Go back

België #2: Namen

48m 29s

België #2: Namen

De podcast gaat in op de provincie Namur, een Franstalig en historisch rijk gebied in Wallonië. Het accent valt op de militaire en geschiedkundige betekenis van de stad Namur, met de citadel als centrale bepaling van de regio. De geschiedenis van de provincie wordt verbeeld vanaf de Romeinse tijd tot de 19e eeuw, waarin Namur een cruciale rol speelt in de strijd tegen Calvinisme en in de oorlog met Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De plaats wordt ook benoemd als een van de 7 Belgische martelaarsteden van 1914, met Dinal en Taminen als belangrijk voorbeelden. Natuurlijk wordt de natuur van de provincie, met name de lesse (die onder de grond stroomt) en de grotten van Han, uitgebreid besproken, met een verhaal over de ontdekking van de Neandertaler in Dinand. Cultureel wordt aandacht besteed aan de lokale tradities, zoals de steldlopers, de vorming van de saxofon door Adolfs Sachs en de traditionele beerbier Leffe. De provincie wordt gepresenteerd als een unieke mix van geschiedenis, natuur en cultuur, waarin de walen een sterke Belgse identiteit hebben. De podcast sluit af met een uitnodiging om een dag in Namur te doorleven, met een focus op de rivieren, de grotten en de lokale sfeer, en benadrukt dat het een van de mooiste en meest interessante delen van België is.

