In de podcast "Buiten de Kruidlijnen" wordt gesproken over onderwijskwesties, waaronder de nieuwe minimumdoelen in het basisonderwijs. Deze doelen zijn gericht op het verhogen van de onderwijskwaliteit door de focus te leggen op kennisvergaring en vaardigheden van kleuters tot leerlingen in het zesde leerjaar. De nieuwe minimumdoelen zijn specifiek per vakgebied opgesteld en benadrukken het belang van een kennisrijk curriculum. De doelen dienen als leidraad voor curriculumontwikkelaars en geven richting aan het onderwijsproces. De aanpak is disciplinegericht om essentiële kennis en vaardigheden te waarborgen en biedt ruimte voor differentiatie op individueel en groepsniveau. Het doel is om elk kind de mogelijkheid te geven om het curriculum op zowel individueel als populatieniveau succesvol af te ronden door een gebalanceerde benadering van kennis en vaardigheden.
Transcription
6417 Words, 36589 Characters
Hallo en welkom bij buiten de kruidlijnen. De podcast van het expertise zijn er om onderwijs en leren die wij zich gesprekken voert over die dagtiek, klasmanagement en curiculum. En in deze aflevering hebben we het over de nieuwe milieumdoelen in het basis de onderwijs. Vrijkt een telefonsje van medewerkje van de misten, zeg je, bent u geïnteresseerd om dit te doen. Ja, dat was wel ja tegenzegend. Die vaatje, in de doelen, brengt heel veel vragen met zich mee, brengt heel veel vergadertijd met zich mee. Zeg je mee, schoel om je het zelf gaan uitzoek, leertje, zelf gaan uitzoek. En dat ontstond uiteraard allemaal vanuit enthermedie ook even eens vaker waren. Dus als je nou die oude entherme kijkt, die zijn eigenlijk ijk al gemene en ik zou zeggen ijk vaker, dan kun je eigenlijk alle kanten mee. Dat is niet het geval met de nieuwe milieumdoelen. Nu iedereen heeft maar één doel natuurlijk, die hier, iedereen die hier vandaag wezig is, maar ook maatschappelijk. En dat is onze onderwijsqualiteit terug brengen naar het hoogste niveau. En het accent ligt op kennisvergaren van de kleuterklas tot zes de leerjaar kinderen beter bewapenen voor een scholkareer naar het middelbaar toe. En ook alle kanten geven met sterke minimumdoelen, helder minimumdoelen. Kanten geven om een dromen waar te maken, wie dat ze willen worden, wat dat ze willen worden. En dat is ook eigenlijk de essentie van onderwijs, vind ik. Je hoorde onze minister van onderwijs, zo halde hier vol trots de nieuwe milieumdoelen voorstellen die in 2025 voor het Vlaamse basis onderwijs werd gescreven. Ambisseurs, duidelijker en met meer focus op kennis. Maar wat betekent dat nu concrete in de klas? Hoe zijn die doelen tot stantje komen en wat met de kritiek op de snelheid het volume en de onderwijs vrijheid? Deze aflevering laten we twee stelven uur aantwoord. Daniel Meis, voorzitter van de Commissie en kelliteis, directeur en projectlijder, curiekele gewondwikkeling. En leggen we de bouwst in het naast de realiteit van het schoonleer. Ik ben Daniel Meis, hoogleer haar aan Coinc University, Belfast en voorzitter van de Commissie, die naar ik verneemd, Commissie Meis genoemd wordt. Ik noem het aan het leven de Commissie minieumdoelen. Ik ben kelliteis, ik ben vanke was, sinds vijf jaar directeur in een zeerlijke basischool, de vlinderbom in Antwerter. Ik heb het genoeg gehad om mee te werken aan de minieumdoelen, waar ik een heel fijn project mogen afleggen. Ik ben momenteel projectlijder Curiekele gewondwikkeling bij het zeerlijke onderhuis. De wereld, vandaag. De weinig op beurende resultaten van het Timsz onderzoek zijn binnen en Timsz. Dat is een vierjaarlijkse internationale studie die leerlingen prestaties in wiskunde en wetenschappen vergelijkt. En wat blijkt, vlaamsle leerlingen van het vierde leerjaar gaan erop achteruit, ten opzichte van vier jaar geleden. Op vier december 24 valt de zoveelste bomb in het onderwijs. De resultaten van Timsz, wat het wiskunde niveau pijlt van leerlingen uit het vierde leerjaar, is verniezigend voor ons onderwijsniveau. Het blijkt de druppel en de minister kon het samen met de onderwijsverstrekkers aan waar zijden aan dat er ingrepen wordt. Er komt een nieuw curiclem voor het basis onderwijs. En snel, nog voor het eieren van het schooi jaar moeten die nieuwe doelen er liggen. Er wordt de Commissie Samengesteld die die nieuwe minieumdoelen moeten schrijven. Om die Commissie te leiden, zoek met iemand met een specifiek profil. Iemand met de juiste expertise, maar ook met internationaal ervaring en een soort van onafhankelijkheid in vlaanderen. Kortom dus niet gebonden aan een koeplazsociatie of strekking. En die wordt gevonden in de persoon van Daniel Muis. Eindelijk te eens de stappenbare om naar te denken van oké, rebeel we in de Commissie hebben. Het was een heel snel process, dus dan started opvalt het wel een beetje bij de kwaliteit van de mensen die in z'n Commissie hebben. Dit is een collectief proces, dat kun je niet beentje doen. Dus ik denk we zijn mensen die echt de kennis hebben. M'n roek waren