Het boek 'Psychologie voor het echte leven' is geschreven om psychologische inzichten uit de podcast 'Psigoloog' praktisch toepasbaar te maken in het dagelijks leven. Het behandelt thema's als relaties, gewoontes, creativiteit en concentratie, en is bedoeld voor wie zichzelf en anderen beter wil begrijpen in de rommelige werkelijkheid, niet alleen in theorie. In een aflevering over angst gaat Marissa in gesprek met hoogleraar klinische psychologie Merel Kindt. Zij legt uit dat angst een cruciale overlevingsemotie is die ons helpt gevaar te herkennen en te vermijden, vaak zonder dat we het doorhebben. Zo sturen angsten voor de dood, afwijzing of verlies van veiligheid ons gedrag, van gezond eten tot het kopen van producten. Angst wordt pas problematisch wanneer deze disfunctioneel wordt: als de angstreactie niet in verhouding staat tot het werkelijke gevaar, bijvoorbeeld bij overschatting van risico's of het gevoel het niet aan te kunnen. Dit leidt vaak tot vermijdingsgedrag, wat op korte termijn oplucht maar op lange termijn het probleem verergert. De kern van disfunctionele angst is dat men bang is voor de eigen angstreactie, zoals flauwvallen of gek worden.
Het leven dat we denken te moeten leiden, ziet er vaak verrassend anders uit dan de werkelijkheid. In onze hoofden hebben we nou eenmaal nooit een conflict, vinden we binnen nota maar onze focus en komt het woord zonbaar niet in onze focus belair voor. Maar in de praktijk loopt het toch anders. Dan bestef je dat je voor de zoveelste keurtevel hebt geregeerd in de discussie, borst je maanden na het overleiden van je hond nog steeds in huilen uit bij het zin van een zak hondenbroeken en sta je voor de tachtigste keur met je blotervoet op het lego blokje van je kind. Het echte leven is rommelig en dat is precies waar ons nieuwe boek sigalogie voor het echte leven over gaat. Ik ben Marissa van Hersluis, psycholoog, host en oprichter van de podcast-přigoloog en samen met mijn medeoprichter Leonie van Dyke, schreef ik het boek psychologie voor het echte leven. Daarin vertelden we psychologische inzichten uit onze podcastafleveringen naar de dagelijks en realiteit. Van relaties en gewoontes, tot z'r ouw, creativiteit, sexueel plezier, concentratie en van alles er tussen in. Praktisch, herkenbaar en meteen toepasbaar in je eigen leven. Ons boek, psychologie voor het echte leven is vanaf nu te kopen in je plaatselijke boekhandel of online te bestellen, bijvoorbeeld via de link in onze shownotes. Wil je jezelf en andere dus beter begrijpen? Niet in teorie, maar in het echte leven? Dan is dit boek zeker iets voor jou. In onze hoofden hebben we nou eenmaal nooit een conflict, vinden we binnen nota met onze focus en komt het word somber niet in onze focus bijler voor. Maar in de praktijk loopt het toeganders. Dan bestef je dat je voor de zoveelste keur te veel hebt geregeerd in de discussie. Barsht je maanden na het overleiden van je hond nog steeds in huilen uit bij het scene van een zak hondenbroeken en sta je voor de tachtigste keur met je blot voet op het lego blokje van je kind. Het echte leven is rommelig. En dat is precies waar ons nieuwe boek, psychologie voor het echte leven, over gaat. Ik ben Marissa van Hersluis, psycholog, host en oprichter van de podcast-přigelog. En samen met mijn medeoprichter Leonie van Dyke, schreef ik het boek psychologie voor het echte leven. Daarin vertelden we psychologische inzichten uit onze podcastafleveringen naar de dagelijksen realiteit. Van relaties en gewoontes, tot zorg, creativiteit, sexuele plezier, concentratie en van alles er tussen in. En precies, herkenbaar en meteen toepasbaar in je eigen leven. Ons boek, psychologie voor het echte leven is vanaf nu te kopen in je plaatselijke boekhandel of online te bestellen, bijvoorbeeld via de link in onze show notes. Fijn dat je luistert naar de podcast-přigelog. Een podcast waarin ik, marissen van de sluys, samen met andere psychologen in gesprek gaan over belangrijke onderwerpen. Om zo met ze alle, onszelf en andere beter te leren begrijpen. In deze aflevering ga ik het hebben over de impact van angst en daarover ga ik het hebben met Mero Kind. Mero Kind is hoogleraar klinisch-psychologie aan de universiteit van Amsterdam. Ze is daarnaast psychoterepuit en oprichter van Kind Clinics en Clinique gespecialiseerd in het behandelen van Fabia en Panic. Mero, welkom in de studio. Dank je wel. Wij hebben elkaar natuurlijk al veel vaker gesproken dat we het luister is misschien niet. Ik heb ooit mijn scriptie bij jou geschreven en daarna ben ik bij de universiteit van Amsterdam gaan werken. We hebben heel veel samen gedaan. Ik was de Ardozens en ook de Syrup Puit. En we hebben natuurlijk een aflevering gemaakt over Panic. Ook een hele mooie aflevering geworden. En ik heb hier een appje van de keurig leukvond van het niet leuk zijn om ook een aflevering te maken over angst. Gewoon meer angst in bredere zin. En toen dacht ik ja, dat was eigenlijk best wel een goed idee, want we hebben best een aantal afleveringen gemaakt over alle leifenschillende angststornissen. Maar nog niet echt een aflevering over angst in bredere zin. En de impact van angst eigenlijk hoe dat nou in onze samenleving verweven zit. Want dat is toch best wel het geval. Zeker. Want vertel wel hoe die angst of die oorangsten in onze samenleving verweven, misschien wel meer dan we door hebben. Ja. Ik dacht inderdaad dat het een kan een heel interessante onderwerp zijn omdat ik me steeds meer realiseer hoe belangrijk angst eigenlijk is in onze samenleving. Ook al denk je daar niet altijd direct aan. En dat heeft eigenlijk te maken met nou ja angst is een van onze belangrijkste emoties. Dus ik vind het ook een hele mooie emotie. Tenzij die natuurlijk zo intens is dat je er echt last van hebt. Maar angst speelt een hele belangrijke rol in ons gedrag. Ook wel hebben we dat heel vaak niet door. En dat heeft te maken met dat angst heeft een hele belangrijke zinjaalwaarde voor gevaar. Dus angst helpt ons om te overleven. En niet alleen als individue, maar ook als soort. Dus omdat door dat we angst hebben, herkennen we gevaar en die angst geeft dan ook dat zinjaal van de moet iets gebeuren. Ja. Daarom zijn we er eigenlijk nog. Daarom zijn we nog. Ja, angst te hebben. Ja. Toen? Maar heel veel gedrag is eigenlijk daar in direct aan gerelateerd. Dus het is niet altijd zo dat je die angst echt hoeft te voelen om dingen te doen die wel uiteindelijk te maken hebben met het voorkomen van de dood bijvoorbeeld. En dan kan je eigenlijk alle lijf voorbeelden van noemen. Dus bijvoorbeeld, nou, je bent zwart. Ja. En ja, bij mensen is het zo dat als kinderen worden als babyjes worden geboren, dan hebben ze echt de zorg van ouders nodig, die overleef het niet in hun eentje. Nee, ik ben heel belozen. Dus die zorg van die ouders die is uit te mate belangrijk voor de overleving van dat babyje. En die zorg begint dus eigenlijk al heel vroeg. Dus zelfs altijd je zwangerschap bij je daarmee bezig. Je bent een kickboxer. Ik ben een kickboxer, ja. Ja, oké. Nou, ik kan me zo versterd