Go back

110. Hoe bracht stoom de massa in beweging? - De lange 19de eeuw: deel 4b

55m 50s

110. Hoe bracht stoom de massa in beweging? - De lange 19de eeuw: deel 4b

De podcastaflevering behandelt de industriële revolutie, beginnend met de historische eerste treinrit op het Europese vasteland in 1835. Hierna verschuift de focus naar de ingrijpende sociale transformatie. De samenleving evolueert van een standenmaatschappij naar een klassenmaatschappij, gedreven door kapitaal. Het economisch liberalisme van denkers als Adam Smith, met principes als vrije handel, arbeidsspecialisatie en de 'onzichtbare hand', wordt gepresenteerd als de ideologische motor achter de industrialisatie. Echter, de revolutie kent een schaduwzijde. Een nieuwe arbeidersklasse, het proletariaat, ontstaat en betaalt een hoge prijs. De bevolking explodeert door betere leefomstandigheden en migreert massaal naar steden, wat leidt tot overbevolkte, ongezonde krottenwijken met zeer lage levensverwachting. Het leven van arbeiders wordt gekenmerkt door ellendige huisvesting, onmenselijk lange werkdagen in gevaarlijke fabrieken en een afhankelijkheid van lonen. De aflevering schetst zo een contrast tussen technologische vooruitgang en economische theorieën enerzijds, en de harde sociale realiteit voor de werkende massa anderzijds.

