Een heupfractuur, ofwel een breuk van het proximale femur, is een veelvoorkomend letsel, vooral bij ouderen, met jaarlijks 17.000 diagnoses in Nederland. Het risico neemt toe door osteoporose, ondergewicht, valrisico en verminderde mobiliteit. Er zijn verschillende fractuurtypen: de femur-kopfractuur (Pipkin) ontstaat bij hoogenergetisch trauma, zoals auto-ongelukken, en gaat vaak gepaard met heupluxaties. De collumfractuur komt veel voor bij ouderen die uit stilstand vallen, terwijl pertrochantere fracturen vaak ontstaan door direct trauma op de heup. Subtrochantere fracturen zien we bij direct of axiaal trauma. Symptomen zijn pijn in de heup, soms uitstralend naar de knie, en een been in exorotatie met verkorting. Lichamelijk onderzoek richt zich op neurovasculaire status, maar functioneel onderzoek wordt vermeden vanwege pijn. Diagnose gebeurt met röntgenfoto’s, soms aangevuld met een CT-scan. Behandeling is meestal operatief: niet-verplaatste fracturen kunnen conservatief, maar verplaatste fracturen vereisen schroeven, een DHS of een prothese, afhankelijk van leeftijd en dislocatie. Complicaties zijn onder andere avasculaire necrose, infecties en trombo-embolieën. Het sterftecijfer binnen een jaar is hoog (12-37%), vooral door delier, longontsteking of hartinfarct. Preventieve maatregelen, zoals geriatrisch overleg, goede pijnstilling en vroege mobilisatie, zijn essentieel om herstel te bevorderen en complicaties te voorkomen.
Welkom bij Medikas Podcast.
De Nederlandse podcast om je medische kennis op de frisse tijdens het auto rijden, stofzagen, wandelen of natuurlijk tijdens rustig dienst.
Ik ben Claudia en tof dat je luistert naar de Medikas Podcast.
Vandaag gaan we het hebben over een huptraktuur.
Wanneer je aan een leek uitlecht, dat een gebroken hupt betekent dat het boos te deel van je bovenbeen gebroken is?
Dan kijk je ze toch even je schijk op.
Het minste dat is wat ik altijd ervaring als ik het uitleg.
Want ze groven niet dat je bovenbeen je hupt is.
Vandaag gaan we het hebben over die huptraktuur.
Een bruk van een proximale deel van de femeur.
Daaglijks komen er voornamelijk ouderen op de spoedhuis en hulpweg zo'n vol met een huptraktuur tot gevolg.
De diagnosen wordt zelfs jarlijks 17.000 keer gesteld.
Dus de kans dat jij dit op de spoed of op de chirrigieafdeling tegenkomt is aanzienlijk.
In 90% betreft het op patiënt die ouder is dan 55 jaar.
En dit is ook best logisch, want het risico dat je iets breekt op ouderen leeftijd is best groot
door dingen als osteoperozen, ondergewicht, hoog risicoop, vallen bij bepaalde medicatie, evenwegstoornissen,
vermindermobiliteit en ook ficestoornissen.
Als je het al heel vaak hebt gedaan, dan wordt het goed in je.
Maar weet je eigenlijk wel waar je allemaal alert op moet zijn?
Wat er verschillen zijn tussen het diverse breuken.
En hoe het behandel trei ik loopt?
Laat we dit even zo'n parijtje zetten.
Een hubfractuur is dus een fractuur door het proximale gedeelte van de femercop.
Hoe zag ook weer dat gedeelte van de femeer er uit?
Nou, de feme bestaat uit een kaput, de kop, die met een kolum, een hals, vastzit aan de schacht van de femeer.
An de laterale zijden net onder het kolum vind je de trogan ermaar.
Een onderregematige bobel waar een verschillende spieren en ligamenten zich vastzetten.
Zo'n fuzzy lata, de tract is illiotibiales, de musculis piriformes, en de musculis glittees medius en minuus.
Aan de mediale zijden van het femeer, ook net onder het kolum, vind je de trogan ermaar.
Hier hecht opnieuw spier op aan, waaronder je musculis illjakkes en musculisps zoals major.
En dan onder je trogan ermaar en minor begint de schacht van de femeer.
En het feme maakt dus deel uit van je hupgevicht.
Het kaput zit in het assitabulum, de gevrigskond van het bekken.
Er zijn verschillende soorten die we een hupfractuur noemen.
Zo kan de patiët een fractuur hebben van het kaput, door het kolum, door de droganters, maar ook net onder de droganters.
We hebben sprekken ze hier allemaal apart met het ongevast meegenismen, de specifieke klachten, het lichaamlijk onderzoek, aanvullend onderzoek en natuurlijk de behandeling.
Voor dat we van start gaan, moet ik even een aanzel begrippen toelichten die ik ga gebruiken.
Maar onder hoog enegetisch en lage enegetisch trauma.
