De preek bouwt voort op het thema "meer" – het zichtbaar maken van Gods goedheid in de wereld. Centraal staat het concept van "vrijgevigheid", dat niet wordt gemeten aan de hoeveelheid die men geeft, maar aan de innerlijke vrijheid om te geven, los van dwang, angst of de verwachting iets terug te ontvangen. De spreker constateert een culturele verschuiving naar een mentaliteit van "vrij nemen", waarin zelfbehoud, rechten en eigen gewin normaal zijn geworden, en waarden als naastenliefde en zorg soms als verdacht of ideologisch worden weggezet. Deze kijk wordt gevoed door wat we geloven en vormt ons perspectief op de werkelijkheid.
De oplossing om weer werkelijk vrij te kunnen geven, wordt gevonden in een verandering van denken. Het bijbelverhaal van de profeet Elisa, die zijn vijanden niet doodt maar een feestmaal voor hen aanricht, dient als voorbeeld. Zijn radicale vrijgevigheid vloeit voort uit de theologische overtuiging dat de uiteindelijke overwinning en uitkomst bij God liggen. Wanneer men deze waarheid omarmt – dat men niet hoeft te winnen of vast te houden – valt de druk weg en ontstaat er echte vrijheid om vrijgevig te zijn, niet alleen met geld, maar met alle goede gaven zoals vriendelijkheid, vertrouwen en liefde.
Twee weken geleden zijn we begonnen met onze nieuwe serie over Eerst meer of meer. Ik knoel de gule uit, luister de eerste brek ook nog terug als we niet opgrot, want dit is een beetje de context van het verhaal. Het is niet alleen een verhaal over vroeger als alles beter, want dat was natuurlijk uiteraard. Maar een verhaal over goedheid die wil bewegen. En in deze beweging stappen we vandaag weer en gaan verder met meer. Want wij geloven en dat is onze wissel nog steeds, er is meer. Omdat Paulus in de Phase 3 het vormen schrijft en hem die door de kracht die ons werk bijmacht is, oneinder, vul, meer te doen dan bij vragen of denken, aan hem komt de eertu in bekerk en een christische jazis tot in alle generaties, tot in alle eeuwigheid, amen. Dat is meer. En wij geloven dus in het goede dat er al is en dat willen we nog meer laten bloeien. En alles willen dus meer van gods goedheid zichbaar maken want ouds er iets is, wat deze wereld dringen dan toe is, dan is het gods goedheid. En gods goedheid wil bewegen, ook in een wereld die een en al code rot is, daar hebben we de laatste keer over, maar we zijn desondanks en dat is de vraag. Zijn we desondanks beschikbaar voor gods goedheid? In wat God nu aan het doen is. En ik weet het, het is gescand, maar ik ga hier vandaag ook weer voelen. Maar je zou je nooit levendag afvoelen omdat we leven met een godelijke kracht hier binnen dus die ervoor zorgt dat overal we kwamen, we worden weer een stukje beter achterlaten, in het klein en in het code. En gods goedheid worden sichtbaar in zijn kwaliteiten die de ons leven vormen. Maar mazulke kwaliteiten ontstaan niet zomaar vanzelf. Dat hadden we lange tijd gehoopt en gewacht maar inmiddels hebben we denk ik ook door dat je de vrucht van de geest niet even kunt plukken. Paulus schrijft in Romaine 12.2 "U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld maar u veranderen waardlichten glös. Maar u veranderen door u gezintheittefenuwen om zout te ontdekken wat God wil en wat goed volmarkt en hemwel gefallig is." Dus God's goedheid brengt door waarbij anders kan ticken. Wat Paulus gezegd is dat verandering niet begin bij wat we doen maar bij hove keike, welk verhaal ons vormd en wat we normaal in logisch zijn ramp vinden. En die anders leert keike, hart anders lachen. En die anders gaat lachen, hart anders kopen, omdat hij anders om hart met wat hij heeft ontvangen. En daarom komen wij dus vandaag bij deze godelijke kwaliteit van vrijgeverheid. Songen mensen hebben