Transcription

7287 Words, 44228 Characters

Dutch
Viet je dat ook ongemakkelijk, als neonaties dan haar geslopen? Denk je wel eens, sprek die linkjes, dus dit keer, delde waarheid? Of raag je af, waarom we nog steeds partijen zijn? Die vinden dat vrouwen niet thuis horen in de politiek. Luister dan naar radio-vrije Nederland. Iedere woensdagmiddag in je favoriete podcast heb. De show, waarin ik, Henrik Noten en ik, Zandar Heinen. Je bijprater over alles wat ons opvalt in en rond de politiek. Grappig als het kan, ernstig als het moet. Radio-vrije Nederland. MUZIEK. MUZIEK. En ja, dat is gebeurd. De knarsende, dampende kolos is geariverd. Siek krede Danes, van een katswijn van dit wonder. Mensen julen uit Sinek van Blijtschap dat ze hierbij mogen zijn. Goeie middag luisteraar, welkom bij het tweede deel van ons hoofdstuk over de industrieele revolutie. Het is nog steeds vijf mij 1835. Een historische dag voor ons land. We zijn inmeglen en hier is zo'n net de trein aangekomen uit Brussel. Zo'n 20 kilometer verderop. Dit was de aller eerste treinrit op het Europese vaste land. Waarom zeg ik dit zo? Wel, het bekt gewoon beter dan de tweede treinrit uit de geschiedenis. Voor de wereldprimeur hebben we de Duimo moeten leggen, voor groot Britannia. Weet u trouwens waarom bij ons in België de treinen links rijden? Wel omdat engels mannen onze sporen hebben ontworpen. Voila, eerste presente weet je van de dag. Voor onze Nederlandse luisteraars, bij jullie rijden de eerste twee locomotiven in 1839, tussen Amsterdam en Harlem. Hun dame, de Arendt en de snelheid. Als er mensen van de ene mees of de Nederlandse spoorwegen luisteren, kunt u was de privis voorstellen om terug van die coole dame aan treinen te geven? De meeste toestgouwers drapen nu druppels gewijs af. En de 900 passagiers stappen uit de drie treinen. Onder hen zijn diplomaten hoge amtenaren, officieren, magistraten, minister zijn parlen mensleden. De eere gast is de ontwerper van deze trein George Stevenson. Wij hebben ons laten vertellen dat hij onderweg heeft gehuilt van ontroering. Deze trein, beste luisteraar, heeft gebroken met het verleden. In ons eerste deel hebben we gesproken over de ingenieurs en ondernemers die dit staat je technologisch vernufft, mogelijk hebben gemaakt. Maar de industrieele revolutie is niet alleen rozegeur en manneschijn. De productie draait hij wel op volle toeren, maar het is een anonieme massa mensen die de industrieele wereld draaiende houdt. Vandaag richte onze brik naar die mensen die deze trein niet op mochten, maar wel met hun blote handen de steenkool uit de meine hebben gehaald of in bloedheten werkplaatsen de stukken ijzer aan elkaar hebben gesmeerd. Vandaag zie we een nieuwe klasse geboren worden die van de arbeider. Vandaag bestudeerden we de industrieele samenleving. Maar eerst de situatie van ervoor. Misschien herindert u zich nog zo'n print uit uw geschiedenisboek van vroeger de piramide van het ancien regime met die drie standen. Poven aan de kerk en de adel zijn bezaterde gronden, ze zorgen er voor ons sielen heil en bestuurte de samenleving. En naaronder de brede basis van de piramide, de derde stand van boeren, handelaars en ambacht slieden. Dat was natuurlijk iets complexer dan dat, maar mag niet uit. De Frans revolution heeft dat systeem aan diegelige slagen. De industrieele revolution bouwtrekte weer een nieuwe piramide voor in de plaats. De samenleving blijft gelacht, maar we zien geen standen meer, maar klasse. Vanaf nu wordt onze plek op de ladder bepaald door kapitaal. Die verschillende klasse willen we vandaag onder de loop nemen. We beginnen bovenaan bij de industrieele dat zijn de fabrieksbasen, de ondernemers, de bourgeoisie. Zij bouwen fabrieken investeren in mijnen en bepaalde de koers van de economie. Soms trouwen ze zelfs in die oude aadelijke families, want ondanks al hun liberale ideeën blijft zo'n titeln natuurlijk wel chic staan. Hun visie op de economie is vooral dat die niet gebukt mag gaan onder regels van de overheid, die remmen alleen maar af. Wat zij willen is dus vrije marktekonomie. Een naam om te onthouden is die van Adam Smith, net als een tijdgenoot James Wat, een schot, toevallig of niet. Omdat niet alle luisteraars economie hebben gestudeerd, wijdt een andere nook niet, heb ik mijn bevrienden collega economie de heer Thomas DeRink in de lerarenkamer gevraagd om uit te leggen wat de basis is van het economisch liberalisme. Zwaals ze dat aan je leerlingen uitleg daar sublieft? Adam Smith is denk belangrijk om te weten dat op zich geen econom was, waar nog geen economie die tijd, hij is eigenlijk een moral filosof. Hij heeft tijdelijk een eerste boek geschreven, de Theory of Moral Sentiments, waarin hij eigenlijk aangeeft hoe mensen met elkaar zouden moeten omjaan eigenlijk wel heel christelijk inspreerd namelijk uit goed en aastrevent. Maar dat blijft tijdelijk ook hangen in zijn verdere boek, namelijk zijn magnum opus, een inquiry into the nature and the causes of the world of nations, beter bekend als the world of nations. Waarin hij eigenlijk op zoek gaat naar hoe kunnen landen welvaren zijn of hoe zijn landen welvaren het geworden. En daar word ik je zien als beginpunt min of meer van het economisch denken en eigenlijk ook van het economisch liberalisme en verder zelfs van het kapitalisme. The wealth of nations, uitgebracht in 1776, ik heb hier vormen liggen, het is een dikke pil en gewoon droog geschreven, dus ja, Thomas had het gewonnen, dat is samen. Een onder andere gaat hij eigenlijk kom afmaken met wat dat voordien was, het mercantilisme, hij gaat eigenlijk naargaan hoe landen op een beter manier handel met elkaar kunnen drijven. En hij wordt dan eigenlijk een voorwichter van vrij handel door aan te tonen dat in ik twee landen welvaren durken worden door met elkaar handel te drijven. Het systeem van de absoluutekosten voordelen, landen gaan dat produceren waarin ze beter zijn aan een ander land en gaan dat aankopen uit andere landen waarin ze minder goed zijn aan een ander land. En op die manier ga ik met dezelfde inspanning in beide landen er meer kunnen geproduceerd worden en ontstaat er meer welvaart voor de bevolkingen in beide landen. Dat is eigenlijk een eerste element dat heeft aangehaat. Vrij handel dus, en een smith heeft geen boodschap aan tollen bij brugge of wegen. Hij houd niet van invoerrechten, maar ook niet van ambacht schilden. De ambacht schilden ligt de prijzen vast, kwaliteitsnormen, ook stonden ze in voor de opleiding, maar ze bepaalde er ook weer een broep mocht uithoefenen. Dat gaf zekerheid, maar ook uitsluiting. Een meester schoonmaker kon een kwalitatiefpaar schoenen afleveren van de losse onderdeelen tot het afgewerkte product. Maar ook dat systeem vindt smith minder interessant. Hij heeft natuurlijk ook gekeken naar hoe kunnen we arbeidsbetere organiseren. Toen was natuurlijk de productie vaak toch arbeid nog altijd heel erg aanwezig. Hij heeft er eigenlijk opgewezen dat door arbeidsspecialisatie en dat het gaan verdelen van de arbeid over die gespecialiseren werknemers. Ook dat er daar dan ook weer mogelijk eten waren om meer te kunnen produceren met dezelfde inspanning. Dus ook daar weer al een welvaart zorgend effect. Een kleine overheid. Zo ziet smith het graag. Of in de woorden van Ronald Reagan, twee eeuwen later, government is not the solution to our problem, government