dat je dat nu niet meer doet, of niet? Nee, want je wil je buik beschermen. Dus dat is al gedrag wat daarmee te maken heeft, dus om je baby te beschermen zijn er al dingen die je niet doet. Of die juist wel doet, zoals bijvoorbeeld gezond eten. Of vaccinatie. Ja, dat is last gehad. Ja, zou ik normaal ook niet doen, omdat ik de gewoon gezond voel en denk dat ik wel heb maar nu voel ik me toch kwetsbaar. Voor de baby doe ik het natuurlijk. Ja. Dus er zijn heel veel dingen die je nu wel doet, of juist niet doet. Het is gezonde eten of meer nachtrust om te zorgen voor je babyje. Want dus heel veel gedrag gaat dan over om jouw babyje in leven te houden. Ja. En dat is al in de buik, maar dat is daarna ook. Maar we zijn als mensen ook goepsdieren. En dat is uit te laten belangrijk. Dus in ons etje redden we het niet. Dus heel veel gedrag heeft te maken met dat je bij de groep wil blijven en horen. Of de angst dat je uit de groep wordt gestoot. Ja, ja. En voor isolatie. Bijvoorbeeld, en precies. Maar ook even om door te gaan op dit voorbeeld. Als je eenmaal een baby hebt dan zijn er ook heel veel mensen die zich gaan bemoeien met de opvoering van je baby. Niet alleen je schoonhouders, maar ook soms vreemd op straat. En dat kan best wel irritant zijn, maar dat komt eigenlijk uit iets moois voor het. Namelijk de zorg voor onze soort. Voor kwetsbare babyjes. En iedereen wil eigenlijk dat hier het alle beste krijgen. Dus dat bemoeien wat eenhezij het wel irritant kan zijn, komt voort eigenlijk uit iets moois, namelijk de zorg voor onze soort. En dat komt weer voort uit. Dat heeft te maken in direct met angst voor gevaar namelijk dat babyjes het alle beste moeten hebben. En als ze dat niet krijgen, dan kan het misgaan. Ja, maar dat ken ik ook wel. Ik wil die angst voor andere kinderen als ik bijvoorbeeld ergens aan het zwemmen ben. En ik zie hier van vagesituaten dat ik niet zeker weet of het kindje kan zwemmen of in veiligheid te is of dat er goed op gelet wordt. Dan kan ik me eigenlijk al gewoon niet meer concentreren wat ik aan het doen ben. Dan ben ik het kindje niet eens van mij, maar ik ben er dan toch heel erg bezorgd. En angst te gover. Dus dat is het op die manier beïnflut dat het was eigenlijk meer dan we zo door hebben. Ja, en dat geld dus ook voor. Kijk, het gelukkig zijn we allemaal niet dagelijks bezig met de angst voor de dood van onszelf of van belangrijke andere, maar heel veel gedrag. Heeft daar dus wel mee te maken in direct met die angst en kan je daar dus. Ja, dat is eigenlijk op terugvoeren. Ja, en eigenlijk misschien nog wel verder verwijderd. Want kijk, veel mensen kunnen zich hier nog wel wat bij voorstellen. Dat kan ik alle ledingen doen om te voorkomen dat er iets met mij in ongeboelde keer.
Je hebt ook voor de kinderen van andere wel zorgen. De angst voor de dood kan toch wel nog wel abstract er zijn. Dat gaat over de angst voor aftaakling. Als we daarmee worden geconfronteerd in meer vmintre maaten, door reclamens die laten zien dat we aftaaklen. Als we een bepaalde producten niet kopen, dat we er minder mooi uitzien, met angst voor afwijzingen, of niet bij horen. Maar dat we zelfs ons kopen gedrag, misschien wel voortkomt uit een bepaalde angst voor de dood. Uiteindelijk denk ik wel. De voorlopens zijn natuurlijk heel veel voorlopens van de dood. Dus voorlopens van de dood is in dat ouder worden aftaaklen, physique mindersterk zijn, geeselijk mindersterk zijn, geheugd vliegst. Al dat soort dingen zijn feitelijk voor spedders van die eindvazen. Dus eigenlijk zijn we daar meer mee bezig. Wat je nu ziet, wat een tuurkende mod is om heel veel te sporten, dat heeft een tuurk te maken met dat je visiek dan eigenlijk sterker wil blijven, en gezond wil blijven. Dus dat zou je kunnen zien als een vorm van het afweeren van dat gevaar. Ja, om het ultieme gevaar is dan de dood. Ja, dus angst is in die zin eigenlijk dus een hele mooie emotie, want het helpt ons om gevaar te herkennen, maar ook om gevaar af te weeren. En helpt dus voor de overleving van onszelf en de soort. Ja, het oververlies, maar kan me ook voorstellen dat het verlies van bouwde welvaart of iemand anders verliezen dat dat ook echt een rol kan spelen in. We hoeveel ons gedragen. Zeker. Zeker, dus het gaat om uiteindelijk zou ik kunnen zeggen, de angst voor de dood, maar dat is de dood van jezelf. Maar ook van hele belangrijke andere kunnen natuurlijk een spelen eigenlijk een hele belangrijke rol in iederst leven en dus ook in het gedrag. Ja, in de angst voor, ja dus voor verandering denk ik, dat leven wordt je nu hebt waar je blij mee bent, dat dat anders wordt. Dat is ook alweer het rug in de politiek. Rijn stemgedragsuit het bijna kunnen zien denk ik. Ja, nou ja, kijk, dus eigenlijk nog nooit bij de verkiezingen gaan over zoveel over huisvesting en hoe belangrijk dat is. En ja, daar heb ik ook wel veel over nagedacht. Het is natuurlijk ook een real problem voor jongeren, maar dat heeft misschien ook wel te maken met de situatie dat het misschien nog wel nooit zo belangrijk is geweest. Kijk, je hebt een huis. Want een huis is natuurlijk een veilig gehaven. En met klimaatverandringen, met de oorlog op heel veel plaatsen zouden. Nou, het best wel eens kunnen zijn dat huizen nu nog belangrijker zijn dan ze waren. Dat is natuurlijk de plek waar je even kan twijligen waant tot op zeker hoogte. Ja, dus eigenlijk zijn we daar nog meer aan gaan vast houden, het is je ev-hypertesen, je werkhypertesen. Dus eigenlijk is er veel meer dan we denken terug te voeren op de overleving van onszelf, van andere en zo op de overleving van onze soort. En als we nou weer even terug gaan naar dat het begrip angst hebt, wat is het dan ook over je precies als we het begrip helemaal uitkleeden? Kijk, angst gaat altijd over gevaar in de toekomst en die toekomst gaan heel naar bij zijn. Dus het kan heel akut zijn, maar het kan dus ook heel ver weg zijn. Zoals we begonden met de angst voor de dood, of voor het verliefd van andere. Dat is abstract dat het is veel verder weg. Dus als gevaar wat eigenlijk heel ver weg is, dus daardoor voel je misschien niet direct die akute angst wel, als het gevaar heel dichtbij is, dan voel je ook veel meer die angst. Maar het belangrijk is dat het altijd gaat over gevaar in de toekomst. Dus als je de angst echt beleef, dan heeft dat een belangrijke, legameleke reactie en mensen verschillen daar wel wat in. Met zo'n voelen mensen hun hart slag, mensen gaan zweten, mensen zonkomen, mensen voelen het heel erg in hun buik. Zoals mensen die zeggen, ik zit eigenlijk toch vooral in mijn hoofd. Mensen verschillen daar wel in, maar goed te gebeuren. In ieder geval, als je echt angst te gepend, alle lijnveranderingen in het legame. De hersenen geven het, zien je al af aan het zenuushel. En die geven we weer sindsjaarlijk, want de hartslag moet omhoog, bloedruk gaat omhoog. En dat is omdat het iets moet gebeuren. Want als er echt gevaar is, dan moet je iets doen. Vluchten, afhankelijk van je inschatting van het gevaar of juist aanvallen. En dat ver klaar, het waarom er zo over