of het net zo'n lieden is. Terwijl een burn. De term burnauit gebruikt wordt voor een hele verzameling klachten. En dingen waar mensen last van hebben, zoals van moeiteis, zoals slechtslapen, zoals. En dan wordt er vaak gedacht wat nou nu heb je dat ding. En om van dit ding af te komen, moet je hele specifieke. acties of oefeningen doen. -Ja. En het duurt ook een bepaalde periode om van dit ding af te komen. En wat we dan vergeten, dat kan agarske moeilijk zijn om te zien, waarom je zeker als je midden in al die gedachte stormen ziet. Maar we vergeten dat waar iemand last van heeft, is een overdaad aan denken, een overdaad aan geloof in denken, en een lijf dat lekker, maar niet lekker. En wat dat mee acteert. -Ja. En wat flink van slag geraakt is door een overload aan stress, en dan hoort m'n ono omdat al die angstregen gedachte, al die zorgelijke gedachte, dat roept wel, aarder in een lini-cortisiel en dat soort grappen maken. Dus dat lijf is een beetje verslag, of heel erg verslag. Maar door burn-out te poneren als een ding dat jij hebt. En dat ben ik arts of en psychologen dan geef ik jou, dan geef ik jou toch een masieverding. Dat tors jij dan mee op je rug. Wat je vertelt, je moet veel moeit te doen om daar weer van af te komen. Je moet ook echt vaker wordt er al tans dat was bij mij. Maar het eigenlijk ook wel niet te andere termen werd, eigenlijk gezegd 'm karakter anders moest'. Het was een karakter foutje. -En een mal een burn-out, dan krijg je er nog veel meer. Ja, dan kan het ook door onze bed. -Ja, dat is klopt. Ja, bij mij is dat een ruftje. -Ja. En je wordt nooit meer te zelden? -Ja, nou, dat hoop ik, want het zou toch jammer zijn als je. en als negenbefeid, dat je 59 jaar dezelfde bedt, dat is fijn. Maar daar zeggen we ook dingen tegen elkaar, hè? -Nee, fuck man, als ik morhoog de opstaan ben ik niet meer te zelden als nu. Dan is ik benien hoeveel cellen van mijn cellen laten hebben bent, niet meer cellen ben ik gemaakt. Ik heb nieuwe gedachte, nieuwe ervaringen, dus natuurlijk ben ik niet meer te zelden als gister. Laat staan als een half jaar geleden. Maar wat ik met name effetjes op veel afmaken is dat feit dat je. je krijgt een concept toegeschoven, waar ook ook allerlei ideeën over zijn. hoe langer duurt, waar het er komt en hoe je het moet oplossen. En als je gaat herkennen, dat dat allemaal dat zelf de spul is, het is allemaal gedachte die geloofd worden, denken dat geloofd wordt. En de psycholoogde art die jou die burn uit voorschrijft of aanrijkt. die doet dat ook omdat hij daarin geloofd, dat doen mensen ook niet uit qua de wil. Maar er valt wel te herkennen, hè? Dat het een hele conceptuele constructie is, en die uitgekleed neer komt op. Je hebt heel veel denken en ben heel veel moe van gooien. Het is bijna een nieuwe onderwerp van podcast. De concepten worden om burden out. -Ja, ja. Maar goed, ze hebben tijd om daar nu nog even naar te kijken. -Ja. Want er komen er in jou op? -Ja, dat. Ja, zoveel maanden, zoveel jaar je een burnhout hebt opgebouwd. Want het blijkt waar is er een moment waarop je kunt zeggen, maar nu ben je begin met het starten van een burnhout tot moment dat je. naar de bedrijf zat gaat. Dat bij mij was dat ik weer 9 maanden. En dat toen zei de bedrijf op, maar dat is toch minimaal 9 maanden. voor dat je weer terug kunt naar je werk. Maar dat vind ik een appen dan. Dat je uurtjes terug mag, elke dag een uurtje terug mag naar je werk. En dat we altijd een leerkacht uiteindelijk zijn dag voor de klas, dan blijven pakken dat dus ook, maar de volgende dag, ja. Dan lukt dat weer niet om een uurtje te werken. Ik weet zo dat ik toen heel veel moest gaan mediteren. Als iets op dat moment niet werkt is, je zit met een volhoofd en dan moet je. gaan mediteren welke voor hem dan ook, maar ik krijg dat er over nooit