De podcast bespreekt hoe financieel specialisten bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) werken aan de Voorjaarsnota, een cruciaal maar minder bekend begrotingsdocument. Deze nota vormt het hoofdbesluitvormingsmoment voor uitgaven, nog vóór de Miljoenennota op Prinsjesdag. Specialisten zoals Marielle van Bokestel en Jasper Weening inventariseren problemen en wensen van beleidsdirecties, zoals gratis schoolboeken voor mbo-studenten of uitbreiding van musea. Ze toetsen voorstellen op haalbaarheid en bereiden interne besluitvorming voor, waarbij ze soms moeten onderhandelen over schaarse middelen. Het proces begint in het najaar, met interdepartementale afstemming in maart en kabinetsbesluitvorming voor de meivakantie. Definitieve goedkeuring door de Eerste Kamer volgt vaak pas in oktober, wat de uitvoering vertraagt. Politieke ontwikkelingen, zoals een nieuw kabinet, kunnen de dynamiek beïnvloeden; specialisten hopen dat nieuwe plannen extra middelen brengen, maar moeten ook rekening houden met onvoorziene uitgaven, zoals meer leerlingen in het onderwijs. De functie biedt een brede kijk op het ministerie en de afweging tussen beleid, bestuur en politiek, wat de specialisten dagelijks uitdagend en interessant vinden.
We hebben grote ambities. De Nederlandse overheid geeft elk jaar veelhonderde miljarde euro's uit. En dan geldt het uitgegeven aan heel veel verschillende zaak. We gaan veel meer betaalbare boodingen bouwen. Investeren van 3,5% in onze defensie. De fonds van 20 miljard voor de overgang naar de toekomstbestendige landbouw. Het versterk van de regulale economie. Investeren in een groeiende economie. Groot de plannen, maar waar halen we het geld vandaag? Dat is de vraag waar de financialspecialisten van het rijk zich dagelijks mee bezig houden. Zij zorgen ervoor dat die honderde miljarde euro's die op de rijkst begroting staan. Effisient, toeltreffen, toematerch en volgens de regels worden uitgegeven. Hoe ze dat doen en welke keuzes ze maken dat vertellen ze in deze podcast. Vandaag ben ik op het ministerie van onderwijs, cultured en wetenschap of er wel OCW. Bij mij het avond zit de Marielle van Bokestel en Jasper Weening. Verstingswurst, Marielle, begint bij jou, bewelke de Sheesbejaan op bezig. Vandaag ben ik eigenlijk de dag al bezig geweest met de voorbereidingen van de voorhersnota. Het is nu begint Janie Wari, elftens midd na het eind Janie Wari. De beleidsserexies bij ons zijn bezig in kaart te brengen welke problemen er allemaal zijn op de moment de ministerie. Gelder geldproblemen, maar ook we dat gewenzen zijn hebben en wat voor geld ze daar beschikbaar voor. Zouden willen stellen om die wens op te lossen. Dat is het drukste waar ik nu mee bezig ben. Dat wil ik straks heel veel overhoorde. We zijn heel benieuwd hoe dat dan zo werkt. In het bloe zit dat bij jou welke de Sheesbejaan. Je bent welke de Sheesbejaan. Je bent er allemaal afproken. Ja, dus ik heb proces een beetje hetzelfde. Ik ga me dan vooral bezig met alle onderwerpen die onder de directe raad gene raaf worden. Hoge onderwijs, per roeps, onderwijs, wetenschap en emancipatievallen. Dus voor die directe is de daar ondervallen, doen we hetzelfde. We hetificeren wat er nodig is, welke problematie ik te speel. En vooral ook van welke keuzes we dan straks moeten maken over de verdeeling van de middelen die wel beschikbaar zijn. Ik doe dat hofszakelijk voor culture en media. We hebben zit hierbij, de ministerie van onderwijs, culture en wetenschap. De grootste peiler is natuurlijk het onderwijs. Er gaat ook het meeste geld naar toe, maar ook culture, media en emancipatie zijn ook beleidste reinen die hieronder het ministerie vallen. Ja, jullie noemden er normaal de vorig jaar's noten. Dat is echt, dat is samen met de mojuna noten die we allemaal kennen. De vorig jaar's noten is het product waar jullie door het jaar in het hartst aan werken. Sterke nog. We werken