gebeurt in het legame. Mensen worden ook heel alert. Dus ik krijg de aereken een beetje smalende aandachtvokens. En dat heeft te maken met dat je heel goed het gevaar in de gaten moet houden. En dat is weer als je het weer terugvoert op waar komt dat gevaar nou vandaan. Dat als een dier of mensen in het wild is, en er komt een liel op je af, dan moet je gewoon precies weten waar is dat gevaar. Omdat als je weet waar het gevaar is, dan weet je ook waar je naartoe moet. Dus waar de mogelijken vluchtroeten zitten? Dus alle irrelevanten worden onbelangrijk. Op z'n moment, het is juist heel handig. En dat en dus dat idee van die, we noemen dat wel hiperfigielantie. Dus dat je echt heel veel aandacht hebt voor het gevaar. En dat is ook bij je aan het zoeken al naar waar is het veilig. Dat zie je ook wel op alle leinmanieren terug in de samenleving. Ook als het gevaar eigenlijk verderweg is, en je niet die akute angst voelt. Heb je er een voorbeeld van? Soms zou je, kunnen mensen gaan zitten scannen bijvoorbeeld of zoek op social media naar informatie. Om te kunnen zien, ik ben bijvoorbeeld goed bezig. Of ik heb de goede spijkenbrug gekocht. Ik heb het niet zo goed bij de groep waar ik bij wil horen. Dat is dat. Dat is dan een veiligheid in jou. Oké, dus in principe heeft angst een hele belangrijke functie. Hier vergelijkt het ook even weer met een wilde dier die op je afkomt. En in onze moderne wereld is dat dan vaak niet zo op die manier. Dat kan bijvoorbeeld wel zijn als het best vaak in Amsterdam. Je moet ons wijk of een taxi op de fietsen dat je heel snel moet regeren. Dat doe je bijna niet bewust. Dat geef je een ruk aan je stuur. Als ik het heel blij dat ik zo'n angstreactie heb, dat ik daarom onmiddellijk op regereer. Maar het zit hem dus ook meer in het abstract. Dus bij zo'n akut gevaar zie je. Dus dat we in het daad heel snel kunnen regeren. Dat je een nauwelijksburs van het bent. Het draagskete gaat aanvand. Je hebt erom middelijk, dus het feit dat je zo snel kan regeren heeft te maken. Met dat je in de hersenen toch heel snel dat gevaar hebt waargenomen. Waardoor je op tijd nog net kan wegspringen. Maar goed, het gevaar kan dus inderdaad ook iets verder weg zijn. Waardoor je bijvoorbeeld meer gaat voorbereid op dat gevaar. Stel, je hebt een. Ik noem me iets. Een belangrijk examen. Toevallig vandaan nog over met mijn zoon dat zijn vriend reikzamen had. Veel jongen loondaten en die zien daar tegenop. Dat is niet direct een gevaar, maar het is wel een belangrijke test. Waar je graag goed wil pristeren. Niet alleen omdat als je niet lagt dat je een hele begeld moet betalen. Maar dat heeft ook wel een sociale waarde. Omdat het. Het is gewoon niet zo leuk om tegen je vrienden te moeten zeggen. Ik ben gezakt. - Nee. En de identitijdswaarden, want als je meemal hebt, dan heb je vrijheid. Precies. Precies. Dus dat is iets wat verder weg ligt. Na maat het dan dat ik samen dichterbij kom, zie je wel vaak dat die spanning in die angst een beetje toe nemen. Maar cognitief gebeurt het dan ook van alles. Dus in de zin van omdat die testplaats vindt, dat weet je, wil je daar zo goed mogelijk op voorbereiden. En dat kan je doen door letselig. Veel lesse te nemen, maar ook in je hoofd kan je daarover nadenken. Ik kan je repeteren. Als ik zo aankomrijd op de snelweg, dan moet ik dit doen of dat doen. Dat is allemaal behoorlijk functioneel, maar dat zijn allemaal manieren om zo goed mogelijk om te gaan met de situatie, om de kans te vergroot dat het lukt. En ja eigenlijk ook om het zeg maar tussen aan de aanlangstekens het gevaar af te wenden, dat je niet slijgt, dat je niet zakt. - Dat je zakt. Ja. - Oké, dus dat heeft meer en dat speelt zich meer af in het hoofd. En dat zijn vaak gedachten, of de komstige situaties die je al in je hoofd aan het voorbereiden bent. Ja. Dus die reacties zijn in principe allemaal functioneel, adaptief die helpen ons. Wanneer wordt het dan niet meer functioneel? Wanneer wordt angst iets wat ons gaat belemmeren in plaats van helpen? Als de situatie eigenlijk de angstreiacie niet rechtvardig, dus als je niet echt gevaar is, terwijl het wel voelt als gevaar. Dus als mensen eigenlijk heel angstig zijn voor situaties, waar toch de meeste mensen van denken, maar dit is niet gevaarlijk. Het kan ook zijn dat het wel dat de situatie op zich wel gevaarlijk is, maar dat de angst toch niet in verhouding is tot het gevaar in de zin van dat die angst onnodig lang aanhoudt. Dus heb bijvoorbeeld, jij bent nu geschrokken van die vrachtwagen. Dan zit die schrik even in je lichaam. Daar denk je nog wat aan, je denkt misschien ook waargoo, het had eigenlijk wel miskundig aan. Maar stel nou dat je dan een soort angst ontwikkeld in de zin van dat je er niet meer durft fietsen. Dan zagen we toch met z'n allen zeggen, maar dat is niet helemaal reëel, want er zijn. Zoveel mensen op de fiets die allemaal niet om de vrachtwagen komen, je kan gewoon eigenlijk best wel veilig fiets in het verkeer. Je moet wel goed opletten, maar dat kan wel. Dus als jij dan niet meer zou fietsen, zou je zeggen, dan is die angst overdreven gezien de situatie, dus die klopt dan niet. Maar dat je in die situatie dat die vrachtwagen jou bijna aanreet. Schrok en even heel angstig was, dat is normaal en functioneel. Maar dat dan die angst zou aanblijven houden en dat je dan eigenlijk niet meer zou durven fietsen, omdat je er denk dat kan maar nog een keer gebeuren en z'n voort, dan zeg je, dat is dysfunctionel. -Ja. Dus ja, het wordt dysfunctionel met een autorijat en eigenlijk drie pijlers, als mensen de kans op gevaar, eigenlijk overschatten als dat niet real is. Of de intensiteit of de ernst, maar misschien is het nog wel het belangrijkste als mensen denken dat ze niet met het gevaar kunnen omgaan. Dat is als. -Dat is als je ver uitlegd. Ja, want als als als in die situatie komen, dat ze dan bijvoorbeeld zo angstig worden, dat ze gek worden van de angst. Of dat ze snap je? -Ja, ja, dat heb ik wel vaak gehad in mijn syrpica, maar dat mensen dan denken van alles dat gebeurt, dan. En dan is het vaak ook een soort van black box, van ik kan het niet aan. -Ik kan het niet aan. En dat kan meer richting het gek worden zitten, of meer richting het syrpica. Voesiek bijna overleiden vanwege mijn eigen. Vizieke reactie. Ik ga naar een hardhuis, deelstand, of aanvallen, als ik. Van de angst. -Russies, dus eigenlijk het niet aan kan, is uiteindelijk ook een form van angst voor de dood. En dat zie je eigenlijk wel heel vaak toch bij als de angst doorst giet in het dysfunctionelen. En dat maakt ook dat veel mensen dan gaan vermeiden. Dus u ziet eigenlijk heel vaak bij dysfunctionelen angst dat mensen. Ja, dat toch ook voorweglopen, het vermeiden, omdat dat beeld dan. en ik zo moeilijk vind, omdat te verdragen, dat ze alleid dingen gaan doen om. om die confrontatie daarmee te vermeiden. Dat is die angst met hun eigen angstreactie. -Eindelijk met hun eigen angstreactie. En die vermeiding die help niet. Want die lijkt te helpen op de korte termijn, omdat dan de angst vaak evenjes weggaat. Maar