de aankwondiging gezien en zijn waarschijnlijk juist vanwege dat we maar thuis gepleven. Ja. vrijgeverheid. Maar dit gaat niet over waar je denkt wat dit over gaat maar dan komen dan zo op. In de kern gaat vrijgeverheid, uiteindelijk maar niet over hoeveel wij geven maar over hoe vrij wij zijn om te geven. Het is niet hoeveel geverheid maar vrijgeverheid. Het gaat niet om meer geven maar om meer vrijgeven. Los van zwang, angst of welk patron dan ook. En dus de uitdaging van onze tijd is niet om meer te hebben maar om meer vrij te zijn om te geven. En daar botten denk ik twee verhaalen op elkaar. Want vrijgeven past steeds minder bij het kade waarin we vandaag de wereld beleven. Is het jullie misschien wel eens opgevallen? Dat heel gewone maatschappelijke waarden zo ouds bijvoorbeeld vrijgeverheid in eens verdacht zijn geworden. Wat ooit vanzelfsprekend was wordt vandaag steeds vaker als ideologisch bestempoed. Dingen zo als gespekt, solidariteit, gelijkwaardigheid, menselijke waardigheid. In het nieuws is er vol van op dit moment. De kompati voor een woordelijkheid voor elkaar, zorg voor elkaar, zorg voor de kwetsbaar, zorg voor de scheppingen zijn waarden die vandaag de snel worden weggezet als woke, ideologisch doorgschoten, morelen over treifings in politiek en niet omdat deze waarden zijn veranderd. Maar omdat het kade van hoe we kijken is verschofen. Ik moet me zo inhouden om het niet te zeggen. Daarom zeg ik het toch. Het is een beetje verschofen na, ik zeg maar wat. Oh, die hier, jullie kant. Ja. Maar rechts voor de postkant, de podcastlaas draa. Maar wat ooit de spimbeweg bijvoorbeeld, christelijke naasten liefde was wordt vandaag weggezet als ideologisch of onbeidels. Niet omdat naasten liefde veranderd is, maar omdat het schuurt met het verhaal dat we zijn gaan geloven. En een vraag is daarom misschien niet waarom deze waarden interdiscussie staan, maar waarom iets wat ooit normaal was vandaag in 1 uitleggen nodig heeft. Weems moeten we menselijkheid verdelen. Zorg wordt verdacht, hulp moet verdiend worden. Deelend voelt naif. En zo raak we in een strijd voor, zijn zelfs partijen voor, voor vermende vrijheid. Langzaam niet alleen vrijgeverheid kwijt, maar ironisch genoeg. Ook de vrijheid om te geven. In onze tijd vandaag tekenen die het meest knokken voor een bepaalde vrijheid, zijn het minst vrij om te geven. En hier raak we dus aan iets dippers dan cultuur of politiek. Want achter hoe wij leven zit altijd wat we geloven. En we vakeraliseerden ons niet hoeveel invloed ons geloof heeft of hoe wij de wereld zien. En geloof in de breitste term niet alleen het christlijke geloof, maar ons overtuiging ideeën ons geloof. We geloven dat tussen zo. Wat wij geloven vormt vervolgens ons perspektief en dat perspektief bepaald wat wij normaal vinden, wat we verklaren en wat we laten voorbestaan, voor het bestaan. Om dat te geloven, wat we geloven, kijken we dan naar situaties en zeggen we snel, het is nu eema zo. Niet omdat het goed is, niet omdat het recht doet aan mensen, maar omdat het past binnen het kader waarin wij de wereld zien. En dat gebeurt in het klein, maar dat gebeurt ook in het grote in pijnlijke dossieris in onze wereld. We zien wat er gebeurt en wat we verklaren het rechtsvadergenhet en maken het begrijpelijk niet zelden omdat het aansluid bij overtuigingen, bij geloof dat we al hebben. Bijvoorbeeld. Israel Gaza, Lietzien, hoe snel wat we verklaren in rechtsvadergen wat gebeurt, niet omdat het recht doet aan mensen maam dat het moet passen bij het verhaal, dat we al geloven. Zelfs vanaet dat schuurd en crom voelt. En misschien schuit daar wel een ongemakkelijke vraag, namelijk wat als je iets anders zou gaan geloven. Zou er dan misschien ook sneller he?
