Artur Jape deelt zijn leven van een kind dat in onveiligheid en isolatie opgroeide, waarbij hij een sterke intuitieve gevoeligheid ontwikkeld heeft. Door zijn ervaringen met zijn vader en school, ontwikkelt hij een diepe zelfbeschrijving en een verbinding met zijn innerlijke wereld. Zijn creativiteit – in muziek, kunst en schrijven – is een manier om zijn gevoelens te delen en anderen te raken. Hij benadrukt dat mensen die buiten groepen passen, vaak een meer authentieke en krachtige zelf ontwikkelen. Het verhaal van Ieylijs heeft een grote invloed gehad op zijn visie op dood: dood wordt niet meer angst opvoeren, maar een rustgevende, lichtgevende ervaring. Hij benadrukt dat woorden krachtig zijn, maar dat ze moeten worden gebruikt met zorg, en dat het schrijven een manier is om die kracht te beheren zonder anderen te kwetsen. Artur ziet in zijn werk een bron van troost: mensen voelen zich herkend, aangemoedigd en waardig vanwege hun eigenheid. De wereld van zijn werk is dus een plek van rust, zelfbeschrijving en diepe menselijke verbinding, waarin schrijven een krachtige, zorgvuldige vorm van ondersteuning is. Volgens hem is het belangrijk om zichzelf te accepteren, ook zonder groepen of normen te voldoen, en om te begrijpen dat de menselijke wereld meer is dan alleen de duidelijke, aaneengesloten werkelijkheid.
De verwondering bestaat tien jaar, daarom zijn we deze zomer de mooiste gesprekken uit van de afgelopen jaren.
Zijn creatieve broem lijkt nooit op te drogen.
Niet alleen zijn boeken, ook zijn fysieke aanwezigheid is een troost voor vele.
De verwondering met Artur Jape.
Nou, ik vind het heerlijk dat je de bent.
Ik vind het fijn en tegenover je te zitten.
Ik sta in de inleding dat van jou een troost in de werking uitgaat.
Ik ben voorstelend dat dat voor je gehoor geld, maar ook voor mij.
Dat jij iets troost een zet.
Ja, wat is er bijzonder voor jou?
Gevelieerd opgegroeid en altijd bezig geweest, denk ik in alles wat ik deed om te proberen.
Kenbaar te maken wat er in mij gebeurt.
Ik kan andere mensen goed lezen en situatisch goed inschatten, moest dat ook als kind.
En ik begrijp nooit waarom mensen niet zagen toen ik klein was.
Als hoe de dingen die ze deden, wat voor effect die op mij houden.
Ik denk dat ik wil aan toeneel.
Ik ben muziek gemaakt en ik ga zingen, komponeeren en geschilderen.
Alle mogelijke dingen geprobeerd om zichbaar te maken wat er in mij speelt.
En andere daarmee te bereiken.
En via het schrijven is me dat gelukt.
En daarom ben ik een van de weinig schrijven zit echt fijn vind om lezingen te geven.
Want dan zie ik mijn publiek en dan zie ik wat het effect is.
En dat je mensen kunt raken en iets voor ze kunt beteken.
Ik denk dat dat een totaal niet literair gegeven.
Maar ik denk dat dat voor mij het belangrijkste is.
Over twee dagen verschijnt jouw tiendere man.
Tiendelweer, ja, in twintigheertijd.
Hartgewerkt, callia.
Ja, een prachtig portret trouwens, een staarende jongen.
Ja, maar eenzaam kind, een isolument.
Hij is doof, ik kan niet praten.
En de geboorderstjaar kofskeer reden hem eruit.
Die hoofderson is een buitenstander.
Het schatje op de voorkam, maar jij bent ook wel een hele kind.
Als vind ik.
Ja.
Wat is schatje?
Het is even een weinig foto's die ik heb.
Ik heb het alles weggegoord.
Echt?
Dit is de denk ik van mijn oma, toen die stier of ik daar bij haar foto van mezelf.
Ja, dus ik al zijn uit de periode of veel uit de periode is weg.
En waarom?
Om de schaamte, enorme schaamte.
Er werd mij op school elke dag verteld dat ik te leelijke was om te mogen bestaan.
En dat niet leek moest het zelf zeggen, hard op.