op de langere termijn blijft die angst dan eigenlijk altijd instant. Ja, met je voelst je dan even opgelucht. -Ja. En op de langere termijn, hoe komt dat? Waarom blijft die angst bestaan als je vermeid? Omdat je dan eigenlijk niet kan leren dat wat je denkt over die angst dat dat irieel is. Dus laat ik eens een voorbeeld nemen van stel iemand heeft een relatie. En het is heel erg pang dat ze verlaten wordt door haar partner. En denk dus, want als ik verlaten word als die weggaat, dan kan ik het leven niet aan. In meentje. En die angst is zo erg dat die persoon dan de locatie de heer te het gaat. Dat is het volgen van de partner. Waar is ie? Waar is ie? Daar, daar, daar. En dat doet ze omdat ze denkt, ja, want als je op andere locaties kan het zijn dat iemand anders ontmoet. En dan kan die mij daarmee verlaten. Dus dat is eigenlijk controle gedrag wat voort komt uit die angst. En dan ziet ze de partner en dan begin ze daarover waarwadje en wat de je daar en ze voort. Dus wat je dan eigenlijk ziet is dat het contra productief is. Dus het is eigenlijk de angst om verlaten te worden. Dat controle gedrag komt dan voort uit die angst. Maar de kans wordt dan ook nog een keer groter dat je angst bevestigd wordt, want daarmee. Wat je benieuwd iemand. Je benieuwd iemand, die moet ik niet in de leuk voor die andere persoon. En je leert helemaal niks over het idee dat het is natuurlijk kon natuurlijk ontzettend verdrietig zijn als je relatie uitgaat, maar dat je dat wel aan kan. En daar confrontier je zelf niet mee. Dus je kan dan eigenlijk beter daarover maar denken of dat met iemand bespreken. En hoe dat zou zijn en hoe je daarmee om zou kunnen gaan. En dan voor de kern van de angst. Want daar werkt je dan eigenlijk omheen met de vermeiding. En dat controle gedrag dat dat noemen we dan ook als safety, behaviors, veiligheid, gedrag. Alle kleine dingetjes die je in werking gaat zetten om maar te zorgen dat wat je vrees. dat dat dan voor jou gevoel niet gebeurt. En de reden dat ik dit voorbeeld noem en niet het voorbeeld van. Kijk wat een Turkjeel herkend is. Er is al iemand bangjes voor honden en er loopt een hond aan de ene kant en je steekt snel de straat over. en je gaat naar de andere kant van de straat dan is dat een hele. explicite form van vermeiding. Maar vermeiding zit dus ook in veel subtiler in directer gedrag. En dat is best nog wel lastig, hè. Ook een stelje bent aan het luisteren en je bent je hebt een bepaalde angst. omdat ook bij jezelf te zien van wat doe ik eigenlijk om die angst te vermeiden. om dat angstgevoel toe te laten om dat te vermeiden. Ja, en ik ben blij dat je dat zeg, want dat heb ik overnagd. Dat is eigenlijk best wel ingewikkeld. Want ik kijk bij duidelijk als je echt duidelijke angst, een hele specifieke angst hebt. dan weet je dat, want dan ervare vaak die angst en dan proberen dat natuurlijk te vermeiden. Dus daar ben je dan vaak ook wel van bewust, maar omdat je ook vaak die angst voelt, weet je dat dit speelt. Maar bij wat subtilere form of indirectere formen kan de vermeiding zo zijn. doorgeslagen in de form van in de wad. De excessief controlegedag enzoordat je eigenlijk die angst niet meer voelt. Je reliteert het niet eens aan de angst, denk ik? - Nee. Nee, dat klopt. Ik denk dat je voor jezelf iets anders. voorzien ze, waarom je dat gedrag verdoond. - Dat denk ik ook. Maar hoe je de achter kan komen, is het gebrek aan plezier. Dus het gebrek aan juist positieve ervaringen. Want die vermeiding voorkomt dat vaak wel. Snap je dus door die vermeiding voorkom je bijvoorbeeld dat je. het is helemaal niet leuk om me even terug te gaan naar dat voorbeeld. om de hele tijd de locatie van je partner te zoeken. Nee. Of bijvoorbeeld stel je bent bang dat je niet aantrekkelijk genoeg bent. en je bent eigenlijk veel te veel uren bezig met je uiterlijk. Dat voorkomt dat je andere dingen doet die je plezier geven. die eigenlijk veel leuker vindt. Dus als je bij jezelf merkt en dat is heel vaak zo. dat als mensen eigenlijk best. wat somber er zijn of of gewoon weinig plezier ervaren. weinig inspireren, zijn weinig dreven zijn. dan kan dat komen omdat ze best veel van hun tijd. bezig zijn met vermeiding. Eigenlijk wordt je dus gegeisels door je eigen vermeidingsegerrag. En dat heb je waarschijnlijk niet eens door, maar klopt. Dit is wel goeie geheugensteen om je af te vragen. van zouden het bij mij ook zo kunnen zijn. Ja. En wat zouden dan even opkorten en langs te mijnen voor een nadeelijke. zijn van dat afbouwen van dat vermeidingsegerrag? Dat is ook niet makkelijk, maar. Nee, dat is zeker niet zo leuk. Maar ik heb dat vaak gezien als de repijdt. dat dat helemaal niet makkelijk is. Nee, dat is zeker niet makkelijk. En het hangt natuurlijk ook van af hoe. ja, hoe groot de angst is die er achter zit, hoe. hoe dwingend die is. en ook al wel hoe lang. die angst aanwezig is. Want soms zijn het ook wel echt hele. uitgeslete gedragspatronen. Die vermeiding, dat is ook al moeilijk. omdat we te veranderen en te doorbreken. Ja, natuurlijk. Dus de eerste stap is. en dat gaat natuurlijk voor heel veel dingen, is natuurlijk altijd bewustwoording. En die bewustwoording kan je dus. kijk, als je die angst hebt, dan ben je al bewust, maar als je niet direct die angst voelt, dan kan die bewustwoording. dus gaan door je te realiseren, gol. Ik heb het eigenlijk helemaal niet zo leuk. Hele grote delen van mijn leven. En hoe zou dat kunnen komen? En dat zijn de dingen die ik niet doe. Als ik die wel zou doen, me eigenlijk. misschien wel prettiger zou voelen of positiver of energieker. Dus die bewustwoording is al een hele belangrijke. eerste stap. En dat hoeft je natuurlijk ook niet helemaal je eentje te doen. Probeer om daar open over te zijn en over dat soort dingen te praten. Met vrienden bijvoorbeeld. Ja, ik kan al best heel veel doen. Je hoeft echt niet met eneer naar een professionel te gaan. En dan is het een vermerbiedigheid van de koeien. Ik heb er een beetje gelogen van koot. Nee, ik ga er nu met elkaar, hier over. Ja, oké, dus die bewustwoording. dat is in ieder geval al een stap. Ja, en dan ben je er niet, natuurlijk? Nee. En dan is natuurlijk de vraag van ja. Kijk, want sommige gewoond is. kan je wel een klein beetje veranderen. En vooral als daar een beloening tegen een overstijl, dus als je merkt van goon, ik stop daar even mee. En je hoort nu bijvoorbeeld best wel als van jongeren, van ik heb even helemaal van social media af, waardoor ze dan een enkeke kunnen ervaren, hoeveel tijd ze overhouden om andere dingen te doen. En als je dat dan ervaart en het is leuker, dan is dat natuurlijk wel heel bekachtigend om daar mee door te gaan. Dus je kan. Ik zeg altijd, je probeert als een experiment. Want een experiment is wat vrij blijvende, dan vooral het je gedrachten veranderen. Want dat vinden mensen op zich ook weer vaak best bedreigend. Ja, natuurlijk. Probeerend is. Als je een echte manje werkt. Hoe dat voet. En even een heel andere vraag. Of heel anders, maar gereleerteerde vraag. Hoe vaak komen die disfunctieële angst op dit moment?