kunnen we hoeten mee samenweken en we waren natuurlijk ook een balanshebitus, internationaal experte. Mensen uit vlaanderen, m'n roek, mensen uit te pektak en mensen die meer uit academische wereld komen. En die eigenlijk weer meer doen we start opvalt het wel eigenlijk ook met de Commissie, dat we weer te verwezen. Dat we doodat we actenlijk met vv, school directeurs en vv mensen uit, academische wereld, inspectie wereld. En die eigenlijk in de Commissie hebben we gezeten. Wanneer heeft u het telefoon? December. En de oplevering was? 30 appels. En waar is die tijd er ook al geschatst aan het telefoon doen? En hoe je je hebt het erop, als je hoort, van ik met hier op? Ja, dat is natuurlijk een eerst snel tijd. En dat hebben ze wel gezicht, dus dat snelwouden. Dat is natuurlijk iemand die uitdagingen geweest, niet iedereen dat dat zou lukken. Ik denk dat we wel kunnen zeggen. En dat is natuurlijk ook voor mij wel een zakom over na te denken, maar uiteindelijk heb je ook. Als je de kans hebt om iets te doen, wordt onderwijs dat potentieel zo veel belang heeft, dan is het voor mij toch iets waarin je je hebt net tegenzicht. En de mogelijkheid om dat verschil te maken, één van anderen is toch wel heel fijn. Is het ook een worden geweest? Dat is snelheid. Het feit dat je dat er niet uur te komen, of dat je zelfdagen of gepalhaverd kon worden, dat je moest doorgaan. Ja, wat dat betreft. Wel ook omdat dat natuurlijk voor iedereen een soort of een sens of urgency geeft. Dus iedereen heeft daar wel echt positief wat dat betreft op gegeeft. Want we hebben natuurlijk buiten ons geen commissie, we hebben met een helhoop-experte groep gewekt. En elke groep, die hebben ook een ontzettend kort tijd om in de minimum door de aan het leven, maar ze hebben het allemaal gedaan. En ik denk dat die urgenzien, dat dat in de data wel voor gezegd heeft, dat we dat zo snel hebben kunnen doen. Zit er nadelen aan natuurlijk ook wel. Je moet soms iets sneller gaan dan je zou willen. Dat kan soms betekenen dat je zaken over het hoofd ziet en we hebben een paar verbetingen moeten doen als je daarvoor kan. Maar de urgenzien, die creëren, je daar natuurlijk wel mee. En natuurlijk is het wel voor ons ook een groot oplichting geweest dat alle onze experten daar in zijn mee gaan. En ik weet dat die er nog consent heeft geweest heeft, ik weet dat dus wel in een kerkomissie als bij die experten laten uur geklopt zijn. En daarvoor ben ik heel dankbaar, niet erin, die er niet precies heeft mee geweest. En onze oprecht bestond erin om in eerste instantie een visie te ontwikkelen hoe die minimoendoel eruit moesten gaan zien. Wat de verijs te waren om daar zo duidelijk mogelijk kader te creëren voor de experte groepen. En onze taak bestonderen eerste instantie in dus een duidelijke visie in kader voor hen te creëren. Heel goeie afstemming met die groepen te creëren, maar we wilden echt wel de input van het hen laten komen. Dat zei echt de vackexperten zijn en dat is net een van de basis voorwaarde voor een kennisrijke riknum. Die moeten vertrekken vanuit die discipline's. En daarnaast bestond onze taak erin om op termijn heel veel te gaan pingpongen met die groepen. Zij leverde in eerste instantie een visie ook op. Zo zien wij ernaar, dat zijn de grote leerlijnen die we zien. Dat zijn de big IDs die wij willen naar voorbringen. In twee instantie gingen we veel meer pingpongen over. Dit is de eerste leerlijnen uit. Je werkt zo zien wij dat, hoe zien jullie dat. We hebben daarover een pingpongen wel veel feedback gegeven. En in een verdere fase nog bestond onze taak er ook in om. Ja, te gaan zorgen dat een koorentie was tussen die verschillende vakket, tussen die verschillende doelen. Daar was best nog een uzerenwerkje om dat bellen rond te maken. En om daar afsteming te gaan zoeken. En te gaan zorgen dat er geen curriculum overload was. Maar dat er niet veel doelen in het geheel stonden. Dat was ook onze taak. Je wilt namelijk richtingen met die minimum doen. Ik wil dat dan ook zeggen dat je wat de minister ook alle zins gezegd heeft in een interview. Voordat dat bepaalde wetenschappers die de vorige jaren bepaald hebben voor onderwijs eruitzaak aan de kant moesten blijven staan. waar het hun haar exact de woorden. Wil dat zeggen als je dan richting dat je dan ook mensen niet selecteert of niet kieist en andere bus te bellen? Kijk, daar ga ik elke kopen zijn. Ons uitgangspunt was het kenniswerk curriculum. En wij wilden de minimum doelen serve die de letlemakers in startstellen om een steek kenniswerk curriculum te serve. Dus waren we specifiek en zeker ook in onze keelingsjub mensen die niet alleen interessant hebben van curriculum. Maar die echt ook kenniswerken van wat een kenniswerk curriculum is. Hoe dat eruit zit in de regelijke meeg. Dus op die basis hebben we gezellig teert. Dat wil in de data wel zeggen dat bepaalde mensen die misschien aan vroeger iteraties van het curriculum in vlanden gewerkt hebben er niet bij waren. omdat