En zoals je al zo op school leert, sleidt dat in.
Dat zelf beeld dat verdwijnt ook nooit meer.
Dus, nou jij wil begreven als je opgroeid wil hier daar vanaf.
Wat een merkevaardig vrede pesterij.
Pesterij is altijd vrede.
Mensen begrijpen dat niet goed.
Kinderen die pester op school, hun doel is om je te doden, letterlijk.
Mensen denken dat het acht jaar zijn kinderen niet spelen.
Moet je maar wat flinker zijn.
Nee, ze zijn erop uit dat je op een gegeven met uit het leven zal stappen.
En dat stuur ze vrij direct op aan.
En dat lukt ze ook vaak.
Ook wel als iemand bij een lezing die naar me toe kwam.
U hebt het geret, mijn zo niet.
Waarom denkt u in wat is dat verschil?
Ja, dat weet ik ook niet.
Maar veel kinderen stappen eruit.
En dat is de bedoeling.
Moet je goed begrijpen.
Ja, dat is mij overkomen.
Dat gebeurt sommige kinderen mogen niet naar school.
En ik was even die kinderen.
Ik had nooit in een vroep geplaasd moeten worden.
Maar het gebeurt welke dag overal.
Het betekent dat je als kind misschien door,
ik noem het omveiligheid zo goed bent gaan oplezen dat dat ook je intuitie groeit is.
Ja, ik zeg het zelf anders.
Ik denk dat iedereen mensen geboren wordt met de intuitie om alle situaties
en mensen goed in te schatten door dat we naar school gaan.
En opgroeien en in een groep moeten passen.
Wordt dat langzaam maar zeker?
Wordt dat kalf dat af en is dat minder nodig?
Want die veiligheid die de groep biedt, die neemt dat over.
Dat had ik niet, want ik mocht niet bij die groephoren als kind.
En ik leef er in een situatie thuis met twee ouders,
waar veel geweld was in huis, veel gevochten werd.
En als kind ben je altijd bezig om dat te voorkomen,
dus je probeert in te schatten wat gaat te gebeuren,
wat begrijpt die wel en hoe kan ik het oplossen.
En die handigheid, die intuitie, die moet aangeboren zijn.
En ik heb hem bewaard, zeg maar.
Ah, dus de meest mensen vliezen er door de veiligheid,
maar als je omveilig genoeg bent. Wat me als kind wel opviel is dat ik altijd mensen
in eerste instantie het juiste zag denken en dan het verkeerde doen.
De mensen denken, het vervoelen heel goed aan wat er nodig is.
En ik ja, dan laat ik dat me niet zeggen,
want dan zullen ze wel denken dit of dan begrijpt die misschien dat en dat.
Mensen doen volgens hun impilzen niet altijd.
We passen ons aan omdat. Dat leer je om dat je groep volgens mij van je vraag dat je op een padem niet reageert
en dat je je persoonlijkheid verandert.
En mensen durven niet goed te zeggen wat ze voelen.
Als je env, onveilig was op school en thuis, waar vond je toevlucht?
Bij mijn hondje? -Ja.
Trip. Daar ook weer honden, hebben we ook de intuitie.
Honden weet het precies wat er gebeurt.
Dus ook daaran heb ik me erg gespiegeld.
Heel erg veel van geleerd.
En we hadden een grote zolder thuis,
want voor dom zolder met verkleedkiste en schaalhoeken
en verberg plekjes.
Als ik uit school kwam, of als het beneden te dramatisch werd,
dan kon ik naar boven gaan.
En daar kon ik in mijn eigen wereld leven.
En dat deed ik ook.
En daar speelde ik cijnen zuitenelstukenaar of dingen uit films.
En dat was mijn wereld.
En dat is dat voor deel van het isormint.
Als de werkelijkheid te zwaar is om een voorwaar aan te nemen.
Als ik op die leef dat geloofd had,
dat de wereld elkaar zat als hij aan mij gepresenteerd werd,
dan had ik het ook niet gered.
Maar ik begreep jong dat er een alternatieve werkelijkheid is
die misschien wel belangrijk is.
En dat was kunst op die leeftijd.
Ik denk dat ik jaar of tien ben daar.
Het dacht ik niet van, ik moet op jou je zuur op een boxen om terug te vechten.