even hard aan de vorig jaar's noten als de begoting. Dus de begoting is bij iedereen bekend, prinsjesdag, alles wordt gepresenteerd. Maar eigenlijk alle besloten die daarin terugkomen voor het minister van onderwijs zijn al genomen tijdens de vorig jaar's noten. Ja, ja. Ja, eigenlijk. Misschien een klein beetje belangrijke dan de mojuna noten. Het is niet voor niets dat de vorig jaar's besluitvorming ook het hoofdbesluidvormingsmoment heet in Overheidsjagon. Omdat daar dus in ieder geval voor alle uitgave die de overheid doet eigenlijk de belangrijkste besluitvorming plaatsvindt. Het is interessant dat wij als we buiten staan. Dus daar dan eigenlijk, inderdaad, naamelijk heel veel mensen, geen idee hebben de vorig jaar's noten wat dat is en wat inhoud en hoe belangrijk die dus is. Nee, dat is de klopt in de data. Er is ook in de media ook wel aandacht voor, maar niet alle mooie ceremonie ziet er gewoon niet omheen. Dat is natuurlijk. Ja, dat is het. Ja, vroeger was de vorig jaar's noten ook nog maar voor één jaar. En inmiddels zien we daar ook al de meer jaren gedorken kijken. En vol die is natuurlijk heel interessant. En daar zien we ook heel veel onderwerpen weer terugkomen in de miljoenen noten, die je eigenlijk met een goede blik al uit die vorig jaar's noten zouden kunnen halen. Daar heb ik het eens even over hebben, want dit is het product van jullie aanwerken. Kun je mij eens meenemen, hoe gaat dat? Waar begin dat het maken van een vorig jaar's noten? Nou, dat begint eigenlijk niet bij ons, maar bij de beleidsdirexies. Die gaan eigenlijk ook in het najaar richting de kerst al aan de slag met het identifiseren van hun problemen, hun wensen of waar misschien ook geld overblijft. En dat komt dan allemaal samen in het doen we dan fiesjes eigenlijk voorstellen voor de begroting. En die gaan wij dan net naar de kerst beginnen wij eigenlijk met de toetsen van die fiesjes gaan we vragen stellen. En dan bereiden wij de internen besluitvorming voor in onze rol, voor onze directeur geen raal. En nadat dat proces is voldooit, dan begint de brede besluitvorming binnen OCW. Er zijn natuurlijk ook probleemen die misschien heel OCW raken, en waar je een oplossing voor moet vinden. Dus dan zien we dat proces echt breder. En pas daarna begin maart, dan gaat OCW met de beleidsberief naar het ministerie van Financiën. En dan begin de interdepartementale afstemming en ook de onderhandeling met de ministerie van Financiën. Dus het is best een lange aanloop voor die hoofdbesluitsvorming. Maar dat snap ik ook wel, wat moet je denk ik meteen? Wat moet je dan? Wat moet je dan? Wat moet je dan? Wat moet je dan? Wat moet je dan? Nou, ik denk dat er afloop jaren de verschuifingen op de OCW begoting rond de 500. 400-500 miljoen zijn geweest. En wij hebben begoting van 60 miljoen op dit moment. Dus relatief gaat het ook niet om zoekengroten in getallen, niet zo grote wijzeringen. Ja. Maar inhouwelijker hebben we echt deelijke keuzes worden gemaakt en dat kan het impact hebben op de werkvelden. Wie komt er met zo'n voorstel, Jasper? Ja, dat zijn in de eerste plaatsenste pleidsdirexies. En die gaan natuurlijk met hun directeur gaan ze kijken van, jo, wat willen we nou. Nou, soms hebben dingen al een hele lange aanloop. Soms dan spelen dingen al meer der jaren voor dat het echt in een definitief voorstel uitmond. En dan wordt dat bij ons aangeleverd. En dan kan het zo zijn dat de directie zelf al geld heeft. Maar ja, er zijn dat het veel meer problemen of wensen dan dat er geld is. Dus vaak komt het ook voor dat dingen niet met de financiële deckings, zoals we dat noemen worden aangeleverd. En dan komt ook echt onze rol in beeld. Dat wij dan ervoor proberen te zorgen dat die koordinatie, dat die besluitvorming zo goed mogelijk plaats kan vinden. Want een directie kan natuurlijk weer een heel ander belang hebben dan een andere directie over de vereling van dat geld. En daar