we als die heel specifiek expert die ze wilden en ook nodig hadden. Dat is natuurlijk ook met de tijd te maken. Wij hadden geen tijd om allerlangen discussies te voelen over de principes. Dus mensen gestellig teert we van de wiste, die hebben kenniswerk curriculum die gaan met de principes van de kenniswerk curriculum. En dat is perus zo gedaan. Nu de nieuwe minimum doelen, dat zijn zo maar een nieuwe set aan doelen. Nee, deze keer moesten ze kenniswerken. Maar wat is dat nu? Kenniswerken. Waarom willen we een kenniswerk curriculum? En dat het vorige curriculum dan geen kennis? U die wallen in kenniswerken curriculum? Wat is dat hier heen? Oké, wat is een kenniswerken curriculum? Daar kunnen we gehoest nog een hele podcast overmaken, denk ik. Maar daar zit een ander basispinsiepes aan tenonder. De is dat het belang van kennis voor opstaat. Een kenniswerk curriculum is natuurlijk geen kenniswerken waar je nu zeggen dat de vadergeerden niet te tellen. Het is wel een kenniswerken, maar dat we zeggen dat de vadergeerden ten gonslag liggen, dat de kennis ten gonslag ligt aan die vadergeerden. Voor wat van gesieden is nemen. Ja, kinderen moeten een nul, ze hebben van elke tijdsperiode en moeten daar zaken, persoon, chronologisch in kunnen ordenen. Ja, dat is waar. Dat klopt, dat is het idee. Dat vakjes hier niet. Maar dat is geen kennisrijkdoel, hoeveel je daar heel veel kennis zou kunnen insteken. Maar al die doelen, of al die kennis moet nog wel bepaald worden. En ik denk dat in een kennisrijke curriculum de keuze zal gemaakt zijn voor wat is dan die kennis. Welke concepten, welke personen, welke gebeurtenissen moeten ze dan echt nolstie van hebben. En als je weet dat ze die gebeurtenissen al hebben besproken in de klaas, die daar is al overgeleerd. En is het ook een vadergeer om daarover verder te gaan bouwen. Dus een kennisrijk curriculum gaat om het aanbieden van zeer gestrukturede, sequential kennis. Die duidelijk is, die specifieke is en die consistensievertoont binnen het vak en over de vakje heen. Dus wat je daarmee probeert te doen, is eigenlijk om de cognitive schema's van het kind. Zo uitgebreid mogelijk te maken, zodat men niet alleen veel weet, maar ook veel kan. En ook makkelijker nieuwe kennis en nieuwe vadergeerden ontwikkeld. Onze minuum doelen zet is geen kennisrijk curriculum. Het is geen curriculum, onszich. Wat is het wel? Het zijn doelen, zijn kapstokken die leerplansgerijvers, mensen die een curriculum gaan schrijven. En duidelijk richting moeten geven, maar zeker al wat keuzes instaan kennisrijk. Als we kijken naar gesieden is, dan zijn we daar heel vergegaan in de keuzes te maken in wat die kennis is. Maar het is nog geen volledig curriculum, want het bestaat in komaar voor de deertoklutterklaas. Het wordt vier de leerjaar en zes de leerjaar. En waar zullen nog tussen doen moeten geschreven voor het per leerjaar. En die zullen nog concreter gemaakt moeten worden om het echt een curriculum te maken. Maar we hebben wel absoluut richting, we willen bepalen en we laan geven. Als je wil dat leerpaan en echt naar een kennisrijk curriculum gaan toewerken, dan moet dat ook wel helpen zijn voor het minuum doelen. Wat die richting is en hoe dan doelen van een kennisrijk curriculum er moeten wanneer het zien. Hoe beslets je dan wat er dan in komt van die kennis die je dat in wilt zeggen? Dat kun jij een beetje teruggaan naar de ideeën van bijvoorbeeld Michael Young over het Power of Knowledge. En zijn atrankspunt daarbij is dat in de wetenschappelijke disciplines er kennis zit, maar niet alleen kennis. Ook in manier om de wereld te bekijken en om kennis te verwerven, die krächtig is. Die ons eigenlijk emancipert en de mogelijkheid geeft om de wereld te bekijken met een andere beel en een krächtige beel. Dan de kennis die we gewoon in de dagelijkspraktijken en de dagelijks leven krijgen. Dus dat is het uitgangspun. Oké, dit vracht even om een concreet voorbid. Laten we kijken naar hoe bijvoorbeeld binnenkenschiedenis een keuze wordt gemaakt voor welke enouder jeur wel instekt en welke niet. Oké, ga je denken aan wat zijn de belangrijke concepten die we willen aanleggen. Dus je gaat voor het zeggen, oké, een belangrijke historisch concept, dat is voor het slaver in mij. De regende geschiedenis is dat bestaan heeft en natuurlijk ook heel de invloed heeft gehad op het maatschappij. En nu. En dan ga je moeten nadenken over, oké, hoe gaan we dan op een sequentialen en keuzevolle wijze die kennis over de jaar oppaal. Wat hebben we daarvoor nodig? En daar gaan we terugkomen naar oké, bepaalde tijden, bepaalde gebeurtenissen, bepaalde mensen die we kunnen gebruiken als ingangspunt en naar die conceptuele kennis. In vrouwen ligt mijn veel vragsapproeten over Koninghijsja, de tweede. Waarom staat de tweede? Natuurlijk niet omdat het op zich noodzakelijk zou elkend Koninghijsja, de tweede. Maar wel omdat Koninghijsja, de tweede, die ingang heeft om een verhaal te vertellen over kolonisatie, Afrikaanse