stil. Dus ja, er staat alle oplossingen bij het eindelijk is dit waar we nu tegenaan. waar ik nu tegenaan gelopen ben, dat is voor mij ja. De zinse wijze die rustgegeven heeft. En waar zit hier rust om in? Door het herkend van gebabbel, ja oft. En die komt voor mij en gaat ook weer. Ik heb er heel veel gepiekerd, macht een lang gepiekerd. En dat lukt nu gewoon niet eens meer. Misschien zou ik mij dan moeten gaan pikken, maar waarom ben ik niet meer pikken? En van die lukt dat gewoon niet meer. Af en toe is dit dat gebabbel zit, opkamp, er is het weer. En je valt er verder een slapen, zonder medikatie of wat er nog kan. Ja, cool, hebben we nog iets laten liggen wat we nu willen vertellen. Wat toevallig heb ik vorige week. 9-2 week geleden de podcast met Margrette over vermoeidheid, omdat er. ook veel mensen met vermoeidheid klachten bij de huisarts komen. Dus vermoeidheid anzicht hebben we de vorige podcast ook over gehad. Maar specifiek buurden oud. Ik. Ja, nog maar voor mij zit die vermoeidheid niet in. die 12 kilometer die er dan misschien gaat lopen om tot rust te komen. Maar dat overmatige, dwermatige. denkende water is. -Ja. En wat je dan heet zijn en het blijft maar komen, maar. Ja, en ik ben 7 uur ook ineens, wat voor mij ook een woord is. Alles belangrijk maken en ik weet niet of je dat bewust doet. Maar om het ziet alles er belangrijk uit, de meest kleine aspecten moeten. Ja. - Het kan gewoon niet zonder dat, want als dat niet gebeurt dan. Ik weet dat ik zoveel. Ik kon ook zo boos worden als iemand sugereerde dat ik toch ook. En dan kijk je die proewerken toch een week later na. -Oh, nee. Vandaag omdat je dat vindt dat dat hoort. Dat moet. Ja. En dat vind ik nog even een leuk denksportje om te volgen. Omdat je denkt dat het moet. Want wat gaat er meis? En dat heb ik wel een leuk over, misschien ben ik wel van de oude stempel. Maar ik vind dat alles maangekeken moet worden. Dat je de volgende dag het werk aan de kinderen moet kunnen laten zien of je moet gezien hebben. waar nog wat op de volgende dag is structie opgegeven moet worden. Maar er zijn ook collega's die zeggen, heel lekker laten gaan. Maar er zit hier zo spoorje, ja, maar wat als zo'n schrift bij een oude terecht komt. wat als mijn directeur bekeert je binnenkomt en die kijkt door een schrift en die ziet dat er geen strepen staan dan. En wat zegt mijn directeur, jouw bladetreffendoe en lekker laten gaan. Maar dat spoorje, dat is zo hard mekker. -Ja. En wat ik dan hoor is een spoorje over eigenlijk dat andere mensen je gedrag of je lesgeef zouden kunnen afgaan. En dan denk ik, als ik hem even doortrek, zouden mensen die gevoelig zijn voor een burnout of een burnout krijgen of hebben gehad. Zou daar niet altijd iets zitten van bang om niet goed genoeg bevonden te worden? Waardoor je ook altijd net te veel doet? -Ja. Dat zou ik kunnen. Ja maar dat spoorje, ik ben niet goed genoeg dat het. nog wat er echt is, misschien zijn er wel drie ticken teefen, maar dat is een heel kleintje die ik al. maar misschien dat die altijd wel rond draai, altijd goed. Ik ben niet goed genoeg dat ik dit wel ben, ik ben wel goed genoeg om dit te kunnen uit. Noem maar op, noem maar op. -Ja. Zo, ja. En wat ik koel vind om te zien of het geurigde weet ik eigenlijk niet. Maar na al die jaren dat ik nu praten over en praten met mensen over de repressiepus. Dat iedereen zonder uitzondering heeft ergens zo'n. dat ticken teefje lopen en bij de één klinkt die als ik ben niet goed genoeg. Bij de ander klinkt die ik worden niet bij. Ook als mensen die, ik mag er niet zijn, maar altijd iets van. dat je wat neerkomt op je ben niet goed genoeg. -Ja. En dat iemand daar achter gaat komen. En dan vind ik het heel interessant om twee dingen om te weten. dat je niet hoeft te proberen van die gedachten af te komen. Want