om mij een beel te krijgen. Ja, dat is wel schikbarend. Want ja, de zijfers verschillen een beetje, maar uiteindelijk is het toch wel zo dat één op de vijf Nederlanders wel echt een angst heeft in zijn over haar leven. En een angst die je echt belemert in je dagelijks leven. Het is niet gewoon een functionele angst of een angst die je belemert in je dagelijks leven. Maar dat kan uit één loopen van hoog tevresen, waar door je bijvoorbeeld niet naar de berg kan, of niet kan werken in een hoog gebouwd, tot een spinne angst of een honden voor bie, of een sociale angst, of paniek aanvallen, waar door je bijvoorbeeld niet in de trein durft of niet te vliegen. Maar één of de vijf Nederlanders heeft in de angst in zijn leven een angst gehad die dus echt behoorlijk belemert. Dat is echt veel. Ja, dat is heel veel. En is het dan ook zo dat het is toegenomen? Ik vind die cijfers altijd zo moeilijk te interpreteren. Ze zeggen dat ze ook jongeren zijn gestrester, depressiever en angstiger geworden. Hoe zie jij dat? Ja. Nou, onder jongeren wordt dat natuurlijk wel bijgehouden en gemeten. En tien jaar geleden was dat zo'n 20 procent. En nu, we zeggen, zo is dat eigenlijk al 35 procent van de jongeren die echt last hebben van angst en zombreheid. Dus wel die combinatie, die kan je ook niet helemaal uit elkaar halen, maar die hebben ook natuurlijk heel erg met elkaar te maken. Want als je niet meer werkt over aan het rijden, dan wordt je opgegeten met ook zomer. Dus dat heeft absoluut met elkaar te maken. Ja. En waar ligt dat aan aan? Dat jongeren dan zombreer en angstiger zijn geworden. Wat is daar de onderliggende horenzaak van? Of is het iets van alle tijden en praten we er nu meer over of metenweer, maar dat hoor je ook wel eens. Het is eigenlijk heel ingewikkeld. En want deels is het in het daad zo, denk ik, dat we er meer over praten. En praten is niet het kling misschien gek uit een mond van een psycholoog, maar praten is niet altijd goed. Nee, ik denk dat voor veel mensen even moeten uitleggen. Ja. En voor mij is er zo'n niet altijd slecht. Ja, want het kijk je, het idee is natuurlijk van ja, als je ergens mee zit, is er heel goed om daar veel over te praten. En of als iets heel vervelens is gebeurd, vanaf het idee nog dat het wegstopen van al die vervelende ervaringen en herinneringen eigenlijk heel slecht is. Dat is tot op zeker hoogte waar, omdat het eigenlijk een balans. Dus als er iets heel naars is gebeurd, is het helemaal niet per zijn goed om daar de hele dag en dag in dag uit. En normen bezig te zijn. Het is natuurlijk ook niet goed omdat helemaal weg te stoppen en dat daar nooit over te hebben. Dus het is eigenlijk altijd een balans van soms moet ik het er over hebben en er ook echt even bij stilstamer. Dan daarna is het ook altijd verstandig om te proberen om je dagelijks de dingen weer op te pakken en met andere dingen door te gaan. En je zal even af te leiden, omdat als je iets de hele tijd aan het geeft, wordt het ook als maar groter. Ja, ja. En dan gaat misschien je identiteit er ook mee verweven. Ja, dus dan wordt je angst, dat wij zo spreken. Dus dat zal wel is een deel zijn gevoeg kunnen zijn van dat het er zoveel over gaat, dat het ook wel wat gegroeid is. Dus de aandacht voor angst en somberheid. Ik bedoel er zit natuurlijk een hele goede kante aan, maar dat soms is het misschien een beetje doorgeslagen. Het wordt natuurlijk ook beter gemeten. Er zit ook minder taboe op, wat wel positief is. Dus waar vorige mensen zich misschien verschamden, denk ik dat wel steeds meer mensen durven te zeggen van "Gol ik voel me somber of angstig". Dus daardoor lijkt het ook als of het veel meer voorkomt, wel het misschien altijd als zo was, maar dat mensen de meer voor uitdurven te komen. Ja, en wat natuurlijk lastig is of het nou ook te maken heeft met omstandigheden. Kijk, wat het net over van wat zijn nou de pijlers van angst. Dus het overschatting van gevaar, overschatting van ernst en onderschatting van jezelf of van ieder geval de idee dat je zelf niet met het gevaar kan omgaan. Wij leven natuurlijk in een hele welvaarende samenleving. We hebben het met heel veel dingen die eigenlijk heel goed gaan. Wij zijn niet gewend om blootgesteld te worden aan ongedeerd, aan gebrek aan hiegje en. aan onlogen, in principe en zo voor het. Ja, het is heel veel gevaar, is juist heel ver weg. En om dat dat zo ver weg is, kan je je voorstellen dat het voor mensen heel moeilijk is om zich voor te stellen dat als dat gevaarde is, dat ze daarmee on kunnen gaan. Dus ja, dus dat is nog nooit geleerd. Dus als er klimaaterempie hier zijn en het overstromt en we hebben geen schoonwaart meer over komen amaziekten, hoe gaan we daarmee om? Hoe gaan we dat overleven? Z'n land hebt geleefd in situaties waar je dat gewend bent, dan is dat eigenlijk al gewone en dan kan je ook voorstellen dat je toch iets meer vertrouwen hebt dat je daarmee om kan gaan. Ja, dus ergens helpen tegenslagen of in aanraking komen met gevaar ook wel met hoe je dat vervolgens interpreteert en vooral hoe je zelf vertrouwen gaat. Ja, inschat hoe je daar zelf mee omgaat. Mensen verschillen daar natuurlijk in, de sommige mensen hebben van naturen iets meer vertrouwen dan andere. Dit is natuurlijk ook in dat is wel een van de redenen waarom in heel veel films en boeken en zeker ook in kinderfilms soms gegiezeld wordt. Dat zijn dingen die mis gaan of gevaren, want dat is een eigenlijk manieren om te leren om om te gaan met gevaar. Oh, dat heb ik er echt nooit erg gek. Dat wordt heel bewust, ook zo verwerkt in bijvoorbeeld in kinderboeken. Ja, dus het heeft eigenlijk wel een pedagogische functie, want ik heb me vanaf absoluut. Afgevraagd, waarom is het eigenlijk? Als ik zelf terug denk aan mijn kindertijd heb ik zo'n heelke gruelijke verhalen gelezen. Dat ik dat ik dan heel goed ben, nu niet eens meer te lezen. Maar blijkt waar, en het ben dus toch wel een beetje weerbaar gemaakt. Ja, als voor was het. Ja, tenzijd. En dat is natuurlijk altijd van. Kijk, sommige verhalen zijn eigenlijk voor sommige kinderen te en. Dus die hadden dat beter niet kunnen horen, want die kunnen dan al een angst ontwikkelen. Maar voor de meeste en voor het gemiddelde kind is dat dan eigenlijk wel heel functionerl. Want die leren dan door daarmee, door een beetje te gieselen en die angst te voelen. Maar dat toch behapbaar is, dan ontwikkelen je een soort vertrouw van ik kan met dat gevaar omgaan. En dat is natuurlijk een basis-leerproces, wat je ook