is the problem. Liberale wil een politiek klimaat van lesse fijg als het waren, maar kan die vrij markt die erm smith voorstelt zichzelf dan reguleren? En dan is er natuurlijk ook bekend geworden met zijn Theorie rond wat heigenoomteefte onzichtbare hand. Waar dat eigenlijk zicht er is een soort ingrijpen onzichtbaar die er toelijt dat we de welvaart opnieuw gaan verhoogen door het feit dat iedereen zijn eigen belang naastreeft. En bij dit eigen belang is het net belangrijk om aan te geven dat hij wel vertrekt van mensen die het goede naastreeven. Dus niet eigen belang van, ik wil meer hebben en al de anderen die moeten dan maar minder hebben, hij gaat ervan uit dat als we allemaal samen meer kunnen hebben, dat dat ook eigenlijk nuttig kan zijn. En hij houdt er eigenlijk aan met een voorbeeldje van een bakker en een klant van een bakker, die bakker die bakt de brood, niet voor het zichzelf uitrijgt, maar in de hoop dat er kunnen verkopen om op die manier winst te maken. Dan gaat die bakker op dat de hoge blik eigenlijk zijn eigen belang namelijk winst kunnen maken door goed brood te verkopen, gaat die naastreeven, die klant, die koop dat brood niet uit simpatie voor die bakker, omdat die trek heeft in lekker brood. En dus die klant, die gaat zijn eigen belang namelijk, zijn honger willen stullen met lekker brood, gaat die naastreeven. En zij komen dan tot handel met elkaar. En uiteraard gaat er tussen die bakkers wel concurrentie zijn, dus gaan bakkers beter hun best proberen doen om beter brood te verkopen, om op die manier de klanten beter te willen te zijn. En op die manier ga je dus kunnen vaststellen dat als het ware zegt die dan door een ontzietbare hand geleid, de welvaart voor de hele samenleving verhoogt door het naastreeven van het eigen belang van ieder individu. En dat is eigenlijk zijn concept van de ontzietbare hand. Eigenlijk hebben de deelnemers aan de economie op dat de hoge blik iets bereikt wat er orspronkelijk niet hun bedoeling is. Het is niet hun bedoeling om de welvaart van de samenleving als geheel te verhoogt, maar door een eigen welvaart te verhoogt, verhoogt ze eigenlijk die welvaart van de hele samenving. Dus als het goed begrijp, vraag en aanbod houden wel kander in levenwicht, dankzij producenten die in concurrentie gaan, die zich willen verbeteren en specialiseren, kwaliteit gegarandeerd, kwantiteit ook, nooit een tekort of overschot. Mooie teorie kunnen we weinig op tegen hebben. Zij hebben eigenlijk dan niet allemaal liberale, maar ja, ik denk dan aan die film Wall Street, met die brugte quote, greed is good, veel mensen hebben toch iets tegen al dat geld willen verdienen. Capitalisme is dat zo niet een beetje een fout wordt. Als we dan kijken naar capitalisme, zelf heeft hij dat begrip nooit gebruikt capitalisme, maar anderen naar hem hebben gezegd dat hij heeft de hoek wel weer de bouusteene toigerijkt, waar hij er eigenlijk opweist, dat de gene die wil produceren, ga proberen, productiefactoren, arbeid, natuur, capitalen en dan zit we in die periode 18e eeuw, dat capitalstilletjes aan kan opgebouwd worden. Capital gaan beginnen verzamelen, om op die manier ook meer te kunnen produceren, meer welvaart voor zichzelf te kunnen gaan, opbouwen, maar om op die wijze ook ervoor te zorgen dat consumenten klanten, eigenlijk meer keuze kunnen krijgen, meer producten zouden kunnen aankopen tegen relatief voordeliger prijzen. En zo wordt de aanzet gezet, namelijk het verzamelen van de productiefactoren kapital naar het capitalisme, waarbij dat dan de ondernemer probeert die productiefactoren kapital zo efficiënt mogelijk dus zo winstgevend mogelijk in te zetten. Ja, een speeltijd is voorbij, perfecte timing. Dank je wel, meneer de rink, dat is nu zo helder als pompwater. Samengevat het streven naar winst door een individu zorgt voor welvaart voor iedereen, een beetje zoals in de fabel van de bije, van de Engels Nederlandse Bernhard Mandeville, hij zegt private voices, public benefits, precies omdat alle bije een beetje slecht zijn hebben ze een indrukwekkende bije korf. Het is deze ondernemersgeest die de industrialisering aanzwingeld. Het economisch liberalisme krijgt de voorkeur van de meeste verlichten filosofen en het zal de standaard worden in de meeste westerse democratieën. Oké, we kijken terug naar onze pyramiden. Onder de industriële zie je we de laag van middenstanders en de laagere bourgeoisie. En daaronder aan de brede basis staan poeren en de enorme massa mannen, vrouwen en kinderen, zij zijn de meest lamentable sociale klasse van de lange 19e eeuw, de klasse van de loon arbeiders. Zij zijn bang, wat ook al draaiden economie dank zij hun handen, zij betalen het gelach van de veranderende wereld. Tijd voor wat demografi. En mijn studenten tijd herinner ik met zo'n grafiek die ik moest studeren, het modell van Thomas Maltus, een Britse economische denkrijden 18e eeuw. Hij redeneerden als volgt, als het goed gaat met de mensen krijgen ze veel kinderen, de bevolking die groeit exponentieel. Maar probleem, we voetsel, groeit niet even snel mee, voetselproductie, groeit nile jaar. Dat is een probleem, de natuur die zorgt dan van tijd tot tijd voor een correctie, met miserie, om de bevolking weer op pijl te krijgen, hongersnood, armoede sociale onderrust, oorlog noem maar op. Wat was nu zij dat vies voor de mensen, kuisleven en niet te veel kinderen krijgen? Ja, al jij was ook nog een domine. Nu, waarom moesten wij nu die grafiek studeren? En waarom steken we die in deze podcast? Het is een cliché onder historie, maar de lange 19e eeuw geeft Maltus compleet ongelijk. Wilt u cijfers? U krijgt cijfers. De Europese bevolking verdubeld van daar schatting 180 miljoen mensen naar 390 miljoen mensen, die het is historisch ongezien. Ter vergelijking, ter is de 18e eeuw, de eeuw ervoor, is hem met 50 procent groeit, van 120 naar 180 miljoen, dat is al een gunstige evolutie. Vooral in grootbritantje is het spectaculair. In de jaren 1820 is 40 procent van de bevolking daar jongeren dan 15 jaar. Dat komt door betere landbouwtechnie, een daling in de kindermortaliteit, kinderensterften, beter gingenen, een afname van epidemieën en de slotten. Omdat de industrie job kansen biedt, gaan mensen vleugertrouwen en komen dus ook sneller kinderen. Arbeid wordt amper nog thuis verricht, de machine zijn gewoon te groot. Op het platte land stijgen de pachtprijzen ook door al dat volk en die dingen zetten de mensen in beweging, ze verlaten het platte land. Het fenomeen Arbeidsmigracie bestaat al etelijke generaties, denk aan Sessoons Arbeid. Vlaamse boeren die in Nort Frankrijk gaan werken, of de Duitsen Holland Gengar in de Nederlandse Veen gebieden. Maar die voorbeelden zijn tijdelijke Arbeidsmigracie, die van de 19e eeuw is van een heel andere grote orde. Voor de 19e eeuw leeft de 90 procent van de bevolking van de landbouw, op het platte land. In het jaar 1800 telt Nort wist Europa slechts 23 steden, met meer dan 1100 in Moners. Honderd jaar later, in 1900, zijn dat er al 135 geworden. Halfweg de 19e eeuw is minder dan één kwart van de Britse bevolking nog werkzaam in de landbouw, meer dan de helft rond in een stad. Enkelstad groeit zo snel als Londen de eerste moderne megastat, het epicentrum van de industriele wereld. In de jaren 1820 telt Londen meer dan 1 miljoen in Moners en dat is ongezien, sinds het antieke Rome. De