Transcription

8765 Words, 48376 Characters

Dutch
Misschien stap jij nu wel net in je auto. Auto aan. Jouw favoriete podcast aan. Welkom bij een nieuwe podcast. En grap. Op weg naar waar jij maar in wilt. Jij kist voor grap. Met je FBTO-autoverzekering weet je dat je goed zit. Check FBTO.nl. Jij kist. FBTO. He, maar dit is een herkendingsmeloadietje van een hele andere podcast. Toch, Chris. Ja, dit is de herkendingsmeloadietje van. Man met een microfoon. Precies. Een podcast, Chris. Zeg het maar. Ja, vol. Echte en bijna echt te verhalen. En wat is er nu bijvoorbeeld de laatste tijd in man met een microfoon te horen? Nou, verhalen rondom het bijzondere project een grote bruine envelop. En mini-romkomst. Dus luister naar man met een microfoon. Ozerdui dans le grond wat kastlas. Een province of deux rivières se retrouven sous les muren de citadel, la plusacierge de Europe. Oul les fraes de wepion parfum les marchen aboard de lameus. En o la capital de la Wallonie governe in toute discresie. De Felicien-Ropes, op kook de dienen, du confluant de la sembren en lameus okernaval et ocygagne de reen, ozerdui of opresant, namur, ben ik goed. Namen. Het grote achterland van namen is geen plek van grote namen. Je vindt hier met name kleine namen. Hoe wel dat voor dit stukje een aangename aanname is. Voor deze geluidsopname drinken we bier uit namen. Van een brouw rij die voornamelijk hard is gegroeid door een overname. Hopelijk lijkt die innamen niet tot veel gewichtstoen namen. Wat weer zo leiden tot een ziekenhuisopname en zenuwacht gewerkt. U hoort, we zijn vandaag in. Namur. Ja, de provincie namen. Ik had dat wel goed. Ik had het schrijven van de stuk in de daad. Bij sommige gemeent heb ik ook nog niet z'n heel veel gevoel. Nee, het snap ik. Ik had hier het laatste hoogstukken. Ik heb nu gewoon een makkelijke doet gekozen. Gewoon lekker vollebak op de woordgapje. Sonder iets over de houdelijk over de provincie. Ja, ik laat maar ook graag in houdelijk bijzpijker over deze provincie. Want het zijn er nog niet zoveel, moet ik jullie zeggen. En ik had de laatste hoogstukjes, kunst, keukens, sport. Dan zit je vaak toch wel even te wachten. Ja. Wat hier in de geschiedenis gebeurt is. Hoe spannend de politiek is. Daarom stek ik mij hem verdiepen. Nou, het is de filmen niet tegen eigenlijk. Gewest? Ja, geweest. Al moet ik wel bekennen. Ik weet nooit zo heel goed hoe de provincie namen zich begrenst. Dus ik kom veel naar Ardenne. Maar wanneer je dan precies de grens van Luik naar namen over gaat, heb ik vaak niet helemaal scherp. Maar ja, en hiervan rond is dat namen. Die namen wel eens geweest. Mooi gebied. Ja. Ja, zeker. Ja. Dus ja, ik weet ook wederom als ik op de west zit geen idee. Want de provincie grens wordt niet aangegeven op mijn navigatie. Ja. Maar ik weet wel zeker. Hiervan van één toeristische hotspel dat ik bij geweest. Maar dat kom ik straks op. Oké. Ik vond het onderzoek wel ingewikkeld. Want ook je hebt dan geen zoek op sportus België namen. Dan krijg je allemaal. Ja, niet meer erks. En ik heb hier natuurlijk niet vandaan. En ik kom er dus achter. Oké, voor de nieuwe luisteraars die we misschien toch weer hebben uit België. Hoi, wij zijn drie gelgraven. We doen ook een week onderzoek naar een andere provincie in het geval. Maar wat ik lastig vond, is dat ik er achterweg komen bij het onderzoek van deze aflevering. Hoe Nederland gericht alle onze bronne zijn. Dus van Wikipedia tot met Britannica tot met WDK. Overal als je iets zoekt met. Je moet bijna overal nog België of België zetten achterzetten. En als je meer bijna altijd in Nederlandheid. Ah, zo. Ja. Er had ik echt. Als je een provincie namen blaabelijk. Oké, overrijs zol dit en dat. Dit moet voor slamen, een heel irritant zijn. Ja, dat dacht ik dus wel. Ja, precies. Dat ik vanuit Nederland onderzoek heb gedaan. Of vanwege mijn kookies of vanwege mijn geschiedenis. Ja. Maar ik dacht wel, noem. Ja. Maar toch wel veel Nederlandstalige bronnen over zelfs zo'n welse provincie als namen. Ja. Dat zijn we niet gewend als we een aflevering van verchaat maken bevonden. Dat is ook wel weer even fijn. Ja, dat is ook niet toetalig. Misschien wel hondertalig. Nee, maar toch. Hé, voordat we ons helemaal in name verdiepen, eerst heeft het andere namen. Namelijk die van de nieuwe vrienden van de show van de afgelopen week. En dat zijn deze week. Dirk, Jan. Sander Verduin. Flores van de plas. Elmer La Feberhof en Rosalie Bakkersteeg. Weinig heel grafste namen. Ja. Maar dat geeft niet. We zijn onverminderd dankbaar. We zijn extreemd dankbaar dat wij het meden door jullie deze show kunnen maken. Dat zijn wij. En ja, dan kunnen wij een prachtige aflevering maken over de provincie die zichzelf noemt. Namoor. Gelegen aan de Franse grens. Dan Zuid-Oosten van Brussel, dan Zuid-Westen van Luik, dan Noord-Westen van Luxemburg. Dat bevindt zich dit territorium. En ken je dat kaartje van Houtenbeer Bedneber? Ja, zeker. De Frankrijk heeft zo'n kerstcentralen. Die hebben zich neergezet in een show. Heel smalvlubbitje Frankrijk, dat een alle kanten omringt wordt door de Belgische provincie namen. Ja, dat is echt perfecte plek voor allemaal shit die je eigenlijk niet in je eigen land wil hebben. Zoals een kerstcentralen of een brandkommijn. Ja. Daar moest ik echt meteen dan denk ik dat ik het kaartje zag van deze provincie. Goed. Hopelijk hebben ze niet te veel last van hun buur in het geval. Welne openvlakten zijn de vierde provincie van Belgien. Maar wel ongeveer een half mooie inwoners. Niet z'n heel veel. Hofstad is namen, Hofstad. Zelfde namen, namoordes. Namgever, zou je eigenlijk willen zeggen. Namengever, ja. Bezies, heel goed. Een andere steden, dinan. Waarom de stad ik wel? Stadje. Gewest is Wallonie, het algebiet de Frans. En de vlag is nog wel een gevaarlijke vlag, het mij vraagt. Net is de vlag van Rome, twee verticale halften, zwarte en rode. Wel mooi, ze hebben ook een wapenschild, z'n geel ding met z'n kronen en een leeuwerso. Maar daar staat een grote, diagonalen, rode streep doorheen. Als ze hem zelf gekijnt. Daar ga ik nog wel iets over uitwijs. Kijk aan. Oké, over deze vlag dan. Wat vinden we ervan? Ja, ik ben nijmegenaar, dus ik worden wel wel blij van de rode zwarte vlaggen. Zeker als je m'n kwartslag draait. Maar ja, het is dan mooire vlag op de afel van de andere Belgs provincie moet zeggen. Ik vind het wel zeker als een vlag zo'n heel simpel ontwerp heeft. Dus toch gaan we vooral kijken naar de kleurde combinatie. Dus uniek en zeker niet lelijk. Nee, nee, klopt. Ik ben dus gigantisch fan. Oh ja, ik vind het ook wel wat, eigenlijk. Oké, heel vaak heb je dus twee van die beetje van die net, ze hebben een geweldige kleur en een zo'n net niet kleur op wandcontrast. Dat is gewoon heel goed. En dit is gewoon rood en zwart. Als vlagge uitsmeten zouden zijn, dan kom je hier echt niet binnen. Oké, ze hebben een vlag van nijmegen ook de mooiste van Nederland. Nou, ik zeg, die zijn meteen de mooiste van Nederland. Maar ik vind het wel mooier dan al die standaardroot, wet met kruis en whatever. Dan moet jij zei, over die portier, die heel boosje aan kijkt door middel van deze vlag. Dat gevoel heb ik altijd ook een beetje bij de vlag van België als geheel. Ja, nou ja. Maar ik zal het met duizend stijst. Ja, maar dat is een broer te vlag. Ja, maar dat heb ik dus wel als je de vlag van namen zonder geheel naast die van België. Met geheel, nou, dat vind ik die van België als land toch wel veel mooier. Maar ik vind het precies ook dit geen onfel doen. Dus komen we gemiddeld richtingen zeven? Ah, ik geef dit al achter. Ja, maar gemiddeld dus. Ja, oké, dat ligt daar met jij gehetten. Als je naar de tijsprijze halken, wel weer een beetje naar beneden. Dus dan zeef je, vind ik prima. Je zet veel kritisch. Goed, het eerste hoofdstukje. Over de bevolking, de geschieden en de politiek van namen. Nou, namen is Franstalig. En dus spreken de mensen die er wonen. Belgiës, Franse. Nou, de Franse, die vinden dat de Belgen maar langzaam praten. En boven die een beetje een wat hoekig accent