weer kan gebruiken in andere situaties met andere gevaaren. Dat je dan vertrouw ontwikkeld van, ja, ik kan hier uit, het is niet leuk. Of het kan zelfs heel erg moeilijk zijn, maar ik kan hiermee omgaan. Dus jij is hoe meer we allerlei gevaarlijk in een angstige situaties uit de weg gaan, hoe minder we eigenlijk daarmee omleeren gaan. En dat leren verdragen en onze eigen angstreoxies leren verdragen. Dus misschien zijn we in deze generatie steeds verder daarvan afkomen te staan. Ja, daar is dat voorstellen. Ergens is dat mooi en ergens. Ja, het heeft een hele mooie kans, maar. Ja. En je vertelde net wel even, het kan dus ook in dit geval per kind. Dus verschillen en hoe ver je gevoelige band voor angsten. Wat maakt je kwetsbaar voor het ontwikkelen van zo'n disfunctionele angst? Dat is een genetische component, dat zie je eigenlijk al aan hele jonge kinderen en babygjes. Zommige babygjes en jonge kinderen zijn van naturen angstiger, een gerender. En daar zijn ook alle lijstesten voor, experimentjes. Je kan bijvoorbeeld baby's een kamertje zetten met een vreemde en daar kan je eigenlijk al zien dat babygjes daar heel verschillend op regeren, zommige babygjes. Klamper zich meteen vast aan het benen van hun vader of hun moeder. We andere zijn wat niet schieren. Die kijk af en toe wel om van iets mijn moeder of vader dan nog, maar die gaan toch die nieuwe omgeving helemaal exploreren. Ja. En daar is best veel onderzoek naar gedaan, was heel interessant omdat de mate, waarin kinderen, dat noemden ze een geïnibiert waren of angstig waren, is eigenlijk best een goeie verspeller voor hoe angstig ze later worden. Dus als je hier eigenlijk dat is een genetische component en dat zie je eigenlijk al heel vroeg in het gedrag. Zit er echt wel in gebakken? Zit er echt al wel een beetje in gebakken. Dannaast is het natuurlijk zo dat door ervaringen die dan als kind hebt, die kunnen heel erg vormend zijn. En daar wordt ook bij hoe je ouders zijn of die angstig zijn. Dus als je hele angstige ouders hebt, dan kan het ook zijn dat je dat gedrag toch een beetje gaat naaad doen en angstig wordt. En er is iets heel belangrijk, dat is dat sommige ouders over beschermend zijn. Dus dat komt dan wel voor het uitzicht mooi, hè. Je wil je kind beschermen. Maar dat over beschermende kan maken dat je kind eigenlijk angstig wordt. Dat is eigenlijk een gewikkelde interactie, want kinderen die angstig zijn, die doen eigenlijk een groter beroep op de bescherming van hun ouders. En van naturen reageerde daar natuurlijk op als ouder door je kind te beschermen. Maar daarmee leer je kind eigenlijk niet om zichzelf blot te stellen aan die situatie en het gevaar en aan die angst te leren, ja, dat je dat eigenlijk wel kan. En dus jij is door die over bescherming. Houd je niet alleen de angst in stijnen.
Maar maak je hem eigenlijk erger. -Ja. Dus dat is ook heel lastig. Want als je een betrokken ouder bent, dan is het gewoon bijna niet te doen. Spijnen niet te doen. -Om je kind, het is gespannen, gestressed of angstig te zien. En dan vervolgens dat niet voor het kind weg te nemen. Het voelt zo tegen intuitief, denk ik. -Wat is het voor veel mensen? Ja, dat is voor mij, voor jou, voor iedereen geldt dat. Maar je ondnemt dus eigenlijk, want jij schept dan die veiligheid, maar het kind leert niet dat het ook in veiligheid is als je niet inspreend als ouder. Ja. Dus bijvoorbeeld verlegen kinderen die dan de komen vrienden op een zoek. En sommige kinderen vinden dat leuk en die gaan naar die vreemde mensen toe. En die of die maak een praatje, een andere duiken helemaal achter. Je benk, klampers, zich vast. En. Nou, kijk, het is natuurlijk niet fijn voor een verlegen kind. Als dat hier ook wel eens gebeuren, dat zo'n ouder dan helemaal over die verlegen. en die angst heen wast en dat kinderen voeren drukden en zeggen zeven gedacht. Dat helpt niet. -Nee. Want dan kan het ook nog zijn dat er angst nog sterker wordt. Maar en die neering hebben natuurlijk ook veel ouders van komen hier het geeft niet. Het is goed, weet je, het zijn maar vrienden zeg maar. Ja, dan leert je kind ook niks. Dus eigenlijk is het dan zoeken van wat kan je kind aan en toch proberen om een klein stapje altijd richting. toch de toenaadering te zoeken en iedere keer misschien een stapje verder. Dat helpt omdat dan je kind kan ervaring. Oh ja, dus misschien toch iets minder en. en ik kan het wel. En dat is uit eigenlijk waar het vaak om gaat. Ik kan dit wel. Ja, en dus dan zou het kunnen zijn dat je als ouder meer begeleid in. de vraag hoe kan ik mijn kind helpen om het toch wel te kunnen. En te doen. In plaats van hoe kan ik de ziet de angst weg nemen? Dat zou je niet te doen moeten zijn. En dat is gewoon even omschakelen. Ja, oké. Dus we hebben dus die gene die gewoon een hul spelen in die kwetsbaarheid. We hebben vroeger ervaring, dus kan zijn dat een kind echt iets heel. en angst mee maakt en dat blijft dan natuurlijk omdat het al. en omdat het nog zo jong heeft en nog niet heel veel andere situaties heeft meegemaakt. Bijvoorbeeld met honden, een beetje een kind wordt gebeten. En dat is een van de eerste ervaringen dan prikt dat er best wel in. En dus ook de opvoetstel van de ouders. De zijn die over natuure angstigger maar ook regeren die weer op een angstig kind. door het over te beschermen. Ja. Oké. Maar uiteindelijk kun je zeggen dus als het gaat over echt angstorn is of dysfunctionele angstemen. dus die vragen ze nou hoe komt dat nou? Dat zomete mensen echt een verbied bijvoorbeeld ontwikkelen andere niet. Dus dat is in het dat een bepaalde kwetsbaarheid. En dan zijn er eigenlijk. worden er drie manieren onderscheiden. Dus of je hebt zelf een hele vervelende ervaring meegemaakt, wat je net zegt bijvoorbeeld gebeert door een hond. Maar er wordt ook heel veel geleerd door. een naar andere te kijken. Dus het observeren van angstig andere met name als die belangrijk voor je zijn. En ook door verhalen. En dat kan je ook weer verklaren met het feit dat wij zijn dus groepsdieren. En om dat mensen groepsdieren zijn. dus de groep is ontzettend belangrijk. Leren wij eigenlijk heel veel via verhalen en het kijken naar andere. En ook heel handig. Dat is hier vooral is geen andere informatie. Ja, dat is dus de handen van manier om te leren over wat is het belangrijk. Wat zijn de waarde? Ja, dus dat is een hele belangrijke manier van leren. Alleen met angst is het best omhandig. Want daardoor kan je eigenlijk best wel makkelijk ook een angst aan leren. En