Ik dacht, nee, wat ik doe, ik ga naar ballet.
Dus ik ging naar de ballet schoon.
En dat helpt het niet voor de acceptatie, kan ik je vertellen.
Maar het helpt wel voor, je gaat een wereld binnen waar alles mooi en rustig is.
Ja.
En waar mensen die alternatieve werkelijkheid van het tonnel, van de kunst,
daar ook allemaal waarde aan hechten.
En dat is mijn redding geweest.
En het klinkt alsof dat kind wat je was,
zeer autentiek gebleven is, ook hierin.
Dat je niet de gebouw aan de paden gaat en niet die aanpassing.
Nou, ook dat is weer een voordeel van een landige jeugd.
Door dat je niet bij die groep mag horen had ik best gewild.
Ik heb me best gedaan, maar wat je ook doet, het mag niet.
Uiteindelijk is dat een voordeel.
Want je hoeft ook niet aan die voorwaarde van die groep te voldoen.
Je mag je eigen weggaan.
En je leert ook heel vroeg dat wat je ook doet.
Mensen oordelen toch.
Ja.
Je probeert te prezieren of je probeert op je eigen manier.
Dus dat die druk valt ook weg, waardoor je merkt dat er in de wereld zo verschrikkelijk veel meer mogelijk is.
Ja.
Dan mensen je vertellen.
En misschien is dat wat ik bedoel met troost dat mensen dat herkennen.
En zich aangemoedigd voelen om ook hun eigenheid.
Ik hoop het.
Ik hoop het.
Trouwt u zijn aan zichzelf.
Ik hoop het.
En vooral dat ze begrijpen dat die groep niet nodig heeft.
Ja.
Want dat is natuurlijk heel veel niveau zelfs.
Zij laatst tot in het pijardhuis aan toe moet je voldoen aan dingen.
Ja.
Maar het kan ook anders.
Want dat je dus als kind naar binnen ging, was dat. En dus ook in de rebeelding in feiten zou ik kunnen zeggen dat het religie ook. Een uiting is van er is meer dan deze schijmbare werkelijkheid.
Ja, en dat is een raadsel.
Ik kan heel erg makkelijk meegaan of misschien wat te makkelijk meegaan in dromen en gedachten en ideeën.
En het is me bij religie nooit gelukt.
En het was een duidelijk moment waar ik afhaak, ik ging natuurlijk opgevoerd.
En in deze precies deze periode. Ik ging toen naar de kerk.
En ik vond dat ritueel schitterend.
En ik zag mensen die de hostigingen aan.
Dat wil ik ook heel graag.
En op een gegeven moment is het zoveer.
En dan wordt je daarvoor getreend.
Ja.
En in de middag leerd ik ging me naar de kerk en dan krijg je al de lijn.
Ik denk dat je wel of niet moet doen.
En ik voel eens al aankom.
Evenal de ding nou, het was bichten.
Ik had nooit iets kwaad gedaan.
Ik heb voor zover ik weet tot nog toe nooit iemand kwaad gedaan.
Wel als iemand die je kwets door onopzetelijk, maar werd iets kwaad.
Het is leelings gedaan, had ik zeker niet hoe die leeftijd.
Nee.
Dus dat zei ik zeker.
Ik wist niet weten wat ik moet bichten.
Je mag iets verzinnen, het hoeft niet die terrestigste zijn en ik heb nooit een snoepje gestolen.
Je hebt verzin maar iets en ik dacht dat dat is wel heel gek, want het wordt er zo veel kwart aan mijn gedaan op dat moment.
Waarom zou ik nou iets moeten gaan verzinnen, want ik heb het ook niet geweld en mijn moeders ben gebruikt.
Ik bedoel de host die mogen krijgen, zonder ik ooit gebied heb, misschien ben ik wel de enige.
Maar dat, bijvoorbeeld, als je dat dan krijgt, moet je zeggen, "Hier, ik ben niet waardig, dat ga je tot mij komt."
En ik denk nee, dat is niet zo, ik ben dat wel waardig, ik ben dat wel waardig.
Ik ligt helemaal kippen veel van, ik heb een onderwijze gehad die riep tegen mij toen ik achter was dat ik me rode strikt.
Maar jij maakt van buiten mooi wat van binnenleel ik is.