hebben. Maar voor de meeste Nederlanders zes er daar er wel beter te volgen dan de Franse dat zijn. Behalve als ze waals spreken. Want dat is echt iets anders. Waals is de belangrijkste strektaal in Wallonie. Naast bijvoorbeeld Picardis, welkein in Frankrijk wordt gesproken. En Champendua. Het is Champagne, Lorreins en Luxemburg. Dat heb ik allemaal in Wallonie gesproken. En het waals is de belangrijkste van die waalsen strektalen. Het wordt nog door een paar honderdduizend mensen gesproken. En namen ligt er ongeveer in het hart van dit taalgebied. Waals is net als het Franse, een galloromaanse taal of wel een oeil-taal. Oeil? Ja, oeil, o, i, met Dremel L. Dat is het taal, taal familie, de subfamilie. Maar het is wel eenertje met relatief veel germanse en zelfs keltigse invloeden. Meren dat ook staat altijd. Ja, dat zit er ook wel. En wat bijvoorbeeld bijzonder is dat ze de letter A met zo'n rondje erboven op gebruik. Zoals ook in Scandinavia. Oris? Ja, zou je zo nog meer accenten dan in het Franse vind je in de waalsen taal. Even wat verschillende om het aan te duiden. Bijvoorbeeld 'goeden dag' in het Franse, zeggen we dan, 'boszoeg' en in het waals is dat 'bonju'. Tot ziens, 'Ore waar' en een waal, die zegt dan 'arwee'. Oh, je weet je. Vaar wel, 'adieu' die er wordt. Ja, het wordt steeds extremer. Ja, maar we gaan voor de chat. Daar wonen de walen, maar die spreken maar in heel weinig getalen waals, want de meeste mensen spreken gewoon de Frans, dus ze zijn wel best wel gesfrans. Ja, maar het waals is dus echt een andere taal, dus noem het frans dat de walen spreken geen waals. Nee, oké, dat is echt iets anders. Dat even helder over de bevolking en hun talen. We gaan de geschiedenis in duik en voor de eerste geschiedenis schrijving over de regionale namen moeten terug naar Julius Caesar himself. In de Bello-Galico schreeft hij over de volkere die hier wonen, en vooral hoe hij die versloeg en hoe hij hun gebied bij het Romeinsrijk voegde. De stad namen stond bestond toen waarschijnlijk al en de plek werd ook al duizenden jaren bewond. Dat is heel logisch als je naar de topel kijkt, want in de stad namen komen de maas en de samen zamen en een hoge rots die maakt precies die plek goed te verdedigen. En de provincie namen is ook wat terecht vernoemd naar de stad, want deze stad is dus eigenlijk altijd de plek waar het te doen was in de Weiden omtrek, dus dus echt een soort stadstaat geweest. Na de Romeinse tijd werd namen en omstreken. We hebben het onderdeel van het Frankeese rijk, stond het gebied bekend als de Lommegouw en in de 10e eeuw naar Chris's ontstond hier het Graafschap namen. De Lommegouw, dat een heerlijke namen. Maar dan naden ze het Graafschap namen, 10e eeuw, dat werd een onderdeel van het heilige Romeinse rijk. En dit Graafschap was ietsje kleiner dan de huidige provincie, wij kunt wel zien als een voorloper ervan, maar het werd voorduren belaag door buuren die eigenlijk machtiger waren, zoals braband, heenigouwen, luik. En het Graafschap dat wistseld ook af en toe van eigenaar, bijvoorbeeld als de Graaf het gebied verkocht aan iemand anders. Zo kwam namen op een gegeven moment in Vlaamse handen. En daar dankt het ook die Vlaamse leeuw aan in het Wapen. En die rode band, waar mag het overhaald, die plaatsen eroverheen om het onderscheid aan te duiden. Dus het Wapen van de provincie lijkt daardoor op een soort verbotsport voor Vlaamen. Maar dat is het dus niet. Ja, het was in hem met een verteling, kom ik daar aan met de vlag. Ja, goed. Het is dus helaas geen protest tegen Vlaamse waarschijnverhoudingen. Dat was een mooi verhaal geweest. Bij een volgende verkoop belanden namen in Boergrondische handen. En werd het Graafschap in de 15e eeuw uiteindelijk onderdeel van de Habsburgse Nederlanden met kaal de Vijfde. En onder de Habsburgers groeide de stad namen uit tot een belangrijke militaresstad. Ze versterkte de verdedigingswerken op die ene rot. En het werd in die tijd gezien als een onnemenbare vestie. Nou, toen Philips II zijn vader kaal de Vijfde opvolgde in Spanje. En in de Nederlanden kreeg namen er ook een hele belangrijke religieuse functie bij. Leon, je hebt een vorige week in de aflevering Westvlaanderen of verteld. Philips II was nogal katholiek. Ja, dus namen werd ook een bestom in deze tijd. En het moest echt een katholiek bastion worden in de strijd tegen dat Calvinismen van die verrekte Hollanders. Hij versterkte ook die citadel nog verder. En namen werd de uitvalsbasis voor de Spaanse troepen in hun strijd tegen de opstandige Calvinistische Nederlanden. En het de stad vergeerde zelfs het tijd als hoofdstad van de Spaanse Nederlanden. Totdat Brussel werd herroverd op de opstand. Dus echt een belangrijke militaresstad in die tijd. Na het einde van de 80-jarige oorlog bleef namen net als de rest van België. Spaanse handen en het onafhankelijke Nederland had in die tijd de tijd van ze leven. Maar hier was het eigenlijk de hele tijd omelens. Die citadel die was blijkbaar gewild, want in 1692 veel Frankrijk binnen. Die maakte van de citadel zelfs de grootste van de wereld. Maar zelfs dat kon niet voorkomen dat een paar jaar later Nederland binnenviel. Toen weer Spanje, toen bijren. Ja wel, en gewooning van bijren is hier ook nog gewoon geweest. Dus dit gebied was eigenlijk de herde persoortuitraal tegen tussen de omliggende rijk. En uiteindelijk belandet naden vrede van Utrecht 1713 geloof ik. Belandet weer in Habsburg, ze handen. Dus er werden weer onderdeel van die Habsburg zuidelijke Nederland. Sajan de Tai had daarbij afgesproken dat de citadel in handen mag blijven van de Nederlandse republiek. En dat is het tijd bijna de hele 18e eeuw gebleven. Dus daar waren al die tijd Nederlandse soldaten geleegerd. Dat is het extraver dan. Ja, precies. Gewoon een soort legerbasen. Gewoon van de negen van negen van buiten. Ja, exact. Nou aan die situatie kwam als een einde in 1794. Wie viel je toen binnen? 1794, dan moet de verantwoordingen zitten. Vlak naar de verantwoordingen. Dat betekent ook het officiële einde van het grafschap namen. Dat had al die tijd nog staan, was dat het overgaan een andere handen. Het was er nog wel. En de regio werd in die tijd van Napoleon en het onderdeel van het Franse departement Sambur en Maas. Vanomd naar de twee rivieren. Kan ze lekker over elkaar zetraal het bouwen? Ja, precies. Toen nog neerd niet, maar. In 1814, toen werden de Franse hier weer verjaagt. En bij het Congres van Wene, na de hand, toen werden de Zuidelijk en de Nordelijke Nederlanden samengevoegd tot een land zoals we weten. En op dat moment werd namen ook een provincie en kreeg het de grenzen die het nu heeft. Dus de provincie namen, zoals we in die nu kennen, is eigenlijk ontstaan in het verenigde Nederland van begint 19 eeuw. Nou, dat heel lang is het niet onderdeel geweest van vreemdig Nederland, want zoals we weten, in 1830 keren we de Belgische Revolutie. En de citadel van namen, nog steedsens belar ik bent, die veel altijd snel in handen van de opstandelingen. Je zou dus kunnen zeggen dat de Belgische Victoria onder andere begonnen in namen. Dus dit is namen 1 van de 10 Belgische provincies. En in de 20e eeuw lacht het gebied tot tweaker toe op de route van de Duitsers naar Frankrijk. En dat heeft het ook wel geweld. In 1914 hebben de Franse de Duitsers op maar zijn tijdje tegenhouden bij het stadje Dinal. En toen die stad in Duitsers handen veel, toen hebben de Duitsers honderden inwoners geexcuteerd. Als vraag voor de opgelopen vertraging. Ook veel ouderen, vrouwen en kinderen, dus ook gewoon mensen die niet konden verchten. En dit maakt Dinal 1 van de 7 Belgische martelaarsteden. Ik had er nooit vergoord, maar dit is een ding in Belgien. Dat zijn 7 steden waar de Duitsers in augustus en september 1914 dit soort gruwelijkheden begraan. Tuchblik naar vorige week dat we afleveringen maakten over Westflaanderen en we terechtzijden dat de eerste wereldoorlog in Nederland bezig moeilijk te begrijpen is er van ieder geval. Je kunt er moeilijk bij, omdat er bij ons ook niets heel veel fysieke