London Underground, of wel de Tube, zwereldse eerste ondergrondse sporelein, gaat open voor het publiek in 1863. De urbanisatie, de versteeliging, gaat al zo rotvaart dat de steedelijke infrastructuur het nauwelijks kan bijbinnen. In 1854 krunt Londen onder een cholera epidemie, die in eerste instantie wordt toegeschreven aan bedorven lucht. Een doctor daarin tegen met een naam John Snow, die begint wijk kaarten op te stellen, waarop hij alle besmetten huizen inkleurt. En op die manier komt hij de achter, dat is een besmetten waterpomp, de booswicht is. De gevoerbeeld een paar jaar later, in de zomer van 1858, wordt de temps een operiol. De Great Stink, zo heet het in de geschiedenisboeken, ligt het politieke leven bijna stil, omdat de stank tot in de vergadersale doordrinkt. Maar ook leidt het tot de bouw van een modern reolering systeem. In de 19.000 mensen wordt de geret, en steden van over de hele wereld nemen er een voorbeeld aan. Wij hebben, misschien heeft u geluistert, reeksje gemaakt over de red starline. Maar het is in deze periode dat het transatlantische migratie opgang komt. Tussen 1841 maken anderhalf miljoen Europianen de oversteek, maar dat is nog weinig. Want de volgende 40 jaar zijn dat er 13 miljoen en de volgende 20 jaar, tussen 1888 en 1900, nog maar is 13 miljoen. Zo dus, ons deel van de wereld veranderd van een agrarische samenleving met vooral boeren naar een industriele. Dat noemen we met een moeilijk woord "proletarisering", de overgang van zelfstandige arbeid op het veld of thuis naar Londienst in een fabriek. Halfweg de 19.000 zijn bij ons in België drie kwart van de mensen "proletariers". Wij willen nu graag hun leven in kaart brengen en ik kan natuurlijk nu al zeggen weinig benijden zwartig. Voor het proletariat verschilt het leven enorm bij dat van de generaties voor hen en dat op verschillende niveaus, om te beginnen hun ruimte. Iedereen leeft fysiek beperkt letterlijk dan, ze hebben weinig plaats in de fabrieken maar ook in een persoonlijke leven omgeving. In 1910 laat de België overheid onderzoeken hoe arbeiders wonen. Een van die plaatsen, het beluid, het arbeiderswijkje, Roger Goel, in de Brusselse hopstraat. Een smannen doorgang van een per 1 meter breed leidt naar twee gangetjes met in totaal 24 huizen met 1 verdieping, geen kelders, geen zolders. 1828 mensen op 43 kamers en voor al die mensen, twee WCs, buiten, slecht onderhouden en met haar randse gegeur. De huizen zijn vochtig, rot vaak onbewonbaar in één huis of al de deur bijna uit in een ander slapen tien mensen in drie bedden. In nog een ander slapen de kinderen tussen staples stinkende lompen. In deze krottenwijken dat hoeft niet te verbazen, gedijden, epidemieën. 1/4 van de kinderen sterft voor de eerste verjaardag. De levensverwachting ligt laag, 34 jaar voor mannen 39 voor vrouwen. De arbeiderswijken zijn zo erlendig dat de Belgische overheid in 1869 de werkmanstrijne lanceert een wereldprimur, ook om de platelandsvlucht te stuiten. Op die manier pende de tegen de e-wistling 1 op de vijf Belgische werklieder tussen hun vertrouw de dorpzaamgeving en hun werk. Maar niet alleen de ruimte, ook de beleving van tijd verschilt. Het binnentrante geluid van de fabrieksvluid is in de plaatsgekomen van de dorpsklocken. De werkuren die de mensen kloppen zijn onbenselijk, vanzons opgang tot ondergang dus meer dan de klok rond 6 dagen per week. We hebben toch allemaal daanz gezien met die droevige sijnen van dat kind dat de hele tijd op zijn knieën onder een wevgetouw moet kruipen, plukken wolf, katoen op terrapen en het krijgt vaak door dat repetitieve werk. Het hele moment vraagt het kind zich nog in de ogen, het andere wordt het opgevreden door de machine, met andere woorden het is dus gevaarlijk op zo werkvloer. Ook de vroeger stoonmachine is om ploffe geregeld. In het Nederlandse stoonmuseum in Medeblik staat een vervomvijde stoonketen uit Amsterdam, gedukt als een conserveblik. In 1912 vloog die maar lift 300 meter de lucht in, en bij z'n val sloeg die een gat van 3,5 meter type. We horen nog één keer onze concu-legas Hetty-Hels-Mortal, een lieve scherre van de evenwaan zinig populaire als steengoeie podcast, Nerdland maand overzicht. Veiligheid is een recent begrept voor. Veiligheid is een heel recent begrept. Tijd je terug was dat de TVreaks-meneerdoctor op kan los, waarbij ze dochters interviewen meestal van 80-90 jaar over hun vroeger dagen. En als je dan ziet welke verwondingen en welke doordelijke slachtoffers dat die onderhanden krijgen uit landbouwen-industrie, ja dat is waanzin. Veiligheid is een heel recent begrept en zeker toen in de tijd, je zit met mijnbouw, de stoonmachine zijn begonnen in de mijnbouw. Ook weer zo toffe, mijnbouw is een heel gevaarlijk beroep. De veiligheid van zo'n stoonmachine kwam daar echt op de 4,5, de 6, de 7e plaats. Ik denk dat een reden waarom dat ze verbeterd zijn, is het gewoon omdat ze soms kapot ontploften, en dat is eerder dan veiligheid van werknemers. Dus dat gewoon gigantisch onhandigd, dat geplots geen machine meer had, gezet soms mijn overdruk in die ketels, die lastnaden waren om lijktbaar ook soms heel fraziel. Dus daar dan echt verbeteringen gekomen. Eén van de grootste, ja, verbeteringen is veiligheid klappen geweest. Op het moment dat die machine is overdruk genererend, dat er gewoon een klappopiging dat die stoon naar buiten kon, en dat zou een enorm enveiligheidsvoordeel, maar ook gewoon werkend voordeel genererend hebben. Het proletariat is zo afhankelijk van de beschikbaarheid van werk en van de eisen van uw werkgever. Een middel waarmee die is een arbeider zonder knoothoud, is het liefige het boekje, dat elke arbeider bij zich moet hebben, met daarin een visieke omschrijving van de persoon, als ook adres en vorige werkgevers. Als een werkgever, een negatieve review heeft neergepend, dan kan de arbeidering kwestie het wel schudden. Werken is overleven, geen werk, geen inkomen, en dat betekent schulden of honger. Stel een weversgezin, erg is rond 1840. Vader, moeder en twee kinderen werken vol tijds en verdienen samen 12 Frank en 90 centime per week. Maar leven is duur, zes brooden, dat is al meer dan drie Frank. Dagelijks anderhalve keer lopen dat er nog is drie. Carne milk, bloem, speck, was voor de karsen, brandstof, huur, kleding, alles samen te beloopen van 13 Frank en 20 centime. Ze geven dus meer uit dan ze verdienen. Waarvan heeft de hoek niet gehoord, enige reserve, geen marsen, geen plezier, werken, is overleven. Een zondagbandeling, een boek, een stukje vlees, vergeet het. Nu veel tijd genoten vindt deze situatie mens onwaardig. De proletaariers zijn vereerwicht en gedokumenteerd. Er zijn vreselijke foto's van kinderen, die mij dan aan de proetere zijn of tekstilmachines bedienen met hun blottenvoeten. Foto's gemaakt om de schrijne de situatie aan te klagen. In de kunst maakt er om antiek plaats voor het realisme, een stromming die de harde werkelijkheid vastnigt of nu op toek is of op papier. We kennen de proletaariers uit verhalen als Oliver Twist van Charles Dickens of Lemmy Zegrable van Victor Hugo. We kennen hem van op de schilderijen van Gustav Koegebe. Voor deze mensen dreigt constanten, hier komt de moeilijk woord, subsistencie crisis, dat betekent kopje ondergaan. Daarom schakelen ze over op overlevingstrategieen, klusjes op knappen bij de buren, vrouwen en kinderen moeten