komt eigenlijk onze neutrale rol waarin we eigenlijk het belang van in die gevonden DG, maar ook OCW-breed in de brede proberen waarvoor komt daar bij kijken. Moed ik het dan ook zo zien dat jullie ook onderling er een soort van concurrenten zijn? Ja, zeker, dat kan zeker zo zijn. En vooral als er meer problemen zijn op de begroting dan dat er geld is, dat het probleem wordt als eerst opgelost. Ja, precies. - Die gaat er aan bijdrage, lees, zeker. Ja. - Ja. Dus dat wordt een flinke discussies uitgevoerd, denk ik dan hier? Nou, soms. Nou, geef flinke discussies gewoon goed op de inhoud. Ja, nee, precies heb het nog leuk. Jij hebt weer maar gek, gaat er vanuit, dat die doorweerde zal alleen vangen doen. Wat emotie komen, maar in die mannen jullie niet met slaande deuren er ook daar gevoerd. We hebben elkaar er niet. - Maar gewoon even worden we er niet. Wij maakten natuurlijk zelf, maken wij die keuzes niet, maar wij bereiden dan ook onze de ambselijke top goed voor. Zo, dat zij ook met elkaar dat gesprek goed kunnen aangaan. Wij willen natuurlijk wel voor zorgen dat alles wat waar zij dan een besluit over nemen dat dat ook klopt. Dat is ook kan. Dus daar zit ook echt heel erg onze rol in, maar zeker. Ja, wij werken allebei voor een andere DG in deze rol. Dus de jury geen er alles, dat is niet. - Ja, sorry. En dan kan het zeker wel eens voorkomen dat wij allebei vinden voor onze DG dat ons plan de belangrijkste is. Ja, en dan is het gewoon kijken. En dan wie hakt dan die knopde DG of. - De minister. De minister hakt het eigenlijk niet. - Uiteindelijk leven de minister en de statiktares beslissen wat onze inzet wordt vanuit de OCW na het minisie van financiën voor de gehele voorjaarsnoten van het gehele rijk. Maar ik denk dat misschien nog wel goed is op te noemen is dat wij natuurlijk vanuit onze rol binnen het ministerie van OCW praten over onderhandelingen met het ministerien van financiën. En dat wij hen soms moeten overtuigen van onze planen. Dat betekent over gesniet dat wij dat hun rol daarin klein wordt gemaakt of er groot wordt gemaakt. Kijk, zij hebben natuurlijk een hele andere verhouding tegenover de rijkstvergooting dan wij hebben. Wij kennen ook alleen maar ons ministerie en onze begroting. En vinden natuurlijk alle planen van ons ministerie het belangrijkste van de hele rijkstvergootheid. En zij moeten natuurlijk bewaak dat die besluit voor een rijkstbreed goed voororganiseerd. En daarom ook nog wel een slag strenger zijn denk ik dan in het beordeen van planen en dat wij dat binnen ons ministerie soms moeten doen. En bijvoorbeeld noemen van zo'n wijzing die die dan gedaan werd? Ja, de afgelopen jaar hebben we bijvoorbeeld een wijzing doorgevoerd op het cultuur terrein dat het museum panorama mestag is toegevoegd tot het stelsel. We hebben nu rijkstmuseum panorama mestag en dat is via de begroting. Dat gaat ook via een begroting zovste. Ik want daar is meer geld meegemoeid. De zone besluit kan voorliggertijsen de besluit voor wingt, er hoeft besluit voor een zonement. En om hoeveel geld gaat het dan in dit geval? Dit gaat relatief op de OCEW begroting niet om heel veel geld om voor een shirt uit 2 miljoen. Oké, ja, dat is natuurlijk op wat jullie net 60 miljoen. 60 miljoen? Ja, even in perspektief, dus de kerschijnhetje. Ja. Ik heb het niet liggen, maar. Nou ja, het lijkt een schijnhetje, maar 60 miljoen is onderverdeeld in beleidsdereinen. Dus de meeste geld gaat naar het onderwijs toe, dat gaat naar de bekostiging toe van de onderwijsieinstellingen. Dus eigenlijk het betalen van leerharselarissen, en schoolgebouwen en dat soort dingen. Dus om daar echt op de suren en dat heb je nog de culturrele sector, dat gaat ook weer over 2,5 miljard, cultuur en media. En dan gaat ook al heel veel geld naar de museale instellingen, naar de culturrele instellingen, naar de Nederlandse publieke omroep. Dus daar ook blijft niet heel veel geld over.