gedengdeken zijn aan die oorlog, want ja wel als succesvolle neutrale gebleven. Maar hier is het natuurlijk heel anders. En dan mis je dus zo'n martelaarstast. Ja, het is zo'n elke Belg waarschijnlijk kent. Ja, Dinal was te zo entje. De lager in de provincie namen nog eentje, namelijk Taminen, een van die andere 7 martelaars steden. Daar hebben de Duitsers 650 burgers als leven schild gebruikt bij het oversteeken van de Sambar. Meer dan de helft van die mensen stier. Hoe die shit. Ja, echt heel bizarre. De tweede wereldoorlog was Dinal Weer last gehobbel voor de Duitsers, want de brug over de maas werd net op tijd opgeblasen, vlak voor dat er in Rommel daar overheen kon, met zijn. Ik denk dat ze zien. Dus nog niet, hoe is dat eigenlijk? Dus de Duitsers werden hier dagenlang vertraagd. Dus allemaal het al concluderend, namen heeft door de eeuwenheen best een interessante militaire gezienes beleefd, door de citadel maar ook door de. ook in de twintigste eeuw, door gewoon de lichting als overloopgebied, dus dan krijg ik een Duitsland. En politiek opzicht is de stad namen, de hoofdstad van Wallonie. Ja, had ik eigenlijk ook niet zo scherp. Nee, ik heb ook geen idee waarbij ook achterkomen met dit onderzoekje. Ja, hier zit dus ook een bestuurcentrum. Hier zit het waalsparlement. Ja. Van origine heeft de provincie een centrum linksen, zinjature, maar de laatste jaren zijn centrum rechtspartijen in Wallonie wel een beetje in opkomst. Maar heel op fallend in namen, maar ook eigenlijk in de heel Wallonie, het rechtspopulisme, krijgt hier maar heel moeilijk voet aan de golf, waarlijk gewoon helemaal niet. Dus even een weinige plekken in Europa, waar deze brede trend met de PVV, de AFD, etc. Gewoon gewoon niet lijkt te werken. Is dat omdat we voor de rest in België dit in sinds hand in hand gaat met vlaamsnussiness? Ja, want in vlaadrapje dit inderdaad wel. Ja. Ik weet niet precies waarom dit is, dus wel een heel veel besproken tema onder politico-logen, waarom dit precies wist. Dus misschien dat we bij een andere provincie nog meer tijd hebben om hier even wat verder in te. Ik ga hier zeker nog een keer inderdaad. Hey, hier in de provincie namen gebeurt iets funda mentales. Hier komt namelijk de maasbelgier binnen. Die gaan we voor dit hoofdstikje even volgen, die strand. Want ik kom binnen in Ajimou. Eerst de zij riviertje al te tegenkomen, is de lesse. Daar pak we even de Kayak. Heel mooi riviertje, dat is. Ja, dat is niet de enig die dit vindt, want het is een van de meest be Kayak te rivieren van België. Be Kayak te rivieren? Ja zeker, dat je dit bevoegelijk namen wordt durftig gebruiken. Ja, dat is gewoon be Kayak. Ja, heel goed. Het is zelf zo druk dat het kayakfilis zijn op mooie zomerdagen van zo'n 2.000 kayaks op de lesse tegelijk. Ik kan zo zes duizend uitleggen bij de oer te verwachten. Ja, maar het werkt gewoon goed. Ik vind ook allemaal artikelen op de morgen en zo en standaard waarin stond van je ondernemers die aan te klagen waren en zo'n mens die zei 'ie ai-kamaan jongens. Eerlijk? - We hebben wel eens voor ons plezier in een kayakfilis gelegen en dan van die rubberbootjes op de uitzegrachten. Als je dit goed aanpakkt, is het de gezelligste vrijdagmiddagbal die je kan krijgen. O, het houdt deze gedachten, dat ik om hier straks op te breng. Oh, inderdaad is boos. - Nee, maar het is met met je eens, hè. Ik kijk eens wel anders, hè, want in de Ardenne natuurlijk waar we zitten. Is het wel een ander vrouw in de kayak, dus het zit dan gewoon dopor op een boodje op de pilsje. Je handelt de uitzegrachten. - Ja. Maar dat is niet te win. - Ik ga hem vast. Ja, hebben ze die ook nog wel je idee van. Nou heb je wel ingebrok en kan ik met mooie woordgapje van lesse ismor niet meer maken, maar bij deze als nog, want ze zit er vol. Vlak voor het dorpje handschulessen verdwijnt de lesse in een chantwaar. Moet je wel goed? - Nee. Vorige aflevering gaan we het over hoe water en de rivier ontspringt uit een bron, uit het niets. Ja, uit de grond. - Nu een chantwaar is iets waar het water naar binnen gaat, even dwijnt. Nederlandse woord van chantwaar is ook verdwijnt gehad. Oké, veel leuke woord. - Laat het niks aan de verbildingen ook. En dan stramt die de lesse van de grond. - En dan gaat het dan heem ons breet. Elf honderd mee te onder de grond en komt dan 20 uur later weer boven. Nee, wow, maar dit is natuurlijk dus. - Ja, en dit gaat door allemaal. Er gaat hele traag. Dat komt omdat je een hele smalig goordel van kalksteenheuvels hebt. Luisteraars kalksteen is ons feit. Kaste en allerlei grotte die eruit gehouden worden, zorgt er wel voor dat je iets mooi krijgt. En die kalksteenheuvels is onderde van een groter gebied in België. Het is eigenlijk een smalig, best wel onopvallende strook. Die loopt als een soort natuurlijk ruggegraad door Wallonia heen. Dat noemen we de callestien. Het is eigenlijk een soort grens, een tenoorde lichte kondros. En de kondros is een soort België die er genoven leegte. Denk heel veel landbouwgrond, verspreiden dorp, heel weinig mensen, dat soort dingen. En te zijden heb je de Ardennen. En die kalksteenhebans, die ligt daar dus precies tussen. En als water daar eeuwenlang door heenstroop, dan krijg je niet z'n soort klof. Maar dan krijg je dus alles wat het waterlinks er rechts oplost, heel mooi gesteent. Stalig mieten, stalig tieten, dat soort dingen grotten. En grotten. En dus ook even de grootste grotten stels als van Europa, namelijk de grotten van Han. Ja, ja. Dat is hier. Ja, maar dit is dus precies de grotten van Han. Dus dus precies ervoorbal, ik wist dat dit in Ardennen lag. Maar als je maat vertelde dat dit in de provincie Luxemburg of Luik had gelegen, had ik dit ook wel zo. Ja, dit is dus het voorbeeld dat ik net aan jullie wil er zeggen, zijn jullie er geweest, geen idee. Totdat ik wist dat de grotten van Han hier waren, toen was dit het zeker. Ja, een back-in-de-day, een grotten van Han en een water van Han, een ko, die water van Liggetrouw is niet hier, maar goed. Het is dus echt ook echt een gigantische turistische trekpleiste, die grotten van Han. Als sinds de 19e eeuw, dat komt door een baron Edward de Spandel. Hij ging die grotten in, maar die diept in en hij wilde dat natuurvonden delen met de rest van de wereld. En zo heeft hij ervoor gezorg dat dit eerste turistische attractie van België was. Kijk eens. En zelfs even de vroegste ter wereld. Vindt wel een leuke parallel dat we heel vaak gaan teruggaan op het begin van het turisme in België. Ja, vorig jaar laten we dit er vervast. Ja, de turisme en grotten, de turisme, let's go. Ja, we krijgen ook nog spa en zo met de kuur, de turisme. Ja, familieën, maar goed, we waren af. We moeten weer terug, de maas op, dus we nemen even de lesse terug en we nemen de maas door naar Dinand. We hebben het de net aan tijdje over gehad, het is niet de Dinand van Keen, maar wel dat van Edward du pont. Neugd in de eeuwse belgische geoloog, paleontoloog en prehistorikers. Hij vond bij Dinand in 1866 een kak van wat later bleek van de Neandertaler. En die vondt die zorgt verflinkt wat hybel in de weetschappelijke wereld en ook in de ontdekingsgeschiednis van de Neandertaler. Want hierdoor kombewezen worden dat de Neandertaler in de daad prehistorisch was. Nou, hele grote discussies natuurlijk, dus die waren dus ook hier geweest in West-Europa. En als je Dinand binnenkomt, dan moet je even mogelijk kijken naar die citadel, dat die is echt brachtig. Bovormige klocktoren, de collegaalig kerk, gebouwd in maasgrotische stel. Oké, geweldig voor het stel, maar het plaatte tijd aan duiding. Ik zonder ik kerk. - Ja, ik ga er wel goed op. Nou, als je die citadel ziet, gaat er even heen met de kabelbaantje of als je zin hebt via 408 treden. Want hij ligt boven op een kalkstene muur, het is echt zo'n heerlijk dramatisch ansicht van de stad. Nou, dit ligt heel spakt te klartig. - Rachtig, geloof ik wel. Ja, je hebt hier ook rots bijjaar, een menier, dat ik even alleen kijk van obliks, ik kan het. Dat is een rots, die staat dus los van die muur. En de mieten is