het is alleen maar een gedachte, het is niks, he? -Nee. Het is niet waar, het voelt misschien waar, maar het is gewoon net. dat is dat lievelingseten waar ik het net over had, die apeltuart. Ik ben niet goed genoeg, dus niet er anders dan die apeltuart waar jij net speeksel van in je mond kreeg. En andere dingen wat ik interessant vind is dat je eigenlijk terugkomt koppelen. wat jij veel eerder in deze podcast zei, ik ben niet goed genoeg. En wel, en jij constateerde, daar is eigenlijk een heel verhaal over ik er. En dat verhaal is niet goed genoeg. Want ik is alleen maar dat hele ik er is in verhaal. -Ja, het is een gewiekelspaal. Ja, het is een verhaal en dat verhaal is dan niet goed genoeg. Maar het is een verhaal, he? -Ja. Het is uit je duim gezogen. -Ja. Wat morgen is weer een ander verhaal? Morgen is weer een ander ik verhaal. Mijn ander ik verhaal? -O, het is een ik verhaal. Misschien is het er ja wel een week. Wie dan ook een stukje in dat ik verhaal, een blotzij die eigenlijk al jarenlang hetzelfde is, maar dat maakt hem niet waar. -Ja. Nou, grap voorbeeld, ik ben al je dein hapternom teruggekomen. Voor het proces was het belangrijk dat ik iets over mezelf vertelde. Nou, dan ligt je er op de bank en dat is 9 uur, zorgt het. En dan vertel je een verhaal. Bijna gelaten moest ik weer bij de zijden, dat was het 4 uur, zorgt het. 4 uur, smiddag. -Ja, ik heb nu weer een ander verhaal. Welk verhaal, klopt er nu. En we laten lachen er nog een keer, denk je, dat er vertel ik weer een ander verhaal. Dus weet je je vertelt elk moment van de dag, elke uur van de dag, is er een ander verhaal? Het verenkelverhaal is klopend, weet ik niet, maar er plekken wat verzorden. Ja, nee, ik denk dat het gewoon, in mijn ogen is het nooit klopend, maar het is wel leuk om die verhaal aan te veren. -Ja, ja, ja, absoluut. Heb je de uurje? -Ja, alleen op een moment dat het zo belangrijk wordt, omdat ik verhaal klopend te krijgen of in stand te houden, dat je er eigenlijk dingen door gaat doen die fysiek helemaal niet handig zijn. Maar als je uitvoergevriendin voor mij, wat moet ik dan doen om daarvan af te komen? Ik zeg, je hoeft helemaal niks te doen, er is geen stappenplan, niks. Eilig alleen maar, oh, er is nog een dag er. Dat is voor mij alleen maar. helpend, ja, helpend. Ja, en ik denk dat hier helpen is ook omdat hij bij jou in zonder recht je dat benoemd, in combinatie is met het feitige ergens, weet dat hij gedachten niet heel serieus gedaan moest worden. En want anders als je een gedachte me, denk ik. -Gedachte! Dan weet ik niet of het behoopsam is te wel als je kan herkennen. Oh, ja, Joll, die gedachten. -Dat is een continue strouw van woorden, zin, geluid. Ik ben ook wel. Ik heb met die kinderen er ook wel eens over in de klas. Oke, even twee tellen, wat spookt er nu door je hoofd? Nou, de meeste raar, de meeste raar en dekenwortjes krijgen dat, ja, dat speelt door je hoofd dan. En die staat les te geven en ineens komt er een vakantie in China voorbij, denk ik, hoe zo? En bezig met zeven en bij acht. En dan nemen we in deze woordje China. Er zit geënkelen link met iets wat er gebeurd hebt, maar wat is er komt er woordje bij, ja, dan. Ik denk dat heilig is, denk ik, maar je fiets wat er gebeurd, hè. -Ja, het magisch. Ja, magisch, ja. Als we maar niet, als we maar zo lang we maar weten dat we het niet serieus moeten rijden. Nee, nee. -Dat we er niks van hoeft te vinden, dat het opkomt er weer voorbij mag gaan. En ergens daar nog, diep onder weet ik, dat het altijd oké is. Ja. -Dat is vind ik het, het is oké, met een hele broer, getachtig vervolgens. Ja, ja, en dat is wel coelen dat je die noemt. En want waar dat ik een verhaal is, is er ook iets aan jou en aan mij en aan iedereen wat onverandelijk is, los van woorden, los van verhalen. En dat is gewoon