Dat moet harde keuze smaken. Dus elk geld om de begoting heeft een doel. Dus we hebben geen geld, we hebben geen vrij geld. Waar ik de beochtend te komen is hoe werkt dit dan? Wie komt er dan als eerste met een bepaald idee? Waar komen die ideeën van daar? Daar komen die van buiten. Er zijn daar lobbygroepen, komt die van binnen altijd. Waar komen ze van daar? Ja, het gebeurt best wel eens dat er bijvoorbeeld rapporten zijn van onderzoekscomissies of bijvoorbeeld van onderwijsraad, waaruit blijkt dat in bepaalde dingen nog niet goed wordt voorzien. En dat kan er best wel toelijden dat uiteindelijk ook hier bij ons op de besluit voor mikstafel land. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat er echt vanuit beleid met de onderzoek die zij doen en het beleid waar zij mee bezig zijn, dat daar nieuwe wensen uit opkopen omdat zij problemen signaleren in onze werkvelden. Ja. Bijvoorbeeld die uitkomsten van dat soort onderzoeken. Vaak is daar niet zo maar geld voor om die wensen of die uitkomsten in tewilligen. En dat is best wel jammer. We hebben ook afgelopen najaar een onderzoek van de onderwijsraad gehad. En daaruit komen uit advies om voor ambio-studente, bijvoorbeeld gratis scholboeken en scholkosten beschikbaar te stellen. Ja, vanuit de inhoud, kun je daar zeker heel positief tegenaan kijken, maar het is wel een besluit dat minimaal over 100 miljoen vraagt. Ja, dat is niet zo maar bedragd dat je even hebt lichaam op de begrotings. Dus dat vraagt soms best wel veel en daar komen dus ook die keus van daad. Willen we dit dan voorlaatsel gaan, te doen op zich van andere zaken, of willen bijvoorbeeld op het regelieren onderwijsbezuinig om dit te doen. Ja, dat zijn best best in grijpende keus natuurlijk. Eigenlijk zijn al die soort ideeën namelijk goed of zo. Je wilt gratis scholboeken voor ambio-studente denken, ik denk dat iedereen voor is. Maar ja, als jij dan zeg, ja, maar dat betekent dat er dus geld van de begroting voor het basis onderwijs afmoed. Bijvoorbeeld. Ja, daar hebben ze ook nog wel een paar weinigste voor die 100 miljoen liggen. Dus het zijn altijd dit soort belangrijden die je moet afwege op de ene van de manier. Ja, en dit geld dan alleen nog maar binnen de onderwijsbegootings, maar goed, onze meester kan ook besluiten om met een plan naar het kabinet te gaan. En zeggen, ik wil hebben buiten onze begroting er geld voor. Nou, dan heb je dit vraagstuk over binnen de hele rijksoverheid. Ja, worden dan een plan voor de onderwijsbegootings of toch een plan voor een van de andere begrotings van de rijksoverheid. Wanneer wordt nou zo'n voorjaarsnota definitief, wanneer je kunnen zeggen, streep de ronder, handtekening, verruidelijk ergens nog weer klaar. Nou, het is echt een lang proces. Dus de voorjaarsnota, als goed is besluit het kabinet meestal voor. Nou, voor de mei vakantie, dus eind mij over de hele voorjaarsnota besluitvorming. Dan gaat hij uiterlijk een juni naar de kamer meestal is dat iets eerder. En voor je dus die uitgave echt gaan doen. Dus stel bijvoorbeeld als je het inderdaad iets voor gatenschoolboeken in voor het MBO. Dan moeten ze zowel de eerste als het tweede kamer daarmee instemmen. Want het is iets nieuws, dat noemen wij nieuw beleid. Nou, afloop jaar heeft de eerste de tweede kamer overgestemte voor de zomervakantie. En hadden wij nog een aantal debat in de eerste kamer over onze begoting. Dus de voorjaarsnota van Ocevee is door de eerste kamer in Oktober geaccoedeerd. Wow. Dus dat is het erg lang proces. Dus ook met het opstellen van je plat of de wensen die nu waar nu de beleidsrecht is mee bezig zijn, moeten nadenken, "Oké, het kan dus zijn." Dat dit pas een uitvoering komt in Oktober. En dan begin je met de uitvoering. Ik kan ook voor ze dat, nou ja, weet ik wel 100 minuten voor schoolboeken voor MBO-ers dan even. Even bij dat voorbeeld te blijven. Ja. Dat is niet zomaar even