Met een hoog enegetisch trauma bedoelen we dat de patiënt een behoorlijke klap heeft gemaakt,
zoals bijvoorbeeld een auto ongeluk van minimaal 50 kilometer per uur, een val van 3 meter hoogte of een ernstig ongeval bedwerk.
De impact is hoog en dus de kans op letsel is naag nog altijd aanwezig.
Bij een lage enegetisch trauma is de impact wel aanwezig, maar laag.
Dus staat ook een grote kans dat de patiënten geen letsel hier aan overhouden, bijvoorbeeld een vol van de fiets. Een jongel patiënt zal hier misschien wat schafel dan overhouden,
maar kijk we dan naar de 80 pluser, dan is er een reële kans dat deze patiënt iets bereikt.
Oké, nu dit is opgeklaar het gaan we verder.
We gaan gewoon heel simpel van boven naar beneden.
Als eerste dus een fractuur van het kapet, ook waar het pipkin fractuur genoemd.
Dit is geen letsel die je terugzolt vinden bij de ouderen patiënten die zijn gevallen.
Dus fractuur ontstaat namelijk bij hoog enegetisch trauma.
Denk bijvoorbeeld aan knieën die tegen het dashboard komen bij een auto ongeluk, een val van grote hoogte, sporttrauma of een insteel ongeval.
Bij het ook nog wel eens bij terugkund zien zijn postreëren heupluxaties.
Dit zijn niet die heupluxaties die optreden bij protezen materiaal, maar de echte traumatische heupluxaties.
Als er ook een postreëren-luxaties, dan kan de reletzels zijn van de nervus is schijaricus,
met het onfimoog om de enkel en het ene in dorsie-flexie te brengen.
Dus dat betekent dat je je enkel en je ene niet goed om hoog kan brengen.
Als de spraak is van een feme kopfractuur, dan is er gewoon een grote kans dat er ook begeleidend letsel is.
Zoals die postreëren-heupluxatie.
Maar ook andere letsels kunnen aanwezig zijn zoals antreëren-heupluxaties, kolmfracturen,
en acetablenfractuur, en ipsilaterale letsels van de ligamenten van de knie.
Gaan we een treetje lager naar vinden we de kolmfracturen.
De fractuur die je vaak terug ziet bij de ouderpecent, die vanuit stilstand valt.
Maar je kunt het ook zien bij hoog ingetisch trauma bij jongeren.
Danna vinden we de perterogantere feme-fracturen.
Een fractuur door de trogante major, en soms ook door de trogante minu.
Ook dit zien we heel vaak terug bij de ouderpecent die valt,
maar vaak ons daad dit door direct inwerken trauma op de trogante regio.
Bijvoorbeeld de ouderpecent die nog graag fietsst en van een fiets op de zijkant van de heup valt.
Als de sprake is van een laag enegetisch trauma bij ouderpecenten,
zoals een val uit stilstand, dan heeft deze patiënt vaak onderliggend ons superrozen.
Ook kun je deze fractuur terugvinden bij jongeren met een hoog enegetisch trauma,
of soms als patiologische fractuur bij een onderliggende maligniteit.
En de laatste soort is een sub-troganteere feme-fractuur.
Een fractuur net onder de troganters waar de schacht van de feme begint.
En dit kun je zien bij trauma die direct inwerkt op de feme of actiaal inwerkt.
Soms ook omdat het bein door het trauma wordt gedraaid.
Je ziet het bijvoorbeeld bij multitrauma, soms ook wel bij een laag enegetische val.
En af en toe in het kader van patiologische fracturen.
Het verhaal en het ongevalzmegenisme is het belangrijkste om uit te vragen bij je anum deze.
Op die manier zou je het letsel ook kunnen inschatten.
Zo zou je bij een val van de fiets op de heup er een perterogantere feme-fractuur verwachten.
Terwijl een ouderpecent die met populiseren naar het toilet valt,
misschien eerder een kolmfractuur heeft.
We gaan in het lichaam onderzoek op zoek naar tekenen die een diagnose van een heupfractuur meer waarschijnlijk maken.
De meeste mensen hebben pijn in de heup zelf.
Maar sommige patiënten kunnen je op het verkeerde bein zetten.
En geven pijn aan in de bovenbeen of soms zelfs in de knie.
Dit is gerevereerde pijn vanuit de heupfractuur.
bedenkt dus altijd als je een patiënt hebt met het ongevalzmegenisme die paspijn heupfractuur en pijnklachten in de knie,
dat het als een nog steeds een heupfractuur kan zijn.
De pijn in de heup zit vaak in de liefst of van de laterale zijden van de heupwanneer op de heupkop duurt.
Omwijs zo gestief voor een heupfractuur is een beende in exorotatie licht en die verkoord is.
Zo betekent dat de tenen naar buiten wijzen.
Dit is bijna patichnomisch voor een heupfractuur.
De meeste patiënten kunnen na het trauma hebben niet meer belasten.