meer te werken gaan. Of ze laten zich in met illegale activiteiten zoals bedelen, dievstal of prostitucië. Alcoholismen en zelf dooding zijn schering een inslag. Vaak zie je geen andere uitweg dan hun pasgeboren kindje achter te laten als vondeling, in de hoop dat iemand met een klein beetje minder problemen, zijn toekomst kan bieden. Dus nu rijst bij ons de vraag, kunnen ze elkaar dan niet wat helpen. Wel ook dat wijsigt met de overgang van een landbouw naar industrieele samenleving, hun hechte relaties zijn veel losser geworden. Daar straks spraak we al over de amacht schilden. Wel de Franse revolution heeft die met één penetric afgescaft in de heerle geest van Liberty, dat is de wetletschappelier uit 1791. Maar daarmee is ook een stuk sociale weevsel weggevallen. En de mensen hebben duidelijk stijt voor een vredigingsleven, ze voel zich geïzoleerd en door de staat worden ze verwaarlost. In 1900 verschijnt bij ons in Lapres Socialist de piramide-aarangverseide piramide om om te draaien. Heel naar bovenaan een busten van Corineel.2 met daarnaast ik regeer voor u. Daaronder het niveau met beddende mannen te geestelijkheid, ik bed voor u. Daaronder mannen in militaire uniform, ik schiet op u. Nog daaronder enkel een vleesige mannen in pak met sigaren en champagne, ik eet voor u. En helemaal onderaan met kronnen rugen, de mensen die de piramide dragen, het volk, ik werk voor u. Nu om deze piramide om te draaien, gaan arbeiders zichzelf toch moeten gaan organiseren. De laatste deel wil we still staan bij de arbeiders beweging. Best de luisteraar een podcast maken, dat is een groot online avontuur. We bellen in, redigeren samen onze teksten, nemen interviews op en speuren het internet af, op zoek naar de juiste bronnen. En dat willen we allemaal veilig houden, daarom gebruiken wij Surfshark VPN. Soms werken je op café, of in de trein, en dan is zo'n VPN geen overbodige luxe. Surfshark beschermt je tegen de gevaaren van openbare netwerken. Geen hackers aan onze redigere tafel, dank u wel, privacy is goudwaard. Surfshark zorgt dat je online niet wordt gevolg door nieuwsgierige adverteerders, of andere digitale pottenkijkers. Ook handig, je hoeft niet te kiezen op welk toestel je je VPN installeert, want één abonnement van Surfshark geldt voor een onbeperkte aantal apparaten. Laas de VPN heeft Surfshark ook een krachtige antivirus in huis. Goed nieuws voor jullie via Surfshark.com/GVH, krijg je vier extra maanden Surfshark en je ziet er gezang vast. Dan zet het 30 dagen geld terug gerantie, klik op de link in de show notes en probeer het gewoon eens uit. De arbeiders zet een netwerken op. Zijn er de maatschappijen van onderlingen bijstand, mutualiteit dus, de voorlopers van onze algemene zieke zorg. In de eerste half van de 19e eeuw nog kleinschadige initiatieven. Alle leden doen hun tuit in het zakje een collectieve spaarpot waarop iedereen kan terugvallen. Op die manier worden de noodgeledigd van zieken, ouderen van dagen, te weduwen of wezen. Alle deelneemers profiteren erin feiten van. In een tijd perk waarin zij allemaal een vogel zijn voor de kapitalistische kat kopen ze met z'n allen zekerheid. Een tweede voorbeeld van zo'n netwerk zijn de cooperaties. Economische verbanden met als doen om basis goedre te voorzien zoals brood, kool of medicijnen, zodat de leden minder afhankelijk zijn van de grillen van de markt. Ons bekendste voorbeeld is uiteraard weer al ingent de cooperatieve maatschappij vooruit, opgericht in 1880. Die beschikt over een winkel netwerk en eigen krant vooruit, vandaag de morgen, een brouwerij, een spaarbank, en dan nog altijd heel bekende feestlokaal. De arbeiders zijn analfa bite, ongeschoold en mis dan hebben ze weinig meer in de weegschaal te werpen dat nu lichaan. Maar ze zijn nou wel de meest kwetsbare en onzichtbare zijn ook de meest onmisbare klasse. Als ze een troef in de handen hebben, dan is die het getal. Ze zijn met zo veel. Een arbeider mogen nog vervangbaar zijn, de macht van het getal wordt pas echt zichtbaar, wanneer de vakbonden oproepen tot stakingen. In die tijd nog verboden de vakbonden, je hoort ze een derde soort netwerk. We kennis vandaag, maar al te goed en sommige mensen denken misschien nog steeds dat stakingen verboden zouden moeten zijn. Hun doel is om de werkneemers te vertegenwoordigen en bij sociale conflicten een plek op de eisen aan de onderhandelingstafel als tegengewicht aan de werkgevers. Hier komt een tekenend verhaal. De moderne lucifer wordt uitgevonden in 1826 en het wordt meteen een massa product. In de Londense fabrieken waar ze worden gemaakt, krijgen de arbeiders een afschuwelijke ziekte, waarbij hun pandvlees pijnlijk opzweld hun tanden uitvallen en zelfs hun kaak wegrot. Vossie John wordt het genoemd naar de witte phosphor die het veroorzaakte. Wel, je dacht in 1888 gingen de lucifer meisjes van Londen aan het staken, want op termijn, leiden, tot de aller eerste arbeidswetten voor vrouwen. Weetgeving, na al die miserie moet de politiek nu toch eens gaan volgezeker. Werklozeidspremies bescherming tegen gevaar op de werkvloer politieke rechten voor de arbeider. Numeriek zouden de arbeiders het parlement gewoon over spullen, maar gelukkig voor de bourgeoisie is daar die dam ingebouwd in de grondwet, het seinskiesrecht. Wie wil stemmen die kan dat, maar die moet betalen. Het liberalisme van de 19e eeuw is het isme van de werkgever. Naar tegenover ons staat nu het isme van de werk nemer, het socialisme. Bij het geziener is van haar beginners zijn weinig beslagen op het eis van de politieke logie, en daarom vragen we het aan een echte politieke log, professor Dr. Teef Sinarde van de VUB. Om voor onze luisterhuis nog eens uit te leggen wat "socialisme" nu weer betekent, zoals u dat aan uw studenten naar legt als stublieft. Het socialisme is een politieke ideologie die een zo groot, mogelijke gelijkheid tussen mensen wil bereiken. Want ongelijkheid wordt de socialistie gezien als een negatief gevolg van hoe de samenleving en dan vooral de economie is georganiseerd. Het socialisme wil daarom de rijkdom in een samenleving minstens voor een stuk herverdeelen zodat die rijkdom gelijker verdeelt is tussen de leer van die samenleving. Het socialisme vat dan ook uit van het belang van het collectief, van de gemeenschap, van het sociale verband waarin mensen leven. Daar verschildert het met het liberalisme waar het individuus in traal staat. Die collectieve visie maakten het socialisme de samenleving bekijkt als onderverdeeld in klasse. Groepen die eenzelfde economische positie hebben in de maatschappij. Klassiek staat daarbij de arbeidersklasse tegenover de bourgeoisie. Maar je kan het zeker vandaag ook breeder zien als mensen die ongeveer eenzelfde soort inkomen hebben. Om die ongelijkheid tussen armeren en rijkeren klasse en rijkeren inwoners van een landwicht te werken, streeft het socialisme naar een belangrijk rol van de staat, van de overheid. Die staat moet voor socialisten namelijk een tegenbied bieren tegen de vrijmarkt. Ook hier staat het socialisme dus ideologisch wev tegenover het liberalisme. Bedankt, dat is zo klaar als een klontje. Mooie teorie, sociale maatschappij voor elkaar zorgen, kunnen we werk op tegen hebben. We zijn niet allemaal socialisten eigenlijk. Tijd voor nog een bekend figuur, een van de meest invloedrijken Denkers. Een man aan wie al die prolettaarische miserie