Een einde kunnen komen aan de trauma omdat we deze werkelijkheid niet meer met ons geloof instand houden. Dus welke werkelijkheden houden wij met ons geloof? Dat is nu helemaal zo, instand. En hier is één werkelijkheid helemaal niet recent ook, en actueel. Maar hier is één werkelijkheid die we met ons geloof instand houden. Wij geloofen namelijk met ze alle dat wij leven in een wereld van hier komt het goed Nederland vrij neemigheid. We geloofen het is nu helemaal zo hoe gek het ook klinkt. Ieder rein neemt zich gewoon wat hij wil. Hoe ik moet ik voldelen noemen? De ene wil goedland. De ander wil tijwaan. Maar doeren we naar huis? Nee, het land wil Belgiën. Duitsland wil een goedzijnend voetbal. Het is gewoon iedereen neemt zich gewoon wat hij wil. En deze personen zijn geen trendvetters. Ze zijn geen trendvetters, maar ze zijn uitgekristaliseerde producten van de trend. Ze zijn producten van een wereld die gelooft in vrij neemigheid. Wel eens waarover treven, maar dit is de wereld. Een gelukkig woostelen andere wereld. Leidt het nog wel met de vraag. Passen we ons aan. Hoe de wereld niet helemaal werkt of de leven van het principe is die grote zijn dan deze tijdreest. Ik weet niet of je het hebt gehoord, maar de Canadese brinjee maakt het dat mooi duidelijk in zijn speech teinset. Woke World Economic Forum. Maar de speech waar iedereen op zat te wachten. Wat die van keizer vrij neemigheid en de vraag zou hij gewoon echt gaan pakken of niet. De mooiste uitspraak die die maakte. Wij gaan alleen verdedigen wat ook van ons is. Dat is de wereld waarin we nu leven. Die bedeeld in stand houden met ons geloof dat dit nu helemaal zo is. Het is de siglus van vrij neemigheid en pardon mijn vriends. Neem hem voor dat je wordt genomen. Van consument naar conqueror. Ik neem wel gewoon wat ik vind dat hij gerecht op hebt. En bevormd een en zijn reform dus de onwereld van vrij neemigheid. Vind je dan gek dat we ons niet meer zo vrij voelaar om te geven. Dat is nu helemaal zo. En die vrij neemigheid zit subtielverwevenen alles. Het zit in ons recht denken. Ik heb je recht op. Ik zit in ons tijdspewaaking. Alles moet iets opleveren. Het zit in onze keuzes. Wat levert het mij op. Het zit in onze zekerheden. Eerst zelf alles geregeld. Dan past delen. Het zit in onze verwadelijkheid. Het zit in ons contract denken. En onze wantrouwenthegeoversystemen en mensen. Frey neemigheid zit niet meer in de oudsonderingen. Maar in het normale. Frey geven is abnormal. Frey neemigheid. En hou je stene even vast. Het zit ook subtiel in onze omgang met God. Een voorbeeld. Een voorbeeld in onze gebeden. Hier is hoe je kan weten of je God alleen gebruikt om er iets uit te halen. Als alle gebeden die hij bent, positief beantwoord zouden worden, hoeveel mensen zouden dan de liefde van Jesus leven kennen. Als alle gebeden die jij en