cultuur, slaverenij en de impact van al die zaken op elkaar. Ook is het natuurlijk zo. Dat is iets wat Kristine Kounselvarkt zegt, die zodai ik in kennis zijn curriculum een belofte is van een leraar aan de volgende en leraar die naaar komt. En om die belofte het kunnen waarmaken en die belofte het natuurlijk, oké ik ga weten wat mijn kinderen kennen en kunnen als ze in mijn klas komen, want ik weet wat ze voor het gelegd hebben. Maar om die belofte waarmaken te maken moet je er ook specifiek zijn. Wat anders kun je dat niet doen, dus als je gewoon zich van oké, kinderen moeten niets weten over slaverenij, volgende aljes kennis. Dan ga je nog altijd met een systeem zitten waarbij dat afvindt van welke lage schooi geweest ben of je wel knetje zit, ga je andere dingen geleegd hebben. En dan wordt het weer voor de volgende leraar veel moeilijker om te ga je aan deren dat elk kind in mijn klas bepaalde dingen kent. En dat maakt op eenvolging binnen het onderwijs weer moeilijker. En dat is natuurlijk een probleem dat we nu zien. Een kennisrijkuriklum kies dus voor specifieke en concurrentoelen, net om die kennis op bouw mogelijk te maken. En je hoort het misschien nou, het wordt je kennis valt heel veel. Gaan het dan echt enkel helemaal over kennis? En wat met varen geden. We spreken natuurlijk over het belang van kennis, maar dat wil absoluut niet zeggen dat het niet belangrijk zijn. Die zijn zeker ook heel belangrijk. En dat hebben we wel benade kunnen door ook heel specifieke kunnen doelen in op te nemen. Waarin we doen we zoiets dat die varen geden ontwikkeld worden. Dus absoluut zitten daar varen geden in een voor elk vak en voor elk tema zitten daar naast kennis ook varen geden. Wie de nieuwe minuumdoelen leest merden meteen op. Ze zijn opgebouwd per vakjebied. Geen brede thema's of projecten, maar duidelijke lijnen binnen wist kunnen geschiedenen staal of wetenschappen. Dat is op fallend, want er voor bij jaren koos veel school net voor een geïntegreerde aanpak. Waarom koos er komen ze dan toch weer voor vakdisciplines als uitgangspunt. En wat betekent die keuze verschol die vandaag temat is werken. En hoe verhouden die minuumdoelen zich straks tot een leerpland die nog gescreven moeten worden. Wij zijn om te bepalen wat die kennis is, wel echt vertrokken van het vakdisciplines. Om dat voor een kennisrijke rugelum moet gaan keuze smaken. Zij hebben die gaan zoeken in de disciplines die elk naar de wereld kijken vanuit hun eigen warheid, vanuit hun eigen perspectief. Waar al jaren lang binnen de disciplines experts die het gaat onderzoeken hebben gedaan. Wat zijn die grote ideeën? Wat zijn de werkwijs in onze discipline? Wat zijn de grote leerlijnen? En we dachten dat dat wel een valabelen manieren is om die kennis nu te gaan selectoren. Maar dat is een manier geweest vanuit die discipline, om kennis te selectoren, om te gaan selectoren. Maar wat is nu echt basiskennis? Welke kennis we er al onze kinderen mee krijgen. Maar hij is niet per definitie een keuze geweest, en zo moet het geïnplemterd worden in een curriculum daar staan. Leerplan, schrijvers, nog vrij, en hoe gaan ze dat nu tot een curriculum maken? Gaan ze dat samenvogen in een vak of gaan ze wel vanuit die discipline's blijven werken. Maar ik denk dat het belangrijk is om te zien waarom die keuze voor die discipline is. Omdat we daar naar te waren, de vonden binnen die discipline's om te zien. Wat is nu echt belangrijk in kennis? Wat is echt basiskennis die we kinderen willen mee geven? Dus wat wij hebben geprobeerd te doen met de menubrille is eigenlijk om hun werkmerkkelker te maken. Om hun de kans te geven om makkelijker een curriculum te zijn. We hebben wij op die drie momenten eigenlijk een kaps op kan gerijkt waarbij zich van oké. Hier heb je een bepaalde leerlein. Nu aan jullie om dat dat in tevullen op de manier die het schiekt bij het periologisch project van de onderwijsverstreken en deitelijke meen. Dus dit is eigenlijk maar de steigd van het proces. Er zijn doelige geformelen op individueel niveau, op laatste niveau en op natestreven niveau. Wat is het verschillende wat is het impact? Het verijker dat we zeggen dat de bedoeling is dat de leerling dat individueel doel bereken. Dat iedereen leerling eigenlijk dat doel bereken. Dat zijn eigenlijk doelen waarvan we zeggen die zijn echt essentiel voor het verde ontwikkeling van het leer of de leerling. Als je die niet hebt, dan kan je voor het is van curriculum niet goed kunnen bereken. Als je bijvoorbeeld de doelen Nederland zouden daar heel belangrijk in zijn. Toe bereken op populatie niveau, dan zeggen we eigenlijk van oké. Ied niet jouw situatie. Iedere leerling, maar we bestefden dat dat misschien niet voor iedere leerling. Mogen kies dus we willen dat we op algemeen flaps niveau zien dat we die doelen bereken. Natuurlijk wil dat zeggen dat dat voor de individueel schoon in de individueel leerling wat meer ruimte inziet om te zeggen van oké. De doel heb je misschien nog