Go back

De onderwijstafel #10: In gesprek met de minister van onderwijs (Zuhal Demir)

35m 47s

De onderwijstafel #10: In gesprek met de minister van onderwijs (Zuhal Demir)

In a discussion at PXL, Minister of Education Zuhal Demir reflected on the challenges and achievements in the education sector, emphasizing the need to return to a knowledge-rich curriculum. The conversation highlighted the importance of effective didactics, including a structured approach and routines in classrooms, to maintain discipline and support student well-being. Minister Demir also mentioned the significance of providing equal educational opportunities for all students, regardless of their backgrounds, and the necessity of instilling strong basic knowledge in children. The discussion also touched upon the role of technology in education, with a focus on critical thinking skills and the integration of tablets and laptops in schools. Minister Demir's visit to schools in England underscored the importance of effective teaching methods and class management strategies to ensure a conducive learning environment.

Transcription

5946 Words, 33577 Characters

(C) TV GELDERLAND 2020 Welkom bij de onderwijsstafel. Mijn naam is Michelle de Wolf. Ik ben de partementsoft van de leraar opleiding van hoge school PXL. Wij noodigen op regelmatige basis hier gasten uit om te spreken over specifieke onderwijsstoppijks. Het zijn mensen uit het werkveld, mensen uit de hoge school. Vandaag heb ik een heel speciaal ergast, helemaal speciaal naar hier gekomen. Naar PXL, om de laatste onderwijsstafel van dit jaar te doen. Want we hebben een beetje een kerstedisje gezien, dan een kersttrui aan de kerstbom. En ik heb hier dus een heel speciaal ergast en dat is onze minister van onderwijs zuihaltee meer. Heel erg welkom, mevrouw Diemier. Of moet ik mevrouw De Minister zeggen, hoe mag ik die kerstbom uit? Ik trouwens een heel mooi kerstbom. Dank je wel. Een hele PXL-bom, maar het pand is een mascot, dus nee goed. Wat willen wij vandaag doen mevrouw De Minister? We willen een beetje terugblikken en vooruitblikken op die eerste periode voor uur. Binnen het minister, schapminister van onderwijs staan wel. En dat is ook voor ons. Binnen PXL een heel boende periode geweest, ook voor mij persoonlijk. Want ik ben eigenlijk zo'n beetje gelijk, zeg ik altijd. Als u minister werkt, werkt ik die partementsofst. En ik dacht, oh, een unieke kans. Want wij willen hier wel wat dingen veranderen. Maar de focus punten die u leichten, die komen eigenlijk ook wel heel erg overeen met de focus die wij in onze leraren opleiding allerleden, en nog meer wilden integreren. Dus dat is allemaal heel positief nieuws. Blijdsplan was ook heel ambitieuwd. Meer focus op taal, classmanagement, meer instoppen, sterkschoolleiderschap. Maar ook de leraren opleiding hervormen. Maar ik zou eerst eens willen vragen aan u. Hoe heeft u dan nu zelf ervaren? Als minister van onderwijs die eerste periode, hoe is dat? Ja, dat eerste jaar is eigenlijk wat voor bijgevlogen. We zijn natuurlijk ook wel enorm geconferenteerd geweest. Een begin met de uitlagen van Tim's, waar we zeggen dat we toch als onderwijs wat een crisis zitten, een vrij fall. Terwijl dat iedereen heel hard zijn best doet. Dus heel veel leerkrachten, de leerlingen, de leraren opleiding. Iedereen doet heel hard zijn best. Ik denk dat dat heel confronteerend is binnengekomen. Die Tim's, waar we toch zeggen dat we weer weetenschappen voor wus kunnen. Dat we echt de 15, 18 plaatsen achteruit waren. We gaan er wel de ooit aan de top zaten. En dat heeft natuurlijk wel heel veel dingen doen versnallen. Dus dat eerste jaar was enerzijds heel confronteerend van oog. We moeten echt wel over andere boegen om dankz'n heel veel inspanningen op hen op het veld. Dan zijn we wel ook wel. En dat is het leuke ben ik aan het onderwijsveld. Elflexibel. Ik ben niet akkoord dat aan tragen tanker is, maar dat is wel wel onderwijs tragen tanker. Maar eigenlijk vond ik dat iedereen van de leerkrachten, de school directies, leeraren, opleiding heel flexibel. En van, oké, kom aan. We gaan daar gewoon een voorrenen aanpakken. Dat is ook wel. Omdat je ook voelt. Allee, of dat zij ook voelen van, ja, we moeten wel iets veranderen. Ik voel dat enorm. Ik doe ook even schoolbezoek. Ik voel dat ook aan leerkrachten, ook ouders. Die zijn er ook wel een bezorgdheid. Ja, we willen goed onderwijs. Maar dat moeten de ouders ons dat ook toe laten. Ja, omdat we mogen doen zeker onze leerkrachten. Die moeten kapitijen zijn van het schip. We moeten respecteerd worden. Maar ook de leeraren opleiding, de hoge schoolen ook eigenlijk. Iedereen zei, ja, in der zaad. We gaan hier aan dezelfde zeel trekken. Daar ben ik wel, als minister van onderwijs, enorm dankbaar voor. Ook de koepels, bijvoorbeeld, eeldveeld. Want ja, als iedereen zo wat anders kijkt, ja, dan wordt het wel heel moeilijk. En wordt dat ook voor de school dat hij dan niet