ik beder, positief beantwoord zouden worden, hoeveel problemen zouden dan opgelost zijn in deze wereld. Godtuit, leveranceer en de klant is koning. En we doen wel ons best even door Adem. We doen ons best om het verhaal iets anders te laten zijn. Daarom hoef je als kerk geregenmatig, vrijgeverheid, als onde andere met ons middelen, met ons geld. Hoe vaak voelt het meer als een getwoongen geven? We zijn er niet meer zo vrij om te geven. De vraag alleen al voelt vervelen uit zwang, want het kade is verschroven na, ik ben toch hier om te ontvangen. Worden van Paulus als intrekeringjes negen, de versies gest tot de met alle voelen vervoren steeds minder van zelfs brekend en zelfs unrealistisch. Denk dit, zeg Paulus, wie kare zijt, zou kare oogsten, die overvloedig zijt, zou overvloedig oogsten, laat iedereen zoveel geven als er zelf besloten heeft, zonder tegen zijn of twang, want God heeft lief wie blij moet er geeft. God heeft de macht u te overstelpen met altijd in zoveel geeft, zodat u altijd in alle opzichten voldoende voor zelf hebt en ook nog raam schoot kunt bijdragen, dan alleen goed werkt. Zo staat er gescheven, guldeelt hij uit aan de armen, zijn rechtvaderheid, houdstaan voor altijd. God die staat geeft om te zijen en brood om te eten, zal ook staat geven en het laten ontkiemen, zodat u vrijgeverheid een reken oogst oprennt. U bent een ieder opzichte reik geworden, om in alles vrijgever te kunnen zijn, en u vrijgeverheid leidt door onze bemiddeling, tot dankzegging aan. Dit zijn zo teksten waar de een of andere, nu misschien een of ongemak ervaren bij het horen. Want ons kader is verschofen. Waarom? Wij kijken anders, we geloven nu iets anders. In het wereld van vrijgeverheid, sorry, in het wereld van vrij neemerheid, is dit grappige genoeg, vloeken in de kerk. En even een kanthekening, een leuke. Ik heb hier enige tijd over naast het te denken, maar hier is wat mij betreft de mooiste reden om te geven aan de kerk, even over geld. Hier is de mooiste reden om te geven aan de kerk. Tuurlijk, we geven ons geld aan alle leeg goede doelen, we hebben het mooi goed zo. En natuurlijk, we geven aan de kerk, omdat geld altijd het hart volgt en ons hart volgt. Maar hier is de mooiste reden die ik kan bedenken. God geeft liefde, genaden en goedheid. En wij geven zodat God's liefde, genaden en goedheid en adres hebben. Wij geven dus het koningrijd van God en postkode. En dit gaat niet over een gebouw. Ik hoor je al denken. Dit gaat niet over. Dit gaat niet over een gebouw. Dit gaat over mensen die samen sichtbaar maken wie God is. Dus wij geven omdat God geeft. Het stopt nooit bij ons ontvangen. Wij geven dus door omdat God geeft. En het heeft hier, het lichaam van Christus. We hadden deze kwaliteit van God als het waren en adres hebben. Maar goed, altijd verhaal van vrijnemerheid ons heeft gevoerd.