niet bereikt. Maar we gaan hier een guitar geschifte geven waarin we zeggen van oké. Leerling gaat door. Maar er zijn ook wel een auto doelen waarin je in het seconde en vol en van die weken moeten worden. Dat is natuurlijk nog een stap eigenlijk daaronder. Dat zeggen we van oké. We willen die doen er zoveel mogelijk bereiken. Maar en het gaat die bijvoorbeeld bij de kleutjes. Vooral om soms van die doelen weet we dat door te verschillende ontwikkeling, snelheid van een kleutje. Dat het misschien niet mogelijk is dat alle kleutjes die gaan bereiken. Dus natussieve afhankelijk van de ontmikkels, snelheid van de kleutjes die je in je geopel klas hebt. In Oeverij bent u ervan overtuigd dat eigenlijk kind met z'n goed onderwijs krijgt. Eigenlijk perfect in staat ze moeten zijn om het curriculum wat in de individueel als populatie niveau als natus te geven. Dat eigenlijk moet halen. Ik ben er uitzicht van overtuigd dat er inderdaad absoluut mogelijk is. Dus het curriculum is ambitius, maar het is niet over ambitius. Als u kijkt naar wat men in andere land verwacht, dan liggen onze verwachtingen niet hoger. En waarom zouden wij niet verwachten dat onze kinderen dat kunnen? Zijn vlamse kinderen minder slim dan kinderen ja. Elders zijn onze leraren minder goed. Nee dat is helemaal niet zo. Dus als elders kan moet het hier ook kunnen. Dus absoluut denken wij dat het curriculum de minuut doen te bereiken zijn. We hebben het nu al veel gehad over dood wat en waarom van deze minuum deuren. Maar nog niet over die andere prangende vragen bij het opstellen van een curriculum of doelen. Hoeveel. Hoeveel doelen neem je op. Waar is het juiste aantal? En hoe voorkom je dat een curriculum te overladen wordt? Want meer duidelijkheid en meer kennis komt ook het risico dat het curriculum te zwaar wordt. Want hoeveel less tijd neemt het eigenlijk in me slag? En hoeveel vrij het blijft er nog over voor scholen en leekrachten? Is er geen gevaar van overlood? En hoe zit dat nu precies met die bekende en beruchten 70-30 verhouding? Ja, het was een absoluut te bereisten van het politiek ook dat dat maar 70 procent zou gaan inemen. Naar mij gevoel zijn we daarin geslaagd. Maar alles hangt daar natuurlijk ook nog af van hoe efficiënt en lerar zijn lessen gaat vorm geven. En zo'n doel gaat bepalen en gaat zeggen hoeveel less tijd dat daar naar toe gaat. Is een ontzettend moeilijke rekenofening die eigenlijk nooit helemaal correct kan zijn. En hoe lerar 'A' die less gaat geven of dat doel gaat behalen is niet hoe lerar 'B' gaat doen. We hebben daarvoor gekozen om daar toch ja, we zijn daar gaan schattingen gaan maken, vergelijkingen gaan maken. Ook wel met internationale curriculum. En daar gaan kijk ik van hoeveel concepten zitten daarin, hoeveel aan het al doen, hoeveel we weten. De aan het al doen, zeker niet het enige is zo. Dat die echt niet zomaar allemaal vergelijkbaar zijn. Maar we zijn daar toch gaan proberen vergelijkingen maken en zo. En dan merkt we zeker op dat we daar nog gaan doen om ons te gaan schrappen. Dus dat is wel wat we op de einde nog een stukje begedaan nog gaan. In perken in nog wel meer keuzes gaan. Maar ik vind ja, is dit nu terug naar die experieur? Of is dit nu eeg basiskennis of kan dit toch op een later moment in het seconde onderwijs bijvoorbeeld nog aanbod komen? Dat ziet wel we begedaan daar internationaal een stukje gaan proberen vergelijken. Die zouden ook wel begedaan, die zijn onze expertegeroepen. Percentage is meegegeven van u vakgebied. Zoveel percentage van de listheid moeten inemen. De listheid gaan van 26 listheid in het basis onderwijs. We houden daar de levensbeschouwelijke vakken buitenbeschouwing. Op die 26 listheid zou u vakje bijvoorbeeld 25 procent mogen inemen. Bij de meeste vakken is dat minder nog dan dat. Dat komt aan de heer op zoveel minuten per week. Acht je de haalbare vnieet. Waar we ook nog een opsplitting hebben gemaakt voor de onderbouwen in de bovenbouwen. We willen daar toch wel ergens meegeven, ook aan die expertegeroepen. Die de Achterkennis-rijkurikulum ook wel. Dat in die jongeren jaren zijn beskunde bijvoorbeeld in het technisch-leer-lezen. En zo heel belangrijk. Vrijgt daar heel veel tijd. Maar normaal te de tweede en 30 graden voordert in het basis onderwijs. We willen ook echt wel die zaakvakken heel erg veel tijd krijgen. Dus die mogen ook een voldoende volgende hebben. Want leerlingen zullen nodig hebben om de mate dat een leerlingen Achterkennis heeft over een onderrijp zou ook aan bepalen. Hoe sterk die gaat zijn in Nederland in begrijpend lezen. Dus die kennis die we in die zaakvakken hebben gestoken, moest ook voldoende ruimte wel gaan krijgen. Dus daar hebben we gebruikt met percentages die we gaan meegeven aan de expertegeroepen. Wij hebben daarop tijdens de riet zich, maar ook wel veel vergelijkingen. Maar ja, oké, het kan niet. Als dat percentages zijn, dat er dan zo veel doelen zijn voor dit vak, het waren zo veel voor dat vak. Maar ik zeg