Bij kolomfracturen die niet gedisloseerd zijn kan de patiënten soms nog wel belasten, maar is het wel pijnlijk.
Ze geven vaak zelf aan dat ze nog weinig kunnen doen met het bein vanwege de pijn.
Normaal gesproken moet ik eigenlijk iedereen alleen maar aan om een goed functioneel onderzoek te doen.
Maar bij een van moeder op een heupfractuur is het niet nodig om precies te kijken of er nog flexie, extensie, optuxie, aduxie eten mogelijk is.
Dit is vaak veel te pijnlijk om te testen en het helpt mij totaal niet in de diagnose.
Wat ik wel heel belangrijk vind om te testen is een neurovasculaire status.
Nu zal de vastculaire status bijna altijd goed zijn.
Dan zijn je te maken heb met een hoge energetisch trauma.
Want als het bloedvater geraakt zijn dan is dit vaak ongunstig voor een bepaald gedeelte van het femeur.
Het zal niet zo snel voorkomen dat de grote bloedvater wordt beschadigd, waardoor je bijvoorbeeld een bedrijf been krijgt.
En toch vind ik het belangrijk dat je dit altijd test bij het onderzoek van een extremitijd,
zodat je dit ook nooit zo'n vergeten bij een pathologie waarbij dit wel belangrijk is.
Je voelt heel simpel of de arteriatubiële sposteriointakt is.
En je kunt de capillair riep veel op de voet testen.
Dit heb je zo gedaan.
Wat ik wel belangrijk vind dan de vastculaire status is de neurologische status.
Zijn de tintelingen of een doofgevoel het nieuw is?
Voelt de patiënt gelobal hetzelfde aan als je links en rechts op aan het benen zit?
Er voelt dan zo wel aan het bovenbeen als aan het onderbeen en aan de mediale en de
lateralzijde van het been.
Kijk wel, bij uitzvuld van je nervus is gejadijks, heb je bijvoorbeeld vermindert gevoel
aan de achterkant van je been, terwijl je bij uitzvuld van de nervus femurale, juist
een vermindert gevoel hebt aan de voorkant en aan de medialezijde van het bovenbeen.
Vraag geven patiënten zelf ook wel aan als het echt anders voelt, maar check altijd
even alle gebieden, dan even heel wat anders, patiënten met een hubfractuur hebben een
grote kans dat ze geopereerd moeten worden, dat is een gegeven waar je al rekening mee kunt
houden in je anamnezen, je ga hem onderzoek en je aanvullend onderzoek, de reden dat je
dit zo uitgebreid doet bij deze patologie is omdat je vaak te maken heb met oudere patiënten
met komorbiditijten, de kans dat zij bepaalde risico's hebben is veel groter dan bijvoorbeeld
bij een 5-jarige die zijn pols heeft gebroken en daarvoor geopereerd moet worden, dus bij je
anamnezen wil je weten welke risicoan ze zee heeft op de patiënt en wat de winnevalt
met een operatie, alle eerst een risico-inschatting, zorg voor een compleet de voorgeschiedenis, vraagt
de thuismedicatie uit en check of er nog sprake is van alle gieën, dan de winst van
de operatie. Als iemand vitaal is, zoals een jonge patiënt, of een oudere patiënt die
nog alleen woont, zelfs een boodschap bedoelt en nog elke dag vijf kilometer wandelt, dan is
een operatie heel logisch. Opereer je namelijk niet, dan is deze patiënt zijn mobiliteit kwijt.
Maar het gaat vernamelijk om de oudere patiënt die zeer beperks zijn in een mobiliteit. Je moet
weten dat een operatie bij een hubfractuur ook vaak vooral pijnbestrijding is. Daarom wordt er
lachtrempelige operieerd. Maar patiënt die je reetje bij het legerig zijn, die geen lange
levensfwachting hebben, dan moet je toch even drie keer nadenken of je risico van een operatie aangaat.
Ook is het goed om je sociale aan een knees te bespreken, omdat het kan zorgen voor een
andere operatietechniek. Misschien heeft de patiënt al jaren klachten van de hub, passen bij
hubatroze, en is er ruimte om er direct een totale hubrotees in te zetten. Je sociale aan de
knees is erg belangrijk. In je legamerlijk en aanvullend onderzoek is het vrouw kiën om niet
gediegnostiseerde risico's op te sporen. Misschien is de patiënt een voorzrooker, maar
is hij nooit COPD vastgesteld. En je horen bij legamerlijk onderzoek een verlengd expereer
met wiezing. En ziet op de extorax een tonform getorax passen bij een COPD-er. Dit is goed
om te weten zodat de rekening mee kan worden gehouden tijdens de beaardeming van een operatie.