weten. Ja, maar hoe zit het nu? En nu denk ik wel, de richting heel duidelijk. Waar we dat toe moeten gaan. En we weten wat we moeten doen. Ja, ja. En u zegt ook zelf net, ja, ik doe wat schoolbezoeken. Dat is heel goed, denk ik, om die voeling ook met de praktijk te krijgen. Om te zien wat er geleefd wordt, dat dan ons haalt. U zegt, ja, we moeten allemaal aan hetzelfde zeel trekken. En dan moeten u rechter nu koersvaren. Maar als u daar dan toekond, hoe lopen die gesprekken. Eigenlijk was verzekerd. Ik vind dat die gesprek altijd heel positief verloopt. Soms ook wel wat inhoudelijke kritiek, soms ook wat aanbrengt, soms ook aanbevelingen. En dat vind ik wel leuk. Dat leer krijgt op voren. En ik ben nagerdag dat die meestal ook een brief meegeven met heel concrete punten. Echt wel handvaten. Waardaag je natuurlijk ook wel iets mee kunt doen. Ook echt wel goeie tips ook soms aanbevelingen. Ja, en ik neem daarmee. En dat wordt ook enorm respecteerd, denk ik. Het feit dat ik ook op de rein kom. En ja, ook wederzijds, ik vind het fantastisch. Als ik zie hoeveel dat er gedaan worden, hoeveel goede intensies dat er zijn. En daarmee dat ik stormen soms ook wel een beetje aan de negatiteit. Die dan zo altijd in de pijn. In de media. Ja, dan denk ik, ja, alleen dat vind ik niet oké. Want ja, op het veld zie je natuurlijk als in die klasvoren, zie ik gewoon natuurlijk andere dingen. En ja, daar zijn uitdagingen. Dat weten wij, dat weten wij. We weten de leerkrachten, dat weten jullie ook wel. Ja, zeker, jullie leerharenopleiding met BXL is ook fantastisch goed bezig, moet ik zeggen. Dus wij weten allemaal dat er uitdagingen zijn. Maar die negativiteit helpt ons. Nee. Omdat ik ook wel vind dat er op die klasvoren in die scholen echt wel op korte tijd zelfs bijzonder veel gedaan wordt. Ja. Ik sta er eigenlijk van versteld. Ook als scholen die al met die minime moeden aan de slag gaan, die effectieve deductiek. En vrij snel eigenlijk. Ja. En dat is wel heel fijn om te zien. Oké, dat zal ook niet van 1, 2, 3 jaar. Dat is altijd met grote ervormingen. Dat zal ook met fallen op staan. Ook bijsturen continu. Maar het goede is, we hebben de startgenomen. En iedereen is zeer druk bezig. Ja. Dat is ook inderdaad mijn ervaring. Ik was vorige week nog op schoolbezoek in de scholen op sammen in Gijnk. En ook daar werd er dan gezegd door de algemeen directie. Want ja, we hebben echt focusschopengedaan. We zijn met onze team dan de slag gaan om rond die minimumdoelen te preinstalen met te kijken hoe kunnen we dat integraeren. En die zijn er zo allemaal mee aan de slag, zo wel basis als ik in der. En ik voelde inderdaad ook wel bij alleen, niet alleen daar. Maar verschillende scholen. Dat is wel, zet er te wachten op een kader of zo. Ja, ik denk dat ook wel. Ik merk dat ook wel, als ik op schoolen kom, zeker het lager onderwijs. Ja, we hebben ze wat in de stekelaten beleidsmatig. Als ik het zo mag zeggen. En die waren al lang al op zoek en een twachten op een helder kadel. Ja. Een heel duidelijk doel. Oké, wat moeten de kinderen kennen? Wat moeten ze kunnen? En liefst zo helder mogelijk. En ik denk dat we daar wel ingeslaagd zijn. Met Daniel Muist, Tim Surma, een heel wat andere leerkrachten die ook betrokken waren. Ja, met die minimumdoelen om dat heel helder op te stellen. En ik ben ook natuurlijk ook wel heel blij dat de koepels ook omiddelig hebben geschakeld om een leerplannen te vertalen, natuurlijk, naar die minimumdoelen. Ja, ja. En leerkrachten, dat hoor ik ook wel. Die zeggen ja, minister, ik heb dat al ons doorgenomen. Eindelijk, dus duidelijk, wat dat we moeten geven. En dat was, denk ik, wel, de afgelopen jaar runt. In het alle jaren. Ja, dat was al langzaal de kantiging. En dan wordt het natuurlijk wel heel moeilijk. Ja. En nu is het wel, denk ik, duidelijk. Ja, ja, ja. Dat is ook zijn voordelen, denk ik. Ja. En dat kan wel zijn. Want ja, dat was dan een begin dat ze zeggen. Maar ja, die kleuters, waarom moeten zij ja kennis hebben rond het alle Egypten en de pharaohen en de pyramiden. Ja. Dat was een begin zo wat onstelten is. Maar dat heeft natuurlijk allemaal een verklaring waarom dat we de kinderen daar kennen. Ja, ja. Want het gerukulum boudt natuurlijk verder om. In Rome, ja. Die leerlijnen is per acre. Ja, ja. Want dat brengt mij inderdaad ook bij het volgende punt. Het kennis rijke rikulum. Ah, dus als toch wel een beetje uw stockpaartje. Ik ben daar zelf heel plein. Ik was zelf leerig latijnvroeger. En ik heb zo de periode meegemaakt. Dat ze zo in bepaalde school dat er gezegd werd. Ja, eigenlijk dat drillen, dat hoeft niet meer echt. En de stamteiden leeren en zo'n prachtig is dat nog nodig. Maar natuurlijk, als ze dat allemaal niet meer gaan kennen, dan gaan ze in de problemen komen. Want wanneer ze in de hogere jaar een plekste tekst. Dus ik had iets van die. Dat vind ik geen goede idee. En nu zeggen we eigenlijk vanuit u. Ja, nee, we gaan terug naar dat kennis stuk. Ja, die