dat de ross bijjaart, dat is ook wel zo'n volkloristische faabeldeer uitheen gouwen. Die was hier op de vlucht, voorkaar de vijfd, en die beugde zo door die muur heen, dat die een 2.7 meter brede doorgang maakten, dat je dus links die manier had en rechts die kalkstene muur, is natuurlijk een faabeldeertje, want in het echt waren het de ingenieurs van zonne koning Lodenwijk de 14e, die hier een doorgang doorbeukt, omdat ze makkelijker naar de stad wilden. Goed, Dinaant wordt dochter van de maas genoemd en Max, kijk nog in dat ik, ja, vroeg om die fillen op het water te herinneren. Dat hebben ze hier, alleen dan in de vorm van de badkuipe race. Elke jaar, 15 nog gisteren, hondere, versierde badkuipe, in het thema van dat jaar over de maas. Ik ben hier bij Paardin. - Ik heb de foto's zien en films gezien. Echt, wat je een dag gaat doen in deze provincie, dit. Zerreus, dat is geweldig. - Alles wat sfeer is leuker als je dat op het watert. Ja, echt. - Ja. Maar je kan niet bij elkaar komen, maar toch er wel. Je moet een beetje je best doen, dat is echt een citerie. En beetje doorgeven, gewoon van bood naar bood naar bood, met de talen wildvreden. En ze doen een beste op het versieren van die dingen, op het thema van dat jaar. Dit lijkt me ook zoveel leuke dat zo'n optocht met Karnival. De deze rektevkatie mag jij pakken. - Ja, dat duurt me ook niet aan de brug. We gaan weer terug de maas op, want we moeten verder drijven. Op een gegeven moment komen we de samen met die samber. Ik dacht die naam ken ik ergens van. Dus de grootste afdaging van de maas. Maar ze ook bekend van een geweldig frans Belgisch misdaadraam, met dezelfde naam. Dus mocht die niet in het kunst overstukje zitten, hebben we allemaal vast even genoemd. Dus de samberen in het frans, als je dat misschien meer zegt. Zambra en de muizen. - Zambra en de maas. Maar goed, we komen hier dus inderdaad bij de naam geven van de provincie. En dus de hoofdstad van Wallonie, namen. Het plek van de citadel, de bel voor, de catadraal en van de melon en de afresse. Namelijk de Stadse melons en de Omenlandse afresse. De naamse stelt kampers, die liest ik ze in de glaadraad te kijken, dit zijn dus groepen. Die aan de ene kant op giel zwarte tegen roodwitte stelten, vechten. Op die auto-units. - Oké, zo'n zwert die kaal landsgevecht. Wat is dat? - Ja, dat is wel letterlijk in wat het is. Sinds 14-11 werd hij van deze twee groepen steldlopers met elkaar. En ze hebben flink publiek gehad, komt die Philips de goede, Karel de Vijden, Lodenwijk de 14e, Napoleon, Willem van Oranje. Allemaal hebben ze deze steldlopergevechten bij gewoond en namen. Huis slaap ik waarom iedereen rond 1700 deze stad wil hebben. Ja, dit is gewoon heel goed. Het schijnt dus ook. De geen die het hartstum heeft gelachen en er blijkt bij helemaal inbleven, was het zaar beter de grote. Echt? - Ja. De blijkbaar gezienen die voelt het zo geweldig, volgens volgens de schriften. Nou goed, het werd over het ooit bijna volledig afgeschaft. Want toen koning leopelde de eerste en zijn gevolg. Daarheen kwamen er zoveel spietje aan het geven waren, waarin die steldlopers ondertussen het pils aan talen. Ze waren gewoon volle bak aan pintemannen. Het was zo dronken dat dat hele voorstaal wel nergens meer op slug. Toen ik die koning leopelde gezet, misschien moeten we dit maar gewoon afschaffen. Het is gelukkig niet gebeurd. Nee, dit moet blijven bestaan. Nou goed, hoeft dat van het was parlement dus? Als we zijden geeft mij genoeg haakje om even kort het economische verhaal van walonien uit te leggen. Ook nog? Ja, ook nog. Wat dan hebben we daar niet even een goed starksgroot van voor de rest van de provincies? Ja. Want in de 19e en de vroeg 20e eeuw was walonien de motor van dit hele gebied. Stinkhol, staal, zware industrie, langs de sambre, langs de maas. Het was even de vroegstig industrialiseerde regio's van heel mainland Europa. Vanaf de jaren '68 sloeg dat om in het via het bekende recepten, meinsluitingen, staalkriezes, herstructuringen, dat soort dingen, en hier ging walonien bijna aan te onder. Hoge werkloosheid, lagen economische groei, nou je kunt uitdenken wat er meer gebeurt. In de tussen tijd kon vlaanderen enorm bloeien, vanwege export, vanwege de havens en de conductie met de schelden en de zee. En daardoor hebben we nog steeds heel veel vlamingen bezon eenzijdig economisch beeld van walonien, al dan niet terecht. Daar ga ik nu even in, want welke parameter je ook handeert, walonien presteert slechter dan vlaanderen, werkgelegenheid, werkloosheid, aantal werkende armoede risico. Overal doet walonien het slechte van vlaanderen, maar ze zijn wel bezig met een kleine opmars. Met bombardie lanseerde de wasgering 20 jaar geleden het Marshallplan voor walonien. We zitten inmiddels op versie 4.0 en inmiddels lijkt de waarsen economie op een beetje andere ouwe crimbregeo economie die lasten begraad van de fossiele ineens doortingen. Denk Manchester Liverpool, Baskeland bijvoorbeeld waar we het laten hebben. Hoe hergebeerd in het aard. En het beeld is dus minder somber dan het cliché, dat Marshallplan zet heel bewust in innovatie, biotechnologie, forma, luchtvaart logistiek, groene technologie, kijk ze zijn er nog lang niet, zeker niet even gelijk tot vlaanderen, maar ze zetten flinke stappen. Ja, wat goed, wat fijn dat het niet steeds verder al elkaar draaft. Nou, exact. Waalersvrigging en ook de Europese Unie moeten ook zeggen die zorgen er wel voor dat daar niet voor een knakjes voor zijn. Dat gezegd hebben er zijn er wel gewoon een paar clichés wel waar dus die wil ik nog even als te slotten hem het jullie opzommen. Wale spreken minder Nederlandst dan vlamingen Frans breken. Ja, dat is wel een ding. In Belonia wordt er meer gestaakt dan er vlaanderen. Maar is dat nou vandaar? Ja. In Hupen, Frankrijk. Wale zijn relatief armor maar de status tegenover en dit was voor mij wel nieuws. Wale zijn dus meer bereid om meer en langer te werken. En wat ik interessant vind dit is voor ons podcast heel boeiend. Wale voelen zich meer belg dan vlamingen. Die voelen zich weer vlamen is. Ja, dat snap ik wel. Maar dat snap ik in dit adem. Zou het uitorianen voelen zich ook veel meer uitorianen dan nooit u termen? Ja, is dat zo? Ja. Ja, ja. Nou, dat is het ding zijn zo grappig. Nou, moet het me een ander als je kunt zijn. Nee, je ziet ook in. Als je in Valonia fiets bijvoorbeeld, dan zie je overal belgse vlag. Ga je een vlaanderen fietsen, zie je alleen maar vlaamsvlag. Ja. Dat is heel duidelijk. Maar eigenlijk is het ontzettend snel voor die walen. Die zijn inderdaad wat je zegt, de hele 18e-19 de deurmotor van de economie geweest toen in vlaanderen iedereen om de houdtje moest bijten. En nu zijn ze het kind van de rekeningen. Nou, ze zijn niet meer nodig. Nee, nee. En dat was toch ook. Ik kan me nog herinderen die aflevering over België die we gehad hebben toen werd ik het sporthoofstuk bij de hout. En dan moest ik het over wielrennen gaan hebben. Ja, dat was leuk. Ja, ik weet net hoe je fiets schrijft, zeg maar. Dat de hele geschiedenis van wielrennen in België ook minnef meer begonnen is in Walonium. Dat is daar toen heel rijkbaar. Ja. En vlaanderen nog lang niet. En dat is daarna een beetje daarheen gegaan. Waar ik je dat die fietsen van gemaakt werden. Waar ik je dat die ingedien hadden vandaag. Exact, exact. Ja. Nou goed. We gaan voor het eind van het hoofdstukje stapweren even in ons bootje. Varen we zo richting luik, de maas af, richting het kunsthoofstukje. Léon, zijn we dan in het kunsthoofstukje. De transitie is gemaakt en laat ik beginnen met een naam uit namen die ik niet kende. Felicijn Robst. Ja, zeg maar ook niks. Nogal een bijzondere kunstenaar, noem een schilder, illustrator, caricaturist. In de tweede helft van de 19e eeuw. Dit was een tijd waarin de wereld heel snel veranderd. We hebben het gehoord industrialisatie kwam op de betekering. Ook dat de verhoudingen tussen mensen niet meer dezelfde waren, had ook invloed op de relatie tussen mannen vrouw. Maar kunst was er best een braaf. En drie keer rade