niet onop gemerkt voorbijs gegaan. Op het moment van onze trijner in Brussel meeglen is er nog een tiener die luisterd naar de dan nog op schuren naam Karl Marx. Hij groeit op in een welgesteld liberaal gezin. Ze geboordhuis is vandaag te bezoeken in Trier. Zijn ouders zijn tot het protestantisme bekeerde joden. In de jaren 30 gaat Karl rechten studeren, in bond. Maar zijn vader stuurt hem naar Berlijn, vanwege losbandig gedrag. In Berlijn gaat het van kwaten naar Erger. Want de ballorige jonge man geraakt geïnteresseerd in de meest over tolle ge studierichting die er is. Dat is het geschiedenis uiteraard, filosofie. Hij behalt z'n doctorat in Lena, dit in Berlijn. Want ook daar is hij niet langer welkom vanwege zijn kwalijke politieke reputatie. In Köhlen wordt hij dan redakteur van de reinische tijdongradicale krant. In 1943 blant hij met z'n vrouw Jenny in Parijs, waar hij verder werkt tussen aanhalingstekens als journalist. Maar het is daarin Parijs dat hij z'n geest is genootleerd kennen. Friedrich Engels zoon van een duitse tekstielbaron met een fabriek in Manchester, bij genaamd 'Kotternopolis'. Daar in Manchester heeft Engels het beklagige zwaardige lot van de arbeiders aan schoud. Na een paar jaar is het twit al Marks Engels, ook in Parijs niet langer welkom vanwege tegevarrlijk en dat westige zich in Brussel. Na drie jaar publiceren ze hun meest invloedrijke werk. Niet toevallig in het revolution van Europa dat weet u van onze tweede aflevering 1848. Het communist is manifest. Heewel, het seewoort is gevallen. Communisme. Communisme is een vorm van socialisme denk ik of is het socialisme nu een vorm van communisme? Of is Marks Engels een marktist? Ik krijg die vraag waar hij is voor de voetige woerpe en ik praat mezelf dan soms echt in de knoop. Allemaal heel sociale mensen weten wel. bo, tijd om het nog eens aan iemand anders te vragen. Professor Siddagde ontwart u deze knoop. Het communisme, wat soms ook Marxisme of wetenschappelijk socialisme wordt genoemd, is eigenlijk ook weer een verzamel term en is in de geschiedenis verschijnen in verschillende substromingen, zoals het Marxisme Leninisme, in de jonge USSR onder Lenin, het Stalinisme, in de latter USSR onder Stalin, het Maoisme, onder de gelijk naamige Chinese dictator, het North Korean regime, dat vandaag nog steeds bestaat en het neo-Marxisme, waar de bellische partij PVDA-PTB zich op broept. De grondleggers van het communisme waren Carol Marx en Friedrich Engels, die met een communistisch manifesto uit 1848 betoogde dat er een rode draad door de geschiedenis heenloopt, namelijk dat er minder uit, met het geld en de productie middelen, een medereit uit buit, een medereit die enkel over haar lichaam beschikt om te arbeten. Deze ongelijke klasse maatschappij wordt ondersteun door de politiek, het rechtse system, de burwelijke cultuur en in het minst religie. Coministen zijn namelijk van trouw, tegen of zelfs helemaal gekant tegen religie, dat ze zien als opium voor het volk, om het met de woorden van Marx te zeggen, opium voor het volk dat het volk passief en volgstaan maakt en het zo weerhouds voor zijn rechten op te komen en zo ook tegenhouds dat uiteindelijk die communistische revolutie, die revolutie van het prohetariat, plaats zou vinden. In het Carol Marx-museum in Trier verkopen ze van die doosjes met peper muntjes, met daarop opium van het volk. We geniale vondst en het verkopen als zoete broodjes, benieuwd wel wat Marx zelf daarvan zou vinden, maar goed religie, Marx vindt dat de mens religie heeft uitgevonden om zich in een passieve roes te helpen en dat ze de arbeidersdom en lam lindig houdt, net omdat ze die oogelijkheid verdericht als de wil van God. Na die revoluties van 1848 moeten Marx en Engels nog één keer verkassen, en ze trekken naar Londen, waar ze zullen wonen tot aan hun dood. Maar Nergens kan Marx nog werk vinden, Engels moet hem en ze verarmde gezin onderhouden. Als u ooit de British Museum bezoekt, het is in de magistrale leeszaal dat Marx veel jaar heeft gestudeerd en geschreven als een magnum opus, das kapitaal. Das kapitaal zal postum worden uitgegeven door Engels. Op de omslag van het communistisch manifest staan de volgende woorden gedrukt. "Proletariers allerlanden verenigd u." "Allerlanden dus, de ontvogding van de arbeiders is internationaal." En de proletariers allerlanden zullen gehoorgeven aan de oproep. In 1964 richten Marx en Engels de internationale op. Een communistisch netwerk dat jaarlijks congres is al houden. Maar de internationale komt met een fabrikage fout al van in het begin is er tweedracht over de manier waarop. Heel die klasseloze maatschappij moet ontstaan. Een groep volgeningen van een Russ, Michael Bakoonin, noemt zich de anarchisten. An betekent zonder en argij betekent structuur. De staat is niet te vertrouwen, zelfs als ze die uit een klauwe van de burge rij weten te trekken. Vanaf dan begin de de volgeningen van Marx zich, Marxisten te loemd, de distancieren. Ateindelijk worden de anarchisten met u klikken en u klakken buitengesmeten. Anarchie gaat aan wel uit van een mooi idee. De mens moet kunnen leven zonder een hoge remacht. De anarchisten zullen nog heel wat aanslagen plegen. De meest beruchten zijn die op Cicie, Oosterijks Kijzerin, omberthodde eerste, Italiaans Koning en William McKinley, Amerikaans president. De internationale zakt in elkaar, onder al die spalingen. Maar in 1889 honderd jaar dus, dat de Franse revolution, maar ik zie ze dan al vijf jaar dood, probeer ze volgeningen dat opnieuw met de tweede internationale. Ook die zal uit elkaar spannen, want er is zo'n groep binnengeformt die zichzelf nu de socialdemokraten noemt. Dus ja, professor, laatste keer. Ik kan door de boomen het bos niet meer zien. Hoe misschien de socialisten, communisten, socialdemokraten en weet ik veel wie? Zo'n wilde socialdemokraten, een belangrijk rol van de stad, maar ze stellen de vrijen maar ik niet in vraag. Historisch wilde socialdemokraten bestaan de systeem gelijdelijk hervormen via parliamentairewig. Dat ligt anders bij de communisten, die voorstander zijn van een revolution die het kapitalistische systeem volledig om vergooit en een klasse lozen maatschappij installeert, dit door het privébezit af te schaffen. De economische productie middelen worden eigendom van de stad. Dat is de eerste fase, die soms ook socialisme wordt genoemd. In een laatste fase van het communisme wil men dan ook de stad zelf afschaffen en komt in de plaats dan wat de communiste noemen een diktatuur van het proletariat en andere woord voor de arbeidersklasse. Vandaag spreek je zola liste vaak over de communiste als het over die donker Roya Rackers van de PVD-aar hebben en socialisten als ze over vooruit spreeken. Voor leren is dus om die de socialdemokraten te noemen. Zabengevat, het doel is min of meer hetzelfde, sociale gelijkheid, het middel verschilt. Comuniste wil een revolution, socialdemokraten wil samenwerken met vakbonden en cooperaties en zij wil parlementair overleg. Daar moeten ze dan wel het science-kiesrecht voor afgeschaft zien te krijgen. En effectief, in ons land, wordt de BWP op gericht in 1885, de Belgische werken niet de partij. De Nederlandse SDAP in 1894. In 1893 wordt een nieuw kiesysteeming gevoerd in België het algemeen meerwoudig stemrecht. Welke man van België krijgt ons stem, waar de bourgeoisie van er nog altijd