keuze is ook heel duidelijk gemaakt. Ook met de vlaamste regering. Dus we hebben dat ook goed gekuurd. Die minimum doelen zijn er ook op geënt. En ik vind dat bijzonder, bijzonder belangrijk. Dat kennisrijk curruculum. Ik ben zelf ook een kind dat groodes geworden. Dankzij dat kennisrijk curruculum. Waarom is dat ook belangrijk? Omdat ik vind dat je niet mag uitgaan. Dat alle kinden bepaalde voorkennis van thuis uit mee krijgt. Ja. En ik denk dat daar de fouten zijn gemaakt. En het verleden dan moet wel 20, 30 jaar teruggaan. Dat mij een eftje dacht van ja, nee, dat is allemaal niet zo belangrijk. Uitgaande van, uit een idee van die kinderen die krijgen dat van thuis uit. En dat hoeft allemaal niet meer. En dat herhalen moet niet meer. En dat memoriseren moet niet meer. Curwel natuurlijk. Ja, dat is bijzonder belangrijk. Dat je een stevige basiskennis hebt. Waarop dat je natuurlijk ook wel kunt voorbouwen. En voor mij staat ook een verhaal van gelijke kans. Ja, dat kinderen wel. Met gelijke kansen op school toe komen, dat we daar niet vanuit gaan van. Ja, dat kind heeft al thuis van alles mee gekregen. Of ervan uitgaan dat ze bepaalde voorkennis hebben over de geschiedenis. Of over zinsompleiding, Nederlandse hoortes gaan bijvoorbeeld. En zo voort. Nee, we beginnen met gelijke kansen. We gaan dezelfde bagage kennis mee geven aan alle kind ongeachte afkomsten. Ja. En dat is, denk ik wel, ook belangrijk in mijn visie naar onderwijs. Omdat ik onderwijs ook echt zie. Ik vind dat dat echt binnen het onderwijs moet gebeuren, die gelijke kansen. Wat daar vroeger wel het geval was. Maar door daarbij kennis hebben we verlaten. En nadrukwerkt net iets te veel op vaardigheden en competensies gezet. Ja, zij wij terechtgekomen, waar we zitten. En ik zeg niet dat vaardigheden niet belangrijk zijn. Want het is een enverhaal, maar je moet natuurlijk beginnen bij kennis, een goede kennis. En die competensies vaardigheden komen daarna natuurlijk ook wel naar een bot tussen een enverhaal. Ja, ik vind het heel goed dat je ook sprekt over die gelijke onderwijskans in een vorige onderwijsstafel. We hebben het ook met direct van Damme gehad over die, hij noemt het eerlijke onderwijskans. Hij zegt dus dat net belangrijk is om die brede kennis mee te geven. Soms wordt het omgekeerde bewerter door sommige mensen die zeggen van die kinderen moeten net vanuit intressen, ze eigen leven wereld. En op die manier ga je dan vanuit het kind heel erg vertrekken. Maar als je dan naar Tim Seufman leuistert, ook tijdens zijn lezingen, zegt hij ja sommige kinderen krijgen gewoon 90% van de tijd heel veel bijles bij hun thuis. Die kenderen van leraren of hoge handen gehoog opgeleiden en net door het onderwijs te stoppen, die brede kennis en brede kennis. Dus echt wel in zetten op wat u zegt, de odigepten en al die zaken. Dat ze wel effectief allemaal mee krijgen en niet alleen de kinderen die het thuis hoog. Ja, absoluut, absoluut en daar is ook de reden waarom dat we ook bijvoorbeeld zelfs een kleuter onderwijs, want er was dan een grote pat over. Ja, dat man zij van je maar ja, gaan de kinderen getaljes moeten leren en brede basis worden schat. We gaan ook in die kleuterklaas al aanbrengen. Ja, inderdaad wij vinden dat belangrijk ook om vlager onderwijs terug naar die basis te kunnen grijpen. Dat is leren lesenschrijven en rekenen en dat zal met veel memoriseren herhalen. Ja, herhalen. Dat ziet dat we alleen dat zelfs zo mocht al niet meer. Terwijl dat we weten, studieswijzen daar ook op dat dat wel belangrijk is. En wat daar mij opviel, want ik had vorige week Europese top en dat zo goed af heel veel Europese ministers van onderwijs allemaal klugen over hetzelfde. En dat is die basiskennis. En dan heb ik ook gesprek gehad met de minister van Finland, die heel duidelijk aangeven van de Amai-planeren. Is de ontschakeling aan het maken, dat dat kennis rekenen is. En wij willen dat ook doen, hoe hebben jullie daar gedaan en zoveel. Dus er is binnen Europa wel iets aan een beweging. En dat is alleen maar goed voor ons de kinderen. En ook voor onze welvaart, want ja, wij moeten natuurlijk zorgen dat we de uitvinders van overmorgen. Dat duurde ik hier op onze schoolbank. Absoluut. Ja, want ik renner mij nu dat vorig jaar dat ik je hoorde spreken tijdens zo'n beleidsavond in Genk, dat was een rond stem. En nu had het toen over de invul boeken en ik dacht ja, dat is inderdaad. Ik zakt eigenlijk, ik denk dat onze dochterdjes zijn ongeveer van dezelfde leeftijd zo 8 jaar. En dat ik dat zelf ook begon te merken bij mijn eigen kinderen. Wat moeten jij het nog kennen? Want die moesten daar dan niet zo'n over de herfst of weet ik veel wat invullen. En dat was gewoon echt het invullen. Dus ik dacht waar wij vroeger het volledig moesten opschrijven, is het nu gewoon aanvullen wat er in het zinnetje past. En gewoon zien van 'ah, dat zijn dingen waarvan u ook in heel duidelijk standpunt heeft ingenomen het afgelopen