wie daar kort met de meeging maken. Dus ja. Felicijn Robst. Hij werkte wel vooral vanuit Parijs en was ook helemaal niet op zoek naar beroomtijd. Maar kreeg dat uiteindelijk dus toch, want ja, je kon hem niet missen. Je kunt zijn werk categoriseren als satirisch, satanisch en pornograafisch. Oké, dat. Vorbeelden zijn. Een man verkleed als duivel die op een stoertje zit toe te kijken het wel een naakte vrouwen hemte aan het veruitrekt. De heilige Theresa, die met een deel door in de wereld is in de hoekje van de kamer. En pornogratis. Een geblindoek te naakte vrouwen met netkouzen die een varken uitlaat aan een halsband. Een fem fatale, dus de touwtje stevig in handen heeft. En die man is natuurlijk het varken. En varken heeft dus ergens ook wel weer de leiding omdat zij geblindoekt is. En zo speelt u de steeds met onderlingen relatie. En je hebt echt een goed gediep daist in deze kunstenaar. Ja, ik hoop maar ook dat als jullie nu een beeld vormen van wat ik net vertel, dat ik maar een beetje lijkt op hoe het recht uit zit. Dat zit jullie zometeen aan het te zien. Maar goed, hij heeft ook wel veel minder uitgesproken werk, maar je kunt je dus wel voorstellen dat de boel hiermee aardig werd opgeschut. Ja. Het klinkt niets, maar weet dat hij jaren 70 van de 19e eeuw de best betaalde illustrator van Parijs was. Oh, oké. Maateloos populair, dus zo niets was hij niet. In namens staat ook het museevilicengrobs. Helemaal gewijd aan zijn werk. Dus is dit je ding of begon benieuwd? Ja, ik kan mijn bal voorstellen. Ga daarheen. Dan over naar die naam. Als je daar ontloopt, zie je nog iets kunstzinners. Uw, wat zie je daar? Ja, je struikelt over de saxophots. Lijken we wel ingewikkelde dingen om over te struiken, het draait. Maar ik wam daar dus, en ik dacht, oké, Lijp is hier in een van de jazzfestival gaan, ofzo. Dan kom er na de hand achter, dat dat een hele andere reden heeft. En dat was de reden dat in 1814 hier iemand geboren werd. En zijn naam was Adolfs Sachs. Uit vindt er van de Sachsephone. Ja. Hoe goed het is. Hoe blij zijn wij dat hij Sachs heeft. Ja, wat Sachsephone klinkt dus een klok? Ja, ik vind het fantastisch. Fantastisch mooi. Ja, ik bedoel anders had hij noordman ook gewoon moeten heeft. Boelen gewoon. Dat is toch net anders. Goed zijn levenzaal is nog van een wilde rit. En ik heb hier schaam te loos geplukt van zijn Wikipedia. Want ik voelde verder weinig behoefte om het uit te zoeken, dat ze je begrijp als je dit hoort. Zijn moeder noemde hem wat het lerevenal de teruggekeerde. Want hij was zo een beetje altijd in levensgevaar. Hij maakte het overgeznieuwst een bond als zijn tien broertjes en zussjes. Want daarvan werden er maar drie ouders dan 25. Oh. Maar hij zelf veel van de trapte die twee was lachen weken komen. Hij drunk in het atelier van zijn vader en glas sinkselvaat. Dacht dat het melk was. Vergifte zichzelf prongelijk ook met arsenicum, koper-oxide en loodwit. Slikte ooit een naalt in. Liebheven gebrand wanden op. Wet door het atelier van zijn vader geblasen door een buskuit omploffing. Belanden ook nog eens een coma omdat er een dakpaal op zijn hoofd is gevallen. En hij is ooit gered door een molenaar toen hij bewusteloos in een rivierde geeft. Wat is dit voor geen pool? Ik snap wel dat er maar drie van de broertjes zutjes van wassen tegenwoorden. Maar toch heeft hij het overleefd en anders hadden we de saxophone misschien ook nooit anmoet. Zeg maar, hadden we dit nodig om de saxophone uit te vinden. Ja, dat is super power. Dat viel van mij. Hij zat vooral altijd met muziekinstrumenten te peelen en hij heeft ook heel veel instrumenten verbeterd tot de versies die we niet kunnen. Dus de busk lag in net is bijvoorbeeld gebaseerd op zijn ontwerp. En in 1841 was daar natuurlijk een heel nieuw instrument de saxophone. Hij deed mee aan een ontwerpwestruid, maar ik krijg geen prijs omdat hij die jong was. En toen is hij uit protestbaar gewoon vertrokken naar parijs. En hij kreeg het Franse leger daar zo ver dat zij zijn saxophone misschien weer toevoegen aan de standaard uitrusting van Militere Bands. Dat heb je best wel een flinke overedingskracht nodig trouwens. Ja, maar dan ben je wel meteen een situatie meteen gevraagd. Dat is dus wel echt een vliegwiel voor je career. Ja, afname, prima. Maar op een gegeven moment bestoot het leger dat dat wel weer klaar was en ging hij dus ook meteen vergeten. Dus zo was het ook weer. Ja. Toen kwam de polion, de derde en die voorde het weer in. En toen bluede hij er ook dus ook weer op. En toen kwam de Franse luidse oorlog en toen was het ook weer gedaan met de vraag. En geen definitief vergeten. Dus deze man zat niet zo lekker in zijn konjunktuur. Maar even, hij was uit de bodepolist op de saxophone. Ja, dat op een moment dat mensen rijden. Even een saxophone, ik moet dat werk gek, ik moet al die dingen geknutselen. Als een dolle. Want hij had er ook best al veel. En toen die verhet ging, toen moest hij dus de persoonlijke collectie van 467 instrumenten verkopen. En leef ze die vooral van zijn baan als muzikaal director van de opera. Oké. Dus dat was hij dat ook al weer. Maar goed, in 2005 belanden hij in de top 20 van de flamse en de waalse verkiezingen, van grootste belg. Ik heb hier zo heerlijk belgiën dat dat dus twee verschillende verkiezingen zijn. Ja, makes sense, toch? Makes sense. Maar je kunt dus nu een tour door Dinan lopen en die heet? The saxo tour, sax in de city. Oh cool. Moeia. Dus laten we voor de sfeer even een stukje draaien en dan kan ik natuurlijk niet van hem doen. Want ja, bezor uit. Dus wat kan ik beter draaien dan de apische saxophone solo van Born to Run van the Boat? Eerlijk, saxophone is één van de beste instrumenten. Oh, hier zijn we natuurlijk nu heel benieuwd naar. Wat vindt jij van de saxophone? Als je je de piano over schatvond en jij wel een sterk meening hebt over dit soort dingen over het algemeen? Ja, nee, ik vind de saxophone echt een waarschijnlijk mooie instrument. Wat is je favoriete saxophone solo? Prouw. Daar ga ik toch, denk ik, naar het Eurovision Festival hoofdstukje van Transnistrie. Is je wat er mij is? Ja, ik ga hem draaien gewoon in jouw oost. Kom maar. Ja, hij is smerland. Dit is toch fantastisch. Ja, dat is een mooie. Dus moeier dan wat makkelijk door. Ja, echt absoluut. Oké, ga ik nu naar huis. Doe je? Maak je dit keukenhoofd? Nee, gaap je. Komt die. Kwaak keuken hebben we het in de aflevering België uitgebreid gehad over de uitvinging van Friet. Hoeveel ik gelukkig niet over te doen, maar dat was dus hier. Oh, dat was Friet uit namen. Nou, als je jouw hoofdtuk geloofd, in de aflevering, weet ik niet of je dat nog weet. Maar is dat volgens de overlevering Friet geboren is in België en dus ook hier in de provincie namen? Oké. Maar dat was het wel. Dus vanaf. Dus, wil jij hier nog meer over weten? Nou, ik zit meer te denken kijken. En de provincie die namen heet. Waar we net de sax hebben gehad, die iets heeft vernoemd naar zichzelf. Ja. En dan is het wel gezonde dat ze dus niet de Friet of de patatten hebben vernoemd naar een plek in namen. Ja. Sterken nog. Wij kunnen het zelfs hier in Nederland niet eens eten eens worden over de namen van Friet. Ja. Nou, België. De namen. Noi. Er zijn tien Friet of tien patatten truis. Nou, hier toch mee bezig zijn. Ik ben 100% tien Friet. Nou, ik zet het verschillende dingen. Pataten zijn dic Friet zijn smal. Wat? Ja. Dit hoog voor de eerst. Echt? Maar jij zit ook wel, jij komt op de avis voor het. Voor België luisteren dat is een beetje midden in Nederland en dat ligt ongeveer op de patat Friet grens. Nou, we hadden boven. - Ja, we hadden boven, ja, ja. En Max, jij is uit Waarschijnlijk, want dat is meer op de vriend Patat Gerd. Ja, jij zit er de vriendgent. - Ik zit echt net in vriendland, nee, meer in vriendland. Maar eerlijk, maar en Patat is toch gewoon zo'n dikke. Nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee, nee Nee, nee, nee, nee, dat is echt goed. - En vriend is een leuke woord, dus ophouden. Ik ben ook wel 10 vriend. - Oké. En nou is het