Of je horen bij je hart als cultatie in forse systolische soevul, die bijvoorbeeld kan passen
bij een voorzaoord te stinozen. Of je ziet bij het ECG diverse geleidingstoornissen. Deze
bevindingen kunnen allemaal voor risico's zorgen bij de inductie van Anderse Zee, omdat
er altijd bijwerkingen zijn van slaap en bij medicatie. De risico's zijn G-rede om niet
te opereren, maar het is wel fijn om van te voordelen te weten zodat je kan anticiperen
op eventuele gevolgen. Vraag bij een overduidelijk niet gediegnostiseerde soevul of geleiden
tijdens tonische de cardiolog in consult voor advies en eventuele engehol mag er de oorzaak
van de soevul te komen. Dan is het ook gebruikelijk om bloedonderzoek te doen. En de dingen
die ik worden aangevraagd zijn er misschien verschillen tussen de ziekenhuizen. Wat ik ben gewend
is om een bloedbeeld en CRP te doen, omdat het check of er geen onderliggen infectie is,
die bijvoorbeeld de oorzaak van de volkant zijn, of dat het helemaal gloed binnen niet ineens
erin is. Er zal altijd wat bloedvlies zijn bij een operatie en je wilt niet de operatie
ingaan met een ouderpecent en een HB van 4.0. En daarnaast is het goed om een neerfunctie
te weten, omdat je dus medicatie zo het gebruik als pijnstilling en onderpecenten slaap te
brengen en sommige medicatie moet je aanpassen voor de neerfunctie. Maar dan is het natuurlijk
wel handig om te weten wat die is. En wat ook vaak nog verpapouwd wordt is de calcium
infectie-minide concentratie, als maat voor eventuele gebrek en risikoop als juparose. Oké,
maar met al deze onderzoek op een vestigd natuurlijk niet je vermoedelijke diagnose van een
HB. Dat zou je toch echt een rundgevoten voor moeten hebben. De opname die je altijd wilt
hebben is een Xbecken, dus een vooraanzicht van het Becken en vaak zie je hierop al wel
of er een heupfractuur is. Maar je wilt ook een axiale heupopname hebben. Hierop kun je goed
het kaput en het column zien. In deze opname is wil je altijd bij een verdenking op een heupfractuur.
Maar bij sommige fractur wil je nog meer. Bij een femercopfractuur of wel de pipkinfractuur wil
je soms een aanvullende opname, de Judithview. Het zijn schuinen opnames van het Becken om je te
helpen fracturen van het asetabulum op te sporen. Soms zie je geen duidelijk fractuur op de foto,
toen je dit wel had verwacht aan de hand van het verhaal en het lichaam ik onderzoek. Of soms is het
letsel zeer uitgebreid. Dan is het goed om een CT-skim van heup te maken, om ervoor een kleine
fractuur op te sporen of om het uitgebreid de letsel beter een kaart te brengen. Op de foto kun je
diagnostiseren met welke fractuur je te maken hebt. Zit de fractuur door het kaput, column, de drogantor
of net onder drogantor. Maar de chirurgische en de orthopedische wereld gaat verder. De bestaan
die verseklassificaties voor elke soort heupfractuur die iets vertellen over risico's, de behandelingskuizen
en de kans op goed herstel. Die ga ik hier niet alle labbespreken, dat is vergevorderde stof als
je chirurg of orthopedie wilt worden. Maar het in de praktijk belangrijker is om het onderscheid
te maken tussen een niet gediscloseerde fractuur, dus totaal niet verplaats, een geimpacteerde
fractuur, dus een ingedeukte fractuur, of een gediscloseerde fractuur, een verplaatsen fractuur.
En bij een column-fractuur wordt er ook nog wel eens een onderscheid gemaakt tussen een mediale
en een laterale column-fractuur. Bij de mediale column-fractuur zit het bruk dicht bij het kaput,
het wel een laterale column-fractuur dicht bij de drogantor is. Dus focus je niet op de
klassificatie, maar op de grove weg tussen wat van fractuur is het dan doe je het al hartstikke goed.
Goed, je hebt de diagnose gesteld, je hebt de risico's ingeschad, dan is de vraag wat nu.
Zoals ik eerder al vertelde, wordt er vaak geopereerd. Maar de eerste vraag die je
aan jezelf moet stellen, is wordt deze patiënt beter van een operatie.
Gelukkig is hier een handig hulp meer ervoor, namelijk de allemaal hip fractuur-score.
Wat je vaak met zoke score's hebt, is dat het allemaal heel logisch is, waardoor op wordt geskoord.
Bij de almolo hip fractuur-score wordt de namelijk gekeken naar de heeftijd, geslacht,
AB, cognitieve kwetsbaarheid, een verblijf in een verplegen van verzorgingsthuis,
het aantal kommobiliteiten, de maligniteit, de mobiliteit en de aza-score.
En hoe hoger de score, hoe groter de risico is op morteliteit binnen 3 maanden naar de operatie.
Zo heb je bij score van 17 of hoger, een mortaliteitsrisico van 50 procent binnen de 3 maanden.