jaar. Want dat we eigenlijk eigenlijk niet meer. Ja, klopt, en dat past terug in die visie van terug inzetten op de basis. En dat is schrijven, leerlede, schrijven, rekenen. En de invul boeken zoals dat die vandaag de dag zijn, die zijn gewoon kwalitatief niet goed. Er zullen misschien een aantal zijn die wel goed zijn, maar algemeen zijn ze niet goed. En dat is ook wel het signal dat we aan de uitgeverij hebben gegeven. Ik merk wel dat ze nu met heel wat leraar opleiringen, maar ook met mensen die kennis hebben rond dat kennis rijkeruklum die minimum doen. En het praten zijn om terug hoe je handboeken te maken. En bijvoorbeeld ook minder laptop. Zeker in dat lageronderwijs, middelbare snow en andere wereld. Maar het lageronderwijs vond ik het echt niet nodig dat alle kenten nog een tablet had. Kun je meetschappelijke aankopen doen. En als het over een leids gaat, dan kunnen die laptops of die iPads worden uitgedeeld. Maar niet meer individueel. En dat pass terug in die visie van, nee, we gaan zeker kleuter en lageronderwijs terug. Die basen zijn normen verstärken. En alles wat dat daar zo wat hangt, die invuldboeken, die iPads, de GSMs. En dan gaan we even aan de kans zitten om ons toch te focussen op wat hij leert. En ik was allemaal aan het vertellen. Sonder die volledig wij ze denken. In de media geperciëerd hebben we vrouw De Mir wel helemaal terug en naar het volledig. We zijn nu wel zeer gehad. Dus daarmee, ik zeg niet dat we geen iPads meer op lageronderwijs in de klasjes gaan hebben. Ja, wel, de scholen doen ook aankopen. We hebben er ook financiering voorzien. Maar niet alleen dat. En elk kind moet ook niet een eigen iPad hebben. Dus we kunnen dat teelen en zo voort. Invuldboeken hebben we die toen, maar handboeken ook. Dus we gaan er ook een keurwerk voor uitschrijven, leerpunt. Ik ga dat ook doen. Om scholen ook en leerkrachten ook dat die weten wat is goed, kwalitatief goed en wat is niet goed. En dat zal leerpunt ook uitwerken. En dat vertel ik ook wel hoog tijd. Wat heer was schoonzijn ook wel op zoek naar goede leermatrie. Absoluut, ja. Absoluut. Ja, ja, dat is waar. En zeker als het kader er is, dan kan je ze daarop enten. Ja, ja. En daar merk ik wel een grote shift bij uitgevers. In het begin was toel. Maar nu denken ze wel wat ze meer na van, ok, goed. Wat wildt mijn, wat zij niet minimum doen. Hoe wil we terug het niveau? Want ja, daar gaat het eigenlijk over. Ja. Omdat we het niveau, de kwaliteit van ons onderwijs terug omhoog willen. En ik geloof er ook wel heel hard in. Dat dat ook zal leuken. Omdat we er ooit wel hebben gekund. Ja, we stonden aan die top. Dus dan denk ik, ok, we hebben daar gekund. Laten we nu toch terug eens kijken wat waren die succes voor mules. En laten we daar een beetje naar terug gaan. Met natuurlijk ook wel de moderne hulpmiddelen die daar vandaag te dachten zijn. Maar niet meer centraal. Ja. De basiskennis moet goed zitten van onze kinderen. Ja, ja. Ook artificieële intelligentie dat dan top komen is. Als we wat met chatchipitieten maken heeft. Ik vind dat ook belangrijk. Ik vind ook belangrijk dat kinderen leerlingen weten hoe dat ze daarmee moeten omgaan. Maar natuurlijk als gekritische studenten, kritische leerlingen wildt hebben, kritische burgers. Dan is het wel belangrijk dat ze een goeie stevige basiskennis hebben. Dat ze dan kunnen toetsen aan het geen dat ze opzoeken. Toetsen die artificieële intelligentie. Ja. Dus te meer, als een derdaad zo'n misvatting. Als we zeggen, we kunnen nu toch alles opzoeken. Maar ze moeten net nog kritische kunnen denken om te kunnen zien van ja, is het allemaal correct? Ja. Dus dat is inderdaad. Ja. Goed, u had het net over de Europese top. U bent ook zo'n aantal keer in de media gekomen. M'n vrouw de minister is naar Engeland gejaan. Om daar wat schoolbezoeken te doen. En daar de monster te halen. Dat komt dan direct zo in alle kranten. En overal op de geweden. Dus daar is heel wat om te doen. Kan u daar iets meer over vertellen? Ja, en natuurlijk, ja, we zijn naar Engeland geweest, naar Londen. We zijn daar na een aantal schoolen gaan bekijken. Hoe dat ze, ja, dat kennisrijke Rukulum hebben geïnplementeerd. Want minimum doelen maken en denken, oké, nu is het helemaal klaar. Ja, zo werkt het natuurlijk wel niet. En wat daarmee heel veel opviel in Engeland, de Londen, is dat mijn ook enorm inzijd op effectieve didactiek. Ook het klassicaal gebeuren. Want vroeger was het ook bij ons wat meer klassicaal. Dan heb je een beweeg gehad. Je maakt niet vertrekken vanuit de leven. Je maakt eigenlijk een individueel kind. Maar begint er dan maar eens aan. Als leerkracht wordt bijzonder moeilijk. Dus daar was dat van de keel interessant in Engeland om te zien dat klassicaal die effectieve didactiek. En ook wat daarmee echt een grote ogen heeft in opgaan. Dat is alles wat mijn structuur. Routines te maken heeft. De ene school ging daarvan verder dan de ander. Bijvoorbeeld die Michaela's