klaar. Locale, lekker na je, in deze strek, beer-trumé, zijn caramel snoepjes, dinaanse flamisch, zet caskies, verder nog wat dingen. Maar ik wil graag even door naar het beer. Want ja, we kunnen wel gewoon vast beerhoofstukje maken en dat is zeker. De brauwe rijden, leffe en rochvorkomen hier vandaag, net als heel veel andere. We hier nu blanche namoer staan. En er zijn nog wat meer dingen, maar het zoen zo. Dus echt al veel brauwe rijden. - Zie je niet. Maar goed, ja, leffe is toch wel een van de grootste, speciaal beer-merken van heel belgier. Ja, ik had altijd een heel flamsbeeld bij dit merk. Maar het is dus wel. - Leffe had ook wel Nederlandstaalig, kunnen zeggen. Ja, ja. - Ja, afkomstig uit de abdij van Leffe in Dina. Maar wordt sinds 1666 niet meer in de abdijgen brouwen. Dat mag daarom geen trapistenbier heeten. En de moniker in de abdij van Leffe horen ook bij de verkeerde orde. Dus de bopech, voor wat het waard is allemaal, het maakt mij niet heel veel uit. Rochvoor, uit Rochvoor, dus is dat wel. Dus dan mag je dus wel trapistenbier. - Even, even. Zeg maar anno 1240. Dat weet ik niet uit mijn hoofd, maar omdat ik nu een glas voor menezer. Maar jij zegt, sinds 1666 niet meer in abdijgen brouwen. - Ja. Die hebben echt 220 jaar in abdijgen brouwen. Ik bedoel dat het niet zo. - Twee week gede mee zijn gestopt, zeg maar. Nee, nee. - Nee, klopt, nee. Sinds mensheugen is mogelijk. - Exact. Dus dat abdijtje in jullie logo en in de glazen. Ja, maar die abdijgen is nog wel, bijvoorbeeld alleen meer brouwen. Ja, even hernaf. - Waar wordt het dan wel gebouwen? A, B, B, F, gewoon in Leuven. - Oké. Ja, ja. - Ja. En de moniker heb ook echt geen zeggeschap meer over het beerd. Dus ja, dit is wel als je toch moet denken aan van iets wat ooit heel kraft die was. En nu niet meer dan. - Is dat in de middelieuwe heel kraft die was? Nu niet meer, denk ik dan aan leffen. En leffen krijgt ook wel veel vuur altijd, hè? - Ja, ja. Maar even goed, lekker beerdje, toch? En mooi glas, wat die abdijgen. Maar dit was toch de allererst de godoespeciaalbeerdje, was de gewoon leffen? Ja, dit was wel een speciaalbeer level 1, zeg maar. Ja, maar ook van je aller eerste speciaalbeerdje wat je dronk was, de vrijwelzekerige leffen. Ja, dat weet ik niet, maar dat is wel. - Wel, dit is iets van juistelse speciaalbeerd, ja. Maar wel veel zijkers. - Ja, precies. Dat is goed, toegankelijk. - Ja. Maar goed, je kunt dus wel nog naar het bezoekencentrum, met zonleffen, vlak bij de abdijgen. Maar als ik zeg, als je toch naar een culinair museum wil gaan, ga naar WPion, net en zuiden van name. Daar heb je het museum lafres. - Van de art bij een museum. Dat is vet. - Lijkt me enig. Ik weet niet zo goed wat het er doen is, maar het lijkt me gewoon wel mooi om te gaan. Ik denk veel art bij het. Quasport is te laatst niet veel. De Ardenne zijn hoger in het Oosten, ten Oosten van name. Daar ligt ook de luik, basten, nacken, luik. De ronde gaflaanderen zijn wel verwecht. - En we hebben een plek genoemd. Nee, maar dit hier hebben we de buurleer. - Nee, maar ja, dat is ten Oosten. Ja, dat is het. - Maar meen van de groter ronde zijn toch vaak in andere provincies. En het voelt er wel een beetje omgepast om het hier in heel veel detail over veldrijden te gaan hebben. Dat zullen we bij de vlaamse provincies wel doen. Maar kwam fietsen, kan ik dus wel weer die cite-del van namen tegen. Dus niet die van die naam, die jij noemde in de leel, maar die van namen. Er zijn van de grootste burgte van Europa. Dus die ligt dus ook op een heuvel van 100 meter boven namen. En ook hier gaat het hele kaal bijna toe. Dat is wel mooi, altijd kaalbindje. Maar het is dus ook een van de weinige grote waalskoers bij het veldrijden. En er is ook meteen een van de allerse waars te ter wereld. Want je gelebert half december, al die modderige flanke op, op spekgeladige kassijen, en het is ook elke jaar de finish van de gran prije van Wallonia. En de Tour de France is er ook altijd weer geweest. Dus is dit je ding dan weten we je naar die cite-del moet gaan? Ja, het is een mooie plek. En want ik kan je altijd nog even lekker kaaljaken. Want de lessen? - Ja, genoeg. Echt, we gaan we zelf bespreken. Jongens, tot slot, wat zouden jullie gaan doen als jullie een dag in de provincie namen mochten spenderen? Ik weet het wel. - Badkijk, hij is indienal. Ja, maks dat ik samen een bootje denk ik. - Ja, snabba wel. Maar je moet wel echt op het water zijn in deze provincie, het gevoel. Want het is echt een provincie die getekend wordt door die rivieren die door doorheen loopt. Ja, een duipbak en dan die rivier die onder de grond gaat. Ja, dat staat in dezelfde. - Ja, de lessen. En dan ook allemaal volgen tot dat die weer boven komt. - Ja. Nee, maar de lessen is mooi, maar ook de maas. Kijk, wijken in de maas als een laagland rivier in Nederland. Ja, dus het stromt gewoon een beetje, is verniezer aan. Maar een dal van de maas in de provincie namen is echt super mooi. Ja, dat is echt heel spectaculair. - Ja, met echte kilojrot zijn we uitgesneden. Ja, daarom heb je die brachtig gediezen. - Ja, dus dat is echt. En je zit op, wat is het vanuit Utrecht, is het twee uur rijden. En je zit echt in het gevoel, zodat je een kleidswitsland zit. Nou, oké, wacht of ik ben geen visisch gegeven, maar is het niet ook best bijzonder dat de maas ontspringt in een plek. En dan naar het noordestroom, maar dan onderweg een min of meer gebärgte tegenkomt. Ja, dat is de klopt, maar. - Want hij ontspringt gewoon op een soort van hoogvlakte dat wat je dat hebt genomen. En dan kom je in deze halve weg, kom je een gebärgte tegen, en dan doe je het op naar de lijnkronkel. Verderstrom opwaarts is de loop van de maas in het minder spectaculair, maar dat zie je bijvoorbeeld ook bij de rij. Ja, dat voelt bij Frankvoort en Wiesbaden, en zo voelt het ook een beetje als een laagland rivier. Maar daarna komt hij in één keer door dat lijst in Plateau, dat is net als de Ardenne is dat omhoog gekomen. Dat is die rivier, zeg, gaan insnijnen, krijg je zo'n die doll. Dat is een graf, dat is een graf, ja. Ik vind het wel, zeg maar, niks daarna een hele van name, maar ze zijn wel. Kwa natures gewoon het net niet, zeg maar. Ze hebben niet die kust, maar ze hebben ook niet die grote punten van de Ardennes. Ze hebben niet die bracht en braal die de diepe Ardenne heeft, zeg maar wel. En dan had het zo'n dinan, bijvoorbeeld, het is echt super mooi in die grotten van de hand uiteraard. Maar ik weet niet, ik had het even een hele grote name uitnamen. Nee, ik had het ook weer dat ik dan dacht, dit is ook ver augelicht ook niet. Dat is wel een netwaardere bood. Ja, maar toch vind ik ze als je een rondloop vindt dat landschappelijk niet te zien. Ik vind het ontzettend mooi, mooie natuurgebied. En ik dien dat ik ook heel eerlijk zeg, misschien wel een mooiste belgische plekken die ik heb gezien. Dus ja, misschien des te prätiger dat niet iedereen ernaartoe gaat. Ik ben wel een sympathieke provincie van vindt eigenlijk. Ja, ook. Ik neer dan hulk. Ja, ik ga ook doberen. Ja, doberen. Tuurlijk. Ja, nee, tuurlijk. Ja, ik kan wel zeggen. Je zit geen dober in het waals. Doberen? Nee, ik geef niet. Nee, maar ik ga ook over die rivier. Maar jullie gaan de lessen, ik ga de Maas af van boven naar beneden. We zijn bij de Kerstvraale Frankrijk. En dan zie je daar wel, ja. Oudlijk gaan we vanaf het zal. En dan meet we bij de citadel. Lopen we, nemen we kaanwaardje m'n hoog en dan drinken we daar een blanche namoeg. Ja, gaan we nu. Lijkt mij heel mooi. Lieve luisteraar, dank je wel dat je bij ons was dit hoofdstuk van de grote podcastlas. Wij waren weer in Utrecht bij onze vriend en collega podcasten Stein en Jordi Leibhulis. Mag scherren ze nu genoerd mannen en Jordos van Input doet eindmontage. Volgens als op socials het grote podcastlas. Kijk in de shownos voor allemaal andere mooie dingen zoals de link naar de Telegram groep en de link naar onze website grote podcastlas.nl. En wij reizen donderdag weer door. En dan bezoeken we de provincie Antwerpen. Hier wordt. MUZIEK.