En toen dacht ik dat is niet waar, hoe kan dat nou? Dat een kind?
Omdat mensen je de onderwille aan. Ja, maar hoe komt dat je als kind kan voelen dat dat niet waarin?
Omdat je kent je eigen keren en je. Ja.
Maar dat is eigenlijk wat goed dat je het weer gelukkig maar stel je je geloofd had.
Ik heb in de voorbereiding op dit gesprek een interview's gelezen die jouw zwaargeman met jou had.
Die is uitleven gestatten, je vader ook.
Is dat ook een reden dat jij denkt dat moet ik niet doen?
Nou, ik heb altijd toen het gebeurd was, ik was twaalf. Je vader? -Ja, vader.
We wilden mensen met een TRP hebben en dat heb ik nooit gedankt, dat is helemaal niet nodig.
Ik had gezien hoe slecht die TRP op hem gewerkt had en ik wilde dat zeker niet ook.
En mij zei altijd dat ik niet bang dat je dat ook gaat doen en dat heb ik eigenlijk nooit gedacht.
Tot voor een aantal jaar geleden, dat is ook maar dat is het.
En. Nee, dus ik heb met jou zo over gesproken uitgebreid.
Waar is de mij na die gesprekken die een aantal jaar voor z'n daad gebeurt.
Ook niet dat hij daar waar gekomen is.
En in mijn vorige boek laat ik iemand zeggen die zelf moet gepleegd heeft, maar dat is mislukt.
En ze zeggen ja, dat het leven is ook zo prachtig, dat is natuurlijk echt wel, maar ja,
is nou helemaal niet voor iedereen het beste.
En ik denk dat dat waar is.
En dan hangt het er van af hoeveel je. Nou, je afweging om je maakt om door te gaan en bij wie je daarbij denkt.
Even de dingen toen mijn vader eigenlijk eindelijk dood was. ik als een bemoeder in Engeland om het hoorde, en toen was hij gevonden thuis, hij had dan tijdje gelegen.
Dus ik kon ook niet meteen het huis in, maar we vingen met het vliegtuig en ik vloog voor het eerst.
En die ervaring van dat opstijgen heb ik voor mij altijd verbonden gebleven aan die dood van mijn vader.
En ik denk ja, hij was zo bang voor de dood en het uiteindelijk heeft hij gedaan.
En ik denk dat dus uiteindelijk veel bang was voor het leven.
En nou, die gedachte op weg naar huis, waar je weet is dat je vader ligt.
Voor het eerst nog als kind best spannend dat opstijgen.
Ik had het nooit meegemaakt, denk ik, dat is best wel een beetje eng, maar ja, ik moet het maar overgeven. en die piloot zal we weten wat hij doet.
En dan heb ik altijd verbonden aan het idee van sterk, vind ik zo, is zo moedend, ik hoop dat dat zo is.
Ik denk dat ik deur vaak niet zo goed, maar ja, weet je wat.
Laak maar maar overgeven en dat gebeurt in dit verhaal.
Het hele vorm is het kind, ja. -Ja, ja. -Ja, ja, ja.
Je hebt over de doodgesproken een tekst ook meegenomen van terrestoim.
Ja, ja, je vroeger een tekst die veel invloedt om er gaat heet.
Dat is deze, de dood van Ieylijs.
Mijn vader was natuurlijk vaak in de war en in overstuur en huilde vaak.
En op een dag dat hij op de vloer te huilen en ik grobijen, maar ik zeg. wat is aan de handen, is zo over zwikkelijk bang om dood te gaan, heb jij dat niet?
En ik was stouw, tien, negen, acht, ik weet het niet.
Ik zeg neem, ik moet ik helemaal niet.
Oh, zijde jongen, maar dat kom nog wel.
En vanaf het overmiddag altijd gedacht waar misschien is dit, misschien is dat het.
En het is nooit gekomen, misschien omdat ik er zo op gespitst was.
Misschien is het ook wel even die dingen die mensen je wijs maken, maar tegen je zeggen.
Het is nooit gekomen.
En ik denk dat je jaren 20 was, toen ik deze, het verhaal was over Ieylijs,
die op een gegeven moment gewoon middien zijn leven, zich stoot en ineens merk dat hij ziek is en dat hij doodlijk ziek is.