Gelukkig wordt de patiënt in de meestige fallen wel beter van de operatie.
Misschien kunnen ze niet meer zo functioneerd als op het oude niveau,
maar ze zullen geen pijn meer hebben en kunnen eventueel weer wat mobiliseren.
Dan de behandelingen van de diverse soorten hip fracturen.
De femur-cop-fractuur, de pipkin-fractuur, wordt in een paar gevallen conservatief behandeld.
Wij breuken die aan de onderkamp van het kapet zijn, of breuken die niet gediscloseerd zijn
met in de stabil-hubgevrecht, die kunnen conservatief behandeld worden.
Ze mogen dan een hub zes weken niet belasten.
Ze wordt de regelmatig opgevolg met een exbekkend om te kijken of de genezing voor spoedig gaat.
Belangrijk is wel omdat deze patiënten die minder mobiel zijn zes weken profilactisch fractieperine mee te geven.
Om een risico op een trombe en boliet te verkleiden.
Is er een bijkomende hubluxatie en moet deze altijd direct worden gereponeerd, op de spoedhuisnulp of op de Oka.
Alle andere gevallen, dus gediscloseerde bereuken en uitgebreid letsel met nog andere breuken, worden operatief hersteld.
De hub-cop wordt hersteld met een paar de schroeven, ook wel de Herbert's Cruise genoemd.
En uiteraard van begrijpen letsel ook behandeld.
Ook hier wordt de genezing opgevolg met diverse controles en het maken van rundgevoto's.
Er zijn diverse complicaties die kunnen optreden.
Er kunnen bijvoorbeeld ossificaties ontstaan.
Stukjes bot die een probleem kunnen zijn voor de gefrigsfunctie.
Een hele vervenende complicatie is afvastculaire nekrosen.
De kapet van het vee meer wordt via. kolen voorzien van diverse bloedvaten. Zodra er een bruik zit in het kaput of het
kolen kan die bloedvoorziening worden afgesneden. Het herstel wordt hier door beperkt en de
kop kan hier door afsterven en in elkaar zaken, ook wel de avasculaire nekroze genoemd.
Door dat de bruik in een gevricht zit kan er ook atroze optreden. En omdat je gebruik
maakt van osteoos in deze materiaal en de kopgebroken is geweest, is de patiënt soms beperkt in zijn
en de reutatie. En het risico bij meenig operatie is zenuwletsel, waarbij een vooral risico is op
nervus is gejaricus neuropraxie. Maar in 60% tot 70% van deze gevallen herstelt
dit spontaan, maar het kan dus blijven zijn. Dan een koninfractuur kan ook in hele
zelfs zijn gevallen contractief behandeld worden. Als er bijvoorbeeld een heel klein schurtje in de
hals is, die ver is stabiel is, kun je proberen om contractief te behandelen. Er is alleen een kans
van 30% tot de bruik gedispliceren en als nog moet opereren. In de meestig gevallen wordt
de operatief behandeld en het kan op verschillende manieren. Als er weinig dit locatie is, of er bijvoorbeeld
een geïnclavierde breuk, dat wil zeggen dat de bodstukken in elkaar zijn gedeeld, dan wordt er vaak
voor gekozen om deze breuk te behandelen met of er die schroeven om de kop op zijn plek te houden,
of de zo genaamde Dynamic Hipscro, in de volksmond DHS genoemd. Een DHS bestaat uit 2 delen,
een schroef die in de kop wordt geplaatst, en er gedeelte dat aan de schacht van de februir vast zit.
Het mooiste is dat de constructie dynamisch is, en hier door de functie van de Hips een goed mogelijk
probeerd na te boodsen, met minder complicaties tot gevolg. Net zoals bij een femercopfractuur,
we staat er een risico op avasculaire nekrozen. Men hoopt dat door de minimale dislocatie de
bloedvaten nog redelijk in tak zijn. Dit is natuurlijk een heel ander verhaal bij gedisloseerde
confractuur. Toch willen we de beste behandeling voor de patiënt. Daarom worden bij jonge patiënten
onder de 70-jarige kaken of de DHS mogelijk is, omdat dit het beste je hubgevricht na boodst en je
je eigen bot behoud. Er is wel een grote risico op avasculaire nekrozen dan bij je niet gedisloseerde
fractuur, maar de winst van je eigen femercop behouden is groter. Een alternatief is namelijk een
kophalsprotese. De betekent dat de femercop wordt vervangen door een protesten. Dit wordt veel
al gedaan bij patiënten boven de 70-jar, puur op basis van een verminderde levenswachting en een
prima resultaat hiermee. Maar als je nog jaren mee moet, heb je natuurlijk liever niet een
protesten in je lijf die in houdbarheid datum heeft. Als de patiënt altijd een hef van arthrozer kan
er ook worden gekeken of er direct een totale hub protesten ingezet komen worden, dan wordt niet
alleen de femercop vervangen, maar ook de kom het assitablen. Na het plaatsen van het Osteosintese
materiaal mag de patiënt direct mobiliseren. Patiënten waarbij de kop niet is vervangen door een
metale variant, worden goed opgevoegd met aspraken en foto's van de hub. En dat allemaal om een aafasculaire
nekroze zo vroeg mogelijk op te sporen en schade te voorkomen. Andere complicaties zijn het niet
goed passen van de protesten, pseudo-atroze, effectie, na bloeding, hubroxatie, loslaatting van het
patiële, decubus en tromboze. Dan de patiëntere femefractuur. Dit is heel simpel, want dit moet
altijd worden geopereerd. Er zijn die versen opratie technieken. De DIS, zoals net, of een
gamaaneel of pfn/tfn. Dit is een hollepen die in de schacht van de feme wordt gedimmerd en
een schroef die door de pen in de feme kop wordt geplaatst. Op die manier kan er geen rotatieplaats
vinden en heb je een stevig geheel. Het is vaak afhandelijk van het ziekenhuis en het juregenwelke
techniek wordt gebruikt. Ook met deze technieken mag de patiënt naar de operatie direct belasten.