school. Ja, excellent. Die school resultaten. Dat is. Dat is. Quenio Goed. Ze hebben goed als het Eton College. Dat is dan privé. Terwijl. Ja, Michaela's school was de school met 99 procent. Diversiteit. Echt een sociale wonwijk, waar ze schitterende resultaten hadden. Maar waar dat daar ook heel veel werd ingezet op die discipline, een structuur. Terwijl dat ik denk bij ons een vlaanderen, ik zeg niet dat dat allemaal zo op die manier moet. Maar moeten we wel terugwerken maken van Routines, voorspelbaarheid, rondgedraag wat werken, omdat het anders ook onhoudbaar wordt voor het school, voor leerlingen, en ook voor de leerkrachten. Ja, dat zijn zaken die we natuurlijk ook veel horen. Ikzelf heb ook een groot zeelijke context. Ik heb een antwerp belessen gegeven in Brussel. Ik heb daar ook een aantal keer policie meegemaakt, die daar in de schoolgebouwen rondlipen, omdat er een leer kijkt betreigd werd. Die zaken, dat zijn dingen die we nu steeds meer horen. U spreekt daar ook regelmatig over. Vandaar wil u kom af mee maken. U spreekt dan over dat classmanagement. U spreekt aan dat ze zaken gaan allemaal een beetje samen. Het punt van kritiek, wat dan soms wordt geleverd, is dan van ja maar ja, als we het heel erg naar die orde discipline, en wat dan met het wel bevinden van de leerlingen. Ja, dat meneerlijk gezooel zegt van ja, dan gaat het wel bevinden van die leerlingen, plotseling, helemaal onderuit gehaald worden. En dan gaan die kinderen niet meer gelukkig zijn als we daarop gaan inzetten. Maar ik denk dat het een tegen deel denkt. Ik want dat. Ik vind, we hebben ja discipline en structuur losgelaten. En ik zie het mental wel bevinden van onze kinderen dat er niet op vooruit gaan. Een tegen deel, heel veel achteruit gaan. Ook in de hulpverleening, enzovoort. En alle kinderen heeft ook wel structuur nodig. En dat kan ook op een hele warme manier gebeuren. Waarom is structuur belangrijk? En ik ga niet vanuit Brussel zeggen hoe dat die scholen dat allemaal moeten gaan doen. Maar ze moeten daar wel een bedrijd rond voren. Omdat het kind zich dan ook veilig voelt. In een schoolkontakt, wat eigenlijk gaat het ook wel over veiligheid. En kind moet zich veilig voelen, moet weten wat wordt van mij verwacht. Wat wordt van mij niet verwacht? Op wanneer word ik aangesproken op een gedrag. En voor spelbaarheid is voor kinderen zeker in deze tijd. Met een sociale media, noem maar op. Is dat bijzonder belangrijk dat we op school een schoolkultuur hebben. Omdat alle kind wordt ook thuis, natuurlijk anders opgevoerd. Je hebt de thuiskultuur, je hebt de straatkultuur ook nog. Als iedereen dat allemaal meebrengt op school, dan wordt dat wel heel moeilijk voor die leer krijgt. Maar ook voor die leerlingen die allemaal een andere straatkultuur, thuiskultuur en zo'n voort hebben. Ja, wordt dat ook heel moeilijk van wat wordt hier nu eigenlijk van mij verwacht. En dan heb je veel gals, moeten we continu branches plussen. Dat is zeer vermoeiend, zowel verlegen als voor leer krijgten. En van daar, en er zijn schoolen ook een vlaaneren die dat ook. Ik ben al onder geweest, maar daarvoor was ik ook naar schoolen hier een vlaaneren geweest. Die daar twee jaar, drie jaar geleden. Ook hebben we gezegd, nee, we gaan dat echt anders die we gaan inzetten op die structuur. Op routines, ook op discipline. Want men denkt dat dat dan zo'n leelijke woord is of zo verkoud wordt. Maar dat moet niet, het kan echt wel warm worden ingevuld. En dat is eigenlijk waar ik naar toe wil gaan, zonder dat ik ga zeggen wat die school wat ik bedoel over routines. Maar me weten dat dat heel belangrijk is, dat je leerlingen kinderen zeker, dat die goed weten. Oké, ik kom aan, hoe moet ik naar de klaskaan toe zijn? Ja, we zijn toe zijn. Ja, we gaan naar de klaskaan, hoe begint de klask? Ja, bijvoorbeeld in Engeland. We begon ons er er elke maandag, ochtend en klaskikaal. Nee, niet klaskikaal, eigenlijk op een heel de school, een uur lang. Echt wat philosopheren, dan moeten we een leerling een tekst voorbrengen. Nou, we hebben er gebouwd philosopheren, wat ideeën gewissen, geduskuseerd. Daar werd ook goede klaskende binnenkomen, hoe elkaar aansprekt. Het zijn zo van die basiswaarden. En daar is eigenlijk niks meer mee. Ook leerkrachten die ook wel is. Dus, men denkt dan altijd al dat gaat hierover bestraffing. Nee, nee. Dat gaat ook over belonende, goed gedraagd. En vooral heel consequent zijn. En vooral heel consequent zijn, maar dat is natuurlijk wel belangrijk. Dat is ook de reden waarom we gezegd van kijken. We willen dat elke school inzet op klasmanagement. Dat er een leerkracht, ook of een zorgcoordinator, wordt vrij gezeld om zich te verdiepen in gedraag. Want gedraag kunnen aanleeren. Dat is zoals dat we aanwezig kunnen, dus kunnen we kunnen aanleeren. En dat die leerkracht zich daar in verdiept. En dan ook een beleid uitstippelt wat dat moet inhouden. En dat alle leerkrachten hetzelfde doen ook. En consequent doen. Absolut. En