Dan is de vraag hoe worden we daarvan bevrijd? Hoe worden we weer vrij om te geven? Hoe wordt onze gezinheid vernieuwd dat een vraag om te geven, al niet meer voelt, als getwongen? En niet alleen geld maar de vraag om te geven van al deze goede dingen van God die niet meer om haal zijn in deze wereld. Zoals ik zeg maar wat vriendelijkheid. Vatsunen, vertrouwen, naast en liefde, goedheid, vergeving, geduld, geloof, hoop, liefde. All die kwaliteiten die hier een adress hebben door ontzamen lichaam van Christus zijn. Hoe kunnen we weer zo in ons denken vernieuwd worden dat het geloof dat we in stand houden in dit is meer een maar zo? Niet meer zo is. Het zijn machtverliest om zo als Paulus schrijft om deken wat God wil en wat goed. En voor maakt en hem wel gefallig is. Misschien vinden we een antwoord in een hilaris verhaal. En misschien ook een beetje vergeten van. Ik ben menieuwd wie het kent. Uit twee koningen zes, de verze acht tot met 23. De koning van Aram voerde oorlog tegen Israel. En tehelken zij in overleg met zijn beveil hebben besloten om bij een bepaalde plaat zijn kamp op te slaan. Liet de Godsmann Elisa de koning van Israel waarschuwet dat hij uit die buurt moet weg blijven omdat de Arameers daar een aanvouw beranden. De koning van Israel liet dan de inwoners van de plaats die de Godsmann het genoemd waarschuwet en zorgt er voor hetzelfde uit de buurt te blijven. Heerlijk toch? Dat begint het al. Dus kook, kook, kiezen, maar nee, hier zijn wij, hier zijn wij, kom altijd zo'n kop omhoog. Nee, hier zijn wij en zij het, eh, ja, we gaan altijd de hele tijd ergens zitten. En ja, ik zeg, ik schreeks, hier gaat verder. Daad ging zo, kere op, kere. Tot grote ergen is van de koning van Aram. En hij rips hem beveil hebben us bijzegend vroegen, zeig me wie van onze mensen hulp met de koning van Israel. En één van de bell veel hebben ze aan het woorden niemand, mijn heren en koning. Maar de profeide Lisa en Israel, wét de koning, wét de koning van Israel zelfs te vertellen wat u in uw slaapkamer zegt. Dit is de inspiratie voor. Hij ziet u, wanneer is die bang. Moeilijk, hij weet het als je wijk bent. Hij weet dat je bijna bijna kan, zo'n bekoot voor kutbezijk. Maar hier op zij de koning, zoekt voor mij uit waar hij is dan zal ik hem gevangen laten nemen. Goed plan. Toen hem werd verteld dat Eliza in Doetan was, stuurde hij een groot leger met strijdvagens en pardon op de stad af. Daarom meer kwamen snacht bij Doetan aan en ontzingelten de stad. Toen de bediende van Eliza de volgende morgen opstand, een erbuiten kwam, zag hij dat de stad ontzingeld was door een leger met strijdvagens en pardon. Wat moeten we beginnen meestal ripen uit en Eliza aanwoorden, wist niet bang, wij zijn met meer dan zij. Wie kent het verhaal? Goed zo. Daar is het studie. We hebben die bang, wij zijn met meer dan zij. En hij, maar hier komt het heren open zijn ogen die van de knechte en laat het hem zien. En de heren open de Eliza's knechte de ogen en toen zag hij dat de hulp het vol stonden met baden en wagens van vuur die Eliza omringden. En toen de aremers op Eliza af kwamen, werd een mooi moment, smaitehijde herhent te verblinden en de her verblinden herhent zei als Eliza het gevaart. En toen zij Eliza tegen hen, wacht hij dat we bent geverkeerd. Dit is niet waar je moet zijn. Volg