uitgevoerd. Dat is niet zomaar even je ze aan tekening en morgen is het geld er. Nou ja, dan is het geld geriservierd. Ja, precies. Dus dat staat op de begoting. Dus gaan de beleidsrecht stuit wel aan de slag om die planen helemaal in de steijers te zetten. En de uitvoering zijn dus als de eerste kamer heeft ingestemd dat we wel direct aan de slag kunnen daarmee. En dan kijk je ook bijvoorbeeld in het geld wat je hebt geriservierd daarvoor in een opbouw noemen we dat dan. Dat je niet meteen het hele bedrag in het eerste jaar vragen, dus het is gewoon een opbouw fazer nodig. Dus het is een aantal jaren overheen voor dat je op het echte bedrag komt. Ik vind het heel ítstal. Ik vind het. Je kunt er bij, er geen voorjagesnoten trouwens me noemen. Toen als het in Oktober pas geacquoteerd wordt, dus dat is ook weer zowel te allen. Dat is een discussie die ook wel breeders veel te hoor. Ja, ja. Want de voorjagesnoten hebben vat dus niet alleen maar toekomstpannen, maar ook wijzigingen van de begoting in het loopen in het jaar. Dus in dit jaar gaan we eens de begoting voor dit jaar nog wijzigen als je dat pas in Gamma zette vanaf October. Dus dat is ook wel iets waar. Ja, wat reigspreet best wel speelt hoe hier er eigenlijk mee om te gaan. En dan is het dit jaar misschien een onover extra complex omdat er een kabinet aan komt. Dat verschijelijke februari op het bordest staat. Als wij dit opnemen zitten, precies niet weken dat ze. Nou, morgen wordt het een regere record gepresenteerd. En zo. Maken dat het julliewerk nou leuker? Deze dynamiek die er nu bij komt, maakt dat dat lastiger? Wat voor invloed heeft het? Laat ik hem zo stel ik hem open? Ik heb er heel veel invloed en ik vind het leuker, want er gebeurt iets. En daar komt nieuwe energievrij, hopelijk om er meer geld voor om de ministerie van onderwijs. En kunnen we aan de slag met nieuwe plannen uit te voeren. En dan is het nog extra complex dat het tegelijk het tijd loopt met de voorjaars noot. Daar zijn we ook druk meer bezig om te kijken hoe die plenningen op elkaar aanpassen. Want het is natuurlijk ook wel freemd als het kabinet morgen met een plannen komt, dat nieuwe kabinet en binnen twee maanden al die plannen moet bijstellen. Dus dat willen ze ook niet. Dus mijn inschatting is dat deze voorjaars noot de verschrijvingen op de begrotingen niet heel groot, maar er zijn altijd problemen die moeten worden opgelost en die niet in het regereerprogramma staan. Vooral, er moet je denken aan uitvoeringsorganisaties. Wij bij onderwijs zitten er meer of meer leerlingen in ons systeem. Als er meer leerlingen zijn, dan moeten we ook meer geld betalen aan leerlingen. Nou, dat zorgt dus dat wij meer geld moeten uitgeven. Nou, dat soort dingen zijn er altijd. Maar dan kun je ook een klein beetje op inspelen denk ik, toch? Je weet, je weet groveig of je kunt het een beetje inspelen. Maar je kunt nu dus ook zeggen dat dat gaan we dus wel doen. Daar kun je ook met een interagier, dat kord misschien rekenen. Maar ja, daar heb je wat minder invoeten op een bergier, dat begrijp ik. Nou, die aanpassing, dat die er aankomt, dat weten ze. Precies. Dat weten we niet. Dat is een vroontenanschuk koordineerdis en die weten ze. En dat is echt prima, dat is logisch. Ja, dat is het. Ja, dat kun je gewoon niet. Maar het gaat natuurlijk vooral om die andere wens te die we hebben. En sommige lopen ook parallel mee. Er zijn ook een aantal problemen die nu nog bij ons op tafel liggen, waarvan wij eigenlijk in ons achterhoofd hopen, dat die misschien wel door de vermeerende partijen worden opgelost in een regierde akkoord. Dat maakt onze begrootingsbesluidforming nu ook een stuk simpeler. Maar goed, dat weten we nu nog niet. Het is een hele interessante tijd om hier zo rond te lopen. Zeker, dat is wel spannend. Ja, ja. Wat jullie weg naar deze functie toegewezen? Hoe zijn jullie hier gekomen? Ja, we hebben