soms hoort je in de later school dat je denkt dat we hebben dat al in zo. Ja, maar ja, doen jullie dat allemaal te samen? Eeft iedereen hetzelfde begrepen? Of is er de redenen klas a? En het andere klas b? Ja, ja. Oké, ja, zo hebben het toch niet gezien. Ja, absoluut. En daar moet dan een sterk schole herenig staan. Dus als ook iets wat u. Alles staat aan valt natuurlijk bij een sterk scholleider. Iedereen hunkert er ook naar. En we zien ook wel dat sterk scholleiders ook een heel groot verschil maken. Dus wel voor de leerlingen. Als voor de leerkrachten. En dat is ook de reden waarom dat we ook eigenlijk naar een uniforme opleiding willen gaan. Ja, rond schoolleiderschap. Ja. Wat wordt daar nu verwacht van een sterk scholleider? Ja. En daar staat alles eigenlijk wel heel school gegeven. Dat is de milaar waar dat alles rondse draait natuurlijk. Ja, absoluut. Dan ga ik naar mijn voorlaatse punten. En dat is de focus op taal. Ja. En dat vind ik zelf ook een heel heel boeiende. Omdat ik zelf ook taalier krijgd was vroeger. En Latijn, dan maak ik ook wel Nederlands. Elke lerar is ook taalierig. Dat zijn ook dingen die wij bijvoorbeeld in onze leraren opleiding heel sterk integraire in het curriculum. Maar daar heeft ook heel veel planen rond. En in aantal zijn al wel uitgeroeld. Ja. En je bent bezig met heel wel zaken. Ja, klopt. Dus we hebben de beslissing ook in de regering een juli genomen om echt wel heel forced te investeren in taal. Ook dat hebben we wat verwaarlost. Want we zien bij kinderen die thuis generaanspreken dat er echt wel nog heel wel werkt is. Ja, 18 jaar geleden. Nee, 19 jaar geleden stonden we ook op 16-17 procent. Vandaag de dag spreekt één op de drie van onze kinderen thuis geen Nederlands. Dus daar zien we echt wel een sterke noodzaak om te investeren in het Nederlands. Maar ook bij vlaamse kinderen zien we dat het taal niveau wel achteruit gaat. En die taalachter staan dat dus ook een last die kleine kinderen al moeten dragen op hun schouders. En we willen eigenlijk zo snel mogelijk af van die last. En daarom dat we ook hebben gezegd van kijken, we gaan eigenlijk van af eerste kleuterklast investeren in taal extra uren. 3 uren extra vooral ook in voorinstructie. Ja. Zo dat bijvoorbeeld als de leerkracht iets verteld over astronomie of regipte, pyramides, pharaohen enzovoorts. Dat die kinderen die omvol doen of geen Nederlands kunnen, dat die al voorinstructie krijgen, dat die al een goede woord schat krijgen. Dat die weten, ja, wat is dat? Een astronaut, wat is de ruimte, wat is de plan need, heel laal enzovoort. Ja, dus dat zijn. Ja, ja. Nou, we dat goed op voorland geven, dat als de kleuterje begint over het thema, dat die kinderen wel mee zijn. En zo gaan we dat doen, eigenlijk tot daar met zelfs het middelbaar. Maar we hebben ook wel besliss en daar is dan hierin daar wel wat kritiek opgekomen, dat we kinderen vanavond de tweede leerjaar, de slageronderwijs. Omdat eerste leerjaar meestal een kanto-moment is, vele kinderen kunnen zich dan wel erbakken. Kwan Nederlands of Veel snel bijbenen. We hebben gezegd vanavond de tweede leerjaar, als we ook taal geldt klasjes maken. Dat zijn klasjes, waar we vooral focussen op het Nederlands. Dat we ook wel die minimum doelen aanleeren, maar ja, natuurlijk, als je wiskunnen de tafel van Turet. Ja, ja, dan heb je natuurlijk wel eerst goed Nederlands nodig. Dus daarom hebben we gezegd, kinderen die vanuit Kweniewelkland daar hier komen, we gaan die niet meer samenzetten. Wat hebben we vandaag dit dag doen, dat de jevrouw van tweede of de leerjaar en november ineens geconferenteren. Oei, hier zijn de twee kinderen vanavond, vanavond gaan niet staan. En dat geeft de moeilijkheid voor de jevrouw, voor de rest van de klas. Maar ook voor het kind, dat is ook heel erg. Die verstaat het allemaal niet, die moeten norm bijbenen. En daarom hebben we gezegd en in Nederland en in andere Europese landen doen. We hebben gezegd, we gaan die eerst onderdomplen in het Nederlands, maar maximum een jaar, twee jaar, maximum, maximum. En dan kunnen ze wel terug naar teruggeleer onderwijs. Ja, ja. En kinderen die hier geboren zijn, maar die thuis, bijvoorbeeld een andere taal spreken, voor het lumber. Ze gaat dat vooral over Turk, maar ook aan. En staal kleuterken komt toe, kan in nog geen Nederlands, dan gaan we die bijbenen. Maar als het nog altijd niet is weggewerkt in de eerste leerjaar, dan kan de klaseraat wel beslissen van, oei, het kindje naar vier jaar extra uren Nederlands, nog altijd onvol doen. We staat in structie niet, dan kan het wel zijn, dat de klaseraat kan beslissen. Oké, dat kind gaat een half jaar, of een jaar, even naar zo'n taal heldklam, om dat goed te begrijpen. Dat is natuurlijk een basis, als je fundament, als je Nederlands niet goed te beheert. Dat is een keel moeilijk, niet alleen voor andere taal aan te leren, maar ook voor geschiedenis, aardigd kunnen, enzovoors. En die achterstand wordt dan