mij, dan zal ik u er wegwijzen naar de mandieus u. Vroeger wel, is dit. Heerlijk. We zien niks meer. Wat vervelend. Maar je bent hier toch verkeerd. Het is ook zo lastig om iemand te vermoorden als niks kan zien. Maar goed. Hij leiden hem naar Samaria. Een stad. Niet het gebied, wat we kennen uit het nieuwe testamenten. Stad. De stad Samaria. En daar aan gekomen, wat hij. Hier, open hun ogen en laat hen weer zien. En de heropende hun de ogen en toen zagen ze dat ze zich midden in Samaria bevonden. En toen de koning van Ischelde Arameer, Stag, vroeger aan Eliza, wat vindt u, Vade? Zal ik ze doden? Nee aan het worden, Eliza. Doe het er niet. Heb je dus soms met uw eigen warbens krijggevangenen gemaakt dat u hem zou doden. Stet u in een maaltijd voor. Zo dat we kunnen eten en drinken en laten teruggaan naar hun heer. Stel ik ze doden afmaken af ze gaan neuer gaan maar koken. Wat een verhaal. Nou, hier op, Liet de koning een overvloedig gastmaal. Dus geen heilige ochtendhab wat wij hier doen. Een overvloedig gastmaal voor hen aanrichten. En toen ze gegeten en getrunk hadden, stuur er haar hen terug naar hun heer. Nu komt het van toen af aan deelende Arameer's te benden. Geen invallen meer in Ibrahim. Geen idee waarom misschien dat ze ondekensvraagstratie weer vond koken. Dat was echt niet lekker. Ik weet niet. Ah, jongens, wat een verhaal. Dit staat gewoon in de bijbel. Dit zou de leukste film ever zijn. Wat een verhaal. En wat we je zien is dus niet een van de komisch misplaats de liefdaderheid. Maar vrijheid om te geven. Jouw staat, waar het meest onlogisch lijkt. Er was geen dankbaarheid te verwachten. Er geen rendement, geen morale wins, niks te behalen. Vrijgeverheid is hier enkele houding die weigert te spiegelen wat ze onvangt. De wereldsfijpakse neem of genomen worden, maar god zei, wacht even, hier gaan we een patrouwndo breken. Elisa bracht de feiern de Samaria om te laten zien dat zelfs op de plek van macht. Het patrouwndo broken kan worden. En wij moeten dit weten, want anders blijven we me vastzitten in dit is nou even zo, in een machtige wereld die volop geloofd in vrijnemerheid. En het patrouwndo gott hier de breit, is het geloofd dat wat wij zien alles is. Hoe hier open zijn ogen en laat hem zien en toen zachtheid dat de heuvels volstanden met paden en wagens van vuur die elisa omringden. De gewerkelijks van God is niet afwezig, maar vaak onzichtbaar tot dat onze gezinheid wordt vernieuwd. Onze houding of vertuiging denkwijzen, ons geloof. En wij anders gaan kijken en ticken. Dus vrijgeverheid in dit verhaar komt dit voort uit na eventijd, maar helden zien wat werkelijk waar is. Dus hoe worden we weer bevrijd om vrij te geven? Nou, de koning van Israel dacht logisch, levends nemen, en Lisa dacht teologisch. En deelogisch denken begint bij wat waar is. Dus we hebben gelezen, zal ik ze doden, nee, antwoord, elisa dood, en niet. Heb je soms met die eigen warpens krijgstgevangen gemaakt dat u hem zou doden. Zet u in een maaltijd voor zodat ze kunnen eten en drinken en laten terug gaan naar neer. Nou, heb je gespot wat waar is? Hier is wat waar in dit verhaal. Ze gingen vrijgeven omdat de overwinning niet van hem was. En wie niet hoeft te winnen, hoeft ook niet te nemen, en wie niet hoeft te nemen, hoeft niks te behouden. En is dus helemaal vrij om te geven.