En ze hele leven uit bang geweest is om te sterven en ook het herde ziek te proces is die bang om te sterven.
En op het eind van het zijn leven denk ik die ineens.
Nou, het is eigenlijk helemaal zo erg niet.
Dat is niet voorlezen. -Hel gaar laatste stukje.
Hij ligt op bed en ze gelieft zijn omheen en dat hij dat zo verdriet hebben.
En ik denk ja, kan ze er ook niet verder dit aandoen.
En Plotsling werd hem duidelijk dat al wat hem benoud had en hem niet duidelijk was geweest.
Nu Plotsling helder vormstond, ja, van twee kanten, van tien kanten, van alle kanten.
Hij helpt medellijden met hen en hij moest hun ging verdriet meer doen.
Hij moest hen en zichzelf van deze quilling bevrijden.
Ah, hoe goed en hef houdig, dacht hij.
En de pijn vroeg hij zichzelf waar, waar moet ik die pijn laat, ja.
Waar ben je, pijn? Hij voelde aandachtig.
Ja, daar is ze.
Kijk, goed, laat het pijn doen en de dood.
Waar is de dood?
Hij zorgt naar zijn gewone, oude dood angst en hij vond hem niet.
Waar is de dood?
Er was geen angst meer omdat de dood er niet meer was.
In plaats van de dood was er licht.
Dat is dus, zij die plotseling hard op.
Hoe heerlijk.
Voor hem gebeurde dit als in één ogenblik.
De betekent is van dat ogenblik veranderde niet meer.
Voor de gene die bij hem waren, duurde doodstrijd nog twee uur.
In zijn borst kruinden nog iets en zijn uitgeput lichaamschokten.
Toen werd het kruinen en het heigen steeds minder.
Het is voorbij, zij iemand naast hem.
Hij hoorde deze woord en hij herhalde ze in zijn ziel.
De dood is voorbij.
Hij tegen zichzelf de dood is er niet meer.
Hij halde diep-adem stokten midden in. stekten zich uit en stierf.
Zo hoop ik dat dat zijn zouden.
Ik weet het wel zeker.
Jonger, mooi zeg.
Je hoeft niet bang voor te zij, want als jij de bent is de dood er niet. en als de dood er is bij jij er niet.
Ik herinner me ook dat je in één van die indischus met zwaargeman. at het over een enorme pool van verdriet die ergens huisst.
Toen dacht ik, is dat ook iets het collectieveveld.
Dus dat je zo porreus bent dat je ons op de pool van verdriet voelt.
Ja, dat vind ik een beetje aanmatigend om te zeggen.
Maar er is een soort die kernel verdriet die een diep verdriet. wat eigenlijk niet nodig heeft om op te wellen.
En ik kan dat in andere mensen wel heel goed waarnemen.
En er is een zeker moeilijkheid in te weten waar je zelf begint. en waar die ander begint en waar je ophoudt.
Dus het loopt in de daad vaak in elkaar over.
Daarom ga ik nooit naar feestjes of partijen, vier, geen verjaardagen.
Ik kan met drie of vier mensen goed aan, maar in een grotige zelfschap krijg je. de emoties van al die mensen binnen.
Opvoet ze van Cherkowski. zij over hem als andere kind kwamen spelen voor zichtig met Petje.
Want hij is een glazen kind.
En dat is heel erg goed beschrijven.
Glaas niet zo zie je omdat het breng maar is, maar gras omdat het door zichtig is.
Dus je kijkt makkelijk door alles heen, maar alles komt ook makkelijk bij je binnen.
En daarom probeer ik zo veel of zo min mogelijk onder de mensen te komen.
En heb ik niet ook in zo'n prachtig bos als hier waar niemand zo maar langs komt. en waar je de rust van de natuur kunt ervaren.
En is er ergens nog een stem in je die zegt, maar dat mag helemaal niet.
Dus zeg maar de oude stem van. Dat mag niet, het afzonderen niet.
Ja, ik mag niet helemaal als japanen, want ik mocht er niet zijn.
Nee, ik mag helemaal zelfs zijn, dat heb ik verdiend en dat is een goede niet.
En iedereen moet zichzelf zijn en zoveel mogelijk aan zichzelf waardigd aan zichzelf.
Die stemmen gaan nooit weg, dus die zijn heel makkelijk naar boven te halen.