omdat angst weer overzo iets zignieve kans gaat, namelijk over gevaar. is dat dus eigenlijk een hele makkelijke manier om angst aan te leren. Ik is heel stommer. Ik zit nu in de enst komt in mijn oop de angst voor asielzoekers. Dat is dan denk ik toch ook voor over grote deel gepassudeerd op informatie die wij krijgen. En niet op basis van ervaring. Absoluut. Want de meeste mensen hebben volgens mij geen enkele ervaring met het contact met een asielzoekers. Maar lezen er dan iets over en de andere kaas is in de krant of cineriet over op het nieuws of. Zien ze over asielzoekers centraen en dat zijn vaak natuurlijk de negatieve dingen. Zor al, ik denk soms ook wel is, ik woon zelf in de Amsterdam. En ik ken mensen die gevlucht zijn en heel lang asielzoekers zijn geweest. En hier nu als ze al hebben gekregen die gewoon prachtig Nederland spreken. hele goede dingen doen en hier baan hebben hele leuke mensen zijn. Dus ik heb zelf die ervaring niet. Maar als ik alleen zou moeten afgaan op basis van de informatie zou ik daar ook veel banger van kunnen worden. Zeker. Zeker. Dus dat is wel interessant hoe dat dan gaat. En sommige politieke partij spelen daar natuurlijk dan ook op in, op die angst. Dus in die zinspilte angst ook een rol. Dus daar kan je gebruik van maken. Ja. Ja, wat dat net ook al even over, wat als je eigenlijk wordt gekapzen door je angst. en wordt gegeiseld door je vermeidingsgedrag. Ja. Wat kan je dan doen, zonder dat je met zijn hermstigeloog hoeft te gaan? Wat kan je zelf als eerste mee beginnen? Nou, begint er mee dat je realiseert dat wat je doet. En ik denk dat je daar op een van manier las van hebt. Dat het leven voor je al minder leukers dan zou kunnen zijn, of minder positief, of somp dat je somber bent en overgespannen en angstig. En dat is natuurlijk al heel belangrijk om daarbij stil te staan. Want er zijn ook voldoende mensen die daar toch de hele tijd overheen walsen. Ja. En dan, ja, mijn advies is altijd eerder om daar met vrienden over te praten, dan om het te naar de psycholog te gennen, van de heel veel. kan je eigenlijk best wel zelf oplossen. Het is natuurlijk afhankelijk van hoe ernstig het is. Hoe als je een ongelofelijk intensen angst leidt die al heel lang duurt, dan helpt praten met vrienden natuurlijk absoluut niet. Maar we hebben het nu meer over dat schemergebied tussen. ja, dat je niet goed in je fel zit, dat je vaak toch. te gestresd bent of tussen zomber. Nou, dat zijn in eerste instantie aanleidingen om een stil te staan bij God. Hoe leef ik eigenlijk wel doe ik eigenlijk zijn het dingen die ik wel zou willen doen, die ik niet doe. Hoe gaat het dat te eventueel van angst? Ja, hoe gaat het in mijn event? Hoe gaat het in mijn event? Angst zit daar in het aantend door de stilte staan bij de vermijdingkarden. Achterkomen, Godder zit eigenlijk een bepaalde onzekerheid of zorgachter. Dus mensen hoef het niet herkennen als angst, maar wel als iets van onzekerheid of zorg. Ja. En is daar ruimte om het een klein beetje anders te doen? En dan is de volgende stap eigenlijk wat heb ik nodig omdat wel te kunnen doen? Dat is eigenlijk een hele belangrijke vraag die je zelf kan stellen. Ja. En dat kan je dan op rijjes zetten, alleen of met iemand anders te bij die er daar mee kan brainstormen. En dat is gewoon letterlijk even op papier te zetten, bijvoorbeeld. Kan we ook? Ja. Maar en praten helpen ook wel, maar het is het beseffe toegeven. En dan die vraag te stellen wat heb ik nodig om het wel te kunnen doen, om het anders te kunnen doen. En dan dienen de antwoorden zich meestal best wel snel aan. Ja, en dat kan het best zijn. En je zeg ik heb eerst, heb ik even, heb ik iemand nodig een vriend die met meegaat bijvoorbeeld? Ja. Dus stelden je maar van. Ja, zet je. Ik kom te weinig, ik ga te weinig uit, ik ga te weinig doe ik mee aan het socialeven. Ik ga eigenlijk uit een soort onzekerheid te weinig naar een café of naar de film. Ja, als dat dan, dat is het opgemetje conclusie van dat je realiseerd ik ben best wel zombaar. Daar zit eigenlijk een bepaalde angst achterna, dan kan het best zijn dat je dan deelt met iemand waar je dat aan durft te delen. En dan aan die persoon ga je een keer met mij mee. En dat je ervan bewust bent dat dat ook nog steeds een soort van veiligheid gedrag is dat je eerst iemand mee moet nemen. Ja. Maar dat dat helemaal niet erg is, want dat helpt jou om niet rampen over te gaan. Precies, dat kan je dan laten. Eefste veel als dat. Ja. Fijn voelst kan je dat weer een beetje afbouden. Ja. En die zin je er ook weer opbouwd dat dat steeds wat spannender is dat je dat misschien een keer alleen gaat doen. En het zo in steeds moeilijke restapjes jezelf gaat uitdagen daarin. Ja. En ook voelt van 'i kan dit aan'. Precies, dat is dan natuurlijk het vertrouwen waar je kan opbouwd. Ja. En hoe kan de omgeving daarbij helpen? Wat is dan helpend? En wat is dan ook aan verrecht? Wat zijn er dingen die we soms wel als doen als omgeving die eigenlijk ja dan juist niet werken? Wel, dat net wel even over dat over beschermend zijn? Ja, dat zijn eigenlijk best veel dingen die wel uit een goed hard komen, maar die eigenlijk niet te helpen zijn. Die mensen doen als ze horen dat mensen bijvoorbeeld de angstig zijn. Dat is toch heel vaak gerustellen, het gevaar relativeren. En de doel is natuurlijk om die angst weg te nemen bij die andere persoon. Het is ook heel lief en goed bedoeld, maar het helpt is het niet. Nee, want het helpt misschien even als die persoon dat de persoon er dan even rustig is. Maar dat is eigenlijk ook vermeiding. Dus dat is eigenlijk niet anders dan het letterlijk als je een hondenphobie hebt naar de andere kant van de. Straat lopen. Dus je houdt uiteindelijk op de langere termijn toch die angst in stand, omdat je dus niet leert dat je het gevaar het hoofd kan bieden, dat je er mee om kan gaan. Ja. Dus het is eigenlijk veel helpend er om wat door te vragen waarbij je nou precies bang voor. En wat is eigenlijk het doemsnare, wat is nou eigenlijk het eerst? Wat er zou kunnen gebeuren, maar dat is heel vaak. De zit vaak nog iets ergens achter, nog iets ergens achter en daar lopen juist mensen voor weg. En door door te vragen en dan te bespreken hoe zou je daarmee om kunnen gaan. Dan kan je voorbeeld geven van andere die daar ook mee om te gaan. Dus waarom zou jij dat dan niet kunnen, dat je dan kunnen mensen inzien van ja, het is als dat en dat gebeurt, is dat natuurlijk vreeselijk misschien, of heel verdrietig, maar