Komplicaties zijn wond effectie en na bloeding. Opnieuw het niet goed passen van de protesten
of loslating van de protesten, neuropraxie, een benenverkorting en tromboze. Als laatste die
subprogramteren femefractuur. Die operie ook altijd. De techniek die ze gebruik is vaak de pen met
de schroef, de gamaaneel of de pfn/tfn, maar soms ook platen die de brug bij elkaar houden.
Komplicaties zijn het zelfd als hiervoor, wond effectie, na bloeding, loslating of niet goed passen
van de protesten, neuropraxie, benenverkorting en tromboze. Een hele grote complicaatie die ik nog
niet benpnoemd is dat er een kans is op overlijden. Niet zo zeer tijdens de operatie, maar vooral in de
tijd erna. En dit komt omdat je vooral te maken hebt met een ouderenpopulatie. Er is een grote risikoop
complicaaties die niks met operatie te maken hebben, zoals bijvoorbeeld een deelier door opname,
de cubitus, een longen boli, een pneumoni, een 7 jaar of een bio-quartingvarkt. Er wordt gezegd
dat 12 tot 37 procent van de ouderen met een hoofdfractuur overleid binnen een jaar na de brug.
En onder het percentage enigzins wat de verlaag is het goed om preventieve maatregelen te nemen bij
een opname. Vraag bij een patient van 70 jaar een ouderde geriatering consult. Beest vooral bedacht
op een eventueel de lier tijdens het opname, zorg voor de lier preventieve maatregelen. En als je
die niet meer weet luister dan de podcast over de lier, nummer 18. Zorg voor goede pijnbestrijding,
zoals een lokaal block van de nervuswemerales en orale pijnvestering. Zorg voor goede trombosi profilaxen.
Check met de geriaten welke thuismedicatie deze patient heeft en wat handig is om eventueel
te onderbreken tijdens het opname. En vraagt zo snel mogelijk de fysioterpie in consult,
onder patienten mobiliseren naar de operatie. Kort op, zorg voor de best omstandigheden rond deze
patient, zodat hij of zij zo snel mogelijk weer naar huis kan. Zonder complicatie is natuurlijk.
De afgelopen weken ben ik betrokken geweest bij een heel tof project. Medicast. Dit is natuurlijk
medicastpodcast, de medicapodcast om je kennis op te halen. Medicast is een app waar jij jouw favoriete
medicapodcast, waaronder deze natuurlijk, terug kunt vinden. Het is nu niet meer zoek is potten 5
op het podcast naar alle leuke medicapodcast, maar je vindt ze heel simpel terug in medicast. Je kunt
ze zoals altijd beluisteren, liken en binnenkort ook reageren onder een aflevering. Luister niet alleen
maar naar mijn podcast, maar verdiep je bijvoorbeeld ook in artificial intelligence, Covid webinars,
of interviews met diverse gasten. Ik zou het super tof vinden als jij de medicast app download en
mij daar verder volgt. Niet alleen in de toekomst voor medicastpodcast, maar ik zou ook betrokken blijven
bij de app medicast. Ik zal de link is voor jullie even de show notes zetten en dan zie je
keer de volgende keer denk ik terug op de medicast app.