schooluitval enzovoors. En dan moeten we echt wel tegen gaan. Dus dat is een voorse investering, die we doen, samen ook met leer.taal. Dus zij gaan daar ook de leerkrachten helpen, begrijpen. Daar zitten ook een rol voor de leerjaarge opleiding eventueel weggewerkt. Zeer zeker, ik zie voor de leerjaarge opleidingen ook bij de minimum, dus ook een groter rol weggelegd. Later meer ook daarover, maar ook zeker voor als rondklastmanagement, rond Nederlands. En dat wil ik ook wel in het curriculum mee opnemen, hier doen we dat al. Maar eigenlijk zou elke leer krijgt, ook een taal leerkrachten moeten zijn. En dat moet jij kwaas overlasten. In een klasje, daar zal de DT van doen. Nee, dat is niet goed. Die goed, alle gelukt, was maar één keer. Rakt daar met die, komen, dus meestal doen we dat wel goed. Maar daar moeten we dan ook wel aan werken, dus dat is natuurlijk ook wel van belang. Ja, zeker, en vast. Ja, ik zie dat Timer zegt dat we nog een paar minuutjes hebben. Ik ben hier even op mijn blattand keken, maar ik wil eigenlijk al bij onze slotvraag komen. Want dat is eigenlijk die uitnodiging van wat zijn u bent, eigenlijk voor het nieuwe jaar, voor het onderwijslandschap. Waar bent u? Als we in januari hebben in een kortestand kerstperiode kerstvakantie, in januari komen de leerkrachten weer terug. En wat hopt u dan dat er nog gaat komen? En wat u nog kan verwezen? Ja, ik hoop vooral dat ze goed kunnen uitrusten in de kerstvakantie. Dat is wat we kunnen genieten van familie, goede gezondheid natuurlijk. Maar in een keer in januari zeker voor klager onderwijs staat er in september natuurlijk die grote ervorming. Zeker voor Nederland als een wus kunnen, gaan we toch stelselmatig starten. Dus helemaal leert dat te gaan opleidingen krijgen, de professionalisering, ook als er wat rond taal te maken heeft, ga ik ook een bewegen komen. Maar ik hoop vooral dat de hele onderwijs, veld, koepels, vakbonden, leraren, opleidingen, dat we toch met z'n allen aan dezelfde zeeltrekken. En dat we goed bestefden, we hebben hier te maken met de toekomst van onze kinderen. En we willen hier eigenlijk wel een goede toekomst geven. En wij mogen daar eigenlijk niet een vallen. En ik vind dat heel erg dat we niet alle kinderen op een goede manier kunnen helpen. Want daar rakt u op een sol. Ja, want ik heb thuis zelf niet veel gehad. Er was geen voorkennis, er was ook geen dederlaas, er was eigenlijk niet veel, wel heel veel liefde. Mijn ooiters waren eerste generatie, maar ik heb al dankzij dat goed onderwijs, een sterke onderwijs, een sterke leerkrachten, kunnen studeren, kunnen zitten de solde die ik vandaag bezet. Als minister van onderwijs, dat is natuurlijk wel te danken en dat sterke onderwijs. Van die tijd. En ik vind dat er terug. En alle kinderen moeten kunnen geven, en alle kinderen heeft talent. De ene met zijn naar herstenen, de namen heeft goede skills, hoe je aanbachten aan leren, een goede stem, noem maar op, even belangrijk. Maar we moeten daar wel binnen onderwijs ervoor zorgen dat alle kinderen een plekje heeft. En dat kan divers zijn en dat wij die daar zo goed mogelijk in ondersteunen. En dat we een goede rucksack geven. Ja, ik denk dat dat heel erg mooi is om zo te eindigen. En dat als u dat allemaal kan verwezen, dat we dan echt al heel goed bezig zijn. We zitten al op de goede weg en nu moeten we vooral vallen houden, denk ik. En echt vooruitleven gaan om zo met zo'n allen. En vooral dat, dat is heel belangrijk. Ja, wat dat je nu zegt met zijn allen. Want als minister ga ik het echt niet alleen kunnen, dat bestef ik heel goed. En ik wil alles doen om het ook mogelijk te maken. Maar we gaan dat samen moeten doen. We gaan er van schoolen, leerkrachten, leraren, opleidingen, noem maar op. We gaan echt samen terug. We moeten ontdekken wat deden wij goed. En laten we dat terug, laten we dat maar terug, met zijn allen samen doen. We hebben het gekund. Dus het komt wel goed, uiteindelijk. Dus ik ben er wel positief over. Het zal een beetje tijd nodig hebben. Maar als we dat samen doen, vertrouwen en geloof, vertrouwen en geloof. Ja, dan denk ik dat dat ook wel goed komt. En als uiders dan ook nog eens mee trekken, leerkrachten zijn professionals. Die moeten we ook vertrouwen. Dan denk ik dat dat helemaal goed komt. Ik hoor het u heel graag zeggen met vrouw de minister. Dus voor de luisterrijs thuis. Dit was weer een heel boeiende aflevering met de minister die hier aan onze onderwijsstafel. U hier hebben het gehoord. Laat we allemaal samen aan hetzelfde zeldrekken. Laat we allemaal samen werken aan goed onderwijs, kennisrekurriekelem, ordestructuur. Ja, goed klasmanagement, focus op taal die zaken. Laat we dat allemaal meenemen. En dan rest mij nog te zeggen dat onze volgende onderwijsstafels, die zullen in januari, februari, uitgezonden worden, die zullen gaan overtuual leren en stem ook heel belangrijke topics. Het dankt om te luisteren en tot de volgende keer. Daag. [muziek]