Bevrijd om te geven wordt je dus daar waar je claimlos kan laten, waar je niet meer beslag ligt op hoe het moet aflopen, op de uitkomst, op wat jouw zekerheid moet geven. En vrij neemigheid wordt steeds agressieve omdat we twangmaatig proberen vast te houden wat nooit van ons was. Maar wat dat zwaar alleen geroepen zijn om vanaf pagina 1 te beheeren. En vervolgens hebben we van alleen beheeren alleen beheersen gemaakt. En vervolgens zijn wij de overwinningen gaan claimen en detaceren we de verlissen naar boven. Zijn scoot, hij heeft nu een scoot bij ons, het is de taal van vrij neemigheid. Maar Elisa weet wat waars, God traagt de uitkomst. De vrijheid om te geven wordt mogelijk waar eigenaarschap verschuift van dit moet ik voor mij veilig stellen naar dit ligt niet in mijn handen. En dat is gewoon waarheid en die waarheid maakt vrij. Of Jesus zijn worden, de waarheid zal u befreiden. Het is vanwege een teel logisch denken, dus dat deze maaltijd als het wagen 1 in de woorden van Paulus 1 gezellig blij moet er geven is. En ons spannen daad in een situatie waar spanning logische was, maar niet teologische. Die is het geen maaltijd voor als je bang bent te verlissen als je denkt dat alles van jou afvand. Als je geloof dat dit jouw moment is om te winnen, je zet een maaltijd voor als je weet dat het strijd niet door jou beslist wordt. Nou, dat plaatspzaalend ging 20 even in een heel aan de licht, toch? U nodigt mij aan tafel voor het oog van de feiern. God zegt, geleks, ik trakteer de overwinning. We zijn pas vrij om te geven, wanneer wij niet meer hoefen te winnen. Wie denkt dat hij moet winnen, iets moet winnen, kan gewoon niet vrij geven, zit altijd wang om te behouden. Dat is niet helemaal zo. Maar Elisa leef van oud een ander geloof. De overwinning is niet van mij. Ik hoef je niemand iets te bewijzen, dus ik kan zonder twang vrij geven. Wat een relaxed verhaal. Zie je dat daar op die hoofdelds her. Zo'n precies. We gaan eten en die aremers nemen we ook mee. Begeep de koninkoopt. Dit is geen verhaal over geven. Dit is een brek over vrijheid die toevallig over geven gaat. Als je na deze brek je getongen voelt om meer te geven aan de kerk, dan heb je echt het punt gemist. Want als geven niet vrij voelt, dan moeten we ons afragen. Waar wij dan gebonden zijn. Misschien in de controle over de uitkomst, over de te behalen winst. Misschien in de angst om te kort te komen, in de drang om gelijk te krijgen en de behoefte om te winnen. In het geloof dat veiligheid afhangt van wat we vast houden. In die dag dat verliezer altijd verliezer is of in het verhaal dat zei ik niet neem, wat ik kan noemen. En precies dat verhaalt door brek tot daar aan tafel. Tellkins of new. Dit is het nieuwe verbond geslooten door mijn bloed. Ik heb al gewonnen. De uitkomst is van mij. Hier open ons oogens, dat we het niet te winnen valt en niet te verliezen. En dat we daarom vrij kunnen geven. Wat een vrijheid. Daarom heeft het om even dat vlukende kerk te relativiëgen voor jou. Daarom heeft God een blij moedige gever lief. Iemand die geeft blij, vrij en moedig. De moed om te geloven dat vrij neemigheid niet te verhaal is wat nu helemaal zo is. Het is dus God's grootste vreugde als je vrij leeft in zijn overwinning. En voor jou verder niks meer te winnen valt of te verliezen. Wat een vrijheid. En wie helemaal zo aan tafel heeft leeren zitten, haalt niet meer toangmatig vast. En zoals Paulus desging vlukende kerk, God heeft hem macht u te overstelpen met al zijn gaven, zodat u altijd in alle obsichten voldoende voor jezelf hebt, en ook nog raamschotts kan bijdragen aan allerlei goedwerk, aan God's goedheid, sichtbaar. Elisa leeft dit al voor dat Paulus het opgeeft. Vrijgeven is dus geen sprongende diepe maar leven van altijd vertrouwen dat de outcomes niet op onze schouders rust. Oneindig veel meer vrijgeven door u gezintheiten van u en om zo te ontdekken wat God wil, en wat goed volmaakt en hem wel gevallen is. Dus in wat voel jij je niet vrij om te geven? Misschien vergeving. Misschien een tweede kans. Geloof vertrouwen dat het goed komt, liefde stukje genade, bombhardigheid, zorg, gelijkwadigheid. Maar voel jij niet vrij om te geven? En waar zit je dus in gebonden? Wat houdt je tegen? Angst, ervaring, pijn, teleurstelling, afwaising. Waar ben je niet vrij om te geven? Bittam, heer, open mijn ogen. Ik weet niet dat je niet te winnen valt en niet te verliezen, en dat ik daarom vrij kan geven. En nu ga ik koken. Amen.