het, aantal doelen is zeker niet enige. Het gaat echt over de concepten die daaronder ziet. En daar een gewicht aan hangen blijft voor een stukje schattingen. Dat is geen absolute wetenschap en dat zijn geen absolute getallen. Er is niet inclusie. Oké, allemaal goed en wel. 70% in de minuutdoer het 30% nog vrijheid voor leerpaalmakers om extra impuls te geven. Maar wat nu met de vrijheid voor scholen en lebrachten? Hoe staat het daar mee? Ja, het is maar hoe je het concept vrijheid opvat. Voor mij geeft dat er te veel vrijheid is geen vrijheid meer. Er is eigenlijk verantwoordelijkheid afstrijven ook wel. Ik zie dat eerder zo. Als een overheid niet bepaald wat scholen moeten doen, zie je, het is onderwijs vrijheid. Je moet het allemaal doen. Dat is eigenlijk wel regel het maar zelf. En besliss maar zelf, maar hele hele opletten. Je onderwijsqualiteit moet wel goed zijn. Ja, je moet daar aan schoolen hou vast geven. Je moet daar richtlijnen, je wel vast geven. Wat is dan onderwijsqualiteit? En wat zijn de goede inhouden? Ik denk op recht de scholen. En ik hoop dat ze daar binnen een paar jaar met mij zeggen, meer vrijheid nu krijgen. Omdat ze terug tijd gaan krijgen om bezig te zijn met dat stuk waar leer krijg tussen goed in zijn. Waar scholen experten. Waar experte team zitten in die scholen. Namelijk hogeven wij goed lis. En in zich daar mee kunnen gaan bezig houden. En niet meer moeten we bezig zijn met wat moeten we ook nog geven. Ze zijn geen curriculum ontwerpers. Dat zijn ze niet. Daar zijn ze ook niet voor opgeleid. En dat wordt wel nu van een telkens verwacht. Dus ik denk op recht dat dit meer vrijheid met zich meer brengt. En dat ook wanneer, ja, het ligt ook ergens een lat van. En dat is ook genoeg. Als je deze inhouden hebt gezien, dan heb je ook echte basiskennis gezien. Als ik vroeger leer krijg tussen. Ik heb al in 2015 leer jaar gestaan. En ik moest aan bevoren dat voor twee geschiedenis aan palen waar ik gaf. Ja, ik heb nooit het gevoel dat ik voldoende basiskennis had meegegeven. Want er waren altijd nog ontzettend veel topics en persoon. En het gebeurt niet zo uit gezien. Ik heb helemaal niet had aangeraakt. Hoe wist ik nu? Nu hebben ze stevige basiskennis gezien. Ik ben geen experte daarin. Dus ik denk dat ik dat nu ook duidelijkheid in van. Als deze concepten zijn gegeven. Dan heb je een stevige basiskennis gegeven aan de kinderen. Daar mocht ik ook vertrouwen. Voor mij heeft dat meer vrijheid zelfs van minder. De nieuwe minimum doelen kwamen er in een record tempo. Wat normaal jaren duurt werd nu op enkele maanden tijd geschreven. De stellet zorgt ervoor dat krijgt. Maar ze maakt er het proces ook kwetsbaar. Kan je in zo'n korte broerden met alles vervuldig uitwerken. En wat gebeurde juist om de ontwerp versie plots online waarschijn en honderdeleren en experten we voor het eerst naar konden kijken. Ik was op zicht wel blij met wat er daarna is gebeurd. Ook iets wij nog nooit eerder is gebeurd. Ik denk dat ze zijn opweest. Neen je mij of zo online geplaatst. En tot z'n heel vlaanderen ze zien. Het jammer is dat er nu overal PDF's. De ronde gaan die niet meer acuratieen. Aan erzijd is het goed wel. Dat deel veel leerkrechten. In zijn gedoken. Aan er experten die misschien niet betrokken waren in die experte groepen. We hebben daar nog wel wat feedback van ontvangen. Ik denk op dat moment heeft er zeker een debat. Een debat plaatsgevonden in de lerarts, kamers enzovoort. En daar waren ze nu opmerkingen. Ze hebben die ons bereikt. Er waren heel erg veel extra ogenplots meekeken. En we hebben een aantal verbeteringen. Dus in die zin ben ik niet rauw om hoe dat proces is gelopen. We hebben daarin die fase ook vooral heel erg veel felicitaties ontvangen, heel veel complimenten ontvangen. En hoe sterk dat ze het al wel was. En dat daar hierin daar nog foutjes in zaten. Dat geen soms over punten en commas. Dat je hierin daarover een tijd fout zelfs blij dat die er dan worden uitgehaald. Oké, wij zijn ook mensen. En inderdaad het was heel kort. En we zijn niet expert in alles. In die zin vind ik dat zeker geen foutproces, wat er is gelopen. We moeten kijken naar de perse coverage van die minuum doen. We hebben het al gehad over de testjes die jullie ook al kan doen op de standaard van Ken jij, alles wat een leerling nu moet kennen voor rekenen en voor geschiedenis. Dan heb je zo'n kwisje. De focus op Garcia, de tweede, de nijlverkleuters. Ja, kijk je daarna. Het is niet zo heel versant dat je dat perse aandacht krijgt natuurlijk. Het idee dat het een kwisje is, dat is eigenlijk een van de misconcepties die altijd terugziet. En dat is natuurlijk ook een van de reen, omdat wij de boeren moeten, en wij ook aan sensibilisering moeten werken, en wij ook de boodschap moeten herhalen dat het dat niet is. Op de mannen, dat heb je hier een voorbeeld van gegeven. Dat is gewoon een werk en een taak die wij als commissie moeten doen, die hopelijk ook de onderwijsverstik is gaan doen, want zij staan