Podcast Summary

Key Points:

  1. De provincie Namur is een Franstalig gebied in Wallonië, met een unieke taalcompositie waarin waals, frans en een aantal andere dialecten coëxisteren.
  2. De geschiedenis van Namur is gekenmerkt door militaire belangrijkheid, met de citadel als strategisch punt in verschillende oorlogstijdperken, en een hoofdstad die ooit de religieuze en militaire centrale van Spaanse Nederlanden was.
  3. Namur heeft een sterke economische en culturele geschiedenis, met een industriele tijd in de 19e eeuw, maar is in de 20e en 21e eeuw getroffen door structurele veranderingen en werkloosheid.
  4. De provincie is bekend om natuurlijke attracties zoals de lesse (een rivier die onder de grond stroomt), de grotten van Han en de oorlogsmartelaarsteden zoals Dinal en Taminen.
  5. Kultuur en lokale tradities zijn belangrijk, zoals de steldlopers in Namur, de saxofonvondst van Adolfs Sachs en de traditionele beerbieren zoals Leffe.
  6. De provincie heeft een unieke identiteit, waarbij de walen zich meer als Belg aanvoelen dan als Vlaams, en een sterke lokale sfeer opbouwt in cultuur, natuurgebieden en vervoer.
  7. De podcast benoemt Namur als een van de meest interessante en unieke provincies van België, met een combinatie van geschiedenis, natuur en cultuur.
  8. De lokale cultuur en traditie worden gecombineerd met het specifieke gevoel van de provincie, zoals de mogelijkheid om via de rivieren en grotten een diepgaande ervaring te hebben.

Summary:

De podcast gaat in op de provincie Namur, een Franstalig en historisch rijk gebied in Wallonië. Het accent valt op de militaire en geschiedkundige betekenis van de stad Namur, met de citadel als centrale bepaling van de regio. De geschiedenis van de provincie wordt verbeeld vanaf de Romeinse tijd tot de 19e eeuw, waarin Namur een cruciale rol speelt in de strijd tegen Calvinisme en in de oorlog met Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De plaats wordt ook benoemd als een van de 7 Belgische martelaarsteden van 1914, met Dinal en Taminen als belangrijk voorbeelden. Natuurlijk wordt de natuur van de provincie, met name de lesse (die onder de grond stroomt) en de grotten van Han, uitgebreid besproken, met een verhaal over de ontdekking van de Neandertaler in Dinand. Cultureel wordt aandacht besteed aan de lokale tradities, zoals de steldlopers, de vorming van de saxofon door Adolfs Sachs en de traditionele beerbier Leffe.

De provincie wordt gepresenteerd als een unieke mix van geschiedenis, natuur en cultuur, waarin de walen een sterke Belgse identiteit hebben. De podcast sluit af met een uitnodiging om een dag in Namur te doorleven, met een focus op de rivieren, de grotten en de lokale sfeer, en benadrukt dat het een van de mooiste en meest interessante delen van België is.

FAQs

De provincie Namur is historisch genoemd naar de stad Namur, die in het hart van het gebied ligt. De stad heeft sinds de Romeinse tijd een belangrijke rol gespeeld en is de oorsprong van de provinciale naam.

De vlag van Namur is uniek omdat ze bestaat uit een zwarte en rode verticale halve, met een grote diagonale rode streep. Deze vlag is een symbolisch uitbeeld van de regionale identiteit en verschillt van andere Belgische vlaggen.

De belangrijkste taal in Namur is het waals, dat de meest gesproken taal in Wallonië is. Het is een galloromaanse taal met invloeden van keltisch en germanisch.

De provincie Namur is ontstaan in het verenigde Nederland van de begin van de 19e eeuw. In 1814 werd de regio samengevoegd tot een provincie met de grenzen die we vandaag kennen.

De citadel in Namur speelde een belangrijke rol in de geschiedenis, vooral tijdens de 18e en 19e eeuw. Ze was een katholiek bastion tegen Calvinisme en een belangrijk militair centrum in oorlog met Spanje en Duitsland.

Dinan is een van de 7 Belgische martelaarsteden omdat de Duitsers in augustus en september 1914 honderden inwoners, waaronder ouderen, vrouwen en kinderen, uitvoerden tijdens de eerste wereldoorlog.

Chat with AI

Loading...

Pro features

Go deeper with this episode

Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.