een paar bijkopen. Een hybride systeem dus, maar het zorgt ervoor dat de eerste socialisten in het parlement palannen. Maar wacht, we zijn er bijna, maar nog niet helemaal. De Belgische luisteraar blijft nog op z'n honger zitten. We zijn hier niet allemaal opgevoerd. Met die ene pastor, bekend van Louis Paul Bonn, en van die een hele lange film met Jan de Kler. Jonge regeneraties hebben gelukkig de muursekel gehad. Adolf Daans, die in Aalst, strijdvoertegen Schachle Woeste, aardskonservatief van de catholieke partij. Dat was in 1888. Ja, Daans, dat is een pastor met heel die opium van het volk. Dat zal die toch geen communist zijn. Correct. Ook het geloof, wil een netwerk bieden voor de arbeiders. Het raart ziet dat idee ingebakken in het Christendom, waar we bekijkt ook commercial. Ze speelen niet graag honderduizende zieldjes kwijt aan een godeloze concurrent. En dat heeft alles te maken met een pauze. Onze nieuwe pauze heeft als naam leo de 14e gekozen, waarmee hij eigenlijk in de voedsporen treedt van leo de 13e. Wel, die leo, waardigd in 1891, een NC-krieg uit, een NC-krieg, dat is eigenlijk een open brief met als naam altijd de eerste woorden ervan. En die woorden toen ongetwijfeld een belletje rinklen over de nieuwe dingen. Luisteraar hoe ver zit u latijn in der daad? Reroem-nawarom. Reroem-nawarom is een visitext van leerstelige art die het sociale beleid van de kerk uit het doek doet. En waarmee leo de 13e te kerk de industriele wereld in wil leiden. Leo waarschuut voor de gevaaren van het kapitalisme en van het Marxistisch-socialisme. Het feest waarin Reroem-nawarom, op helemaal waardstag, is de catolieke tegenhanger van de socialistische eerste mij. Leo roept op om ook christelijke vakbonden op te richten en ook christelijke mutualiteiten en dat pleit voor een rol van de overheid om het op te nemen voor de zwakken. Het idee slaat aan als een bomb binnen de catolieke partij. Daar binnen groeit een progresievere vleugel. Ook daans stuint op Reroem-nawarom en in 1893 wordt de CVP opgericht de christene volkspartij, de voorloper van CDNV. De CVP combineert socialactivismen met een stevige vlaamsgezendheid en ze zet zich af tegen de traditionele catolieke partij van de franstalige elite. In Nederland wordt de Roms-catolieke staatspartij opgericht. Er zie je al de eerste christendemocratische partijen zijn geboren. Wij zien toch veel insoldafleveringen eigenlijk. Alle grote politieke bewegingen waar wij vandaag voor kunnen stemmen hebben u woordt ons gehad in de lamen negentiende eeuw. Nationalisten en liberale kennen wel van de vorige keer. Vandaag zijn daar de communisten, socialdemocraten en christendemocraten bijgekomen. Alleen op de groene moeten we nog wel een eeuw wachten. Wiste luisteraar, we zijn door onze industriele piramiden. Helemaal onderaan of Liever Ernast. In de schaduw van de vooruitgang, in de marge van de samenleving, de mensen die door, de mazen van de sociale nette glippen. Landlopers, prostituës, wewezen, alleenstaande moeders en ouderen zonder familie. Zij laten nauwelijks sporen. Luisteraar, we gaan niet hoofdzoek moeten afronnen, het is tijd. En daarvoor gaan we terug naar de zonnegedag, waarop ons verhaal hebben aangevat. Ik durf het uit te zeggen. Ik geloof dat u nog zult meemaken dat de spoolwege bijna alle andere vormen van vervoer in dit land zullen vervangen. Dat was George Stevenson, de vader van de locomotive. Hij bliekt vooruit naar een wereld die wij vandaag van zelf spreken vinden of zelfs al achterhaald. In Mechle wordt in Tussen een meilpaal ingeguldigd met veel bekijks. Zo wordt de stad voor altijd een halte op de eerste openbare lijn van het land. De hele stad viert feest, vooral de eliten. De volgende maanden zullen meer dan honderdduizend tickets worden verkocht. 15 jaar later ligt er in België al 900 km spoor met Mechle als centrale knopunt. Ons jonge land profeleert zich zo als een modern en misjeursland. Tegend het einde van de lange 19e eeuw, de vlakken voor de grote oorlog zal het spoor net uitgebreid zijn tot 5.000 km. De trein maakt mensen mobiel, het land kleiner. Het brengt het buitenland dichterbij. De trein maakt het land trots en vormt zo mee de moderne nazisstaat. De eerste Chinese spoor lijn wordt pas gebouwd in 1876 door Europanen. Hij is niet langer dan 25 km en een jaar later blaast de overheid hem gewoon op. In het jaar 1880 rijdt Rinschina geen enkele trein. Op dat moment ligt er in het westen meer dan 250.000 km spoor. In de rest van de wereld niet meer dan 35.000. In Brussel ligt vandaag het Maximilianpark. Daar tussen de drukke sausage dan weg in een nieuwbouwproject ligt vandaag een huisje te voorkomeren, een huisje van een zijnwachter. Het is het enige ristand van station Groendreef, waaruit onze eerste trein naar meggelen is vertrokken. Toen Brussel noord nog niet het drukste station van ons land was. Nu is het raar. Toet u deze denk oefening even mee. Een wereld zonder treinen, maar ook zonder machines of fabrieken. Of nu we toch bezig zijn, trik rust verder tot een wereld, zonder staal, elektriciteit, krestik, wagens, automaten, robots, AI. Vergeet even dat u in een vliegtuig heeft gezeten? Wat er overschiet, dat is de wereld, zoals die eewel land heeft bestaan. Een heel stille wereld en traag, zoals Karol Marksen het zegt. De vorige schieden is van de mens, is te meinde. En de warige schieden is, dan beginnen. Dankjewel om bij ons te herbeginnen vandaag. De lange 19e eeuw is de eeuw haar revolution. De industrieele revolution was de grootste, economische omwentening uit de geschiedenis. Ze veranderde manier waarom mensen omgaan met de wereld waarin ze leven. En dat is nieuw. De trein zal alleen maar voordenderen, maar waarnaartoe. Wij spraken al over de term industrieele evolutie. Traag, geleidelijk en eigenlijk ook nooit voorbij. Misschien is dit wel de verandering van de stormmachine. Wie in het jaar 1720, 20 jaar is, die gaat de wereld niet echt signifikant zien veranderd hebben wat er hier vijftig is. Maar dat gaat niet op voor u, beste luisteraar of u nu 16 of 60 bent. Wij leven in een tijdperk waarbij de werelder, waarin we sterven, compleet anders uitziet, dan waarin we geboren worden. Beste luisteraar, bedankt voor het luisteren. Wij werken als een geolie de machine verder aan nieuw materiaal. Volgende halte, de United States of America. Voor vandaag bedankt we Thomas DeRink en Dave Sinarde voor uw intelligente politiek economisch ondersteuning. Ook het heelsmortel, een lieve scher wil we nog één keer bedanken. Toen slotten, merci Louren en Sluiten voor je prachtige stem. Wij zijn geschiedenis voor herbeginners. Ben jij m'n gooivaart Laurent Porsche en ik zelf, Jonas Gostenard's voor zorgen de inhoud, Philip Vekemans de montage. We doen dit in onze vrije uren. Als u onze voornaar believen wil toestappen voor ons werken, dan kan dat heel eenvoudig op www.voojeplot.com, schuinestreep, geschiedenis voor herbeginners. Volg ons op Facebook en Instagram graag tot de volgende keer. Ik ben voor jezelf. ♫ Helpt een ijzbad echt, moet je 160 gram ijwit per dag. En hoeveel koffie is nog gezond? Online hoe we moet het van de trends, maar wat helpen u echt? Als proefkonein test ik elke week een nieuwe hype. En ik duik als arts te onderzoek in zodat je weet wat werkt en wat ons in is. Weet hoe het zit, blijs je elke dinsdag naar een nieuwe aflevering van langzaie leven.