Maar dat moet ik niet doen. Nee, nee.
En is het dan één stem het meest dominant?
Ja, die van mezelf, denk ik, die moest herhalen wat ervan bevraagd wordt.
Weert, ja, dus de leelijke dingen of je zelf zeg ik,
eruitje op zommen in zwarte met wit de hart zit een zennen waarin dat quasi overkomt met andere woorden.
Maar dat, ja, die stemmen gaan nooit weg, woorden ze zo gevaarlijk.
Het is gek voor een strijfer, maar ik heb eigenlijk een hekel aan woorden.
Mensen zeker tegenwoordig willen alles kunnen zeggen.
En dat ben ik helemaal niet voor een tegendeel.
Ik vind dat je niks moet zeggen tot dat je weet hoe het overkomt bij de gene tegen wie het zegt.
En met zich in mijn woorden kwetsen niet, dat is absoluut nivaar.
Ik ben kwets met woorden en medade en ik kan je zeggen, de wonden gaan dicht.
En de litrekens trekken weg, maar de woorden blijven altijd en die zijn eigenlijk veel gevaarlijker.
En als mensen zeggen, maar ik wil wel met woorden moeten kunnen kwetsen, dan verlies je de geldigheid om te zeggen.
Maar dan mag ik niet ook met wapens kwetsen, want woorden zijn wapens.
Daarom is het extra opmerkend dat je van al je talent juist dan dat schrijven zo. Zo. Ja, als hoofdvak hebt.
Ja, misschien om de wapens te kunnen hanteren en te weten hoe je ze te groede kunt aanwenden.
En wat nu als de bron van die woorden begint op te drogen?
Ik weet dat er nog een roman aan komt?
Ja, ik heb nog wel. Ik heb heel veel ideeën voor Romance, of andere dingen toenel.
Ik zou het zelf maar niet erg vinden als het ophoudt. Nee, je moet niet vergeten, ik heb de eerste boeken maar toen 40 was, dus de eerste 40 jaar, 30 jaar zeker heb ik ook zonder vertellen van verhalen geleefd.
En ik kan dat ook heel goed afsluiten. Er is zo veel mooie, zo wat belangrijkste doen, ook nog misschien wel belangrijker dingen dan me schrijven.
O, noem eens wel, wat is het belangrijk?
Nou, ik ben wel geschikt voor z'n zijm, maar gewoon om netelijk naar mensen toe te gaan en te gaan helpen, maar als ik dat ima had, had ik het wel al gedaan, denk ik.
Maar dat heb je al schrijven gelukkig om niet gedacht, als ik het ima had, had ik al een letter op op je gezet toen je. Nee, nee, je denkt hem niet bijna. En ik hoop dat ik mensen help ook wel door het schrijven en dat lijkt soms te gebeuren.
Kun je dat voor. Kun je voorop het noemen dat je merkt dat mensen. dat je mensen troost?
Oh ja, even de meest ingrijpende dingen was een aantal jaar geleden en dat was eigenlijk midden in die donkerperiode en kan wel zeggen dat zij maar daar doorheen geholpen heeft, misschien.
Of er geholpen heeft.
Ik krijg een brief, ik had een man van je leven geschreven, een boek over een vrouw die terminal ziek is.
Het is een stuk dat we nu in de Lamarand, half van de Robert van Maand komt het uit.
Als kommedie gek genoeg, maar ik had het boek geschreven en ik krijg een brief van haar en ze zijn het overkomt mij en ik ben opgegeven.
En ik heb nog ongeveer een half jaar en ze wilden uit een van mijn boeken een citaat op de kaart zetten, mag dat, ik zeg, en natuurlijk mag dat.
En dat was het eigenlijk een of twee meeldsgeschreven en toen moest hij haar dingen doen die haar nog resten.
En op een gegeven moment kreeg ik de kaart en het was een zutphen en ik wilde daar heel graag heen, ik heb tegen de mensen niet gezegd dat ik zou komen.
En daar stond het citaat inderdaad op de muur geprojecteerd en ik namen afscheid.
En we gingen de oude uit en daar stond het tafel met mijn boeken, met haar leesbruren op.
En dat heeft me zo'n impuls gegeven, dan weet je dat je het, ja, dat het aangekomen is bij iemand.