Goed, wat hebben we opgevrisch vandaag? Een hub fractier is een fractuur door het proximalige
gedeelte van de feme cup. Dit kan op verschillende niveau's gebeuren, door het kapet, door het
column, door de trokant er, of niet onder de reganter. De feme cup fractuur, ook wel de pipkin
fractuur genoemd, komt voorbij een hoog enige hetistromen. Het wordt vaak terug gezien met
begeleid en letsel zoals een postreerde heubelijkzatie. Een column fractuur zie je vooral bij de
oudere patiënt, die vanuit stilstand valt, maar je ziet het ook bij de jongere patiënt met
een hoog enige hetistromen. Dan de pertrochantere feme fractuur. Die vind je ook weer terug bij de
oudere, maar dan vooral bij een direct inwerken trauma. Maar het kan ook onderdeel zijn van
een hoog enige hetistromen om van patiologische fractuur. Als laatste de subtrochantere feme fractuur,
bij direct inwerken trauma, op de feme, acties al trauma, of trauma waarbij het bovenbeen wordt gedraaid,
kun je die terugzien. Soms ook wel bij een lage enigetische fall, of een patiologische fractuur.
In je anno deze is het vooral belangrijk om het verhaal en het ongevast meegenis met helden
te krijgen. Symptomen zijn pijn in de heub, de liefst of de lateralzijden van de heub, en soms ook
en dan ook uitstraan in de bijnare boven.
van benen of de knie. Vergiss je hier niet in.
Omwijze gestief voor een heupfractuur is een benen die in exorotatie ligt en die verkort is.
Slaa een functie nu onderzoek over, bij verdenking op een heupfractuur, omdat dit ontzettend
pijnlijk is en je niet zal helpen in de diagnose.
Check wel altijd de neurovasculaire status.
Patienten met een heupfractuur hebben een grote kans om geoperierd te worden, en daar kun je
al rekening mee houden tijdens je anno 9 in je legaleke onderzoek.
Schat het risico van de operatie in door op een rijtje te hebben wat de vorige schienen wist,
thuismedicatie en allergie in zijn.
En probeer in te schatten wat de winst van de operaties door de sociale anno 9 uit te vragen.
Wat kan een patient thuis allemaal nog?
Met je legale en aanvullend onderzoek ga je opzoek naar niet gedieagnastiseerde risico's,
zoals bijvoorbeeld een karriade soevol, een anno-mie of onverwachtennievings-ie-stoornissen.
Het aanvullend onderzoek wat je natuurlijk zeker moet doen, is een xback en een x-heup-axiale
opname om de heupfractuur te bevestigen en te categoriseren.
Je hebt eventueel extra opnames of een CT nodig om de broek goed in te schatten.
Maak een onderscheid in een niet gedieagnastiseerde, een geïnclaverde en een gedieagnastiseerde
broek.
Dit is erg belangrijk voor de behandelingskuizen.
Met de allemaal heupfractjes koren kun je het risico van de operatie in schatten.
Indien de patient erg kruitsbaar was voor de operatie, is er een hoog risico op complicaties.
De vraag die je zelf dan moet stellen is of de patient beter wordt van de operatie.
De februik kopfractuur kun je conservatief behandelen bij kleine breuken.
Patienten wogen dan niet mobiliseren en moeten nou opgevocht worden.
Indien de breuk toch verplaatst of meerdere breuken aanwezig zijn, wordt de breuk vastgezet
met Herbert Scruze.
Komplicaties zijn ossificaties, afvastculairene krosen, artroze, beperkteendooritatie,
vond infectie, naambloeding en neuropraxie.
Een kol op fractuur kan in zelfs aan me gevallen ook conservatief behandeld worden.
Er is dan vaak 30 procent kans dat de fractuur als nog disloceerd, dus dit moet goed
worden opgevocht.
In de meeste gevallen wordt de gekozen voor een operatie zoals 3 schroeven of een DIS.
En die namens de constructie om het heubgevricht zo goed mogelijk na te boodsen.
Het risico van het behouden van de februik kop is afvastculairene krosen.
Jong op patienten onder de 70 jaar hebben meer voordeel van het behouden van een eigen februik kop
en worden behandeld met een DIS.
Zij moeten dus goed opgevocht worden om afvastculairene krosen zo vroeg mogelijk op te sporen.
Al de repatienten krijgen juist een kophalsprotezen, dus een protezen van de februik kop.
En als er op pre-existent arthrozen aanwezig is, kan er ook worden gekozen voor een totale
huprotezen.
Komplicatie zijn het niet goed passen van de protezen, pseudo arthrozen, naavloering, infectie,
huplixatie, loslaatting van het materiaal, decubitus en trombozen.
De pertroch omdere februik traktuuroprieën altijd.
Hier kunt dit ook met een DIS doen, maar er kan ook worden gekozen voor een gamenel of een PFM-stesteven.
Een hulpen door de femurschacht en een schroef in de februik kop.
Het is afhankelijk van het ziekenhuis en de scherurig welke optie wordt gekozen.
En de subtrochamteren februik traktuur wordt ook altijd geopereerd.
Er wordt gekozen voor een gamenel of PFM-stesteven, of een plaat die de femur weer vastzet.
Komplicatie is voorbij de proceduren zijn wont infectie, naavloering, loslaatting of het niet goed passen van de protezen, neuropraxie,
benetverkorting en trombozen.
En nog een hele grote complicaatie die ik nog niet heb bedoemd is overlijden.