als het uit gaat met mijn relatie, of als ik voor een sollicitatige sprek die baan niet aangeboden krijg, of als ik me reik samen niet hou, allemaal hele vervelende situaties, maar niet het einde van de wereld. Daar kan ik wel mee om gaan. Ja. Eigenlijk wil je dus zeggen, stel je nou voor dat dat gebeurt. Hoe erg is dat dan? Die vraag wordt nauwelijks gesteld. Dus vaak als je dat gaat afragen dan denk je ja, het is heel vervelend, maar ik overleef dit ook wel weer, maar door die angst daarvoor jij zwerk kan afnemen. Dus dat door vragen dat is echt cruciaal. Nog andere dingen? Nou ja, en dus de andere personen kunnen ook vragen wat heb je nodig om het wel te duren, om het wel aan te gaan en eerst deel daarbij ondersteunen, waar we het net overhalden. En is er nou ook iets, als we het weer even brederd trekken naar het maatschappelijke? Zijn er dingen die we misschien als maatschappij doen, waardoor we met ze alle angstiger zijn dan we zouden oefen zijn? Kijk, er wordt natuurlijk heel veel gespeculeerd over de rol van internet en social media. En dat is heel moeilijk natuurlijk omdat dat kunnen we ook niet maar uitschakelijk en wat dat heeft betekent voor hoe we ons nu voelen. Dat weten we natuurlijk allemaal niet precies, maar wat natuurlijk wel heel duidelijk is, is dat je zeker als er te hebben ook over jongeren, waar natuurlijk groepsidentiteit, automatische belangrijke is en je dus ook de hele tijd, ja, je zelf kan toetsen van voldoel ik wel aan de groepsnormen en waarde, maar tegelijkertijd wil je dus ook weer onderscheiden en dat dat onderscheid en die ben ik en wat is mijn identiteit, denk ik te veel gaat over hoe goed je de dingen doet, dus echt heel erg over competitie en over prestaties. Ja. En ik denk te weinig over plezier maken en complexie en complexie in plezier maken doe je met elkaar? Ja, ik konnexi, mooie dingen samen doen die niet direct gaan over hoe goed je bent en hoe goed je scoort bijvoorbeeld. Dus ja, daar is denk ik wel wat te halen en dat begint eigenlijk al op de lagererschool. Hoe dan? Hoe zou het? Nou, daar is dat ook al heel goed. Er gaat het al behoorlijk ook over prestaties op toetsen en al heel vroeg en de vergelijking waar zit je in de normaal verdeling, in de rangorden van zitje bij het bovenste percentil of niet. Dus daar gaat heel veel over en dat is weer voor spellen voor welke school je daarna komt en ze voort. Ja, het wordt vanuit maar het is ook heel erg bekrachtig dat we in de vergelijkingstand zitten. Zouden we wat meer toemoeten naar hoe wordt je een zo leuk mogelijk mens en kun je zo lekker mogelijk in je veld zitten? Dat we daar meer en aardelijk ook moeten leggen? Ja, misschien nog wel meer leuk dan ja, want lekker in je veld is misschien wel ingewikkeld omdat wat geeft misschien ook nog wel een druk. Ja. En als plezier misschien een goede leider aard, want we kennen wel allemaal. Ja. Kijk, de eerste eerst denk ik dat er eigenlijk al zo over een land op de wereld, dus het mag wel iets meer gaan over de lollhappen en het leuk hebben met elkaar, want dat andere dat komt, dan hoef je niet zo veel voor te doen. Nee. Wat zijn nou jouw slotatvies zijn voor de mensen die nu leisteren? Nou zoek elkaar wat meer op, neem wel zorg van de andere serieus door dorthofragen, maar vergeet ook vooral niet om samen plezier te maken en lol te hebben, want de zier en dat samen leuk hebben, dat is een heel goed middel tegen angst en somberheid. Dat gaat ons houden, Miro. Gaat er lukkig voor deze mooie laatste worden. Dank je wel. ♫
Podcast Summary
Key Points:
Het boek 'Psychologie voor het echte leven' van Marissa van Herk-Sluis en Leonie van Dyke vertaalt psychologische inzichten naar de dagelijkse realiteit, met thema's als relaties, gewoontes, creativiteit en seksueel plezier.
Angst wordt besproken als een fundamentele emotie die ons helpt gevaar te herkennen en te overleven, zowel als individu als soort, en die veel gedrag onbewust stuurt.
Angst wordt disfunctioneel wanneer deze niet in verhouding staat tot het werkelijke gevaar, bijvoorbeeld bij overschatting van risico's of het gevoel het niet aan te kunnen, wat leidt tot vermijdingsgedrag.
Summary:
Het boek 'Psychologie voor het echte leven' is geschreven om psychologische inzichten uit de podcast 'Psigoloog' praktisch toepasbaar te maken in het dagelijks leven. Het behandelt thema's als relaties, gewoontes, creativiteit en concentratie, en is bedoeld voor wie zichzelf en anderen beter wil begrijpen in de rommelige werkelijkheid, niet alleen in theorie. In een aflevering over angst gaat Marissa in gesprek met hoogleraar klinische psychologie Merel Kindt.
Zij legt uit dat angst een cruciale overlevingsemotie is die ons helpt gevaar te herkennen en te vermijden, vaak zonder dat we het doorhebben. Zo sturen angsten voor de dood, afwijzing of verlies van veiligheid ons gedrag, van gezond eten tot het kopen van producten. Angst wordt pas problematisch wanneer deze disfunctioneel wordt: als de angstreactie niet in verhouding staat tot het werkelijke gevaar, bijvoorbeeld bij overschatting van risico's of het gevoel het niet aan te kunnen.
Dit leidt vaak tot vermijdingsgedrag, wat op korte termijn oplucht maar op lange termijn het probleem verergert. De kern van disfunctionele angst is dat men bang is voor de eigen angstreactie, zoals flauwvallen of gek worden.
FAQs
Het is een nieuw boek van Marissa van Hersluis en Leonie van Dyke, dat psychologische inzichten uit hun podcast vertaalt naar de dagelijkse realiteit, over onderwerpen als relaties, gewoontes en creativiteit.
Het boek is verkrijgbaar in de plaatselijke boekhandel of online te bestellen, bijvoorbeeld via de link in de shownotes van de podcast.
Angst helpt ons om gevaar te herkennen en te overleven, zowel als individu als soort, door signalen te geven dat er actie nodig is, zoals vluchten of vechten.
Angst wordt disfunctioneel als de reactie niet in verhouding staat tot het gevaar, bijvoorbeeld wanneer iemand de kans op gevaar overschat of denkt het niet aan te kunnen, wat leidt tot vermijdingsgedrag.
Angst beïnvloedt gedrag zoals gezond eten, vaccinaties nemen of sociale normen volgen, vaak onbewust, omdat het gericht is op het voorkomen van gevaar zoals de dood of afwijzing.
Acute angst is een directe reactie op nabij gevaar, zoals bijna aangereden worden, terwijl angst voor de toekomst abstracter is, zoals angst voor examens of veroudering, en leidt tot voorbereidend gedrag.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.