Podcast Summary
Key Points:
De preek benadrukt het geloof in "meer" – Gods goedheid die zichtbaar wil worden in de wereld, ondanks de aanwezigheid van kwaad.
Er wordt een contrast geschetst tussen een cultuur van "vrij nemen" (zelfgerichtheid, claimen) en "vrij geven" (vrijgevigheid zonder dwang of verwachting van rendement).
Vrijgevigheid wordt gepresenteerd als een goddelijke kwaliteit die niet draait om de hoeveelheid, maar om de innerlijke vrijheid om te geven, los van angst of patroon.
Onze kijk op de wereld en ons handelen worden gevormd door wat we geloven; een verschuiving naar een "vrij nemen"-mentaliteit maakt vrijgeven verdacht of onlogisch.
Het verhaal van de profeet Elisa (2 Koningen 6) illustreert radicale vrijgevigheid en genade, mogelijk gemaakt door het geloof dat de overwinning en uitkomst bij God liggen, niet bij de mens.
Summary:
De preek bouwt voort op het thema "meer" – het zichtbaar maken van Gods goedheid in de wereld. Centraal staat het concept van "vrijgevigheid", dat niet wordt gemeten aan de hoeveelheid die men geeft, maar aan de innerlijke vrijheid om te geven, los van dwang, angst of de verwachting iets terug te ontvangen. De spreker constateert een culturele verschuiving naar een mentaliteit van "vrij nemen", waarin zelfbehoud, rechten en eigen gewin normaal zijn geworden, en waarden als naastenliefde en zorg soms als verdacht of ideologisch worden weggezet. Deze kijk wordt gevoed door wat we geloven en vormt ons perspectief op de werkelijkheid.
De oplossing om weer werkelijk vrij te kunnen geven, wordt gevonden in een verandering van denken. Het bijbelverhaal van de profeet Elisa, die zijn vijanden niet doodt maar een feestmaal voor hen aanricht, dient als voorbeeld. Zijn radicale vrijgevigheid vloeit voort uit de theologische overtuiging dat de uiteindelijke overwinning en uitkomst bij God liggen. Wanneer men deze waarheid omarmt – dat men niet hoeft te winnen of vast te houden – valt de druk weg en ontstaat er echte vrijheid om vrijgevig te zijn, niet alleen met geld, maar met alle goede gaven zoals vriendelijkheid, vertrouwen en liefde.
FAQs
Vrijgevigheid gaat niet om hoeveel we geven, maar om hoe vrij we zijn om te geven. Het draait om vrijheid om te geven zonder dwang, angst of patronen, niet om meer te geven.
Dit komt doordat ons denkkader is verschoven naar 'vrij nemen', waarbij geven als abnormaal wordt gezien. We zijn minder vrij om te geven omdat we geloven in een wereld van nemen in plaats van geven.
Wat we geloven vormt ons perspectief en bepaalt wat we normaal vinden. Als we geloven in 'vrij nemen', wordt geven verdacht en voelt het als een verplichting in plaats van een natuurlijke daad.
Gods goedheid wil bewegen en zichtbaar worden in de wereld. Wij geven door omdat God geeft, zodat Zijn liefde, genade en goedheid een adres hebben via ons.
Vrijheid om te geven ontstaat wanneer we beseffen dat de overwinning niet van ons is. Wie niet hoeft te winnen, hoeft niet te nemen en is vrij om te geven, zoals Elisa liet zien door vijanden een maaltijd aan te bieden.
Dit komt niet omdat deze waarden zijn veranderd, maar omdat het denkkader is verschoven. Wat ooit normaal was, wordt nu soms als ideologisch bestempeld, omdat het schuurt met het verhaal dat we zijn gaan geloven.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.