Dit zien we vaak als gevolg van de lier, decubitus, long and bully, prémonie, 7 jaar of een mere kartinfarct.
12 tot 37% van de ouderenpopulatie met een huplractuur overlijden binnen één jaar.
In samenwerking met de geriaten probeer je daar een preventieve maatregelen te nemen
om de patiënt zo snel mogelijk binnen huis te laten gaan.
Het liefst zonder complicaties.
Tof dat je geluistert hebt naar deze aflevering.
Vond je dit een leuke en informatieve podcast, dan zou ik het toch gek vinden als je geordeling of recensie achterlaat.
Wil je altijd op de hoog te blijven van nieuwe aflevering?
Abonneer je op medicastpodcast.
Of heb jij collega's of studiefrienden die deze podcast ook echt de keerje moeten luisteren?
Dan zou ik het erg waarderen als je deze podcast voldelen met hem.
En dan heb je nog niet genoeg gekregen van de podcast.
Dan kun je medicast ook nog volgen op Instagram et medicastpodcast.
Nog was heel erg bedankt voor het luisteren en tot de volgende keer.
Podcast Summary
Key Points:
Een heupfractuur is een breuk van het proximale deel van het femur, vaak bij ouderen boven 55 jaar.
Er zijn vier typen
Diagnose vereist anamnese, lichamelijk onderzoek (exorotatie en verkorting), en beeldvorming zoals X-bekken en axiale heupopname.
Behandeling is meestal operatief, met opties zoals schroeven, DHS, of prothesen, afhankelijk van leeftijd en fractuurtype.
Complicaties zijn onder andere avasculaire necrose, infecties, en een hoog sterfterisico (12-37% binnen een jaar), vooral bij kwetsbare ouderen.
Preventieve maatregelen zoals geriatrisch consult, pijnbestrijding en vroege mobilisatie zijn cruciaal.
Summary:
000 diagnoses in Nederland. Het risico neemt toe door osteoporose, ondergewicht, valrisico en verminderde mobiliteit. Er zijn verschillende fractuurtypen: de femur-kopfractuur (Pipkin) ontstaat bij hoogenergetisch trauma, zoals auto-ongelukken, en gaat vaak gepaard met heupluxaties.
De collumfractuur komt veel voor bij ouderen die uit stilstand vallen, terwijl pertrochantere fracturen vaak ontstaan door direct trauma op de heup. Subtrochantere fracturen zien we bij direct of axiaal trauma. Symptomen zijn pijn in de heup, soms uitstralend naar de knie, en een been in exorotatie met verkorting.
Lichamelijk onderzoek richt zich op neurovasculaire status, maar functioneel onderzoek wordt vermeden vanwege pijn. Diagnose gebeurt met röntgenfoto’s, soms aangevuld met een CT-scan. Behandeling is meestal operatief: niet-verplaatste fracturen kunnen conservatief, maar verplaatste fracturen vereisen schroeven, een DHS of een prothese, afhankelijk van leeftijd en dislocatie.
Complicaties zijn onder andere avasculaire necrose, infecties en trombo-embolieën. Het sterftecijfer binnen een jaar is hoog (12-37%), vooral door delier, longontsteking of hartinfarct. Preventieve maatregelen, zoals geriatrisch overleg, goede pijnstilling en vroege mobilisatie, zijn essentieel om herstel te bevorderen en complicaties te voorkomen.
FAQs
Een heupfractuur is een breuk in het proximale deel van het dijbeen (femur), zoals de femurkop, de hals of de trochanteren. Dit letsel komt vooral voor bij ouderen en wordt jaarlijks ongeveer 17.000 keer gediagnosticeerd.
Er zijn vier hoofdtypen: femurkopfractuur (Pipkin), collumfractuur, pertrochantere femurfractuur en subtrochantere femurfractuur. De indeling hangt af van de locatie van de breuk in het proximale femur.
De meeste patiënten hebben pijn in de heup, die soms uitstraalt naar het bovenbeen of de knie. Een typisch teken is een been dat in exorotatie ligt en verkort is; de meeste patiënten kunnen het been niet meer belasten.
De diagnose wordt bevestigd met een röntgenfoto van het bekken en een axiale heupopname. Soms zijn extra opnames of een CT-scan nodig, vooral bij verdenking op een kleine fractuur of uitgebreid letsel.
De meeste heupfracturen worden geopereerd, maar dit hangt af van de risico's en de winst voor de patiënt. Bij een femurkopfractuur of collumfractuur kan soms conservatief worden behandeld, maar bij pertrochantere en subtrochantere fracturen is een operatie altijd nodig.
Dit is een hulpmiddel om het risico op overlijden binnen drie maanden na een heupfractuuroperatie in te schatten. Het scoort factoren zoals leeftijd, geslacht, cognitieve kwetsbaarheid en comorbiditeiten; een score van 17 of hoger betekent een mortaliteitsrisico van 50%.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.