En dat, dat maakt het allemaal een mooie tewaard.
Dankjewel.
Ja, bedankt.
Wil we reageren op deze uitzending, kijk er dan op onze Facebook-paagenaar.
Volgende week zijn we de weer.
Podcast Summary
Key Points:
Artur Jape wordt beschreven als een mens met een diepe, intieme connectie tot anderen, die door zijn boeken en aanwezigheid een troost biedt.
Zijn kinderlijke ervaringen met isolatie en onveiligheid hebben geleid tot een sterke intuitieve vermogen en een diepe zelfreflectie.
De ervaring van zorgvuldigheid en pijn in zijn familie, met name bij zijn vader, heeft een diepe invloed gehad op zijn visie op dood, leven en menselijkheid.
Hij ontwikkelt een eigen wereld van creativiteit – muziek, schilderen, schrijven – als manier om zijn innerlijke ervaringen te tonen en anderen te raken.
Hij vindt dat mensen die niet in groepen passen, vaak een krachtiger, authentischer zelf ontwikkelen en dat dat een groot voordeel is.
De belofte van troost in zijn werk komt vooral van het feit dat hij mensen helpt te herkennen dat ze hun eigenheid kunnen waarderen zonder aan groepen te moeten voldoen.
Uit zijn ervaring met het verhaal van Ieylijs leidt hij tot een diepe verandering in het begrip van dood: dood wordt niet meer angst opvoeren, maar een rustgevende, lichtgevende ervaring.
Hij benadrukt dat woorden krachtig zijn, maar dat ze moeten worden gebruikt met zorg, en dat het schrijven een manier is om die kracht te beheren zonder anderen te kwetsen.
Summary:
Artur Jape deelt zijn leven van een kind dat in onveiligheid en isolatie opgroeide, waarbij hij een sterke intuitieve gevoeligheid ontwikkeld heeft. Door zijn ervaringen met zijn vader en school, ontwikkelt hij een diepe zelfbeschrijving en een verbinding met zijn innerlijke wereld. Zijn creativiteit – in muziek, kunst en schrijven – is een manier om zijn gevoelens te delen en anderen te raken.
Hij benadrukt dat mensen die buiten groepen passen, vaak een meer authentieke en krachtige zelf ontwikkelen. Het verhaal van Ieylijs heeft een grote invloed gehad op zijn visie op dood: dood wordt niet meer angst opvoeren, maar een rustgevende, lichtgevende ervaring. Hij benadrukt dat woorden krachtig zijn, maar dat ze moeten worden gebruikt met zorg, en dat het schrijven een manier is om die kracht te beheren zonder anderen te kwetsen.
Artur ziet in zijn werk een bron van troost: mensen voelen zich herkend, aangemoedigd en waardig vanwege hun eigenheid. De wereld van zijn werk is dus een plek van rust, zelfbeschrijving en diepe menselijke verbinding, waarin schrijven een krachtige, zorgvuldige vorm van ondersteuning is. Volgens hem is het belangrijk om zichzelf te accepteren, ook zonder groepen of normen te voldoen, en om te begrijpen dat de menselijke wereld meer is dan alleen de duidelijke, aaneengesloten werkelijkheid.
FAQs
Schrijven is een manier om wat in me speelt te tonen en mensen te raken. Ik voel dat het een diepe troost is voor anderen en dat het een belangrijk deel van mijn leven is.
Ik voelde me onveilig thuis en op school, waarom ik altijd moest voorspellen wat er zou gebeuren. Deze ervaring heeft mijn intuïtie en empathie versterkt.
Ik heb geleerd dat dood niet zo verschrikkelijk is als gevonden. In het verhaal van Ieylijs heb ik gezien dat mensen plotseling kalm worden en hun angst voor dood verdwijnt.
Ik ben gevoelig voor woorden en vind dat ze kracht hebben en kunnen schaden. Ik wil geen woorden gebruiken die anderen kwetsen.
Mijn ervaring met onveiligheid en isolatie heeft geleid tot een sterke intuïtie en een houding van zelfbestuur en zelfwaardigheid.
Omdat ik als kind altijd mensen goed inzichtte en voorspeld hoe ze zouden reageren. Deze vaardigheid is gebleven en wordt niet verloren.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.