een beetje dezelfde achtergrond en dezelfde lobaan tot nu toe. Want wij zijn altijd al het wee begonnen als financial trainee. Dat is het financiele traineeship van eigenlijk van de ministerie van financiën. En zo zijn wij allebei binnengekomen bij het minister van onderwijs. En zijn we hier gebleven? En waarom bij de oofhuit? Het publieke dan mij vind ik zelf wel veel interessanter dan om privaten gaan werken. Ik denk toch de relatie tussen de overheid en de burger. En wat een overheid kan betekenen, vind ik heel leuk. En dat kan je volgens mij heel veel plekken doen binnen de overheid. Ook bij verschillende ministeries. Voor mij spreekt het sociale domain dan wel heel erg aan. Nou, en dan zit je bij een van de drie ministeries. Het onderwijskultur in wetenschap zit je daar dan wel heel erg goed. En als ik voor mezelf spreek, dan vind ik dat samen spel tussen besluitvorming, bestuurlijke overwegingen en de politiek die daar nog naast en soms doorheen. En daar ook heel veel invloed op heeft, vind ik elke dag weer heel erg leuk om daarmee best kunnen zijn. Wij werken allebei bij de directie, vinesiel, economische zaken. En daar werken je eigenlijk voor het hele ministerie. Dus je krijgt ook je hoort over alles wat er speelt, hoor je wat. En meestal is met nieuw beleid, is geldgemoeid. Dus je krijgt ook zoveel mee wat er speelt. En wat een politietleef, wat de minister graag wil. Welke vinsen de beleiseringsrieks hebben die zij weer heel erg nou een contact staan met hun werkvelden. Dat vind ik wel heel erg leuk. Gewoon die bereden kijk op de hele ministerie. En je zit inmiddel in. Ja. Wat was jullie hier doen? Zie ik ook op een poosje op nieuws, denk ik. Dat kan. Dat kan zo'n zoek van eens anders op gaan hoor. Dat wij ook nog druk met iets bezig zijn. En dat wij dan op de voorpagen af van de NOS-lezen, welke politieke besluitvorming is plaats gevonden. Maar klopt, ja, je hoort best wel veel. Je zit toch best wel dichtbij het veel keusers gaan. Je hebt toch oververdeling van geld, waar gaat het geld naar toe. En dat krijgt je wel heel goed mee. Sowel, hij bent ons ministerie, maar ook vanuit onze rol en de contacten met ministerie van financiën. Je hebt ook best wel veel rijk spreekt. Je zegt, je wordt ook wasvarrast. Ik kan nog erin erin de vorig jaar in de fractie voorzitters van de politiepartijen. Je hebt echt een nacht zitten onderhandelen over die voorjaarsen nota. Is dat dan bij jullie ook nacht werk? Nou, in dit geval niet. En werden we inderdaad de volgende ochtend verrast. En dat ging ook in bepaalde faanse. Dus het was wel zo, als die politieke besluitvorming een beetje tineinde komt. Toen horde we op een gegeven moment van, nou, de inflatie-correxie, de jarlijke prijswijstelling. Daar komt een hoge recorting op. Dan waar wij rekeningen hadden, een hoge bezoiniging. Ja, dan moeten we wel nog snel in een paar dagen aan de slag om te kijken hoe we die dan gaan. Verdelen die pijn. Maar in de laatste nacht werd bijvoorbeeld besloten dat de onderwijskantse regeling een wegbezuinigd zou worden, die is overigens later bij de begoting weer. Die bezoiniging werd teruggedraaid. Dat kan ook weer gedraaid worden. Maar daar werden wij echt. En dat laatste verzochten ze in de berichtgeving op de NOS na die lange nacht. En dan zijn ze ook weer wij samen met de blijste rexie zijn echt aanzetten om te kijken hoe we hiermee gaan. Kunnen we het op de manier waarop het nu in die voorjaarsnota staat? Kunnen we dat uitvoeren? En welke gevolgen heeft dat dan? Maar goed, uiteindelijk dienen we ook de politieke besluitvorming. Dus schijden we daarmee aan het slag. Wat me daarin wel een slastag raak, je zegt dat we dienen de politieke besluitvorming. Dat kan we ook betekenen dat je soms bezig bent met een voorstel op een pand waarvan jij denkt, ik kan hier eigenlijk vanuit mezelf, misschien ben ik het hier helemaal niet mee eens. Komt