dan natuurlijk ook wat dat betreft achter. En daar gaan natuurlijk weer kan de winkel zijn. Dat de peest dat op die manier doet, dat is natuurlijk niet zo versant. Maar ik neem het zo in het peest natuurlijk, ze moeten de kliks halen, en dat je eigenlijk eigenlijk is, zoals je kunt zeggen, dat je net per se van de aandacht ga maar geschiedenis. Dat is ook omdat dat onderwijp is, wat hij het makkelijksmaatschappelijke discussie over hebt. U weet het schap is, wat licht, wat verder van mensen hun bet. Maar hoe precies geniet natuurlijk altijd discusseren. Goed, dat is te verwachten dat de discussie bestaat. Ik denk dat we bijko precies ook heel erg magedacht. En er is voor elk feit of persoon in hun geschiedenis minum doen, is er een reden en dat is ook iets dat we kunnen verdedigen. Daar gaan we natuurlijk ook moeten doen. En er is eigenlijk altijd discussie zijn over wat wel of niet blank is, want dat is keuze smaken, je kunt nooit alles doen. Weidening dat we een keuze hebben gemaakt, die zo wel de kohe is in het leert in hoe de kom als uitgebalance heeft zijn, wat betrifft de maatschappelijke noden. Kan dat discussie over zijn, natuurlijk kan dat discussie over zijn. En niet iedereen galt het met al die keuze eens zijn. Hoopt, waar ook voorgesteld dat het enthond investeert over elk feit. En het review is van de minum doen. Dan komen even 12-6 van okers, en beslissen je dat er nu niet meer mensen aan, dat zijn nu ontwikkeling. We weten wat voorbeelden, hoe brengt er iedereen in feit? Dus een van de fouten die men ook met de vergetering gemaakt heeft, door die zijn van 1917 en 1990. Ik zou niet zo lang wachten tot dat we die minum doen en vertuigen we kijken. Kijk daar heel positief, eigenlijk, ik denk goed. Stek je dat mensen trigerd, er wordt over gesproken, er wordt over gepraat. Ja, het raart is niet de bedoeling om keuze te gaan doen. Het raart is er een heel andere idee achter. Maar het feit dat dat dan gebeurt is op zich wel een goed teken. Ik denk dat er interesse is in. En er mag ook wel weer staan te komen. Dit gaat ook best een grote verendering, met zich mee brengen. Absoluut. En een grote verendering, je komen niet zonder weer staan. Daar geloof ik niet. Als mensen koud laten, verendert er ook niet echt iets. Dan heb je het gevoel dat dit kan wel passeren, zonder dat ik recht iets met doe. Dus het feit dat er op over gesproken wordt en dat het reactie uitlokt, vind ik vooral iets positief eigenlijk. Het is als ik laat een reactie in een nieuwe plaat, als ik me niet vind van mijn kracht die zij. Het is een utoppiete denk dat iedereen leerling het gaat halen die kennis dan. Maar ik ga geen kentje laten zetten als niet weten waar de neller is. Ik denk ook niet dat dat de bedoeling is. Ik denk dat ik het eerst ben met die leerkracht, dat ik het niet bedoeling ben, dat je tijdens het voljaren toettoet is. Dat is aanwerden en licht staat trouwens niet in de minuut door. Een kent van de klutterschomen moet niet weten waar de neller is. Nee, de exacte bewoording zou moeten nagernen waar het gaat over weten wat een rivier is en kent ook. Weet dat een nijl ook een rivier is. Die ziet zomaar anders dan wordt dan gemaakt. De nijl weten liggen. Nee, een kent van de klutterschomen moet niet in de neller weten waar de neller is. De nieuwe minuumdoelen liggen er. Zijn gestemd, gebliceren, besproken in de media op 3 dagen in leraarskamer en in deze podcast. Maar papier blijft zijn of teorie. De echte test begint pas nu, wanneer ze less worden. Hoe brengen zo'n onvangrijk document tot leven in school en in klasse? En wat ze nu zodat Leraar zich niet over spoot voelen maar net ondersteund? Wat moet er gebeuren om die kennisrijke visie ook effectief in de praktijk te krijgen? Ik denk dat het setting de scene is wat die minuumdoelen doen. Die geven duidelijke richtings een bepaalde waar we naar toe moeten. Maar het is wat minuumdoelen ook zijn. Een eindspunt, zeg maar, daarom te leringen geraken. En nog geen beginpunt, dus alles wat daarvoor moet komen. Ja, ben ik nog wel wat meer zich mee. Ik geranderen die dat, nee, aan die minuumdoelen alleen geranderen niks denk ik. Ik heb wel het gevoel dat er een soort sense of urgency is, zowel in het onderwijsveld als bij de beleidsmakers. En waardoor ik wel duurvvertrouwen dat er ook nog wat tussenstappen gezet gaan worden, waar middeltegen overgaan staan en effectover het proficeeren van leerkerechten, het aanpakken van Leraar in opleidingen. Mogen we ook niet aan voorbij gaan denken? Daar zit echt nog wel een werkje. Leraar die vandaag de dag afstuderen hebben niet alle bagage die in onze minuumdoelen zitten. Er zijn ook maar product van het onderwijs van de aangelopen 30 jaar. Dus ja, hoe zou we het ook anders kunnen? Dus het gaat over het, langs proficeering, langs Leraar in opleidingen, maar ook het gaan ondersteunen of aanmaken van kwaliteitsvolle leermiddelen, een kwaliteitslebel daarop gaan plakken, daar iets mee gaan doen, zal essentieel zijn denk