Podcast Summary

Key Points:

  1. Minister of Education, Zuhal Demir, attended an education discussion at PXL.
  2. Discussion focused on achievements and challenges in the education sector.
  3. Emphasis on returning to a knowledge-rich curriculum, effective didactics, and class management.

Summary:

In a discussion at PXL, Minister of Education Zuhal Demir reflected on the challenges and achievements in the education sector, emphasizing the need to return to a knowledge-rich curriculum. The conversation highlighted the importance of effective didactics, including a structured approach and routines in classrooms, to maintain discipline and support student well-being. Minister Demir also mentioned the significance of providing equal educational opportunities for all students, regardless of their backgrounds, and the necessity of instilling strong basic knowledge in children.

The discussion also touched upon the role of technology in education, with a focus on critical thinking skills and the integration of tablets and laptops in schools. Minister Demir's visit to schools in England underscored the importance of effective teaching methods and class management strategies to ensure a conducive learning environment.

FAQs

Het eerste jaar is voorbijgevlogen en was erg confronterend door de uitdagingen in het onderwijs.

Een stevige basiskennis is cruciaal voor gelijke onderwijskansen en om vaardigheden te ontwikkelen.

Artificiële intelligentie is belangrijk, maar kinderen moeten ook kritisch kunnen denken en een stevige basiskennis hebben.

In Engeland heeft de minister gezien dat effectieve didactiek en structuur in het onderwijs van essentieel belang zijn.

Classmanagement is essentieel om orde en structuur te brengen in de klas en bij te dragen aan het welzijn van zowel leerlingen als leerkrachten.

Chat with AI

Loading...

Pro features

Go deeper with this episode

Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.