Podcast Summary

Key Points:

  1. De podcast bespreekt de industriële revolutie, met focus op de eerste treinrit in continentaal Europa in 1835 en de opkomst van een nieuwe arbeidersklasse.
  2. Het economisch liberalisme van Adam Smith wordt uitgelegd, inclusief concepten als vrije markt, arbeidsspecialisatie en de 'onzichtbare hand' die welvaart zou genereren.
  3. De sociale gevolgen worden belicht

Summary:

De podcastaflevering behandelt de industriële revolutie, beginnend met de historische eerste treinrit op het Europese vasteland in 1835. Hierna verschuift de focus naar de ingrijpende sociale transformatie. De samenleving evolueert van een standenmaatschappij naar een klassenmaatschappij, gedreven door kapitaal.

Het economisch liberalisme van denkers als Adam Smith, met principes als vrije handel, arbeidsspecialisatie en de 'onzichtbare hand', wordt gepresenteerd als de ideologische motor achter de industrialisatie. Echter, de revolutie kent een schaduwzijde. Een nieuwe arbeidersklasse, het proletariaat, ontstaat en betaalt een hoge prijs.

De bevolking explodeert door betere leefomstandigheden en migreert massaal naar steden, wat leidt tot overbevolkte, ongezonde krottenwijken met zeer lage levensverwachting. Het leven van arbeiders wordt gekenmerkt door ellendige huisvesting, onmenselijk lange werkdagen in gevaarlijke fabrieken en een afhankelijkheid van lonen. De aflevering schetst zo een contrast tussen technologische vooruitgang en economische theorieën enerzijds, en de harde sociale realiteit voor de werkende massa anderzijds.

FAQs

De eerste treinrit op het Europese vasteland vond plaats in 1835 tussen Brussel en Mechelen, een afstand van ongeveer 20 kilometer.

Adam Smith was een Schotse moraalfilosoof en econoom, bekend als grondlegger van het economisch liberalisme. Zijn boek 'The Wealth of Nations' introduceerde concepten als de vrije markt en de 'onzichtbare hand'.

De bevolkingsgroei werd veroorzaakt door betere landbouwtechnieken, dalende kindersterfte, verbeterde hygiëne en nieuwe banen in de industrie, waardoor mensen eerder trouwden en meer kinderen kregen.

Arbeiders woonden vaak in overvolle, ongezonde krottenwijken met gebrekkige sanitaire voorzieningen, wat leidde tot lage levensverwachting en hoge kindersterfte.

Arbeiders werkten extreem lange dagen, vaak zes dagen per week, in gevaarlijke omgevingen met weinig veiligheidsmaatregelen, waar ook kinderen werden ingezet voor repetitieve taken.

In de industriële samenleving werden standen vervangen door klassen, waarbij iemands positie werd bepaald door kapitaal in plaats van geboorte, zoals bij de adel, geestelijkheid en derde stand.

Chat with AI

Loading...

Pro features

Go deeper with this episode

Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.