altijd oké. -Ja. En dat is voor mij dat een bron waaruit van alles gebeurt. -Ja. Cool. -Ja. Ik vind dit mooie wijze laat. -Hé, jij. -Hé, jij. Als mensen jouw. Ja, ik zouden willen contacten, jij hebt een blog? -Ik zouden blokjes, ja. Wat is het? -Ja. Wat is patrieond, is dat toch maar. -Ja, maar is het niet overvolhoof.nl? Nee, nee, dat staan ze niet op. -Oh, nee, dat zou je wel zeggen. Het overvolhoof.nl? Nee, ik heb niet eens een website nog, of via jouw gehoorden. Ja, goed. -Wat is het handigste? En op Patreon ben je te vinden, gewoon onder Robden aan? Nee, volgens mij onderovervolhoofde. -Oké. Als je zoekt op overvolhoofd, dan kom je misschien waarop en zo niet. Ja, meeldan gewoon een echte snaren shift Academy, dan breng ik je in contact met Rob, als je met hem verder van gedacht zou willen wistselen. En wat ik zelf geeft leuk vind om te zeggen, als je deze aflevering hebt geluisterd, en je denkt, die drie principe zeven het er wel steeds over, maar wat bedoelen ze nou precies? Op shift Academy.nl kun je een gratis. video-training downloaden van vijfdelen, waarin ik je in die vijfdelen helemaal meenem langs wat die drie principe precies zijn, zodat dat het helder ervoor je wordt. En ja, mocht je zin hebben om een keer een dag je langs te komen, op volgens mij 12 november is er weer een shiftdag. Hier zoest en hier ben je welkom. Rob, dank je wel. -Ik zou zeggen het doen. Heet op volgende keer. -Dag. Wil je meer weten? Ga dan naar www.shift Academy.nl/gratis voor een introductiecursus over de drie principe's.
Podcast Summary
Key Points:
Linda Spamhoek and friends discuss simplifying aspects of life in their podcast.
They talk about experiences with burnout and the importance of examining one's thoughts.
Reflecting on one's thinking patterns can lead to a better understanding of mental well-being.
Summary:
In the podcast "Moetelo's leven en werken," Linda Spamhoek and her friends delve into simplifying various aspects of life, particularly focusing on experiences with burnout. They emphasize the significance of examining one's thoughts and how this can impact mental well-being. Reflecting on one's thinking patterns can offer insights into managing stress and avoiding burnout.
By understanding the nature of thoughts and learning to observe them without getting caught up in them, individuals can cultivate a sense of calm and resilience. The hosts share personal anecdotes and discuss the importance of stepping back from negative thought patterns to maintain a healthy mindset. Their discussions highlight the power of self-awareness in navigating challenges and promoting mental wellness.
FAQs
Een burn-out ontstaat door langdurige stress en overbelasting, waarbij iemand emotioneel en fysiek uitgeput raakt. Het kan ontstaan door bijvoorbeeld hoge werkdruk, perfectionisme en te weinig hersteltijd.
Het is belangrijk om te realiseren dat gedachten en gevoelens voorbij komen en niet per se de waarheid bevatten. Door er afstand van te nemen en te beseffen dat ze vanzelf weer verdwijnen, kun je meer rust ervaren.
Tickertapes zijn constante gedachten die automatisch in ons opkomen en ons gevoel en gedrag beïnvloeden. Ze kunnen leiden tot angst, stress en overmatig piekeren.
Door bewust afstand te nemen van je gedachten en te beseffen dat ze vanzelf komen en gaan, kun je uit het 'tunnelstuk' stappen. Het is belangrijk om niet alles te geloven wat je denkt.
Bewustwording van je gedachten en gevoelens helpt om beter met stress en negatieve emoties om te gaan. Het kan leiden tot meer rust, acceptatie en zelfinzicht.
Door regelmatig in en uit het 'tunnelstuk' van negatieve gedachten te stappen, kun je meer ontspanning en helderheid ervaren. Dit kan helpen bij het voorkomen van burn-out en het omgaan met stress.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.