ik, om dit effectief tot in alle scholen geland te krijgen en helemaal uitgevoerd te krijgen zoals het hoort. Scholen hebben ook nog werk in hoge eventiëntelism, maar dat is voor de ene school een grote ruik dan voor de andere. Dus daar neer aan dat je nog gaan naar klutter onderwijs denk ik. Ook dat is een van de aanbevelingen trouwens die we een beetje doen. En daar valt nog wel wat winst te maken, laten klutterleerkrachten schol die ook bij in wat een impact is op zo'n Curriculum in hoe Curriculum ontwerpen uitziet. De bewust zijn rond een Curriculum. Maar wanneer natuurlijk altijd zo is, is dat als je een huurtreetwooning invoert. En dat is dit wel, dat je zo gevoelig moet kijken, dat je tensen implementatie-fase hoort allemaal precies weegt. Dit is wel zeer belangrijk dat eigenlijk een temperament evaluatie ook van het process is. Want het kan altijd zo zijn dat er wat dingen bijgestuurd moeten worden dat dat we zien dat er bepaalde in minder goed weken en die mogelijkheid moet absoluut bestaan. Ik zou zeggen dat ook als het een trage process was geweest dat dat nog altijd het geval zou zijn. Want het is een altijd onverwicht de zaken die kunnen voorkomen. Dat is waarschijnlijk, het politiek is wel een duimpzeld uit hetzelfde zaken. Het is een known dingetje die je niet verwacht. Dus daar moeten we sowieso een oog op houden. Dus dat zou altijd het geval zijn geweest voor de smaad. Dus if al een wereld blijven kijken en ja, best u wat dat note. Dat moet u zeker doen. Hoe ze bellen voor het seconde jaar onderwij. Ja, dat mag ik wel. Ik zou er wel, ik zou wel aanraden van iets meer tijd. Meer tijd, meer tijd op twee vlakken. Meer tijd omdat we moeten het seconde jaar ook wat rust geven na de helferum in die er al gebeurt zijn. Dus ik zou niet aanraden van nu om middelijk met een nieuwe reforming seconde uit te bienen. Maar in de dag seconde jaar zou je zo meer tijd nodig hebben. Ook een middel van het gehoord te antal richtingen in de echte kemeren. Maar natuurlijk als je hem seconde jaar denkt, denk je dat niet alleen aan taal is over. Oké, op de rest is het natuurlijk super belangrijk. En zo zijn we aan het eind de komen van deze aflevering. De minimum doelen liggen op tafel, ze zijn abesjeus, kennisrijk en misschien ook een beetje omstreden. Maar achter elk doel schoudt een poging om ons onderwijs sterker te maken. Dan kan Daniel en mij zijn kelicijs voor een openheid en inzichten. En dan kan jouw luister om mee te zoeken, maar wat goed onderwijs vandaag kan betekenen. Dit is buiten de kreitlijnen tot de volgende. [muziek] [muziek] [muziek]
Podcast Summary
Key Points:
De podcast "Buiten de Kruidlijnen" bespreekt onderwijsgerelateerde onderwerpen zoals didactiek, klasmanagement en curriculum.
De aflevering behandelt de nieuwe minimumdoelen in het basisonderwijs, gericht op het verbeteren van de onderwijskwaliteit.
De minimumdoelen zijn opgesteld per vakgebied en benadrukken het belang van kennisverwerving en vaardighedenontwikkeling.
Summary:
In de podcast "Buiten de Kruidlijnen" wordt gesproken over onderwijskwesties, waaronder de nieuwe minimumdoelen in het basisonderwijs. Deze doelen zijn gericht op het verhogen van de onderwijskwaliteit door de focus te leggen op kennisvergaring en vaardigheden van kleuters tot leerlingen in het zesde leerjaar. De nieuwe minimumdoelen zijn specifiek per vakgebied opgesteld en benadrukken het belang van een kennisrijk curriculum.
De doelen dienen als leidraad voor curriculumontwikkelaars en geven richting aan het onderwijsproces. De aanpak is disciplinegericht om essentiële kennis en vaardigheden te waarborgen en biedt ruimte voor differentiatie op individueel en groepsniveau. Het doel is om elk kind de mogelijkheid te geven om het curriculum op zowel individueel als populatieniveau succesvol af te ronden door een gebalanceerde benadering van kennis en vaardigheden.
FAQs
De nieuwe milieudoelen zijn gericht op het verhogen van de onderwijskwaliteit en het leggen van de nadruk op kennisvergaring van kleuters tot kinderen in het zesde leerjaar.
De nieuwe milieudoelen zijn gecreëerd door een speciale commissie onder leiding van Daniel Meis, met expertise uit verschillende vakgebieden en een balans tussen internationale en lokale experten.
Een kennisrijk curriculum biedt gestructureerde, consistente en specifieke kennis aan, terwijl de minimumdoelen slechts kapstokken zijn voor het ontwikkelen van een curriculum.
De keuze voor vakdisciplines als basis voor de minimumdoelen komt voort uit de behoefte om specifieke en essentiële kennis te selecteren en leerplanontwikkelaars een duidelijke richting te geven.
De individuele, populatie- en streveniveaus van de minimumdoelen zijn bedoeld om essentiële doelen te stellen voor elke leerling, de algemene ontwikkeling te monitoren en ruimte te bieden voor individuele groei.
Chat with AI
Loading...
Pro features
Go deeper with this episode
Unlock creator-grade tools that turn any transcript into show notes and subtitle files.