dat voor? -Zelden. Ja? -Ja, ik heb hetzelfde meegemaakt. Somst denk je wel, 'oh, ik had het anders gedaan' of 'sou ik het wel zo doen of 'sou ik hier wel zo veel geld aan besteed, ik zou het liever, maar dat zal me eigen. Ja, dat kan zeker. -Ja, ja, ja. Maar geen gelukkig, geen etische dilemmas. En dan kan ik dat goed schijden van mezelf. Ja, dat kan me voorstellen dat dat lastig kan zijn of zo. Dat als je dan toch, ja, je hebt zelf ook een politiek, heb je een bokevorker, je hebt ook een mening, etc. Ja, je zielt met het ene keer, heb je een heel rechtskabineert, de andere keer, zit het veel meer progressief links of het midden, wat en ook ja, je zult daarin altijd mee moeten kunnen kunnen bewegen. Maar ik blijven altijd het adviseren vanuit mijn antelijke expertise. En wij hebben een paar de spelregels bij hoe je met een begot in omgaat en wat de spelregels daarbij zijn. Dus als je die gewoon gebruikt als leiderheid, dan kan ik dat goed schijden. Eigenlijk als je aan het werk bent op zondag als vandaag, dan denk je helemaal niet aan je eigen politieke voorkeuren. Daar ben je gewoon je werk aan het doen en die besluit voor me zo goed mogelijk aan het voorbereiden. En dat is dan ook wat het is. En tuurlijk houden wij ook in ons werk, maar dat hoort ook bij het ambselijk vakmanschap. Ja, ook rekening met wat de politiek speelt, daar houden we rekening mee. Je kunt natuurlijk niet alles maar voorstellen waarvan je eigenlijk al weet dat het toch politiek gaat stranden. Maar dat ziet heel anders dan dat je je eigen politieke voorkeur daarin rouw in laat spelen. Ja, zo ja. Dus je kijkt wel een beetje van, hey, dit is het nu minister van deze partij, deze kleur. Als ik dit voorgestellen, dan gaat het hem niet worden. Nee, dat is de minister die in besluit neemt. Dus je moet daar wel degelijk rekening mee houden. Ook om denk ik, effektief te kunnen zijn, moet je daar keusje maken. Maar als je vanuit je eigen expertise denkt nou, dit plant, dit gaat echt. We verspelen hier echt belastinggeld mee. Dan kan je dat gewoon zeggen, maar dat is bij elke minister. Ja, wanneer komen jullie met een goed gevoel thuis? Ik kom met een goed gevoel thuis met mijn werk. Als ik veel, dat vind ik eigenlijk veel verschillende dossiers heb behandeld op een dag. En dat er een aantal besluites zijn genomen, want dat is ook best wel lastig voor politici. Of toen besluit te nemen. Is dat help? Dat is het even wel. Als we wat sturing hebben gekregen. En geef er ook wat veel voldoening als er door het hele ministerie is gewerkt aan een kamerbri, waarin planen staan en die is gepresenteerd in eruit en het tweede kamer. Dus je is samen bereikt, dat vind ik eigenlijk het allerleukste samenwerken aan Nederland beter. Het klinkt een beetje cliché, maar het is wel echt zo. Ja, het is wel helemaal bij aan hoor. De idee dat er echt iets goed naar buiten gaat, namens onze ministerie. En dat jij daar ook is natuurlijk een heel klein deel. Dat bestef ik ook maar wel aan het bijgedragen. Dat is wel heel erg fijn. En dat geldt voor ons zeker als het gaat om die financiële besluit vorming. Als je uiteindelijk jouw DG of minister een wel overwoordig besluit kan nemen, omdat alles goed op een rijtje stond en dat kon, dan geeft dat een heel goed gevoel. Je luisterde naar waar halen we het geld vandaan. Deze podcast werd gemaakt in opracht van het ministerie van financiën. Geinteresseerd in een baan als financiëlspecialist bij de rijksoverheid, kijk voor alle kansen op werken voor Nederland.nl. In de volgende aflevering ga ik naar het ministerie van binnenlandse zaken en koningkrijksrelaties. Lauri Paul vertelt hoe belijzen daar worden van 5 miljard extra voor de woningmarkt. Is het een soort gesmomentje? Ziet je dat of zeggen we naar de gamere mens? Nee, dat geval was het wel een gesmomentje. Dat en meer hoor je in de volgende aflevering van waar halen we het geld vandaan.
Podcast Summary
Key Points:
De Voorjaarsnota is een essentieel begrotingsdocument waarin belangrijke uitgavenbeslissingen worden genomen, vaak nog vóór de Miljoenennota.
Financieel specialisten bij ministeries, zoals OCW, bereiden deze nota voor door beleidswensen en problemen te inventariseren en te toetsen.
Er is altijd een tekort aan middelen; keuzes maken vereist afwegingen tussen verschillende beleidsterreinen, zoals onderwijs en cultuur.
Voorstellen komen van beleidsdirecties, onderzoeksrapporten of lobbygroepen, maar moeten vaak concurreren om beperkte budgetten.
Het proces duurt lang
Politieke dynamiek, zoals een nieuw kabinet, kan de Voorjaarsnota beïnvloeden en extra complexiteit toevoegen.
Summary:
De podcast bespreekt hoe financieel specialisten bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) werken aan de Voorjaarsnota, een cruciaal maar minder bekend begrotingsdocument. Deze nota vormt het hoofdbesluitvormingsmoment voor uitgaven, nog vóór de Miljoenennota op Prinsjesdag. Specialisten zoals Marielle van Bokestel en Jasper Weening inventariseren problemen en wensen van beleidsdirecties, zoals gratis schoolboeken voor mbo-studenten of uitbreiding van musea.
Ze toetsen voorstellen op haalbaarheid en bereiden interne besluitvorming voor, waarbij ze soms moeten onderhandelen over schaarse middelen. Het proces begint in het najaar, met interdepartementale afstemming in maart en kabinetsbesluitvorming voor de meivakantie. Definitieve goedkeuring door de Eerste Kamer volgt vaak pas in oktober, wat de uitvoering vertraagt.
Politieke ontwikkelingen, zoals een nieuw kabinet, kunnen de dynamiek beïnvloeden; specialisten hopen dat nieuwe plannen extra middelen brengen, maar moeten ook rekening houden met onvoorziene uitgaven, zoals meer leerlingen in het onderwijs. De functie biedt een brede kijk op het ministerie en de afweging tussen beleid, bestuur en politiek, wat de specialisten dagelijks uitdagend en interessant vinden.
FAQs
De voorjaarsnota is een belangrijk besluitvormingsmoment waarin de overheid de begroting voor het lopende jaar wijzigt en plannen voor de toekomst maakt. Het wordt ook wel het hoofdbesluitvormingsmoment genoemd.
Het begint bij de beleidsdirecties, die in het najaar problemen en wensen identificeren. Vervolgens worden voorstellen getoetst en bereiden financieel specialisten de interne besluitvorming voor.
De minister en de staatssecretaris beslissen over de inzet van OCW richting het ministerie van Financiën. Daarna vindt er interdepartementale afstemming en onderhandeling plaats.
Ideeën komen van rapporten van onderzoekscommissies, de Onderwijsraad, of vanuit beleidsdirecties die problemen signaleren in de werkvelden. Ook lobbygroepen kunnen een rol spelen.
Het proces duurt lang; na besluitvorming in het voorjaar moet de Eerste en Tweede Kamer instemmen, wat pas in oktober kan gebeuren. Daarna begint de uitvoering, vaak met een opbouwfase.
Dan moeten er harde keuzes worden gemaakt, zoals het verschuiven van geld van het ene beleidsterrein naar het andere. Dit leidt tot discussies tussen directies over de verdeling van middelen.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.